100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

Korte samenvatting Specialistische Farmacotherapie

Rating
5.0
(1)
Sold
5
Pages
69
Uploaded on
28-08-2022
Written in
2021/2022

Korte samenvatting van de belangrijkste punten van de belangrijkste colleges van specialistische farmacotherapie. College's 2 & 3 (herhaling PTV, 7 (herhaling klinische chemie en 21 (nieuwe geneesmiddelen & immunotherapie) zijn in deze samenvatting niet meegenomen (NB: wel in de volledige samenvatting). Bevat een puntsgewijze samenvatting. Geschikt als hulpmiddel bij het leren.

Show more Read less
Institution
Module











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Module

Document information

Uploaded on
August 28, 2022
Number of pages
69
Written in
2021/2022
Type
Summary

Subjects

Content preview

College 1: Schildklierstoornissen
Schildklier: regulatie door hormonen.
Hypothalamus: aansturing hypofyse via TRH → afgifte TSH door hypofyse → productie T3&T4 door
schildklier.
Werkzame variant is T3. T4 in de bloedbaan (langere hwt): gebruikt voor labbepalingen.
Periferie: omzetting T4 → T3. T3 stuurt via receptoren allerlei processen aan.
Negatieve terugkoppeling via T3: → remming hypothalamus & hypofyse.

Hypothyreoidie: TSH hoog, T4 laag. → laag T4 → negatieve terugkoppeling hypofyse & hypothalamus
→ meer productie TRH & TSH.
Oorzaak: meestal auto-immuun (Hashimoto) → destructie schildklier door antilichamen.
Klachten: vermoeidheid, slechte concentratie, overgewicht.

Behandeling: levothyroxine = t4. Duurt lang voordat de therapeutische dosis wordt gevonden i.v.m.
lange hwt → duurt lang voordat steady state bereikt is.
Smalle therapeutische breedte → vaste innametijdstippen + therapietrouw = belangrijk.
Juiste dosis: geen bw. Te hoge dosis: klachten hyperthyreoidie, te lage dosis: klachten hypo blijven
bestaan.
IA: calcium, antacida, magnesium → levothyroxine 2 uur voor of 4 uur erna innemen.
IA: ijzer, sucralfaat → levothyroxine 2 uur voor innemen.

Hyperthyreoïdie: TSH laag, T4 hoog. → hoog T4 → negatieve terugkoppeling → remming productie
TRH & TSH.
Oorzaak: meestal auto-immuun (Graves) → productie antistoffen die schildklier stimuleren.
Klachten: veel energie, zweten, honger, ondergewicht, afvallen.

Behandeling: Thiamizol = syntheseblokker.
Competitieve remmer peroxidase in de schildklier → remming jodering thyreoglobuline →
vermindering vorming T3&T4.
Geen effect op reeds gevormde T3/T4 → enkele weken tot effect.
Hoog doseren: schildklierfunctie stopt → suppletie levothyroxine.
CI bij zwangeren → titratiemethode → langzaam opdoseren.
Bw: gevreest is granulocytose.

Na verloop van tijd → stoppen met behandeling, Graves komt met verloop van tijd tot rust.
Relaps → weer medicamenteus behandelen.
Andere opties: verwijderen schildkier of bestraling met radioactief jodium.
Radioactief jodium: doel is om schildklier gedeeltelijk te beschadigen, niet volledig. Lukt vaak niet,
dan suppletie met levothyroxine.

Lithium & amiodaron → schildklierstoornissen. Monitoren op schildklierfunctie.
Lithium = bipolaire stoornis, amiodaron = hartritme stoornissen → stoppen vaak niet mogelijk →
suppletie.




1

,College 4: Neurologie & psychiatrie (herhaling)
Anti-epileptica:
Epilepsie: Verstoring excitatie door glutamaat & inhibitie door GABA i.d. hersenen. → exciterende
systeem krijgt bij een aanval de overhand.
Anti-epileptica: versterken inhibitie.
Vormen: focaal, gegeneraliseerd (motorisch (tonisch-klonisch +/- myoklonieen) & niet-motorisch
(absences)) & status epilepticus.

Middelen:
- Benzodiazepinen: m.n. diazepam, clobazam, clonazepam, midazolam
- Zeer oud: fenobarbital, fenytoïne, ethosuximide.
- Oude middelen (1e keus): carbamazepine, valproaat.
- Nieuwe middelen: gabapentine, lamotrigine, levetiracetam, pregabaline, topiramaat,
brivaracetam, (felbamaat), lacosamide, perampenel, oxcarbazepine, retigabine, (rufinamide),
(stiripentol). → vaak ook andere indicatie
Bijwerkingen antiepileptica (!):
- Carbamazepine: huid, sedatie, bloedbeeld.
- Clonazepam: vallen.
- Fenytoine: bindweefsel (woekering m.n. in de kaak), sedatie, bloedbeeld.
- Lamotrigine: huid, sedatie.
- Valproaat: sedatie, bloedingsneiging.

Focale epilepsie: 1e keus: carbamazepine, valproaat, lamotrigine, levetiracetam, oxcarbazepine,
lacosamine.
Eerst monotherapie. Falen: voeg 2e middel toe. Bij effect → uitsluipen 1e middel. Streef naar
monotherapie!
2e keus: brivaracetam, clobazam, gabapentine, perampanel, pregabaline, topiramaat, zonisamide.

Gegeneraliseerde epilepsie:
1. Levetiracetam, valproaat, lamotrigine
Lamotrigine: langzaam insluipen → verkleint kans op huiduitslag.
Valproaat: CI meisjes/jonge vrouwen met kinderwens.
2. Clobazam, perampanel, topiramaat.
3. Clonazepam, zonisamide.
Streven naar monotherapie.

Absences:
1. Ethosuximide.
Alternatief: Valproaat (verhoogde kans op ontwikkelen gegeneraliseerd tonisch/klonisch
of niet verdagen ethosuximide).
Lamotrigine (niet verdragen ethosuximide & valproaat).

Status epilepticus = aanval > 5 minuten.
Behandeling: benzodiazepine (midazolam, diazepam, lorazepam) → toedieningsvorm geschikt voor
patiënten die niet kunnen slikken (neusspray, klsyma)

Antiparkinsonmiddelen:
Neurodegeneratieve aandoening; verlies dopaminerge neuronen in substantia nigra.
Symptomen: >50% neuronen verloren.
Versterking cholinerge transmissie → tremor.
Behandeling: herstellen balans neurotransmitters door versterken dopaminerge transmissie.


2

,Antiparkinsonmiddelen:
- Levodopa (+decarboxylaseremmer (benserazide/cardidopa): = hoeksteen behandeling.
Decarboxylaseremmer: voorkomt perifere afbraak levodopa.
- Dopamine agonisten: pramipexol, ropinirol, rotigotine, (apomorfine), bromocriptine,
pergolide. Eigen effect op postsynaptische dopaminereceptoren.
- Afbraakremmer (MAO-B/COMT): rasagiline, selegiline, entacapon, tolcapone.
MAO-B & COMT breken dopamine af. Remmen → meer dopamine beschikbaar.
- Amantadine = NMDA-antagonist.
→ stimuleert presynaptische afgifte dopamine, vertraagt heropname & vermindert excitatoir
effect glutamaat. (glutamaat = negatief effect bij Parkinson)
- Behandeling tremor: β-blokkers.
- Behandeling rigiditeit: anticholinergica (biperideen, (orfenadrine), trihexyfenidyl).
Cave: bijwerkingen! Verminderde cognitie! Terughoudend bij ouderen.

Behandelplan:
1. Levodopa + decarboxylaseremmer.
< 40 jr: evt dopamine agonist (terughoudend bij ouderen i.v.m. bw)
Alternatief: MAO-B-remmer.
2. Levodopa (+remmer) + dopamine agonist
3. Toevoegen ander middel.
Ernstige, therapieresistente tremor (<65 – 70 jr): biperideen/trihexyfenidyl.

Problemen bij behandeling:
- Wearing-off: steeds hogere dosis nodig, levodopa korter werkzaam
- On-off-fenomenen: relatie tussen moment van inname & effectiviteit. Lage dosis → klachten.
Levodopa-induced dyskinesieën (m.n. romp & ledematen) door wisselende spiegels.
Ook: depressie, delirium, dementie, slaapstoornissen.

Slaapmiddelen:
Beïnvloeden van slapen & waken met farmacologie.
GABA-mimetica: bevorderen slaap (GABA = remmende neurotransmitter): benzo + Z-drugs.
Benzo’s & Z-drugs → maken GABA-receptor gevoeliger voor GABA.
Antagonist benzo’s: flumazenil.
Kinetisch profiel: inslaapmiddel of anxiolyticum. Ideaal slaapmiddel: werkt snel & niet te lang.
Meest geschikt: temazepam, zolpidem, zopiclon.
Niet geschikt: midazolam (geheugenverlies).
Angst: oxazepam & diazepam.
5-HT2-antagonisten: verbeteren slaaparchitectuur/sederend; AD: pipamperon, quetiapine. AP:
trazodon, mirtazepine.
Melatonine: jetlag of ploegendienst.

Anxiolytica/antipanica:
Anxiolytica: sederend, geven snelle vermindering van angst. → hypnosedativa (benzo’s),
neurovegatatief actieve sedativa.
Anxiolytica onderdrukken alleen de angst!!
Antipanica: geven na toename van angst verbetering. → antidepressiva, MAO-remmers.
Vaak combi antipanica + anxiolytica: periode van toename van angst overbruggen.
Vormen angst: paniekstoornis, sociale fobie, dwangstoornis, gegeneraliseerde angststoornis.
Angststoornissen gaan niet vanzelf over. → ook cognitieve gedragstherapie.
Stappenplan NHG:
1. Voorlichting
2. Cognitieve gedragstherapie

3

, 3. Gnm: SSRIs (sertraline, paroxetine, citalopram), TCAs (clomipramine, imipramine), β-blokker
(propranolol), benzodiazepines (diazepam, oxazepam).
Richtlijn GGZ: erstigere patiënten, eerder behandelen + ook venlafaxine & β-blokkers.

Antidepressiva:
Depressie: moet voldoen aan voorwaarden volgens DSM-V voor langere tijd.
Antidepressiva:
- TCA (klassiek): amirtiptyline, imipramine, nortriptyline, clomipramine, maprotiline.
- SSRI (modern/2e generatie): (es)citalopram, paroxetine, sertraline, fluoxetine.
SNRI: venlafaxine, duloxetine. (ook noradrenerge receptoren)
- Overige moderne: mirtazapine, trazodon.
- MAO-remmers:
Irreversibel (bijna obsoleet): fenelzine, trancylcypromine.
Reversibel: moclobemide (klinisch vergelijkbaar aan SSRI).
- Overige AD: lithium = stemmingsstabilisator. Geen monotherapie maar toevoeging.
1e keuze NHG: TCA & SSRI. Lichte voorkeur SSRI ivm iets gunstiger bw profiel.
Bw profiel = anders, niet per se lichter.

SSRI: vaker interacties!
Bw: afhankelijk van receptoren waarop wordt aangegrepen.
H1 → sederend.
M → anticholinerg.
Niet-anticholinerg: sertraline, citalopram (SSRI) & nortriptyline (TCA)
SSRI: sertraline & citalopram minste interacties+ onthoudingsverschijnselen beperkt.
CYP2D6: m.n. fluoxetine & paroxetine.
Fluoxetine: niet afbouwen i.v.m. zeer lange hwt & bw gewichtsverlies.

Mirtazepine: effectiviteit vergelijkbaar met SSRI. Verbeterd slaap.
Nadeel: sedatie, gewichtstoename.
Voordeel: minder misselijkheid, onrust & seksuele stoornissen.

TCA: sterker anticholinerg, nadeel bij ouderen.
Amitriptyline: sterk anticholinerg. Vaak andere indicaties → neuropathische pijn, profylaxe migraine.
Nortriptyline: 1e keuze bij ouderen i.v.m. minder anticholinerg.
Clomipramine: alleen bij ook angst (maar SSRI kan dan ook).

Bipolaire stoornis:
Manie & depressieve perioden.
Behandeling → stabiliseren stemming:
1. Lithiumcarbonaat.
= toxisch, smalle therapeutische breedte.
Toevoegen diureticum/NSAID: stijging lithiumspiegel → tox.
Bw: dorst, tremor, concentratiestoornissen, gewichtstoename, acne, psoriasis.
Blijvend tox: nier & schildklier → nefrotox + hypothyreoïdie → monitoren!
Teratogeen: bij voorkeur vermijden bij zwangerschap.
2. Anticonvulsiva: valproaat, carbamazepine, lamotrigine.

Acute fase:
Manie: antipsychotica. M.n. atypisch (olanzapine, quetiapine).
Agitatie: benzo/sedativum toevoegen.
Depressie: SSRI/quetiapine.
Quetiapine = antipsychoticum, ook positief effect bij depressieve episodes.

4
£3.10
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached


Also available in package deal

Reviews from verified buyers

Showing all reviews
2 year ago

5.0

1 reviews

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0
Trustworthy reviews on Stuvia

All reviews are made by real Stuvia users after verified purchases.

Get to know the seller

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
daniquekoopman Rijksuniversiteit Groningen
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
330
Member since
9 year
Number of followers
134
Documents
22
Last sold
2 weeks ago

4.2

49 reviews

5
25
4
12
3
9
2
2
1
1

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these revision notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No problem! You can straightaway pick a different document that better suits what you're after.

Pay as you like, start learning straight away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and smashed it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions