Uitgebreide samenvatting van alle taken plus aanvullende opmerkingen van
de tutor erin verwerkt
Uitwerking taak 1
TAAK 1: ONGEWENSTE SOUVENIRS 1
Probleemstelling:
Wat is een virus en hoe maakt het je ziek?
Leerdoelen:
1. Welke micro-organismen zijn er?
2. Hoe ziet een virus eruit en welke soorten zijn er?
3. Hoe verspreidt een virus zich?
4. Hoe repliceert een virus zich?
5. Wat is het HIV virus en hoe vermenigvuldigt het zich?
a. Wat heeft het HIV virus voor een invloed op de CD4 cellen? (normale werking CD4
cellen)
b. Wat zijn de symptomen van HIV?
6. Wat is het verschil tussen HIV en AIDS?
7. Hoe kun je HIV behandelen?
8. Hoe diagnosticeer je een HIV infectie?
Literatuur:
Abbas immunologie (CD4), Murray microbiologie (virussen)
1. Welke micro-organismen zijn er?
❖ Intracellulaire microben:
• Fagocyten:
Microben kunnen worden ingenomen door fagocyten en kunnen overleven in
blaasjes (fagolysosomen) of ontsnappen in het cytosol
waar ze niet gevoelig zijn voor microbicide
mechanismen van de fagocyten
• Niet-fagocytische cel:
Virussen kunnen vele celtypen infecteren, waaronder
niet-fagocytische cellen en repliceren in kern en cytosol
van geïnfecteerde cellen
Ricekttsiae en sommige protozoa zijn intracellulaire
parasieten die zich in niet-fagocytische cellen
bevinden
❖ Virussen:
• Kleinste infectieuze deeltjes, varierend van 18 tot 600 nanometer en kunnen niet
worden gezien met lichtmicroscoop
• Bevatten DNA of RNA maar niet beide
• Virale nucleinezuren die nodig zijn voor replicatie zijn ingesloten in eiwitomhulsel met
of zonder lipide membraanlaag
• Virussen zijn parasieten en hebben gastheercellen nodig voor replicatie
• Er zijn meer dan 2000 soorten virussen, 650 zijn schadelijk voor mensen en dieren
• De cellen die ze infecteren en de reactie van de gast op de infectie is de oorzaak
van de symptomen van virussen. Een infectie kan leiden tot snelle replicatie en
vernietiging van de cel en op lange termijn chronische relatie en mogelijke
integratie van het virale genetische informatie in het gastheergenoom.
❖ Bacterien:
• Relatief eenvoudig qua structuur