100% satisfaction guarantee Immediately available after payment Both online and in PDF No strings attached 4.6 TrustPilot
logo-home
Summary

volledige samenvatting IRW (deel 1)

Rating
-
Sold
-
Pages
175
Uploaded on
04-01-2026
Written in
2025/2026

samenvatting IRW (volledige boek uitgewerkt tot bondige samenvatting)

Institution
Module











Whoops! We can’t load your doc right now. Try again or contact support.

Written for

Institution
Study
Module

Document information

Uploaded on
January 4, 2026
Number of pages
175
Written in
2025/2026
Type
Summary

Subjects

Content preview

Inleiding tot de rechtswetenschap
AFDELING I: WAT IS RECHT?

1) OBJECTIEF EN SUBJECTIEF RECHT
a) Objectief en subjectief recht: begrip
Etymologische oorsprong
NL en DE recht, EN right stamt af van Lat. Regere (uitoefenen van overheidsgezag) en Lat. Rex
(militaire leider, politieke leider, koning).
FR droit, IT diritto, ES derecho stammen af van Lat. Dirigere of voltooid deelwoord directum, die
de link met het overheidsgezag duidelijk maakt.
Recht is tweeledig
Enerzijds is het recht een maatschappelijk gegeven. Het is dan het geheel van gedragsregels
voor het maatschappelijke leven, waarvan respect wordt afgedwongen door de overheid. Die
regels hebben tot doel de belangen van de mensen in onderling verkeer te ordenen en te
beschermen. In dit geval spreekt met van objectief recht (le droit objectif; the law).
Anderzijds kan het rechtsfenomeen geïndividualiseerd worden (het bekijken vanuit het
standpunt van het individu (subject)). In dat geval gebruikt men het begrip in de zin van een
aanspraak die een persoon aan een rechtsnorm ontleent, hetzij om een zaak te gebruiken, hetzij
om van een ander individu een prestatie te vereisen. Dat is het subjectieve recht (le droit
subjectif ; right). Het adjectief subjectief verwijst dus naar de titularis van het recht (degene die
het recht heeft, het rechtssubject (le sujet de droit)).
Nauwe samenhang
Het objectieve recht is het geheel van de door de overheid afgedwongen gedragsregels ter
ordening van het maatschappelijke verkeer. Gedragsregels bestaan uit algemeen verbindende
bevelen (gebods- of verbodsbepalingen). Daaruit vloeien voor de bestemmelingen van de regel
(subjectieve) verplichtingen, zogenaamde rechtsplichten, voort.
Gedragsvoorschriften worden echter niet in eerste plaats ten nadele van hun bestemmeling
opgelegd, maar eerder ten voordele van anderen. Die kunnen dankzij objectieve rechtsregels
tegenover anderen een aanspraak maken op het met die regels opgelegd gedrag. Deze
aanspraken op het gedrag van medemensen maken dat een rechtssubject drager is van
subjectieve rechten. Deze zijn immers door het objectief recht beschermde aanspraken op
andermans gedrag. Het objectieve recht is de grondslag voor het subjectieve recht; het regelt
het niet alleen, maar beschermt het ook.
Objectief en subjectief contentieux
Bevoegdheidsverdeling (niet naar dezelfde rechtbank) maar het onderscheid tussen objectief en
subjectief contentieux is tegenwoordig erg vervaagd door de toegenomen bevoegdheden van de
RvST.

• Rechtbanken: subjectief contentieux
• Raad van State: objectief contentieux

,b) Buitencontractuele foutaansprakelijkheid
Art. 6.5. BW: stelt dat eenieder aansprakelijk is voor schade die hij door zijn fout aan een ander
veroorzaakt. Bv. Slachtoffers verkeersongevallen → subjectief recht op schadeloosstelling
Bestanddelen: de fout, de schade, het oorzakelijk verband. Bestanddelen moeten telkens
bewezen worden.
Wat is fout?
Art. 6.6 BW = def. Fout (la faute) = daad: schending van een wettelijke regel die een bepaald
gedrag oplegt of verbiedt of van de algemene zorgvuldigheidsnorm die geldt in het
maatschappelijk verkeer.
Een fout kan bestaan uit de schending van een resultaatsverbintenis (om een welbepaald
resultaat te bereiken) vb. door rood licht rijden.
Een fout kan bestaan uit schending van een inspanningsverbintenis (alle zorg verstrekken die
eigen is aan een voorzichtig en redelijk persoon om een bepaald resultaat te bereiken) vb.
snelheid aanpassen aan omstandigheden. Een voorzichtig en redelijk persoon is een abstract
wezen dat zich voorbeeldig gedraagt in de maatschappij (cfr. Bonus pater familias)
Bonus paterfamilia-criterium

= zich gedragen als een goede huisvader.
= Wat een normaal, vooruitziend en redelijk persoon in dezelfde omstandigheden zou doen met een ernstig
verantwoordelijkheidsgevoel.
≠ Superman
Erg vaag en varieert in tijd, plaats en omstandigheden

• Subjectieve component = de onrechtmatigheid: men handelt pas foutief als men in staat is
om bewust te handelen (schuldbekwaam of toerekeningsvatbaar) → niet: minderjarigen
(art. 6.9 BW) en geesteszieken (voor die laatste, wel mogelijkheid van foutloze
aansprakelijkheid: art. 6.10 en 6.11 BW).

Gronden van uitsluiting van foutaansprakelijkheid: wie een fout begaat kan aan zijn
aansprakelijkheid ontkomen door zich op een uitsluitingsgrond te beroepen. Het gaat over de
onmogelijkheid om de toepasselijke gedragsregel na te leven, d.i. overmacht (art. 6.7 BW vgl. in
art. 5.226 BW), maar ook andere zoals onoverwinnelijke dwaling, onweerstaanbare dwang,
noodtoestand, wettige zelfverdediging en bevel van de wet of van een bevoegde overheid (art.
6.8 BW)

Wat is schade?
De schade (préjudice): def. Art. 6.24 BW : bestaat uit econ. En niet-econ. Gevolgen van de
aantasting van een juridisch beschermd persoonlijk belang. Foutief gedrag kan patrimoniale
(materiële) of extrapatrimoniale (morele) schade veroorzaken (art. 6.26 BW)

• Schadeloosstelling: geheel aan herstelmaatregelen die er vooral op gericht zijn de
benadeelde te plaatsen in de hypothetische toestand waarin hij zou hebben verkeerd mocht
de onrechtmatige daad nooit hebben plaatsgehad en een billijke en passende vergoeding
toe te kennen (art. 6.31 BW)

,• Aantonen van de krenking (= verlies) van een subjectief recht is noch een noodzakelijke
(verwerping v/d theorie v/d rechtskrenking 1939 door Hof van Cassatie) noch een voldoende
voorwaarde: aantonen dat een belang geschonden is die een in geld waardeerbaar verlies
veroorzaakt
Wat is het oorzakelijk verband?
Het oorzakelijk verband (lien de causalité) tussen fout en schade: alle schade, maar tevens elke
schade die iemand veroorzaakt, moet hij vergoeden → causaliteitsprincipe = kern van
schadevergoedingsrecht

• België: equivalentieleer: elke fout zonder dewelke de schade zich niet zou hebben
voorgedaan, zoals ze zich in concreto voordeed, moet worden aangemerkt als oorzaak van
de schade: geen selectie tussen verschillende oorzaken, alle zijn gelijkwaardig + geen
rekening houden met voorbestemdheid of gevoeligheid slachtoffer → zodra fout als oorzaak
wordt aangemerkt moet de dader schade vergoeden
• Contractuele aansprakelijkheid ≠ buitencontractuele aansprakelijkheid: wanneer personen
de verplichtingen van een contract schenden
• NL en DE: theorie van adequate oorzaak: enkel de voorzienbare schade zijn in aanmerking
genomen


2) KLASSIEKE DEFINITIE VAN HET OBJECTIEVE RECHT
Werkdefinitie: Geheel van imperatieve door de overheid afdwingbare regels voor de uiterlijke
gedragingen van de rechtssubjecten.

a) Imperatief karakter: rechtsregels verbieden of gebieden
Principe
Twee soorten regels:

• indicatieve regels die uitdrukken wat is (zoals wetten van de natuurkunde)
(inductief)
• imperatieve regels die uitdrukken wat anders kan, maar niet anders mag =
rechtsregels

overwegend deductief karakter van de juridische denkmethode in
tegenstelling tot die van de natuurwetenschappen
Deductieve methode bij de concrete toepassing van de rechtsregels:
Men vertrekt vanuit een algemene rechtsregel waaruit men gevolgen afleidt voor een concreet
geval. Wanneer de rechtsregels en de feiten vaststaan is die logische operatie als het ware
triviaal.
>< Natuurwetenschappelijke methode = inductieve methode: vanuit de observatie van bepaalde
gevallen distilleert men algemene regels (beschikken vooraf niet over de regels)
Uitzonderlijke inductieve methode (bij andere situaties dan de concrete toepassing van
rechtsregels):

, Men probeert een systematiek te vinden in de diverse rechterlijke uitspraken, diverse
categorieën van gevallen te onderscheiden, om op basis daarvan de uitkomst van een geschil
enigszins in te schatten of te voorspellen.

Imperatief karakter van de rechtsregels
De rechtsregels beperken de vrijheid van de persoon: ze gebieden (op positieve of negatieve
wijze) of verbieden.

Ook permissieve regels houden indirect een verbod in
Soms kunnen rechtsregels een toelating inhouden:

• Uitzondering op een tevoren bepaald verbod
• Vooraf gegeven toelating die vervolgens wordt beperkt

→ houden een gebod in voor andere personen om de vrijheid of recht toegekend aan een
persoon te respecteren

→ rechtsregels beperken zich nooit tot feitelijke vaststellingen, zelfs als ze indicatief
geformuleerd worden

Regels die helpen andere rechtsregels te formuleren
1) Definities
Vaak gaan definities aan wetsbepalingen vooraf: verkorten van de regels en nuttig waanneer de
terminologie in de eigenlijke regeling afwijkt van de omgangstaal. Geen rechtsregels maar
maken er deel van uit. Toch bevatten zij toch een regel.

2) Bepaling van de werkingssfeer van de rechtsregels

Het toepassingsgebied van de rechtsregels wordt vaak ook onder woorden gebracht met
afzonderlijke bepalingen die op zichzelf geen gedragsregel inhouden.

3) Constitutieve regels

Bevatten ook geen gedragsregel maar organiseren (de instellingen van) de staat. Daaraan
worden bevoegdheden toegekend die wel gedragsregels zijn voor de overheid: attributieve
regels.

Verschillende graden in het verbindend karakter van de rechtsregel

resultaatsverbintenis, garantieverbintenis en middelenverbintenis
notie:


• Resultaatsverbintenis (obligation de résultat): verbintenis tot resultaat tenzij overmacht.
(5.72, lid 2 BW)
• Garantieverbintenis (obligation de garantie): verbintenis tot resultaat zelfs bij overmacht.
• Middelenverbintenis of inspanningsverbintenis (obligation de moyen): verbintenis tot
bepaalde zorgvuldigheid en alle middelen inzetten om tot resultaat te komen:
£12.20
Get access to the full document:

100% satisfaction guarantee
Immediately available after payment
Both online and in PDF
No strings attached

Get to know the seller
Seller avatar
IH0611

Also available in package deal

Get to know the seller

Seller avatar
IH0611 Katholieke Universiteit Leuven
Follow You need to be logged in order to follow users or courses
Sold
1
Member since
4 months
Number of followers
0
Documents
3
Last sold
1 day ago

0.0

0 reviews

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recently viewed by you

Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their exams and reviewed by others who've used these revision notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No problem! You can straightaway pick a different document that better suits what you're after.

Pay as you like, start learning straight away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and smashed it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Frequently asked questions