ANATOMIE VAN DE MODELCEL
Cytologie of celleer is het bestuderen De celtheorie bestaat uit de volgende vier basale concepten:
van de structuur en functie van cellen. 1. Cellen zijn de bouwstenen van alle planten en dieren
Cellen zijn bouwstenen van het menselijk 2. Cellen zijn de kleinste functionele eenheden van leven
lichaam en de kleinste eenheid van leven 3. Cellen worden gevormd door de deling van eerder bestaande cellen
waarin alle levensfuncties voorkomen. Het 4. In elke cel wordt de homeostase gehandhaafd
bestuderen van cellen vormt de basis
voor inzicht in de fysiologie van de mens. De twee meest gebruikte methoden voor het bestuderen van cel- en
weefselstructuur zijn lichtmicroscopie en elektronenmicroscopie.
Niet alle cellen zijn gelijk. Wel zijn er algemene structuren die bij meerdere soorten cellen voorkomen:
Cellen bestaan uit:
• Een celmembraan
• Cytosol (vloeistof)
• Organellen
Cytoplasma is de volledige
celinhoud minus de kern.
• Dus het cytoplasma is de Cytosol
vloeistof (het cytosol) +
de organellen). MitochondriËn
Celmembraan
Verschillende cellen liggen
niet helemaal tegen elkaar Golgi-apparaat
aan. Tussen de buurcellen in
zit de intercellulaire ruimte. (Vrije) Ribosomen
Kern
Endoplasmatisch
reticulum (ER)
Lysosomen
Cytoplasma:
• Bestaat uit het cytosol (vloeistof) + de organellen. De celkern hoort hier dus niet bij.
• Cytoplasma is een algemene term voor de stoffen in de cel, vanaf de plasmamembraan tot aan de celkern.
Cytosol:
• De intracellulaire vloeistof die opgeloste voedingsstoffen (namelijk koolhydraten (energie) en aminozuren (bouwstoffen
voor eiwitten)), ionen, oplosbare en onoplosbare eiwitten en afvalstoffen bevat.
• Het cytosol bevat een hogere concentratie kaliumionen en een lagere concentratie natriumionen vergeleken met de
extracellulaire vloeistof.
• Het cytosol kan ook onoplosbare zouten bevatten, de zogenoemde inclusies.
Cytologie of celleer is het bestuderen De celtheorie bestaat uit de volgende vier basale concepten:
van de structuur en functie van cellen. 1. Cellen zijn de bouwstenen van alle planten en dieren
Cellen zijn bouwstenen van het menselijk 2. Cellen zijn de kleinste functionele eenheden van leven
lichaam en de kleinste eenheid van leven 3. Cellen worden gevormd door de deling van eerder bestaande cellen
waarin alle levensfuncties voorkomen. Het 4. In elke cel wordt de homeostase gehandhaafd
bestuderen van cellen vormt de basis
voor inzicht in de fysiologie van de mens. De twee meest gebruikte methoden voor het bestuderen van cel- en
weefselstructuur zijn lichtmicroscopie en elektronenmicroscopie.
Niet alle cellen zijn gelijk. Wel zijn er algemene structuren die bij meerdere soorten cellen voorkomen:
Cellen bestaan uit:
• Een celmembraan
• Cytosol (vloeistof)
• Organellen
Cytoplasma is de volledige
celinhoud minus de kern.
• Dus het cytoplasma is de Cytosol
vloeistof (het cytosol) +
de organellen). MitochondriËn
Celmembraan
Verschillende cellen liggen
niet helemaal tegen elkaar Golgi-apparaat
aan. Tussen de buurcellen in
zit de intercellulaire ruimte. (Vrije) Ribosomen
Kern
Endoplasmatisch
reticulum (ER)
Lysosomen
Cytoplasma:
• Bestaat uit het cytosol (vloeistof) + de organellen. De celkern hoort hier dus niet bij.
• Cytoplasma is een algemene term voor de stoffen in de cel, vanaf de plasmamembraan tot aan de celkern.
Cytosol:
• De intracellulaire vloeistof die opgeloste voedingsstoffen (namelijk koolhydraten (energie) en aminozuren (bouwstoffen
voor eiwitten)), ionen, oplosbare en onoplosbare eiwitten en afvalstoffen bevat.
• Het cytosol bevat een hogere concentratie kaliumionen en een lagere concentratie natriumionen vergeleken met de
extracellulaire vloeistof.
• Het cytosol kan ook onoplosbare zouten bevatten, de zogenoemde inclusies.