, Oefentoets Bedrijfsadministratie 2026 – alle antwoorden apart einde
25 open vragen (gemiddeld)
Hoofdstuk 1 Financiële administratie en verslaglegging
Vraag 1
Beschrijf het doel van de financiële administratie binnen een organisatie. Noem minimaal vier
functies.
Vraag 2
Leg uit wat het verschil is tussen een balans en een winst-en-verliesrekening. Licht toe welke
informatie beide overzichten geven.
Vraag 3
Een onderneming koopt een machine op rekening voor € 48.400 inclusief 21% btw. Geef aan welke
grootboekrekeningen worden geraakt en leg uit hoe de boeking verloopt.
Vraag 4
Beschrijf het verschil tussen vaste activa en vlottende activa. Noem van beide minimaal drie
voorbeelden.
Vraag 5
Leg uit waarom het matchingbeginsel belangrijk is binnen de financiële verslaglegging. Geef een
praktisch voorbeeld.
Vraag 6
Een onderneming ontvangt een vooruitbetaling van een klant voor werkzaamheden die pas volgend
boekjaar worden uitgevoerd. Leg uit hoe deze ontvangst administratief verwerkt wordt en motiveer
waarom.
Vraag 7
Beschrijf het verschil tussen kosten, uitgaven en betalingen. Geef van ieder begrip een
praktijkvoorbeeld.
Hoofdstuk 2 Grootboek, journaalposten en btw
Vraag 8
Leg uit wat het verschil is tussen een balansrekening en een resultatenrekening. Noem van beide
minimaal vier voorbeelden.
Vraag 9
Een onderneming verkoopt goederen voor € 18.150 inclusief 21% btw op rekening. Stel de volledige
journaalpost op.
Vraag 10
Beschrijf hoe een creditfactuur administratief wordt verwerkt en welke invloed deze heeft op omzet,
btw en debiteuren.
Vraag 11
Leg uit wat het verschil is tussen te vorderen btw en te betalen btw. Geef aan wanneer beide
voorkomen.