maatschappijwetenschappen
Hoofdstuk 1: Waarom sociaalwetenschappelijk onderzoek?
1.1 Waarom sociaal wetenschappelijk onderzoek?
⇝ Steeds ingegeven door vragen:
• Sociale onderzoekers stellen voortdurend vragen
• Bronnen voor vragen?
- Nieuwsgierigheid, eigen ervaring, berichtgeving i/d media, colleges,
wetensch. literatuur, boeken, conferenties,.. → hoeft niet uit interesse, kan
trigger zijn uit wat je hebt meegemaakt
1. Beschrijven v/e fenomeen (wat is x? Of welke vormen veronderstelt x?)
2. Verklaren v. oorzaken & gevolgen v/e fenomeen (is y beïnvloed door X? Of is y een
gevolg v. x)? vb. ijsjes eten -> sterfte -> h/i warm, mensen sterven v. warmte
➔ DUS: ijsjes eten is niet oorzaak v/d sterfte
3. Voorspellen v/e fenomeen (gebeurt y onder omstandigheden a & b)?
4. Evalueren v/e fenomeen (leidt x tot bv. voordelen die het claimt te hebben?)
5. Ingrijpen & ontwikkelen v. goede praktijken (hoe kan y verbeterd w.?)
6. Empowerment (hoe kunnen we v. degenen die we onderzoeken verbeteren?)
1.1.1 Voorbeelden
I. Klimaatopwarming
• 2 tegengestelde visies (ongerustheid vs problemen minimaliseren)
• Leidt wetenschap niet tot ware kennis over de wereld?
• Onpartijdigheid? (waarheid zal ergens tssn zitten)
↳ Onze taak; welke heeft gelijk vb. hoe komen ze aan de info
II. The rotting big apple
• 1990 hoge criminaliteitscijfers
• Gebrek aan sociaal weefsel, Broken Window theory
• Burgemeester Giuliani: daling criminaliteitscijfers (laat opkuisen v. stad)
↳ MAAR: criminaliteit was al aan het dalen voor de kuising: dus wat is waar? (B was al bezig
voor A: opkuising is niet de oorzaak v. de daling)
• Causaal verband?
III. Verkiezingspolls
• Vraagstelling? (Vaak dubbelzinnige vragen)
• Representativiteit? Betrouwbaarheidsintervallen? (enquête online w. ingevuld door
mensen die er zelf voor kiezen om deel te nemen. Dit kan leiden tot vertekende resultaten
omdat vooral mensen met sterke meningen meedoen, en anderen niet)
• Missings? (vragen opgelaten: dingen ontbreken)
,1.2 De wetenschappelijke aanpak
1.2.1 Wat is wetenschap?
⇝ Verschil tssn verwerven v. alledaagse & wetensch. kennis?
- Strikte regels om kwaliteit te waarborgen & zo tot geldige & betrouwbare
kennis te komen → MAAR: kennis is niet absoluut, is tijdelijk en kan alca verlegd worden
↳ Dus: bepaalde waarden & normen
⇝ Wat?
• Systeem/methode om tot gefundeerde kennis te komen
• Langzaam eeuwenlang proces
• Geaccumuleerde kennis: georganiseerd in theorieën & gestoeld op empirisch
gegevens
⇝ Gefundeerde kennis: geldig & betrouwbaar?
a) Volgens systematische procedures
b) Op objectieve wijze
c) Getoetste & falsifieerbare kennis
d) Volgt een bepaalde cyclus
1.2.2 Welke aanpak?
1. Systematische procedures?
- Onderzoek = methodisch (volgend bepaald stappenplan)
- Steeds gebaseerd op gestructureerde, empirisch observatie
- Systematiek laat toe dat onderzoek herhaalbaar is ->> methode moet
opnieuw toegepast kunnen w. zodat het herhaalbaar is
- Voorkomt ‘lukrake’ pogingen om kennis te verzamelen (zonder plan/doel)
2. Objectiviteit
- Onbevooroordeeld & objectief observeren, analyseren & rapporteren
- Relatief: zekere mate v. subjectiviteit = onvermijdelijk (zeker in SW waar
onderzoeker deel uitmaakt v/d samenleving die hij onderzoekt)
- Intersubjectiviteit → als ik een onderzoek doe & anderen dezelfde onderzoek
dat we ongeveer de zelfde conclusie hebben (= overeenstemming dus)
3. Toetsbaar & falsifieerbaar
- Onderzoek moet geverifieerd kunnen worden
• Bewijsvoering moet altijd uitgedaagd & bevraagd kunnen w.
• Alle kennis is tijdelijk
➔ Wetensch. kennis moet gedeeld w. & openbaar zijn om eventuele
onjuistheid te kunnen controleren
- Peer review → Het laten evalueren v. wetenschappelijke bevindingen door
collega wetenschappers
4. Onderzoekscyclus
• Onderwerp → onderzoeksvraag → onderzoeksplan→ dataverzameling →
data-analyse → interpretatie → rapporteren
↳ Primaire data ->> data die je zelf hebt verzameld; secondaire ->> v. iemand anders
,1.2.3 Wetenschap: een specifieke benadering
⇝ Methodologie → verwijst naar wijze waarop het hele proces v. wetenschapsbeoefening
functioneert, & houdt niet alleen kennis & beheersing v. methoden & technieken in
⇝ Methode → specifiek technieken die je wetensch. onderzoek gebruikt om
onderzoekseenheden te selecteren, analyseren & rapporteren
• ieder onderzoek → keuzes moeten gedaan w.
• wetensch. kennis = niet 100% waterdicht, MAAR vergt wel waardevolle info over
de werkelijkheid
1.3 Alternatieve bronnen van kennis
A) Eigen waarnemingen & ervaringen
☙ Neiging om te overgeneraliseren naar volledige samenleving
☙ Selectieve observatie → letten op bepaalde mensen of situaties & veralgemeend
B) Pers en media
☙ Kan heel selectief zijn + 1 aspect maar benaderen
☙ Info zonder/met wetensch. statuut of valse info
C) Ideologieën
☙ kunnen visies & ideeën over werkelijkheid beïnvloeden vb. religie
1.4 Positie v. mens- en maatschappijwetenschappen
1.4.1 Alfa, beta- en gammawetenschappen
• Scheiding tssn natuur- & geesteswetenschappen
- Natuur- of bètawetenschappen: natuurwetten → typische methode:
experimenten (A toevoegen aan B & zien wat er gebeurt)
- Geestes- of alfawetenschappen: studie v. product menselijk handelen
vb. geschiedenis, literatuur, culturele studies,…
- Product v/d 19de eeuw
- Charles P.Snow (1959) “The Two Cultures”
- Scheiding tssn alfa- & betawetensch.: Historisch grote invloed uitgeoefend
op methodestrijd binnen mens- & maatschappijwetensch.
- Gammawetenschappen: sociale wetenschappen
• Sociale wetenschappen
o Komen vooral i/d loop v/d 20ste eeuw tot stand
o Wolf Lepinies (1985) “Die drei Kulturen”
o Jerme Kagan (2009) “The three cultures”
o “gammawetenschappen” & gammacanon: studie v. menselijk handelen
o Methodologie = wezenlijk onderdeel v. elke discipline
➔ Organisatie in grote wetenschapsgebieden & disciplines → beïnvloedt
onze manier v. denken & wetenschap uitoefenen
, 1.4.2 Mens- en maatschappijwetenschappen: methodenstrijd
W. Dilthey (1833-1911)
▪ Sociale wetensch.: eigen methodologische grond
▪ Object sociale wetensch. kan niet benaderd w. via experimentele
methode (natuurw.) of introspectie (geestesw.) → bv. enquêtes
▪ Menselijke vrije wil → laat zich niet in wetmatigheden vertalen
▪ Begrijpen in historische context
E. Durkheim (1858-1917)
▪ Sociale fenomenen voltrekken zich volgens onderliggende
wetmatigheden (wetten i/d maatsch.)
M. Weber (1864-1924)
▪ Sociale verschijnselen gedetermineerd door sociale wetmatigheden &
product v. menselijk wil (= combinatie)
1.5 Context v. sociaalwetenschappelijk onderzoek
⇝ Sociaal onderzoek vindt niet plaats i/e vacuüm (=isolatie) ->> context
↳ Sociaal onderzoek → beïnvloed door de omgeving en situatie waarin het plaatsvindt
⇝ Bepalende elementen van die context?
• Theorieen
• Bestaande kennis
• Visie op relatie tssn theorie & onderzoek
• Epistemologische beschouwingen (= kennisleer, bron v. ware kennis)
• Ontologische beschouwingen
• Ethische beschouwingen
• Doel onderzoek
• Politiek context
• Persoonlijkheid v/d onderzoeker
1.6 Wat te verwachten v. methodologie?
- 2 bouwstenen:
I. Theorie/theoretische inzichten gebaseerd op empirische data of
gegevens uit de werkelijkheid
II. Vormen data of gegevens over werkelijkheid → theoretische
inzichten overeenstemmen of niet