Probleem 8
Adolescentie = 11-25 jaar, mentale veranderingen
Puberteit = 10-13 jaar, fysieke veranderingen ( tijdens adolescentie) invloeden van
zowel nature als nurture. Tegenwoordig steeds eerder dan vroeger.
Fysieke ontwikkelingen in puberteit:
- Groeispurt (meisjes rond 11 jaar, jongens rond 14 jaar) lichaam volwassener
- Meisjes meer vet, jongens gespierder
- Bij +/- 12,5 eerste menstruatie (niet meteen vruchtbaar, lichaam moet nog ontwikkelen
om er klaar voor te zijn) en +/- 14 jaar eerste zaadlozing
- Hormoonhuishouding:
o Meer testosteron genitaliën groeien, stem verandert
o Meer oestradiol borsten ontwikkelen, baarmoeder ontwikkelt, skelet
verandert (heupen breder)
o ook door omgeving beïnvloed (stress, eetpatronen, seksuele activiteit e.d.)
- Lichaamshaar
Verschillen tussen personen door:
- Genen
- Gezondheid
- Gewicht (meer vet = sneller in puberteit door leptine in vet)
- Stress
Sociale ontwikkelingen in puberteit:
- Leeftijdsgenoten belangrijker
- Omgang met kinderen uit dezelfde ‘fase’, soms dus oudere kinderen (kan negatief
zijn)
- Band met ouders verandert (verschilt per kind en ouder) (vaak meer conflicten, ouders
beschermend)
Psychologische ontwikkelingen in puberteit:
- Meer emotionele activiteit
Adolescentie = 11-25 jaar, mentale veranderingen
Puberteit = 10-13 jaar, fysieke veranderingen ( tijdens adolescentie) invloeden van
zowel nature als nurture. Tegenwoordig steeds eerder dan vroeger.
Fysieke ontwikkelingen in puberteit:
- Groeispurt (meisjes rond 11 jaar, jongens rond 14 jaar) lichaam volwassener
- Meisjes meer vet, jongens gespierder
- Bij +/- 12,5 eerste menstruatie (niet meteen vruchtbaar, lichaam moet nog ontwikkelen
om er klaar voor te zijn) en +/- 14 jaar eerste zaadlozing
- Hormoonhuishouding:
o Meer testosteron genitaliën groeien, stem verandert
o Meer oestradiol borsten ontwikkelen, baarmoeder ontwikkelt, skelet
verandert (heupen breder)
o ook door omgeving beïnvloed (stress, eetpatronen, seksuele activiteit e.d.)
- Lichaamshaar
Verschillen tussen personen door:
- Genen
- Gezondheid
- Gewicht (meer vet = sneller in puberteit door leptine in vet)
- Stress
Sociale ontwikkelingen in puberteit:
- Leeftijdsgenoten belangrijker
- Omgang met kinderen uit dezelfde ‘fase’, soms dus oudere kinderen (kan negatief
zijn)
- Band met ouders verandert (verschilt per kind en ouder) (vaak meer conflicten, ouders
beschermend)
Psychologische ontwikkelingen in puberteit:
- Meer emotionele activiteit