Personenbelasting
Leerstuk 1 : belastingrecht – personenbelasting
1. BASISBEGINSELEN VAN HET FISCAAL RECHT
1.1. BEGRIP EN KENMERKEN VAN DE BELASTING
De belasting is een bijdrage die volgens bepaalde rechtsregels door een
overheid wordt opgelegd met als doel het verzamelen van financiële middelen
(nu is dat geld) die nodig zijn om uitgaven te doen in het algemeen belang en
voor zover die bijdrage bij wet (decreet, besluit, …) als belasting wordt erkend.
Individuele bijdrage : geld (betaalmiddel), maar dat is niet altijd zo geweest
(in de middeleeuwen was dit door het geven van een bepaald stukje oogst)
Overheid : niet alleen de gemeente, provincie, gewest, gemeenschap, maar
het kan ook een Europese instelling zijn. enkel die overheden hebben de
mogelijkheid om die bijdragen te vragen
Legaliteitsbeginsel : geen belasting zonder wet (een rechtsbescherming van
de individuele vrijheid) – de Koning kon alleen belasting heffen via strikte
regels (art.170 Gw)
o Gelijkheidsbeginsel
Taken : een algemeen belang – niemand kan in zijn aangifte zeggen dat zijn
geld naar defensie moet bv, het gaat naar Brussel (geen verdere inpak), de
overheid zal er dan over beslissen
Hoofdkenmerken van ‘een belasting’
1) Het financieel doel – het dekken en financieren van overheidsuitgaven
a. Betreft diensten van openbaar nut (inrichting van onderwijs, voorzien
van gezondheidszorg, defensie, vertegenwoordiging in het buitenland,
…)
b. Beoogt geen ‘individueel’ toewijsbare tegenprestatie (we dienen het
algemeen belang) het kan wel maar dan zit je in de subsidieregeling
(gefinancierd door belastingen, of andere zaken)
2) Het dwingend karakter : afdwingbaar via administratieve ofwel strafrechtelijke
sancties (publiekrecht)
a. Europees Hof voor de Rechten van de Mens hanteert het principe ‘non
bis in idem’ (geen twee keer voor hetzelfde)
b. Wet 20 september 2012 bevestigt het ‘una via’-principe (één van de
twee, ofwel strafrechtelijk ofwel administratief – nooit allebei)
c. Degene die zich er niet aan houden gaan administratief gesanctioneerd
worden (ook strafrechtelijk)
1
,1.2. OVERHEIDSINKOMSTEN DIE GEEN BELASTINGEN ZIJN
1) Retributies = verhaalbelasting
Een retributie is een vergoeding die de overheid van bepaalde heffingsplichtingen
vordert als tegenprestatie voor de levering van een bijzondere dienst in hun
persoonlijk belang of de toestemming voor een rechtstreeks bijzonder voordeel.
Voorbeelden zijn het gebruik van sporthal, de toegang tot museum, de inname
van een standplaats op een kermis, de parkeerretributie, tolgelden voor gebruik
van bruggen, …
Soms is verschil met een belasting moeilijk te maken, bv ‘urbanisatiebelasting’
(= belastingen die uiteindelijk ten goede komen aan mensen die in een bepaalde
regio wonen). Deze verhaalbelasting wordt forfaitair doorgerekend aan een groep
van mensen en is niet steeds gebonden aan specifieke werken
‘toetsing’ van deze administratieve maatregel mogelijk door Raad van State
Vernietiging van de retributies voor de behandeling van aanvragen voor een
machtiging tot verblijf
Bij arrest nr. 245.404 van 11 september 2019 heeft de Raad van State een koninklijk besluit van
16 februari 2015 vernietigd waarin het bedrag en de wijze van inning bepaald werd van de
bijdrage die vreemdelingen verschuldigd zijn om de kosten te dekken van hun aanvraag voor
een machtiging tot verblijf.
De Raad van State heeft in dit arrest geoordeeld dat het bedrag van een retributie in een
redelijke verhouding moet staan tot de kostprijs van de geleverde dienst en dat in het huidige
geval niet aangetoond is dat dit het geval is.
Het is een verplichting maar je betaald iets voor een individuele tegenprestatie /
voordeel / belang. De betaling gaat niet naar het groter geheel.
Verschil tussen retributie en belasting. Retributie is iets individueel terwijl
belasting eerder algemeen is
2) Parafiscale of sociale bijdragen
De lasten van de sociale zekerheid worden niet alleen door de werkgevers en de
werknemers gedragen. De federale overheid betaalt jaarlijks een forfaitaire som
aan de RSZ. Daarnaast bestaat er sinds enkele jaren ook een alternatieve
financiering van de sociale zekerheid.
In 2021 bedroegen de totale uitgaven voor sociale bescherming in België zo’n 152,4 miljard euro
of 30,3% van het bbp - https://www.nbb.be/nl/artikels/zijn-de-overheidsuitgaven-voor-pensioenen-
belgie-houdbaar-een-vergelijking-met-andere
Het heeft te maken met sociale zekerheid. Je betaald niet alleen belastingen
maar ook sociale zekerheidsbijdragen (een bijdrage die ik lever vanuit mijn loon,
die mij verzekeren wanneer ik ziek, invalide, … wordt) – kwam na WOII tot stand.
Verplicht om een deel van de arbeid af te staan en in de pot van de zekerheid
steken (solidariteit).
Niet allen gefinancierd door werknemers, maar ook werkgevers. In België loper er
tekorten op. Het begint veel geld voor haar rekening te nemen (groot probleem in
West-Europese landen), door een verouderde belasting gaat de pensioen
zwaarder worden, waardoor er te weinig actieven gaan zijn om het op te vangen.
Reden van de tekortkomingen :
2
, Activiteitsgraad die voor 80% moet worden voorgedragen (3/4 kan nog
bijgedragen worden, de rest moet door andere zaken in orde komen)
Niet alleen meer mensen die moeten werken, maar ook langer werken (in
Nederland is de pensioen gekoppeld aan de levensverwachting)
2. FUNCTIES VAN DE BELASTING
Diverse functies van de belasting zijn :
1) De financiële functie van de belasting
Betreft de hoofdfunctie van de belastingen (ongeveer 97% van de
overheidsinkomsten)
Wordt gerealiseerd door geldelijke bijdragen en geregeld via de techniek van
voorschotten (eventueel verrekenbaarheid en terugbetaalbaarheid)
Er moet geld geïnd worden maar dat is moeilijk want er zijn schulden
2) De economische functie van de belasting laat haar invloed
gelden :
M.b.t. vraag en aanbod, ik kan mensen duwen in een bepaalde richting om iets
duurder of goedkoper te verkopen (hoe kan ik de markt bepalen) bv de
warmtepomp zal niet meer aan 21% gefactureerd worden maar aan 6%.
Op de prijsvorming, bv brandstof (benzine en diesel), sigaretten en alcohol en
verzekering van de rechtsbijstand prijs wordt naar boven gestuurd door de
overheid
Op het spaarwezen, bv vrijstelling van interesten op spaardeposito’s en
dividenden (opbrengsten van de eigenkomsten die vrijgesteld worden), verhoging
van de roerende voorheffing (moet in principe belast worden, maar bij een
spaarrekening wordt er een deel vrijgesteld), belastingvoordelen voor
pensioensparen (individueel sparen en dat wordt beïnvloedt door de fiscaliteit), …
prijs wordt aangemoedigd door de vrijstellingen
Op het consumptiegedrag, bv invoerrechten, toepassing van verschillende btw-
tarieven (nieuwbouw <> vernieuwbouw), registratierechten bij aankoop van
woning met beperkt KI, …
3) De sociale functie van de belasting
We zitten hier met een spreidstand. Langs de ene kant is er een
gelijkheid(beginsel), anderzijds krijgen de sterkte schouders de zwaarste
belastingen.
Progressief opklimmend : hoe meer beroepsinkomsten, hoe zwaarder belast
(proportioneel) – verschil in België is vrij hoog (laagste inkomsten worden
belast aan 25% en het hoogste aan 50% vanaf een jaarinkomen van €48.000)
Je mag meer verdienen als je een soort handicap hebt (rijkheidsbeginsel)
Inkomens-herverdelend via progressieve belastingtarieven in de
personenbelasting
Verlenen van specifieke verminderingen, bv handicap, personen ten laste, …
3
, 3. WIE (OVERHEDEN) MAG BELASTING HEFFEN
De overheden die bevoegd zijn om belastingen te heffen zijn vastgelegd in
art.170 en 173 Gw :
Federale overheid (bv personenbelasting en vennootschapsbelasting)
Lokale en regionale overheden (bv gewesten, gemeenschappen, gemeenten,
provincies en de agglomeratie Brussel) – ook m.b.t. de personenbelasting
Supranationale overheden (bv Europa)
Publiekrechtelijke instellingen (bv Polders en Wateringen)
4. GRONDWETTELIJKE BEGINSELEN VAN DE BELASTINGHEFFING
De grondwet bevat ter bescherming van de burgers 3 basisbeginselen (art.170-
172 Gw)
Het legaliteits- of wettelijkheidsbeginsel (art.170 Gw)
Het anualiteits- of éénjarigheidsbeginsel (art.171 Gw)
Het gelijkheidsbeginsel (art.10 en 172 Gw)
1) Het legaliteits- of wettelijkheidsbeginsel (art.170 Gw)
2 mensen in dezelfde situatie moeten hetzelfde verkrijgen
Principiële belastingvrijdom : geen belastingheffing tenzij de wetgever
(wetgevende macht) anders bepaalt
De invoering van een belasting bevat noodzakelijkerwijze een aantal facetten :
Vaststelling van een belastingsubject (belastingplichtige)
o Op wie is die van toepassing? (ratio personae – persoonlijk
toepassingsgebied) : de rijksinwoners op Belgisch grondgebied)
Bepaling van de grondslag (belastbare basis)
o Op wat gaan we belasten? Belastbare grondslag
Bepaling van de heffing (belastingberekening)
o Wat is het tarief(structuur)? Het gaat tussen de 25-50%
Procedurele aspecten in verband met de belasting
o Wanneer gaan we dat doen, wat is de inkomensperiode? Het belastbaar
tijdperk in het kalenderjaar
Gevolgen van het legaliteitsbeginsel :
Het principe van de belastingvrijdom of vermoeden van ‘niet-belastbaarheid’
(bv vergoedingen voor geleden morele schade, meerwaarde verkoop van
eigen woning, …)
Gebonden bevoegdheid van de belastingadministratie d.w.z. geen
kwijtschelding of vermindering van belastingen verleend door de
belastingadministratie en administratieve richtlijnen dienen conform de wet
opgesteld te worden (dura lex sed lex)
Minister van Financiën heeft wel de mogelijkheid om fiscale boetes en interesten geheel of ten
dele kwijt te schelden maar niet de belastingzelf!
Volgens het EHRM dient de fiscale wetgeving ook te voldoen aan “kwalitatieve” vereisten zoals
het beginsel van rechtszekerheid (voorzienbaarheidsbeginsel) en vereist dit een consistente
interpretatie en toepassing ervan (Arrest SERKOV van het EHRM: het beginsel van
4
Leerstuk 1 : belastingrecht – personenbelasting
1. BASISBEGINSELEN VAN HET FISCAAL RECHT
1.1. BEGRIP EN KENMERKEN VAN DE BELASTING
De belasting is een bijdrage die volgens bepaalde rechtsregels door een
overheid wordt opgelegd met als doel het verzamelen van financiële middelen
(nu is dat geld) die nodig zijn om uitgaven te doen in het algemeen belang en
voor zover die bijdrage bij wet (decreet, besluit, …) als belasting wordt erkend.
Individuele bijdrage : geld (betaalmiddel), maar dat is niet altijd zo geweest
(in de middeleeuwen was dit door het geven van een bepaald stukje oogst)
Overheid : niet alleen de gemeente, provincie, gewest, gemeenschap, maar
het kan ook een Europese instelling zijn. enkel die overheden hebben de
mogelijkheid om die bijdragen te vragen
Legaliteitsbeginsel : geen belasting zonder wet (een rechtsbescherming van
de individuele vrijheid) – de Koning kon alleen belasting heffen via strikte
regels (art.170 Gw)
o Gelijkheidsbeginsel
Taken : een algemeen belang – niemand kan in zijn aangifte zeggen dat zijn
geld naar defensie moet bv, het gaat naar Brussel (geen verdere inpak), de
overheid zal er dan over beslissen
Hoofdkenmerken van ‘een belasting’
1) Het financieel doel – het dekken en financieren van overheidsuitgaven
a. Betreft diensten van openbaar nut (inrichting van onderwijs, voorzien
van gezondheidszorg, defensie, vertegenwoordiging in het buitenland,
…)
b. Beoogt geen ‘individueel’ toewijsbare tegenprestatie (we dienen het
algemeen belang) het kan wel maar dan zit je in de subsidieregeling
(gefinancierd door belastingen, of andere zaken)
2) Het dwingend karakter : afdwingbaar via administratieve ofwel strafrechtelijke
sancties (publiekrecht)
a. Europees Hof voor de Rechten van de Mens hanteert het principe ‘non
bis in idem’ (geen twee keer voor hetzelfde)
b. Wet 20 september 2012 bevestigt het ‘una via’-principe (één van de
twee, ofwel strafrechtelijk ofwel administratief – nooit allebei)
c. Degene die zich er niet aan houden gaan administratief gesanctioneerd
worden (ook strafrechtelijk)
1
,1.2. OVERHEIDSINKOMSTEN DIE GEEN BELASTINGEN ZIJN
1) Retributies = verhaalbelasting
Een retributie is een vergoeding die de overheid van bepaalde heffingsplichtingen
vordert als tegenprestatie voor de levering van een bijzondere dienst in hun
persoonlijk belang of de toestemming voor een rechtstreeks bijzonder voordeel.
Voorbeelden zijn het gebruik van sporthal, de toegang tot museum, de inname
van een standplaats op een kermis, de parkeerretributie, tolgelden voor gebruik
van bruggen, …
Soms is verschil met een belasting moeilijk te maken, bv ‘urbanisatiebelasting’
(= belastingen die uiteindelijk ten goede komen aan mensen die in een bepaalde
regio wonen). Deze verhaalbelasting wordt forfaitair doorgerekend aan een groep
van mensen en is niet steeds gebonden aan specifieke werken
‘toetsing’ van deze administratieve maatregel mogelijk door Raad van State
Vernietiging van de retributies voor de behandeling van aanvragen voor een
machtiging tot verblijf
Bij arrest nr. 245.404 van 11 september 2019 heeft de Raad van State een koninklijk besluit van
16 februari 2015 vernietigd waarin het bedrag en de wijze van inning bepaald werd van de
bijdrage die vreemdelingen verschuldigd zijn om de kosten te dekken van hun aanvraag voor
een machtiging tot verblijf.
De Raad van State heeft in dit arrest geoordeeld dat het bedrag van een retributie in een
redelijke verhouding moet staan tot de kostprijs van de geleverde dienst en dat in het huidige
geval niet aangetoond is dat dit het geval is.
Het is een verplichting maar je betaald iets voor een individuele tegenprestatie /
voordeel / belang. De betaling gaat niet naar het groter geheel.
Verschil tussen retributie en belasting. Retributie is iets individueel terwijl
belasting eerder algemeen is
2) Parafiscale of sociale bijdragen
De lasten van de sociale zekerheid worden niet alleen door de werkgevers en de
werknemers gedragen. De federale overheid betaalt jaarlijks een forfaitaire som
aan de RSZ. Daarnaast bestaat er sinds enkele jaren ook een alternatieve
financiering van de sociale zekerheid.
In 2021 bedroegen de totale uitgaven voor sociale bescherming in België zo’n 152,4 miljard euro
of 30,3% van het bbp - https://www.nbb.be/nl/artikels/zijn-de-overheidsuitgaven-voor-pensioenen-
belgie-houdbaar-een-vergelijking-met-andere
Het heeft te maken met sociale zekerheid. Je betaald niet alleen belastingen
maar ook sociale zekerheidsbijdragen (een bijdrage die ik lever vanuit mijn loon,
die mij verzekeren wanneer ik ziek, invalide, … wordt) – kwam na WOII tot stand.
Verplicht om een deel van de arbeid af te staan en in de pot van de zekerheid
steken (solidariteit).
Niet allen gefinancierd door werknemers, maar ook werkgevers. In België loper er
tekorten op. Het begint veel geld voor haar rekening te nemen (groot probleem in
West-Europese landen), door een verouderde belasting gaat de pensioen
zwaarder worden, waardoor er te weinig actieven gaan zijn om het op te vangen.
Reden van de tekortkomingen :
2
, Activiteitsgraad die voor 80% moet worden voorgedragen (3/4 kan nog
bijgedragen worden, de rest moet door andere zaken in orde komen)
Niet alleen meer mensen die moeten werken, maar ook langer werken (in
Nederland is de pensioen gekoppeld aan de levensverwachting)
2. FUNCTIES VAN DE BELASTING
Diverse functies van de belasting zijn :
1) De financiële functie van de belasting
Betreft de hoofdfunctie van de belastingen (ongeveer 97% van de
overheidsinkomsten)
Wordt gerealiseerd door geldelijke bijdragen en geregeld via de techniek van
voorschotten (eventueel verrekenbaarheid en terugbetaalbaarheid)
Er moet geld geïnd worden maar dat is moeilijk want er zijn schulden
2) De economische functie van de belasting laat haar invloed
gelden :
M.b.t. vraag en aanbod, ik kan mensen duwen in een bepaalde richting om iets
duurder of goedkoper te verkopen (hoe kan ik de markt bepalen) bv de
warmtepomp zal niet meer aan 21% gefactureerd worden maar aan 6%.
Op de prijsvorming, bv brandstof (benzine en diesel), sigaretten en alcohol en
verzekering van de rechtsbijstand prijs wordt naar boven gestuurd door de
overheid
Op het spaarwezen, bv vrijstelling van interesten op spaardeposito’s en
dividenden (opbrengsten van de eigenkomsten die vrijgesteld worden), verhoging
van de roerende voorheffing (moet in principe belast worden, maar bij een
spaarrekening wordt er een deel vrijgesteld), belastingvoordelen voor
pensioensparen (individueel sparen en dat wordt beïnvloedt door de fiscaliteit), …
prijs wordt aangemoedigd door de vrijstellingen
Op het consumptiegedrag, bv invoerrechten, toepassing van verschillende btw-
tarieven (nieuwbouw <> vernieuwbouw), registratierechten bij aankoop van
woning met beperkt KI, …
3) De sociale functie van de belasting
We zitten hier met een spreidstand. Langs de ene kant is er een
gelijkheid(beginsel), anderzijds krijgen de sterkte schouders de zwaarste
belastingen.
Progressief opklimmend : hoe meer beroepsinkomsten, hoe zwaarder belast
(proportioneel) – verschil in België is vrij hoog (laagste inkomsten worden
belast aan 25% en het hoogste aan 50% vanaf een jaarinkomen van €48.000)
Je mag meer verdienen als je een soort handicap hebt (rijkheidsbeginsel)
Inkomens-herverdelend via progressieve belastingtarieven in de
personenbelasting
Verlenen van specifieke verminderingen, bv handicap, personen ten laste, …
3
, 3. WIE (OVERHEDEN) MAG BELASTING HEFFEN
De overheden die bevoegd zijn om belastingen te heffen zijn vastgelegd in
art.170 en 173 Gw :
Federale overheid (bv personenbelasting en vennootschapsbelasting)
Lokale en regionale overheden (bv gewesten, gemeenschappen, gemeenten,
provincies en de agglomeratie Brussel) – ook m.b.t. de personenbelasting
Supranationale overheden (bv Europa)
Publiekrechtelijke instellingen (bv Polders en Wateringen)
4. GRONDWETTELIJKE BEGINSELEN VAN DE BELASTINGHEFFING
De grondwet bevat ter bescherming van de burgers 3 basisbeginselen (art.170-
172 Gw)
Het legaliteits- of wettelijkheidsbeginsel (art.170 Gw)
Het anualiteits- of éénjarigheidsbeginsel (art.171 Gw)
Het gelijkheidsbeginsel (art.10 en 172 Gw)
1) Het legaliteits- of wettelijkheidsbeginsel (art.170 Gw)
2 mensen in dezelfde situatie moeten hetzelfde verkrijgen
Principiële belastingvrijdom : geen belastingheffing tenzij de wetgever
(wetgevende macht) anders bepaalt
De invoering van een belasting bevat noodzakelijkerwijze een aantal facetten :
Vaststelling van een belastingsubject (belastingplichtige)
o Op wie is die van toepassing? (ratio personae – persoonlijk
toepassingsgebied) : de rijksinwoners op Belgisch grondgebied)
Bepaling van de grondslag (belastbare basis)
o Op wat gaan we belasten? Belastbare grondslag
Bepaling van de heffing (belastingberekening)
o Wat is het tarief(structuur)? Het gaat tussen de 25-50%
Procedurele aspecten in verband met de belasting
o Wanneer gaan we dat doen, wat is de inkomensperiode? Het belastbaar
tijdperk in het kalenderjaar
Gevolgen van het legaliteitsbeginsel :
Het principe van de belastingvrijdom of vermoeden van ‘niet-belastbaarheid’
(bv vergoedingen voor geleden morele schade, meerwaarde verkoop van
eigen woning, …)
Gebonden bevoegdheid van de belastingadministratie d.w.z. geen
kwijtschelding of vermindering van belastingen verleend door de
belastingadministratie en administratieve richtlijnen dienen conform de wet
opgesteld te worden (dura lex sed lex)
Minister van Financiën heeft wel de mogelijkheid om fiscale boetes en interesten geheel of ten
dele kwijt te schelden maar niet de belastingzelf!
Volgens het EHRM dient de fiscale wetgeving ook te voldoen aan “kwalitatieve” vereisten zoals
het beginsel van rechtszekerheid (voorzienbaarheidsbeginsel) en vereist dit een consistente
interpretatie en toepassing ervan (Arrest SERKOV van het EHRM: het beginsel van
4