MARC VEENSTRA
De anatomie van de lens kunnen omschrijven
De lens heeft een biconvexe vorm, waarbij anterior iets platter is dan posterior.
De lens heeft een hoogte van 9mm en een dikte van 4 mm.
De lens bestaat uit:
Epitheelcellen > zitten alleen aan de voorkant
Lensvezels
Nucleus
Is omgeven door de lenskapsel.
De lens absorbeert licht met een golflengte van 30o tot 400 nm
Het lenskapsel kunnen omschrijven
Het lenskapsel kun je omschrijven als een doorzichtig zakje. Het is een elastisch basaalmembraan
dat de hele lens omsluit. Aan de voorkant en rond de equator (20 um) en bevat ongeveer 40
laagjes met reticuline vezels. Het is het dikste membraan van het menselijk lichaam.
Via het lenskapsel wordt de lens plat getrokken doormiddel van zonula-vezels.
Ook vormt het kapsel een barrière tussen cellen van het immuunsysteem.
De lens staat immunologisch los van de rest van het lichaam.
De lensvezels kunnen omschrijven
Lensvezels zijn gedifferentieerde epitheelcellen. In deze cellen worden crystalline aangemaakt.
Door deling zullen de lensvezels dichter bij de kern van de lens veel meer crystalline bevatten dan
de cellen die net tot lensvezels zijn gedifferentieerd. De lensvezels zijn stevig met elkaar door
middel van zwaluwstaartverbindingen.
Hoe dichter de lensvezels bij de kern zijn, hoe minder organellen ze zullen bevatten.
Aangezien de lensvezels vanaf beide kanten aangemaakt worden zullen ze in het midden van de
lens vastgehecht worden aan een y vormig aanhechtingspunt.
Anterior > y vormig
Posterior > lambda vormig (omgekeerde y)