100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

HBO Samenvatting jaar 1, periode 3 gedragswetenschappen sociologie H1 en H2

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
6
Geüpload op
12-02-2021
Geschreven in
2020/2021

Samenvatting gedragswetenschappen sociologie H1 en H2 Boek: Sociologie voor gezondheidszorg en verpleegkunde










Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Hoofdstuk 1 en 2
Geüpload op
12 februari 2021
Aantal pagina's
6
Geschreven in
2020/2021
Type
Samenvatting

Onderwerpen

Voorbeeld van de inhoud

2.1 Gedragswetenschappen week 1 samenvatting sociologie H1 en H2
- Sociologie, een eerste omschrijving
Psychologen verklaren gedrag vanuit de persoon zelf: aanleg, persoonlijkheid, karakter. Een psycholoog houdt zich bezig met
vragen als:
- Wat is de invloed van motivatie op ons gedrag?
- Hoe komt het dat mensen dingen kunnen leren?
- Hoe werkt onze waarneming?
- Wat maakt iemand stressbestendig?
- Waarom is iemand bang voor de tandarts of bang om te vliegen?
- Wat is de relatie tussen agressie en persoonlijkheidsstructuur?
- Waarom krijgt van twee mensen in een vergelijkbare situatie de een wel psychische problemen en de ander niet?
Vanuit inzicht in deze zaken kan een psycholoog werken aan gedragsverandering. Als je weet waarom iemand bang is voor de
tandarts, kun je nagaan hoe die angst kan worden weggenomen of verminderd.

Sociologen verklaren gedrag vanuit de samenlevingsverbanden die mensen met elkaar vormen. Bij allerlei vormen van gedrag
kijkt een socioloog naar de groepen waarvan de betrokkene deel uitmaakt, de structuur van die groepen en hun waarden en
normen.
Een socioloog houdt zich bezig met vragen als:
- Hoe komt het dat de levensverwachting in lagere sociale klassen veel lager is dan in hogere sociale klassen?
- Waarom komen stemmingsstoornissen vaker voor bij vrouwen dan bij mannen?
- Waarom gaan er veel meer jongeren uit hogere sociale klassen naar de universiteit dan jongeren uit lagere sociale
klassen?
- Waarom komen er op jonge leeftijd al veel meer jongens dan meisjes bij de Spoedeisende Hulp terecht?

Sociaal betekent hier, alles wat met het samenleven van mensen te maken heeft.
Sociologen houden zich bezig met alle aspecten en terreinen van menselijk samenleven:
liefde, vriendschap, ruzie, oorlog, economie, sport, kunst enzovoort.

De sociologie probeert antwoord te geven op twee samenhangende vragen:
1. Hoe worden mensen in hun gedrag beïnvloed door het feit dat zij deel uitmaken van allerlei samenlevingsverbanden
oftewel groeperingen? Die groeperingen kunnen variëren van het gezin tot de samenleving als geheel. Een gangbare
indeling is de volgende:
Microniveau. Hier gaat het om kleine samenlevingsverbanden waarvan mensen deel uitmaken, oftewel de directe sociale
omgeving van een individu. Te denken valt aan het gezin, een vriendengroep of een team van collega’s.
Mesoniveau. Hier betreft het grotere organisatorische verbanden waarvan mensen deel uitmaken, oftewel de wijdere sociale
omgeving: een school, kerkgenootschap, wijk.
Macroniveau. Dit heeft betrekking op de maatschappij als geheel.

Mensen worden in hun doen en laten beïnvloed door het feit dat zij deel uitmaken van grotere sociale eenheden.
Bij veel dingen die wij doen en keuzes die wij maken, zijn er ook invloeden vanuit de omgeving aanwijsbaar.
Als mensen in zo’n geval alleen naar de rol van het individu kijken, spreken we van psychologiseren.
individualisering: de neiging om sociale of maatschappelijke problemen te herleiden tot individuele problemen of
afwijkingen.
Volgens Nijhof kan individualisering leiden tot uitstoting: de banden tussen individu en groep worden verbroken. Degene die
zijn werk niet aankan, wordt ontslagen of wordt (gedeeltelijk) arbeidsongeschikt.

Mensen hebben vaak de neiging om iemand niet te zien als individu maar als groepslid. Als een vrouw een verkeersfout
maakt, is de smalende reactie van mannen nogal eens: ‘Tja, wat wil je, een vrouw achter het stuur.’ De chauffeuse wordt niet
gezien als individu, maar als lid van een categorie. Dit kan leiden tot onterechte generalisaties.

, 2. Hoe zit de samenleving in elkaar? Hoe zitten onderdelen van de maatschappij, zoals de gezondheidszorg, in elkaar?
Bij het beantwoorden van deze vraag komen subvragen aan de orde, zoals: Hoe zijn de machtsverhoudingen? Welke
waarden en normen worden belangrijk gevonden?

Het functioneren en in elkaar zitten van een maatschappij is niet alleen te verklaren vanuit het gedrag van een iemand.
Mensen zijn met elkaar verbonden en beïnvloeden elkaar, maar de sociale werkelijkheid die zij met elkaar vormen, heeft
niemand ontworpen.
(Denk bijvoorbeeld aan het functioneren van mantelzorg. Dat mantelzorg nu moeizamer functioneert dan vroeger, is niet iets
wat mensen bewust gewild hebben, maar het is wel het resultaat van allerlei sociale processen. Het heeft te maken met de
wijze waarop onze samenleving zich heeft ontwikkeld.)

Sociologen proberen inzicht te krijgen in deze sociale processen door allerlei verschijnselen met elkaar in verband te brengen.
De handelingen van individuen worden niet volledig bepaald door ‘de maatschappij’, maar de maatschappij bestaat volledig
uit een optelsom van de handelingen van individuen. Er is sprake van een wisselwerking.
De Franse socioloog Pierre Bourdieu zegt bijvoorbeeld, dat individuen gedurende hun leven functioneren binnen de sociale
ruimte (samenleving) op een aantal verschillende velden: politiek, cultuur, economie, wetenschap enzovoort.
Op elk van die velden is sprake van een machtsstrijd om de schaarse middelen die beschikbaar zijn.
Ieder mens beweegt zich op zijn eigen manier op de verschillende velden.
Bourdieu gebruikt hiervoor het begrip habitus: de duurzame en stabiele schema’s van waarneming en waardering die het
alledaagse handelen sturen. De schema’s zijn ontwikkeld tijdens confrontatie met de wereld om hem heen. Omdat de habitus
binnen een bepaalde sociale omgeving wordt gevormd, zullen individuen die in sociale achtergrond overeenkomen een
vergelijkbare habitus ontwikkelen.

De habitus is dus zowel een objectief maatschappelijk gegeven als een individuele geneigdheid en capaciteit.
Deze habitus bepaalt hoe een individu naar de toekomst kijkt en welke mogelijkheden hij of zij voor zichzelf ziet.
De een zegt: ‘als je voor een dubbeltje geboren wordt, word je nooit een kwartje’.
De ander ziet overal kansen en mogelijkheden voor zichzelf.

Niet iedere habitus garandeert hetzelfde maatschappelijke succes.
Mensen die zich al lang in een veld bevinden, bijvoorbeeld sinds hun geboorte, hebben zo een voorsprong op nieuwkomers,
omdat de habitus bij hen volledig geïnternaliseerd is.
De habitus is dus door het samenspel van individuen gevormd en neemt vervolgens structurele (min of meer vaste) vormen
aan en beïnvloedt het handelen.

- Sociologie als wetenschap
Sociologie is een empirische wetenschap, dat wil zeggen een wetenschap waarbij kennis voortkomt uit een systematische
waarneming van feiten. De sociologie probeert objectief vast te stellen hoe de maatschappelijke werkelijkheid in elkaar zit.
Dat gebeurt door het doen van onderzoek. Op die manier kunnen allerlei gegevens worden verzameld, zoals:
- Welke verkeersdeelnemers veroorzaken de meeste ongelukken? Het antwoord op deze vraag geeft inzicht in de
objectieve werkelijkheid.
- Welke opvattingen hebben mensen hierover, met andere woorden: welke verkeersdeelnemers, denken de
ondervraagden, veroorzaken de meeste verkeersongelukken? Het antwoord op deze vraag geeft inzicht in hoe mensen
de werkelijkheid beleven.

Sociologen zijn dus zowel geïnteresseerd in de objectieve werkelijkheid als in de vraag hoe mensen de werkelijkheid subjectief
beleven.
Onderzoek doen is heel belangrijk, omdat het uiteindelijk om feiten gaat. Beleidsmakers op allerlei terreinen hebben die
feiten nodig om verantwoorde beslissingen te kunnen nemen. Dat geldt ook voor de gezondheidszorg. Ook daar worden
jaarlijks allerlei gegevens verzameld:
- Hoeveel mensen worden er jaarlijks doorverwezen voor een hartoperatie?
- Uit welke sociale klassen en leeftijdscategorieën komen die mensen?
- Hoeveel mensen krijgen de diagnose schizofrenie?
- Hoeveel mannelijke verpleegkundigen zijn er?
- Hoeveel verpleegkundigen stappen er elk jaar uit het vak?

Vanuit deze gegevens gaan sociologen zoeken naar verklaringen. Waarom krijgen in de ene sociale klasse meer mensen een
hartinfarct dan in de andere?

Dat zal niet leiden tot de formulering van wetmatigheden met betrekking tot menselijk gedrag. Wel kunnen regelmatigheden,
waarschijnlijkheden en patronen in kaart worden gebracht: als a gebeurt, is de kans zo en zo groot dat b gebeurt.
€3,99
Krijg toegang tot het volledige document:

100% tevredenheidsgarantie
Direct beschikbaar na je betaling
Lees online óf als PDF
Geen vaste maandelijkse kosten

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
loïsvandenbosch
3,0
(1)

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
loïsvandenbosch Hogeschool Windesheim
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
1
Lid sinds
4 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
11
Laatst verkocht
1 jaar geleden

3,0

1 beoordelingen

5
0
4
0
3
1
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen