Les 10: motorisch systeem
Anatomie motoriek
- ↑↑↑↑ #verschillende hersenregio’s betrokken bij motorfunctie
⇒ “volledige hersenen dragen bij tot lichaamsbewegingen”
- Doelgerichte bewegingen enkel mogelijk met voldoende informatie:
- vb. Positie lichaam in ruimte < afkomstig van parietaalkwab
- vb. Welk doel? Hoe best benaderen? < anterieure frontaalkwab
- vb. Herinneringen aan vroegere strategieën < via temporaalkwab aanspreken
- Motor cortex – cerebellum – basale ganglia = belangrijkste spelers in regelen van
motoriek
Motorcortex
gevormd door 2 Brodmann areas
- Brodmann Area 4 = omvat primaire motorcortex
- Brodmann Area 6 = omvat premotorcortex + supplementaire motorcortex
- Dr. Penfield ⇒ motor homunculus (niet elk lichaamsdeel neemt een
evengroot deel van de motorcortex in)
- Oppervlakte = rechtevenredig met complexiteit bewegingsmogelijkheden van
verschillende lichaamsdelen
- fijne motoriek wordt sterker vertegenwoordigd op oppervlak van motorcortex
- vb: aangezicht, tong, hand
- vermogen tot verfijnd hanteren van tools & spraakvermogen
Cerebellum = kleine hersenen
Belang cerebellum :
- 10% totale gewicht hersenen
- 50% totaal # neuronen in cerebellum!
- Projecties van alle sensorische & motorische systemen
- sensorische systemen input van sensorische cortex en periferie
- motorische systemen input van motorcortex
- draagt bij aan motorische functies, maar ook veel andere zoals cognitieve processen
- (vb: taal = linguïstisch cerebellum)
Anatomie cerebellum
Longitudinale onderverdeling (3 belangrijke)
1. Vermis = centrale as
2. Lobus flocculonodularis
3. 2 cerebellaire hemisferen
binnenzijde cerebellum:
, - Grijze stof = cerebellaire cortex
- Witte stof = cerebellaire kernen + eilandjes van grijze stof, gelegen in witte stof
(aantal cerebellaire kernen die de belangrijkste plekken vormen waar cerebellum
binnenkomt en output zal uitsturen)
- nuclei fastigii
- nucleus globosus
- nucleus emboliformis
- nucleus dentatus
- meeste in- en uitkomende informatie via kernen
- nucl. fastigii, , globosus, emboliformis, dentatus
⇒ verbinding rest centraal zenuwstelsel: via pedunculus cerebellaris =
hersensteel
cerebellum is via 3 pedunculi verbonden met de rest
van het ZS:
- SUPERIOR: uitgaande neuronen < nucl.
dentatus, globosus, emboliformis en fastigii
- via bovenste pedunculus gaat
cerebellaire kernen hun output sturen
- MEDIUS: inkomende pontocerebellaire baan
(info komt binnen via pons) < info van
sensorische en motorische delen grote
hersenen
- INFERIOR: inkomende ipsilaterale dorsale
spinocerebellaire banen uit ruggenmerg +
neuronen nucl. olivaris inferior
2e sensorisch neuron (herhaling)
DORSALE KOLOM - MEDIALE LEMINISCUS SYSTEEM
Sensorische zenuwen druk / fijne tastzin
- Ongekruist in achterstrengen
- Achterstrengkernen medulla oblongata
- 2 e sensorisch neuron
- Kruist naar contralateraal
- Tractus spinothalamus en
- Kleine deel vezels naar cerebellum
Functionele anatomie cerebellum
3 functionele eenheden
1. Vestibullocerebellum
a. = lobus flocculonodularis
2. Spinocerebellum
a. = vermis + zona intermedia cerebellaire hemisferen
3. Cerebrocerebellum = grootste deel
a. = omvat lateraal deel cerebellaire hemisferen
Anatomie motoriek
- ↑↑↑↑ #verschillende hersenregio’s betrokken bij motorfunctie
⇒ “volledige hersenen dragen bij tot lichaamsbewegingen”
- Doelgerichte bewegingen enkel mogelijk met voldoende informatie:
- vb. Positie lichaam in ruimte < afkomstig van parietaalkwab
- vb. Welk doel? Hoe best benaderen? < anterieure frontaalkwab
- vb. Herinneringen aan vroegere strategieën < via temporaalkwab aanspreken
- Motor cortex – cerebellum – basale ganglia = belangrijkste spelers in regelen van
motoriek
Motorcortex
gevormd door 2 Brodmann areas
- Brodmann Area 4 = omvat primaire motorcortex
- Brodmann Area 6 = omvat premotorcortex + supplementaire motorcortex
- Dr. Penfield ⇒ motor homunculus (niet elk lichaamsdeel neemt een
evengroot deel van de motorcortex in)
- Oppervlakte = rechtevenredig met complexiteit bewegingsmogelijkheden van
verschillende lichaamsdelen
- fijne motoriek wordt sterker vertegenwoordigd op oppervlak van motorcortex
- vb: aangezicht, tong, hand
- vermogen tot verfijnd hanteren van tools & spraakvermogen
Cerebellum = kleine hersenen
Belang cerebellum :
- 10% totale gewicht hersenen
- 50% totaal # neuronen in cerebellum!
- Projecties van alle sensorische & motorische systemen
- sensorische systemen input van sensorische cortex en periferie
- motorische systemen input van motorcortex
- draagt bij aan motorische functies, maar ook veel andere zoals cognitieve processen
- (vb: taal = linguïstisch cerebellum)
Anatomie cerebellum
Longitudinale onderverdeling (3 belangrijke)
1. Vermis = centrale as
2. Lobus flocculonodularis
3. 2 cerebellaire hemisferen
binnenzijde cerebellum:
, - Grijze stof = cerebellaire cortex
- Witte stof = cerebellaire kernen + eilandjes van grijze stof, gelegen in witte stof
(aantal cerebellaire kernen die de belangrijkste plekken vormen waar cerebellum
binnenkomt en output zal uitsturen)
- nuclei fastigii
- nucleus globosus
- nucleus emboliformis
- nucleus dentatus
- meeste in- en uitkomende informatie via kernen
- nucl. fastigii, , globosus, emboliformis, dentatus
⇒ verbinding rest centraal zenuwstelsel: via pedunculus cerebellaris =
hersensteel
cerebellum is via 3 pedunculi verbonden met de rest
van het ZS:
- SUPERIOR: uitgaande neuronen < nucl.
dentatus, globosus, emboliformis en fastigii
- via bovenste pedunculus gaat
cerebellaire kernen hun output sturen
- MEDIUS: inkomende pontocerebellaire baan
(info komt binnen via pons) < info van
sensorische en motorische delen grote
hersenen
- INFERIOR: inkomende ipsilaterale dorsale
spinocerebellaire banen uit ruggenmerg +
neuronen nucl. olivaris inferior
2e sensorisch neuron (herhaling)
DORSALE KOLOM - MEDIALE LEMINISCUS SYSTEEM
Sensorische zenuwen druk / fijne tastzin
- Ongekruist in achterstrengen
- Achterstrengkernen medulla oblongata
- 2 e sensorisch neuron
- Kruist naar contralateraal
- Tractus spinothalamus en
- Kleine deel vezels naar cerebellum
Functionele anatomie cerebellum
3 functionele eenheden
1. Vestibullocerebellum
a. = lobus flocculonodularis
2. Spinocerebellum
a. = vermis + zona intermedia cerebellaire hemisferen
3. Cerebrocerebellum = grootste deel
a. = omvat lateraal deel cerebellaire hemisferen