100% Zufriedenheitsgarantie Sofort verfügbar nach Zahlung Sowohl online als auch als PDF Du bist an nichts gebunden 4.2 TrustPilot
logo-home
Zusammenfassung

Samenvatting artikelen Communicatie, Cognitie en Begrijpelijkheid

Bewertung
3,6
(7)
Verkauft
41
seiten
52
Hochgeladen auf
20-10-2018
geschrieben in
2018/2019

Samenvatting van de volgende artikelen: - Britton, B.K. & Gülgöz, S. (1991). Using Kintsch’s computational model to improve instructional text: Effects of repairing inference calls on recall and cognitive structures. Journal of Educational Psychology, 83(3), 329-345. 9 - Zwaan, R.A., Radvansky, G.A., Hilliard, A.E. & Curiel, J.M. (1998). Constructing multidimensional situation models during reading. Scientific Studies of Reading, 2(3), 199-220. - Zwaan, R.A. & Rapp, D.N. (2006). Discourse comprehension. In: M.J. Traxler & M.A. Gernsbacher (Eds.), Handbook of psycholinguistics (pp.725-764). San Diego, CA: Elsevier. - Duffy, T.M. & Kabance, P. (1982). Testing a readable writing approach to text revision. Journal of Educational Psychology, 74(5), 733–748. - Stahl, S.A. (2003). Vocabulary and readability: How knowing word meanings affects comprehension. Topics in Language Disorders, 23(3), 241-247. - Williams, R.S. & Morris, R.K. (2004). Eye movements, word familiarity, and vocabulary acquisition. European Journal of Cognitive Psychology, 16(1-2), 312-339. - Burgers, C., Beukeboom, C.J., Sparks, L. & Diepeveen, V. (2015). How (not) to inform patients about drug use: Use and effects of negations in Dutch patient information leaflets. Pharmacoepidemiology and Drug Safety, 24(2), 137-143. doi: 10.1002/pds.3679 - Kaup, B., Ludtke, J., & Zwaan, R.A. (2006). Processing negated sentences with contradictory predicates: Is a door that is not open mentally closed? Journal of Pragmatics, 38(7), 1033- 1050. - Lewis, R.L., Vasishth, S. & Dyke, J.A. van (2006). Computational principles of working memory in sentence comprehension. Trends in Cognitive Sciences, 10(10), 447-454. doi: 10.1016/j.tics.2006.08.007 - Bartell, A.L., Schultz, L.D., & Spyridakis, J.H. (2006). The effect of heading frequency on comprehension of print versus online information. Technical Communication, 53(4), 416-426. - Salmerón, L., Cañas, J.J., Kintsch, W., & Fajardo, I. (2005). Reading strategies and hypertext comprehension. Discourse Processes, 40, 171–191. - Ritchey, K., Schuster, J. & Allen, J. (2008). How the relationship between text and headings influences readers’ memory. Contemporary Educational Psychology, 33(4), 859-874. - Kamalski, J.M.H. (2007). Coherence marking, comprehension, and persuasion. On the processing and representation of discourse. Proefschrift Universiteit Utrecht. Hieruit pp.36-45 en 83-106. - Lentz, L.R. & Pander Maat, H. (2010). Een leesbare bijsluiter. Tijdschrift voor Taalbeheersing, 32(2), 128-151. - Pander Maat, H. & Ditewig, S. (2017). Hoe worden onderwijsteksten vereenvoudigd, en helpt dat? Tijdschrift voor Taalbeheersing, 39(2), 245-263. - Butters, R.R. (2004). How not to strike it rich: Semantics, pragmatics, and semiotics of a Massachusetts lottery game card. Applied Linguistics, 25(4), 466-490. doi: 10.1093/applin/25.4.466 - Hegarty, M. (2011). The cognitive science of visual-spatial displays: Implications for design. Topics in Cognitive Science, 3, 446-474. doi: 10.1111/j..2011.01150.x - Shah, P., Mayer, R.E. & Hegarty, M. (1999). Graphs as aids to knowledge construction: Signaling techniques for guiding the proc

Mehr anzeigen Weniger lesen
Hochschule
Kurs











Ups! Dein Dokument kann gerade nicht geladen werden. Versuch es erneut oder kontaktiere den Support.

Schule, Studium & Fach

Hochschule
Studium
Kurs

Dokument Information

Hochgeladen auf
20. oktober 2018
Datei zuletzt aktualisiert am
21. oktober 2018
Anzahl der Seiten
52
geschrieben in
2018/2019
Typ
Zusammenfassung

Themen

Inhaltsvorschau

Communicatie, cognitie en
begrijpelijkheid
Week 1
Using Kintsch’s computational model to improve
instructional text: Efects of repairing inference calls on
recall and cognitive structures
Het doel van deze studie was om een digitale methode te testen om instructeteksten te verbeteren.
Hierbij is deze methode gebaseerd op Kintsch’s theorie (constructeeintegrate model) over lezen.
Hierbij simuleert het programma hoe mensen tjdens het lezen een mentale representate v.d. tekst
construeren. In deze simulate ontstaat begrip in twee fasen: Allereerst worden alle mogelijke
betekenissen geactveerd, waarna wordt gekozen voor de beste opte o.b.v. context en voorkennis.
Er wordt dus gezocht naar coherente tussen zinnen. Op het moment dat er geen coherente tussen
zinnen is, moet de lezer een inferente maken. Als het een lezer lukt om een inferente te maken, dan
blijft er coherente. Lukt dit niet, dan is de mentale representate van een tekst v.d. lezer niet
coherent. De auteurs denken dat men meer leert van een tekst met veel coherente en daarom meer
leert van een tekst met weinig te maken inferentes.
Er is eerder onderzoek hierover uitgevoerd, echter was dit een correlateeonderzoek. Daarom is een
logische volgende stap om een experimenteel onderzoek uit te voeren. Andere onderzoeken die dit
deden hadden geen duidelijk proces waarmee ze teksten gingen verbeteren. In deze studie werden
de principes van Kintsch programma gebruikt. Hierbij is de verwachtng dat lezers van een op
principes gebaseerde tekst een meer coherente mentale representate kunnen maken dan lezers v.d.
originele tekst, omdat de op principes gebaseerde tekst meer coherent is door het invullen v.d.
missende inferentes. Daarnaast is er ook een heuristsche versie en een leesbaarheidsformuleversie
gemaakt.
De afankelijke variabelen in dit onderzoek zijn:
e Free recall (verwachtng dat lezers v.d. originele tekst hier slechter op scoren dan lezers v.d.
op principes gebaseerde tekst)
e Meerkeuzetoets (verwachtng dat er geen verschil is tussen lezers v.d. originele tekst en de
op principes gebaseerde tekst, omdat hierbij lezers alleen informate uit het geheugen
moeten terugvinden)
e Metng van leestjd (verwachtng dat lezen van tekst met veel inferentes meer tjd kost)
Experiment 1
Methode
Participanten: 170 universitaire studenten. Hierbij namen 80 deelnemers deel aan de freeerecall
condite en 90 deelnemers aan de multpleechoice condite.
Leesmaterialen:
e Originele versie
e Principe versie: gebaseerd op de volgende principes:
o Principe 1. Deel uit de vorige zin herhalen in de nieuwe zin. Daarnaast ook steeds
dezelfde termen voor concepten gebruiken.
o Principe 2. Principe 2 zorgt ervoor dat zinnen zo worden gevormd dat pas in de
tweede helft van een zin iets nieuws wordt verteld, ook wel het oudenieuw principe.

, o Principe 3. Concepten worden expliciet vermeldt, niet impliciet. In de tekst wordt als
voorbeeld gegeven dat er een keer ‘frustratee staat, maar er niet bij wordt genoemd
dat het gaat om gefrustreerde Amerikanen. Dit wordt namelijk impliciet gezegd in de
oorspronkelijke tekst en niet expliciet.
e Heuristsche versie: auteurs hebben alles aangepast wat ze dachten dat de tekst zou
verbeteren. Hierbij is bijgehouden wat er precies is verandert. Deze revisie werd gemaakt om
te zien welke proporte van maximale revisie werd bereikt door de principe versie. Hierbij
werd verwacht dat de heuristsche versie superieur zou zijn aan zowel de originele als de
versie gebaseerd op de drie principes.
e Readability versie: Deze leesbaarheidsformuleerevisie is gemaakt omdat de heuristsche
versie lager scoorde op leesbaarheid dan de originele en de op de drie principes gebaseerde
versie. Deze revisie is geschreven door lange woorden en zinnen in te korten tot de scores
gelijk waren aan de heuristsche versie.
Toetsen:
e Freeerecall toetsen: hierbij moesten partcipanten alles opschrijven wat ze zich herinnerden.
e Factual verbatm multpleechoice toets: er werden 10 vragen gesteld.
e Inference test: er werden 32 vragen gesteld waarvoor mensen inferentes hadden moeten
maken om ze te kunnen beantwoorden.
e Prior knowledge and Scholastc Apttude TesteVerbal: eerst werden er 16 vragen over
voorkennis gevraagd, daarnaast werden de SATeV scores van studenten opgevraagd.
Proicedure: Lezers mochten in hun eigen tempo de tekst lezen, waarbij ze daarna of de freeerecall test
moesten maken of de meerkeuzetoets. Hierbij waren er groepen die de toets meteen moesten
maken en groepen die de toets 24 uur later gingen maken.
Instruictes: Partcipanten kregen te horen wat voor toets ze moesten maken en wanneer ze deze
toets moesten maken.
Voorspellingen:
e Verwachtng dat de lezers v.d. op principes gebaseerde versie beter scoren op de free recall
test dan lezers v.d. originele versie. Dit komt omdat de verschillende gedeeltes bij de op
principes gebaseerde versie beter aan elkaar zijn gelinkt, waardoor ze een betere ‘retrieval
routee hebben; ze hebben inferentes gemaakt.
e Lezers zullen sneller lezen bij de ‘principlede versie dan bij de originele versie, omdat ze
minder inferentes zelf moeten maken.
e Op de inferentetoets zullen lezers v.d. op principes gebaseerde versie beter scoren dan
lezers v.d. originele tekst, omdat ze beter de toegevoegde informate zullen onthouden die
expliciet wordt vermeldt in de tekst.
e Bij de meerkeuzetoets wordt geen verschil verwacht tussen de versies. Het juiste antwoord
staat namelijk altjd tussen de mogelijke antwoorden, waardoor je niet informate hoeft
terug te halen via links.
e Verwacht werd dat de heuristsche versie superieur was aan de ander versies. Hierbij is er
geen verwachtng voor de leestjden of voor de meerkeuze inferentetoets.
e Geen verwachtngen voor de leesbaarheidsformule versie.
Analyses: De data werd geanalyseerd met 4 (tekstversies) x 2 (delays) analyses van covariante
waarbij voorkennis en SATeV scores covariaten zijn.
Resultaten
Free Reicall icondite

, e Leestjd: Proefpersonen deden langer over het lezen v.d. tekst als ze wisten dat ze pas na 24
uur getest zouden worden. Geen efect van versies of interacteeefect.
e Leessnelheid: Voorkennis was een signifcante covariaat. Lezers gingen op een minder snel
tempo lezen als ze wisten dat ze pas over 24 uur getest werden. Geen efect van versies of
interacteeefect.
e Free recall: SATeV score was een signifcante covariaat. Dunnetes test liet zien dat lezers v.d.
op principes gebaseerde versie of de heuristsche versie signifcant meer onthielden dan
lezers v.d. originele versie. Er was geen delay of interacteeefect.
e Efectviteit van leren: towel SATeV als voorkennis waren signifcante covariaten. Hierbij was
er geen interacteeefect.
Multple-Choiice icondite
e Leestjd: Geen enkele covariaat was signifcant. Het efect van vertraging was signifcant
(langer lezen bij 24 uur), versies en interacteeefect niet.
e Leessnelheid: Geen enkele covariaat was signifcant. Het efect van vertraging was signifcant
(langzamer lezen bij 24 uur), versies en interacteeefect niet.
e Inferentetest: Beide covariaten waren signifcant, waarbij er ook een signifcant efect was
voor vertraging en versie (geen interacteeefect). Dunnetes test liet zien dat proefpersonen
bij de op principes gebaseerde tekst beter presteerden dan degene die de originele versie
lazen. Verder hadden mensen in de directe condite meer goed dan in de 24euur condite.
e Factual test: Beide covariaten waren signifcant. Vertraging, versie en interacte niet.
e Efectviteit van leren: Beide covariaten waren signifcant. Vertraging en versie ook. Er was
een verschil tussen de heuristsche versie en de originele versie, en men die meteen werd
getest was meer efcicnt dan men die later werd getest (24 uur).
Samenvatng
Een verschil met verwachtng: Free recall bij de heuristsche versie was niet hoger dan bij de op
principes gebaseerde versie.
Experiment 2
Het doel bij dit experiment was om te zoeken naar verbeteringen in de structuur v.d. mentale
representates v.d. lezers als gevolg v.d. herzieningen. In het bijzonder wilden ze de vorm v.d.
mentale representates v.d. lezers vergelijken met de vorm v.d. bedoelde mentale representate (wat
de schrijver bedoelde).
Methode
Proefpersonen:
e 125 mensen in het leger
e De auteur heeft alleen de originele versie gelezen
e Er waren 7 experts die meededen
Materialen:
e Dezelfde teksten als in experiment 1 werden gebruikt, behalve de
leesbaarheidsformuletekst.
e Proefpersonen (en ook de auteur en experts) moesten van 66 paar woorden (gemaakt van 12
belangrijke termen in de tekst) kiezen hoe gerelateerd ze aan elkaar zijn.
Procedure: Ieder person las eerst de tekst en vulde daarna de toets in.
Resultaten
e Correlates tussen auteur en experts: Resultaten laten zien dat de auteurs en experts het met
elkaar eens waren over de bedoelde structuur.

, e Correlates tussen proefpersonen met de auteur en experts: Lezers v.d. originele versie
correleren weinig met de auteurs en experts. Lezers v.d. op principes gebaseerde versie en
de heuristsche versies correleren wel signifcant. Dus: beide versies laten beter de auteurs
intentes zien dat de auteur heeft gedaan in de originele tekst.
e Reading rate: Geen signifcant verschil tussen teksten.
Algehele discussie
De resultaten lieten zien dat de door principes verbeterde tekst zorgde voor meer ‘free recalle, voor
efcicnter leren en voor een betere mentale representate (zoals bedoeld door de schrijver). De
resultaten ondersteunen het model van Kintsch en laten zien dat het gebruikt kan worden om
teksten te beheersen, om leren te voorspellen en om te begrijpen hoe lezers teksten verwerken.
Echter zal men er in de praktjk weinig gebruik van maken, omdat het niet netjes staat om veel te
herhalen in teksten en omdat schrijvers vaak experts zijn over een onderwerp en daarom grote
mentale structuren hebben over dit onderwerp. Teksten zullen dus waarschijnlijk op de
oorspronkelijke manier worden blijven geschreven. Hierbij slaan ze eigenlijk ‘stappene over.
Constructing multidimensional situation models during
reading
Introducte
Tekstbegrip is het construeren van een situatemodel v.d. gebeurtenissen beschreven in een tekst.
Verschillende theoretsche en empirische onderzoeken wijzen erop dat situatemodellen
multdimensionaal zijn, waarbij ze in ieder geval de volgende vijf dimensies bevaten: tjd, ruimte,
causaliteit, motvate en hoofdpersoon. Volgens het eventeindexing model, indexeren lezers elke
gebeurtenis die wordt aangeduid in een verhaal, meestal door een werkwoord, op elk v.d. vijf
dimensies en verbinden gebeurtenissen in een geheugenrepresentate op basis van hun
verwantschap op elk v.d. dimensies. Het eventeindexing model maakt twee globale voorspellingen
over het begripsproces:
e De ‘memoryeorganizaton hypothesis’: Hoe meer indexen twee gebeurtenissen delen, hoe
sterker ze in het langetermijngeheugen verbonden zullen zijn.
e De ‘processingeload hypothesis’: hoe minder indexen worden gedeeld tussen de huidige
gebeurtenis die wordt verwerkt en andere gebeurtenissen in het situatemodel, hoe
moeilijker het zou moeten zijn om die gebeurtenis op te nemen in het situatemodel. Dit zal
dan zorgen voor meer ‘processing loade, omdat de lezer meerdere indexes moet updaten.

Deze eerste hypothese is bewezen, de tweede hypothese is gedeeltelijk bewezen. to is namelijk
gevonden door twaan, Magliano, et al. (1995) dat pauzes in tjdelijke en causale contnuuteit, maar
geen pauzes in de ruimtelijke contnuuteit, leiden tot signifcante verhogingen v.d. leestjden voor
korte verhalen. Het doel van dit onderzoek is om de bevindingen uit te breiden naar alle vijf
dimensies v.h. situatemodel, waarbij met name aandacht is voor de ruimtelijke dimensie. Op deze
manier wordt de ‘processingeload hypothesise getest.

Experiment 1
Het onderzoek van twaan, Magliano, et al. (1995) wordt dus uitgebreid naar alle vijf de dimensies in
experiment 1. Hierbij zijn ook dezelfde analyses gebruikt.

Methode
Participanten: 27 universitaire studenten
4,99 €
Vollständigen Zugriff auf das Dokument erhalten:
Von 41 Studierenden gekauft

100% Zufriedenheitsgarantie
Sofort verfügbar nach Zahlung
Sowohl online als auch als PDF
Du bist an nichts gebunden


Ebenfalls erhältlich im paket-deal

Bewertungen von verifizierten Käufern

Alle 7 Bewertungen werden angezeigt
4 Jahr vor

5 Jahr vor

4 Jahr vor

6 Jahr vor

6 Jahr vor

6 Jahr vor

7 Jahr vor

3,6

7 rezensionen

5
1
4
4
3
1
2
0
1
1
Zuverlässige Bewertungen auf Stuvia

Alle Bewertungen werden von echten Stuvia-Benutzern nach verifizierten Käufen abgegeben.

Lerne den Verkäufer kennen

Seller avatar
Bewertungen des Ansehens basieren auf der Anzahl der Dokumente, die ein Verkäufer gegen eine Gebühr verkauft hat, und den Bewertungen, die er für diese Dokumente erhalten hat. Es gibt drei Stufen: Bronze, Silber und Gold. Je besser das Ansehen eines Verkäufers ist, desto mehr kannst du dich auf die Qualität der Arbeiten verlassen.
ellemijn_ciw_asw Wageningen University
Folgen Sie müssen sich einloggen, um Studenten oder Kursen zu folgen.
Verkauft
1978
Mitglied seit
9 Jahren
Anzahl der Follower
892
Dokumente
72
Zuletzt verkauft
3 Jahren vor
Samenvattingen van vier verschillende studies

Hallo! - Van 2016 tot 2019 heb ik Algemene Sociale Wetenschappen gestudeerd aan de Universiteit Utrecht. - Van 2017 tot 2020 heb ik Communicatie- en Informatiewetenschappen gevolgd aan dezelfde universiteit. - Van 2020 tot 2022 heb ik de master Communication, Health & Society afgerond aan Wageningen Universiteit. - Sinds 2024 volg ik de algemene premaster aan de Theologische Universiteit Utrecht. Ik schrijf samenvattingen van de meeste vakken die ik volg, die ik vaak op Stuvia plaats. Heb je vragen over de samenvattingen, laat het me weten!

Mehr lesen Weniger lesen
4,0

490 rezensionen

5
118
4
254
3
103
2
10
1
5

Kürzlich von dir angesehen.

Warum sich Studierende für Stuvia entscheiden

on Mitstudent*innen erstellt, durch Bewertungen verifiziert

Geschrieben von Student*innen, die bestanden haben und bewertet von anderen, die diese Studiendokumente verwendet haben.

Nicht zufrieden? Wähle ein anderes Dokument

Kein Problem! Du kannst direkt ein anderes Dokument wählen, das besser zu dem passt, was du suchst.

Bezahle wie du möchtest, fange sofort an zu lernen

Kein Abonnement, keine Verpflichtungen. Bezahle wie gewohnt per Kreditkarte oder Sofort und lade dein PDF-Dokument sofort herunter.

Student with book image

“Gekauft, heruntergeladen und bestanden. So einfach kann es sein.”

Alisha Student

Häufig gestellte Fragen