Uitwerking Theorieën Project 2 - 4 (Alfabetische volgorde)
Acculturation (Project 3) = Vier verschillende acculturatie profielen (Berry): Integratie, Assimilatie,
Separatie en Marginalisatie verschil in ‘sense of belonging’
Acting white (Project 4) = fenomeen in VS dat Afro-Amerikanen zich cultureel en psychologisch
afzetten van hun eigen cultuur en zich best doen op school om goed te presteren
Acute protective reactions (Project 3) = acute psychologische responsen waarmee mensen zichzelf
proberen te beschermen ten opzichte van de bedreiging
Allport’s conditions (Project 3) = om contact tussen groepen tot betere relaties te vormen is het
nodig dat bepaalde condities worden behaald: adequate mogelijkheid, gelijke status posities,
coöperatieve situatie en ondersteund door instituties en autoriteiten intergroup contact
Autonomous motivation (Project 2) = Bestaat uit ‘intrinsieke motivatie’ (activiteit doen uit zichzelf
door genot of interesse en samengaat met leren) of ‘geïdentificeerde motivatie’/’well-internalized
extrinsic motivation’ (niet iets spontaan doen, maar studenten ervaren wel vrijheid tijdens het
studeren, studenten zien een persoonlijk verband met leren).
Cognitive imbalance (Project 3) = onbalans tussen concept over een vaardigheid en een bepaald
stereotype, onbalans verhoogt door identificatie met een groep wat kan verschillen tussen
individuen en kan getriggerd worden in een specifieke situatie (bijv. ‘ik ben een vrouw’, ‘wiskunde is
belangrijk voor me’, ‘vrouwen worden beschouwd als slecht in wiskunde’ dus onbalans tussen
zelfconcept, hun groep, en domein van vaardigheid)
Complex Instruction (Project 4) = een coöperatieve leeraanpak, met als doel om interactie tussen
studenten te verbeteren wanneer ze in groepjes werken, waarbij de kans is dat er niet met een
gelijke status wordt omgegaan door verschillende academische en sociale niveaus
Compositional effect (Project 3) = effect op specifieke schoolprestaties door het naar school gaan
met kinderen van een bepaalde achtergrond karakteristieken (zoals SES, vermogen, gender en
etniciteit)
Controlled motivation (Project 2) = Bestaat uit ‘external’ (meest gedwongen en gecontroleerde vorm
van motivatie, studenten studeren om straf te vermijden, om beloningen te ontvangen of bepaalde