Samenvatting Biologie voor de onderbouw thema: planten
Organisme die leven hebben een levenscyclus. Zowel planten hebben een cyclus maar ook dieren. In
deze samenvatting gaan we heel erg in op het leven van de planten.
Een bruine boon is opgebouwd uit 2 zaadlobben. Deze zaadlobben bevatten reservevoedsel dat een
plantje kan gaan ontkiemen. Uit een boon groeit uiteindelijk een kiemplantje.
Bij het doen van een onderzoek volg je verschillende stappen. Dit zijn de belangrijkste stappen in een
onderzoek.
1: Probleemstelling: Je stelt de onderzoeksvraag. Deze vraag wordt ook wel een hypothese genoemd.
2: Hypothese: Dit betekent, wat veronderstel ik bij het doen van deze proef.
3: Experiment: Wat ga ik doen tijdens mijn onderzoek.
4: Benodigdheden: Wat heb ik nodig.
5: Resultaten: Wat neem ik waar tijdens de proef.
6: Conclusie: Welke conclusie kan ik trekken. Wat zijn de resultaten van mijn gestelde onderzoek.
Wortelstelsel: Dat zijn alle wortels die plant heeft. Een wortelstel wordt ook wel een orgaanstelsel
genoemd.
Hoe droger de grond is waar de plant groeit hoe groter het wortelstelsel is.
Een wortel bestaat uit een hoofdwortel, maar ook uit een aantal zijwortels.
Een zijwortel of een bijwortel bestaat uit wortelharen. Een kenmerk van deze haren is dat het
voedingstoffen uit de bodem haalt.
De wortels van planten hebben ook een functie in de natuur.
1: De plant vastzetten in de bodem.
2: Opnemen van water en voedingstoffen.
3: Het opslaan van voedsel als het tijd is voor de winter.
Knoop= plek waar het blad aan de stengel zit.
Lid= Stuk stengel tussen 2 knopen.
Bladoksel= Hoek tussen stengel en blad.
Okselknop= Dit is een plek waar een nieuwe zijstengel komt.
Eindknop= Dit is de knop die aan het einde van de stengel zit. Hier groeit een nieuw gedeelte van de
plant uit.
Houtachtige planten
1: Stevigheid door houtstof
2: Bomen en struiken
Kruidachtige planten
1: De stevigheid wordt gevormd door water en de plant bestaat uit vacuole. De vacuole zijn gevuld
met water.
De stam van een boom heeft jaarringen.
Het oudste hout van een boom ligt in het midden. De jongste jaarring vindt je aan de
buitenkant van een boomstam.
Brede jaarring: De omstandigheden van de boom zijn goed.
Organisme die leven hebben een levenscyclus. Zowel planten hebben een cyclus maar ook dieren. In
deze samenvatting gaan we heel erg in op het leven van de planten.
Een bruine boon is opgebouwd uit 2 zaadlobben. Deze zaadlobben bevatten reservevoedsel dat een
plantje kan gaan ontkiemen. Uit een boon groeit uiteindelijk een kiemplantje.
Bij het doen van een onderzoek volg je verschillende stappen. Dit zijn de belangrijkste stappen in een
onderzoek.
1: Probleemstelling: Je stelt de onderzoeksvraag. Deze vraag wordt ook wel een hypothese genoemd.
2: Hypothese: Dit betekent, wat veronderstel ik bij het doen van deze proef.
3: Experiment: Wat ga ik doen tijdens mijn onderzoek.
4: Benodigdheden: Wat heb ik nodig.
5: Resultaten: Wat neem ik waar tijdens de proef.
6: Conclusie: Welke conclusie kan ik trekken. Wat zijn de resultaten van mijn gestelde onderzoek.
Wortelstelsel: Dat zijn alle wortels die plant heeft. Een wortelstel wordt ook wel een orgaanstelsel
genoemd.
Hoe droger de grond is waar de plant groeit hoe groter het wortelstelsel is.
Een wortel bestaat uit een hoofdwortel, maar ook uit een aantal zijwortels.
Een zijwortel of een bijwortel bestaat uit wortelharen. Een kenmerk van deze haren is dat het
voedingstoffen uit de bodem haalt.
De wortels van planten hebben ook een functie in de natuur.
1: De plant vastzetten in de bodem.
2: Opnemen van water en voedingstoffen.
3: Het opslaan van voedsel als het tijd is voor de winter.
Knoop= plek waar het blad aan de stengel zit.
Lid= Stuk stengel tussen 2 knopen.
Bladoksel= Hoek tussen stengel en blad.
Okselknop= Dit is een plek waar een nieuwe zijstengel komt.
Eindknop= Dit is de knop die aan het einde van de stengel zit. Hier groeit een nieuw gedeelte van de
plant uit.
Houtachtige planten
1: Stevigheid door houtstof
2: Bomen en struiken
Kruidachtige planten
1: De stevigheid wordt gevormd door water en de plant bestaat uit vacuole. De vacuole zijn gevuld
met water.
De stam van een boom heeft jaarringen.
Het oudste hout van een boom ligt in het midden. De jongste jaarring vindt je aan de
buitenkant van een boomstam.
Brede jaarring: De omstandigheden van de boom zijn goed.