Samenvatting
Rechtspsychologie
2025-2026
,Inhoudstafel
Deel 1: Een korte inleiding in de rechtspsychologie.....................................9
1. Een schets van de (rechts)psychologie...............................................10
1.1 De oorsprong en geschiedenis van voor het recht relevantie
psychologie..........................................................................................10
1.2 Verschillende voor het recht relevante psychologische disciplines
.............................................................................................................13
1.3 De doelstellingen en reikwijdte van de rechtspsychologie............14
1.4 De context en doorwerking van het rechtspsychologisch onderzoek
.............................................................................................................15
2. De binnen de (rechts)psychologie gehanteerde methoden en
technieken van onderzoek......................................................................18
2.1 De rechtspsychologie als empirische wetenschap.........................18
2.2 De rechtspsychologie: een overwegend kwantitatief experimentele
traditie.................................................................................................19
2.3 Beperkingen van bestaand rechtspsychologisch onderzoek.........22
2.3.1 De ecologische validiteit van het academisch
rechtspsychologisch onderzoek........................................................24
2.3.2 De beperkte scope en toepassing van de rechtspsychologie. .24
Deel 2: The bigger picture: het belang van het vinden en toepassen van
best practices.............................................................................................25
3. De waarheidsvinding en procedurele rechtvaardigheid......................25
4. Het waarborgen van de procedurele rechten van betrokkenen..........25
4.1 Waarborging van procedurele rechten...........................................25
4.2 In het bijzonder aan de orde in strafrechtelijke context................26
5. Gerechtelijke dwalingen......................................................................26
5.1 Concept.........................................................................................27
5.1.1 Onterechte veroordeling..........................................................28
5.2 Prevalentie wereldwijd...................................................................28
5.3 De afwezigheid van erkende onterechte veroordelingen in België 31
5.4 De oorzaken van gerechtelijke dwalingen.....................................31
5.4.1 Foutieve ooggetuigenherkenning............................................33
5.4.2 Foutieve toepassing van forensische wetenschap...................33
5.4.3 Wangedrag door overheidsactoren..........................................33
, 5.4.4 Oneerlijke informanten............................................................34
5.4.5 Slechte juridische bijstand.......................................................35
5.4.6 Valse bekentenissen................................................................35
5.4.6.1 Type 1: vrijwillige valse bekentenissen..............................35
5.4.6.2 Type 2: afgedwongen valse bekentenissen (meest
voorkomende)...............................................................................36
5.4.6.3 Type 3: afgedwongen ingebeelde valse bekentenissen
(zelden in de praktijk)....................................................................36
5.5 Het voorkomen en herstellen van gerechtelijke dwalingen...........39
6. Enkele basisprincipes met betrekking tot waarneming en geheugen.40
6.1 Perceptie en aandacht...................................................................40
6.2 De werking van het geheugen.......................................................42
6.3 Invloeden op het geheugen...........................................................45
6.3.1 Vergeten..................................................................................45
6.3.2 Suggestie.................................................................................48
6.3.3 Schema’s.................................................................................49
6.3.4 Sociale beïnvloeding................................................................50
6.4 Pseudoherinneringen.....................................................................51
6.5 Verdringing en hervonden herinneringen......................................52
6.6 Geheugenverlies voor een delict?.................................................58
6.6.1 Organische amnesie................................................................58
6.6.2 Dissociatieve amnesie.............................................................58
6.6.3 Gesimuleerde amnesie............................................................58
7. Het onderzoeken en wegen van scenario’s en het belang van alibi’s.59
7.3.1 De reconstructiefase – generatie.............................................61
7.3.2 De validatiefase.......................................................................61
7.3.3 De beoordelingsfase................................................................61
7.4 Enkele kanttekeningen bij de beoordeling van de
geloofwaardigheid van alibi’s..............................................................65
7.4.1 De beoordeling van alibi’s in het licht van verschillende
rechtssystemen................................................................................65
7.4.2 De beoordeling van alibi’s door doelgroepen..........................66
8. Het (ver)horen van betrokkenen.........................................................66
8.1 De centrale rol van verklaringen in procedures.............................67
, 8.2 Verschillende verhoorstijlen en hun impact...................................67
8.2.1 Verschillende soorten vragen en basiscommunicatie..............67
8.2.2 De beschuldigende & informatieverzamelende verhoorstijl....69
8.2.3 De Méndez Principles: oorsprong, uitgangspunten en principes
.........................................................................................................70
8.2.4 Specifieke verhoorprotocollen.................................................72
8.3 De noodzaak van toegenomen op best practives gebaseerde
training en opleiding............................................................................76
8.3.1 Het belang van investigative interviewing in het licht van de
bescherming van fundamentele rechten..........................................76
8.3.2 Hindernissen bij de adequate implementatie van procedurele
waarborgen in het kader van het verhoor: drie toepassingen..........76
8.3.2.1 De complexiteit van het begrijpen van juridische begrippen
en informatie.................................................................................76
8.3.2.2 Het optreden van de raadsman: van een passieve naar
actieve en gepaste rol...................................................................77
8.3.2.3 De inschatting van geïnformeerde en weloverwogen
afstand..........................................................................................77
8.3.3 Evidence based opleidingen in België: twee illustraties..........78
8.3.3.1 Illustratie: bijkomende opleiding voor strafrechtsadvocaten
......................................................................................................78
8.3.3.2 Illustratie: investigative interviewing voor reguliere
politiediensten en bijzondere inspectiediensten...........................78
9. Kwetsbare personen...........................................................................79
9.1 Kwetsbaarheid en kwetsbare personen: what’s in a name?..........79
9.1.1 Kwetsbaarheid in de rechtspraak van het EHRM.....................80
9.1.2 Kwetsbaarheid in EU-instrumenten.........................................81
9.1.3 Kwetsbaarheid in academisch onderzoek................................82
9.1.4. Enkele reflecties met betrekking tot de juridische en
academische aandacht voor kwetsbaarheid.....................................84
9.2 De kwetsbaarheid van verdachten................................................84
9.2.1 De uitoefening van de procedurele rechten als centrale
problematiek....................................................................................84
9.2.2 Het interactieve en dynamische karakter van kwetsbaarheid.84
9.2.3 Situationele risicofactoren.......................................................85
9.2.4 Individuele risicofactoren.........................................................85
Rechtspsychologie
2025-2026
,Inhoudstafel
Deel 1: Een korte inleiding in de rechtspsychologie.....................................9
1. Een schets van de (rechts)psychologie...............................................10
1.1 De oorsprong en geschiedenis van voor het recht relevantie
psychologie..........................................................................................10
1.2 Verschillende voor het recht relevante psychologische disciplines
.............................................................................................................13
1.3 De doelstellingen en reikwijdte van de rechtspsychologie............14
1.4 De context en doorwerking van het rechtspsychologisch onderzoek
.............................................................................................................15
2. De binnen de (rechts)psychologie gehanteerde methoden en
technieken van onderzoek......................................................................18
2.1 De rechtspsychologie als empirische wetenschap.........................18
2.2 De rechtspsychologie: een overwegend kwantitatief experimentele
traditie.................................................................................................19
2.3 Beperkingen van bestaand rechtspsychologisch onderzoek.........22
2.3.1 De ecologische validiteit van het academisch
rechtspsychologisch onderzoek........................................................24
2.3.2 De beperkte scope en toepassing van de rechtspsychologie. .24
Deel 2: The bigger picture: het belang van het vinden en toepassen van
best practices.............................................................................................25
3. De waarheidsvinding en procedurele rechtvaardigheid......................25
4. Het waarborgen van de procedurele rechten van betrokkenen..........25
4.1 Waarborging van procedurele rechten...........................................25
4.2 In het bijzonder aan de orde in strafrechtelijke context................26
5. Gerechtelijke dwalingen......................................................................26
5.1 Concept.........................................................................................27
5.1.1 Onterechte veroordeling..........................................................28
5.2 Prevalentie wereldwijd...................................................................28
5.3 De afwezigheid van erkende onterechte veroordelingen in België 31
5.4 De oorzaken van gerechtelijke dwalingen.....................................31
5.4.1 Foutieve ooggetuigenherkenning............................................33
5.4.2 Foutieve toepassing van forensische wetenschap...................33
5.4.3 Wangedrag door overheidsactoren..........................................33
, 5.4.4 Oneerlijke informanten............................................................34
5.4.5 Slechte juridische bijstand.......................................................35
5.4.6 Valse bekentenissen................................................................35
5.4.6.1 Type 1: vrijwillige valse bekentenissen..............................35
5.4.6.2 Type 2: afgedwongen valse bekentenissen (meest
voorkomende)...............................................................................36
5.4.6.3 Type 3: afgedwongen ingebeelde valse bekentenissen
(zelden in de praktijk)....................................................................36
5.5 Het voorkomen en herstellen van gerechtelijke dwalingen...........39
6. Enkele basisprincipes met betrekking tot waarneming en geheugen.40
6.1 Perceptie en aandacht...................................................................40
6.2 De werking van het geheugen.......................................................42
6.3 Invloeden op het geheugen...........................................................45
6.3.1 Vergeten..................................................................................45
6.3.2 Suggestie.................................................................................48
6.3.3 Schema’s.................................................................................49
6.3.4 Sociale beïnvloeding................................................................50
6.4 Pseudoherinneringen.....................................................................51
6.5 Verdringing en hervonden herinneringen......................................52
6.6 Geheugenverlies voor een delict?.................................................58
6.6.1 Organische amnesie................................................................58
6.6.2 Dissociatieve amnesie.............................................................58
6.6.3 Gesimuleerde amnesie............................................................58
7. Het onderzoeken en wegen van scenario’s en het belang van alibi’s.59
7.3.1 De reconstructiefase – generatie.............................................61
7.3.2 De validatiefase.......................................................................61
7.3.3 De beoordelingsfase................................................................61
7.4 Enkele kanttekeningen bij de beoordeling van de
geloofwaardigheid van alibi’s..............................................................65
7.4.1 De beoordeling van alibi’s in het licht van verschillende
rechtssystemen................................................................................65
7.4.2 De beoordeling van alibi’s door doelgroepen..........................66
8. Het (ver)horen van betrokkenen.........................................................66
8.1 De centrale rol van verklaringen in procedures.............................67
, 8.2 Verschillende verhoorstijlen en hun impact...................................67
8.2.1 Verschillende soorten vragen en basiscommunicatie..............67
8.2.2 De beschuldigende & informatieverzamelende verhoorstijl....69
8.2.3 De Méndez Principles: oorsprong, uitgangspunten en principes
.........................................................................................................70
8.2.4 Specifieke verhoorprotocollen.................................................72
8.3 De noodzaak van toegenomen op best practives gebaseerde
training en opleiding............................................................................76
8.3.1 Het belang van investigative interviewing in het licht van de
bescherming van fundamentele rechten..........................................76
8.3.2 Hindernissen bij de adequate implementatie van procedurele
waarborgen in het kader van het verhoor: drie toepassingen..........76
8.3.2.1 De complexiteit van het begrijpen van juridische begrippen
en informatie.................................................................................76
8.3.2.2 Het optreden van de raadsman: van een passieve naar
actieve en gepaste rol...................................................................77
8.3.2.3 De inschatting van geïnformeerde en weloverwogen
afstand..........................................................................................77
8.3.3 Evidence based opleidingen in België: twee illustraties..........78
8.3.3.1 Illustratie: bijkomende opleiding voor strafrechtsadvocaten
......................................................................................................78
8.3.3.2 Illustratie: investigative interviewing voor reguliere
politiediensten en bijzondere inspectiediensten...........................78
9. Kwetsbare personen...........................................................................79
9.1 Kwetsbaarheid en kwetsbare personen: what’s in a name?..........79
9.1.1 Kwetsbaarheid in de rechtspraak van het EHRM.....................80
9.1.2 Kwetsbaarheid in EU-instrumenten.........................................81
9.1.3 Kwetsbaarheid in academisch onderzoek................................82
9.1.4. Enkele reflecties met betrekking tot de juridische en
academische aandacht voor kwetsbaarheid.....................................84
9.2 De kwetsbaarheid van verdachten................................................84
9.2.1 De uitoefening van de procedurele rechten als centrale
problematiek....................................................................................84
9.2.2 Het interactieve en dynamische karakter van kwetsbaarheid.84
9.2.3 Situationele risicofactoren.......................................................85
9.2.4 Individuele risicofactoren.........................................................85