100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4.2 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting gedragneurowetenschappen

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
55
Geüpload op
10-11-2025
Geschreven in
2022/2023

Samenvatting van 55 pagina's voor het vak Gedragsneurowetenschappen aan de tmhs (gelsaagd)

Instelling
Vak











Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
10 november 2025
Aantal pagina's
55
Geschreven in
2022/2023
Type
Samenvatting

Onderwerpen

Voorbeeld van de inhoud

Gedragsneurowetenschappen



Het brein zorgt ervoor dat we gedrag kunnen stellen

Hersenen:
• deel van het zenuwstelsel
• Orgaan dat je lichaam bestudeert
• Ook om gedrag te stellen
o Zorgt ervoor dat je kan overleven als individu en soort

Menselijk brein: een informatieverwerkend orgaan
• zintuigen zijn de mond van het brein

Het brein kan informatie heel goed verwerken maar dat is beperkt
• multitasking niet mogelijk

Het brein heeft het vermogen om te leren van de informatie die hij krijgt bv. Filmpje 1 keer zien, 2de
keer zien maar met uitleg ⇒ je gaat het filmpje anders zien en nooit meer op de eerste manier

Hoofdstuk 1: conceptueel neurowetenschappelijk kader
Orgaansystemen en dus ook het zenuwstelsel maken deel uit van een ingewikkelde ecosystemen

Systeembiologie: kijkt naar biologische organisme hoe die zijn opgebouwd
Evolutie heeft geleid tot een toenemende complexiteit van neurale
structuren en hersenen

Biopsychosociaal kader: helpt ons hersen fenomenen beter te
begrijpen

Neuron
Neuroplasticiteit: netwerken in de hersenen veranderen door
organisatie en reorganisatie in reactie op ervaring en sensorische
stimulering
• hoe meer je leert, hoe meer er connectie worden gemaakt, hoe
meer je inzicht krijgt in wat je leert

Neurale circuits
Heel veel van de cellen samen vormen neurale circuits
• zo ontstaan er elektriciteitsnetwerken
Alle informatie van de buitenwereld die via de zintuigen binnenkomt wordt gecodeerd in elektrische
signalen die via neurale circuits (autostrades) doorheen het brein worden doorgestuurd
• zo ga je iets onthouden
• Als er iets misloopt, gaan de gedragsfuncties veranderen

Zenuwstelsel (incl. Hersenen)
Alle neurale circuits samen

,In continue bezig

Gedragsfunctie
Motoriek - cognitie - emotie
We worden geboren met een niet afgewerkte brein
• we moeten nog een deel ontwikkelen
o Door de omgeving kunnen we onze brein ontwikkelen
o Kan tot 25 jaar duren

Kenmerken:
• Neuron, zenuwstelsel, gedragsfuncties, … zijn het resultaat van de interactie tussen genetica
en omgeving
• Toenemende complexiteit
• Gelaagde niveaus
• Hiërarchisch continuum
o Het gene dat er boven staat is altijd complexer dat wat eronder staat
• Emergente eigenschap: staan op zich
o Je kan over gedrag praten zonder de hersenen te moeten kennen
• Bouw/anatomie (structuur) vs werking/fysiologie (functie)
o Zenuwstelsel: cellulaire neuro anatomie vs cellulair neuro fysiologie
o Hersenen: neuroanatomie vs neurofysiologie
• Biopsychosociaal model: er wordt ook rekening gehouden met de sociale en psychologische
eigenschappen

Als er iets mis is
Klinische toepassingen/ implicatie
• het model heeft ook klinische implicaties
• Het model helpt om fenomenen uit de kliniek en het alledaags leven beter te begrijpen
• Iemand heeft een aandoening
o Oorzaak van aandoening= Etiologie


Hoofdstuk 2: cellulaire fylogenese

1. Ontstaan van het leven
• heelal: 13,7 miljard jaar geleden
• Zonnestelsel: 4,6 miljard jaar geleden
o Kort daarna kwam over een periode van 100-200 miljoen jaar de planeet Aarde tot
stand uit de geleidelijke accumulatie van stof en brokstukken
• Eerste gesteenten en oceanen: 4,4 miljard jaar geleden
• In die oceanen ontstond het leven: 545 miljoen jaar geleden



2. Organische bouwstenen van de levende materie (Lezen)
Atomaire bouwstenen van de levende materie zijn beperkt tot de chemische elementen C, H, O, N, S
en P om via de elementen J, Zn, Fe, Cu, Mg en Mn organische moleculen mee te vormen

Belangrijkste moleculefamilies aanwezig in levende materie zijn nucleinezuren (DNA en RNA),
proteïnen of eiwitten, polysachariden of koolhydraten en vetten of lipiden

3. De cel als morfologische en functionele eenheid van leven

,Celmembraan: scheiding tussen een intracellulaire ‘binnenwereld’ en een extracellulaire
‘buitenwereld’
• Dient niet enkel voor de bescherming, maar vooral als orgaan tot regulatie van de
verhouding tussen de processen in het intense van de cel en veranderingen in de
directe omgeving buiten de cel

Cel bestaat uit kleine fabriekjes (organellen)
2 soorten cellen
• cellen zonder celkern (prokaryoten)
• Cellen met celkern (eukaryoten)

4. Patronen van biologische evolutionaire ontwikkeling
Eerst waren protocellen amper in staat zich te reproduceren en nieuwe cellen ontstonden dan vooral
uit zelforganiserende polymeren
• Cellen die het snelst gevormd werden of het langst hun individualiteit behielden, gingen
domineren

Op het moment dat protocellen het vermogen ontwikkelden om zichzelf te reproduceren, begonnen
de protocellen, die hun eigenschappen konden doorgeven aan hun nakomelingen via overerving, te
domineren

Omdat geen 2 cellen identiek zijn, bestond er een mate van variatie (vormde het vertrekpunt voor
verdere selectie
• Proces herhaalt zich : cumulatie

Dat partoon van biologische evolutie door natuurlijke selectie heeft kunnen leiden tot complexe
aanpassingen of adaptaties aan de omgeving of ‘niche’ in functie van het zelf-en soortbehoud




5. Evolutie als basis van eenheid in diversiteit
Alle organismen zijn opgebouwd uit cellen. Cellen onderhouden een metabolisme, gebruiken DNA als
erfelijk materiaal, hanteren dezelfde mechanismen om de chemische boodschap in het DNA over te
schrijven en te vertalen naar proteïnen en maken daarbij gebruik van een universele genetische code

Leven op aarde onderverdeeld in 2 categorieën (op basis van de organisatie van het erfelijk
materiaal)
• Prokaryoten : veel kleiner dan eukaryoten en bevatten over het algemeen geen
intracelulaiere onrganellen. Moleculaire verschillend . Prokaryoten hebben geen celkern
(DNA zweeft los)
• Eukaryoten : aanwezigheid van een intracellulaire membraan die het merendeel van het DNA
omsluit, de celkern

, Eencellige zijn zich samen gaan organiseren waardoor het meercellige zijn geworden —> hierdoor
zijn veel levensvormen uitgekomen

6. Organisatie van een eukaryote cel
Bestaat uit cytoplasma met organellen (waaronder de celkern met DNA,
mitochondrien,ribosomen,…)
Er zijn ook vezelachtige cytoskelet-elementen door het cytoplasma aanwezig
Op basis van de diameter van de eiwitvezels onderscheidt men microtubulli (spelen een rol bij de
actieve verplaatsing van celcomponenten) en intracellulaire moleculen

Celmembraan bestaat uit dubbelde fosolipidelaag. Door de celmembraan heen bevinden zich
membraaneiwtten. Sommige functioneren ofwel als receptor of signaaltransductiecomponent

7. Structuur en functie van de celmembraan
Ondoorlaatbaar voor wateroplosbare moleculen, maar via de aanwezigheid van transmembranaire
eiwitten kan de transport gereguleerd worden. Een plasmalemma is selectief of semipermeabel :
bepaalde kanalen zijn volledig geopend andere zijn gesloten

Opgeloste stoffen die zich verplaatsen door de geopende transportbanden van de membraan doen
dat volgens hun concentratiegradient : tot hun concentratie aan beide zijden van de membraan in
evenwicht is
• Diffusie

Het is belangrijk dat de wijzigingen in het extracellulaire milieu waargenomen en gecodeerd kunnen
worden als een intracellulaire boodschap
• Via boodschappermoleculen (neurotransmitters) en hormonen
Als de celmembraan er niet was geweest dan zou het leven nooit zijn ontstaan
Bestaat uit eiwitten

8. Celmetabolisme
Om energievereissende processen mogelijk te maken, moet energie vrijgesteld worden
2 reacties :
• Katabolsime : afbraakreactie waarbij complexe organische moleculen afgebroken worden tot
eenvoudigere. Daarbij komt energie vrij, waarvan een deel tijdelijk chemisch opgeslagen
wordt in de vorm van adenosinetrifosfaat (ATP)= energierijkere variant van het
energiearmere adenosinedifosfaat (onstaat wanneer adenosinedefosfaat aan een extra
fosfaatgroep gebonden wordt)
• Anabolisme : met behulp van de energie die opgeslagen zit in ATP, worden celeigen,
complexe, organische moleculen opgebouwd vertrekkende van de eenvoudige bouwstenen
die onder andere verkregen zijn uit het katabolisme. Daardoor ontstaat opnieuw ADP uit ATP




Alle chemische reacties samen noemt men het celmetabolisme
€8,46
Krijg toegang tot het volledige document:

100% tevredenheidsgarantie
Direct beschikbaar na je betaling
Lees online óf als PDF
Geen vaste maandelijkse kosten

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
aliciavantricht

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
aliciavantricht Thomas More Hogeschool
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
Nieuw op Stuvia
Lid sinds
2 maanden
Aantal volgers
0
Documenten
14
Laatst verkocht
-

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen