Stappenplan IPR
Hoorcollege 1
Documenten:
Art. 2(4), 39, 41-42, 51 Charter of the United Nations (1945), EIR 123 [149];
Art. 53, 64 Vienna Convention on the Law of Treaties (1969), EIR 156 [182];
Art. 26, 40-41, 48, 54 Articles on the Responsibility of States for Internationally Wrongful Acts
(ARSIWA) (2001), EIR 169 [195].
Zaken:
ICJ, Barcelona Traction, Light and Power Company, Limited, Judgment, ICJ Reports 1970,
paras. 33-34, beschikbaar hier: ICJ, Barcelona Traction case (1970), paras. 33-34.
Doel internationaal recht: “internationtionaal publiekrecht regelt de uitoefening van publiek gezag in
de internationale gemeenschap. Het kent bevoegdheden toe aan entiteiten die publiek gezag
uitoefenen (vooral staten en internationale organisaties) en biedt een juridisch kader waarbinnen zij
deze bevoegdheden uit te oefenen”
Doel(en) internationaal recht
- Regulering internationale betrekkingen
o Was historisch wat alleen staten aangingen.
- Inhoudelijk doel(en) internationaal recht?
o Internationale orde
o Internationale vrede
o Internationale rechtvaardigheid
o Mensenrechten
o Democratie, rechtstaat democratische staten wordt gepushed.
o Vrijhandel/ontwikkeling/bescherming milieu
o Volkenrecht ius gentum. Recht dat op alle burgers van toepassing is. Beperkte
opvatting.
Rechtsbronnen
- Gewoonterecht
- Verdragen
- Besluiten van internationale organisaties
- Algemene rechtsbeginselen
Internationaal recht: Staten zijn onderworpen als rechtssubject, maar ze maken ook het recht,
handhaven en instemmen. Staten zijn dus de rechtssubject en de maker van de wetten.
Nationaal recht: Is dat niet zo. Daar maak de regering de wetten en de rechtssubjecten zijn alle
burgers. Zij maken niet bij ons het recht.
,De aard van het internationaal recht In zijn algemeenheid gaan we uit van internationaal
rechtspositivisme. Het recht is afkomstig van een autoriteit.
Barcelona arrest : “gezien het belang van de betrokken rechten en belangen kan alle staten worden
aangenomen dat zij juridische belang hebben bij hun bescherming zijn verplichtingen erga omnes
geldend ten aanzien van iedereen” algemene formulering van internationaal recht.
College 2
Art. 1-3, 6-7 (Montevideo) Convention on Fundamental Duties and Rights of States (1933),
EIR 122 [148];
Art. 1, 2(1), 23, 27, 55-56, 73, 76 Charter of the United Nations (1945), EIR 123 [149];
GA Resolutions 1514, 1541 (1960), 2625 (The principle of equal rights and self-determination
of peoples) (1970), 61/295 (2007), EIR 139 [165], 139 [165], 146 [172], 142 [168];
Art. 1 and 25 International Covenant on Civil and Political Rights (1966), EIR 231 [257].
Art. 1(4) Additional Protocol I (1977) to the Geneva Conventions, EIR 463 [493].
Zaken:
Supreme Court Canada, Reference re Secession Quebec (1998), paras. 109-146, beschikbaar
hier: SCC, Reference re Secession Quebec, paras. 109-146;
ICJ, Accordance with International Law of the Unilateral Declaration of Independence of
Kosovo, ICJ Reports 2010, paras. 79, 80, 84, EIR 754 [785].
Primaire rechtssubjecten Staten
Andere rechtssubjecten
o Internationale organisaties intergouvernementele (ngo’s gouvermentele
opgericht bij nationaal recht)
o Individuen zowel rechten als subjecten
o Ondernemingen/multinationals ondernemingen die in meerdere landen zijn
gevestigd.
o Gewapende niet-statelijke actoren: internationaal humanitair recht.
o Volkeren
o De heilige stoel
Staten soevereiniteit
Soevereiniteit zit gekoppeld aan of je een staat bent ja of nee.
- Staten accepteren het bindend karakter van het internationale recht
Art 2 lid 1 Handvest ligt de soevereine gelijkheid van staten.
- Par in parem non habet imperium = een gelijke heeft geen gezag over een andere gelijke.
Dit is anders bij verdragen, hier kan je wel een adnere positie innemen
- Art 23 en 27 handvest veto staten
Een staat (art 1 montevideo)
1. Bevolking
, Nomadisch mag ook het maakt niet uit of ze doortrekken of een andere
nationaliteit hebben.
2. Gedefinieerd grondgebied
Land niet de zee
Grenzen hoeven niet vast te staan.
Grootte doet er niet toe
Bevolking ook niet
3. Regering (autoriteiten in zijn geheel)
Er moet een effectief en stabiel gezag/overheid zijn.
4. Capaciteiten om betrekking aan te gaan met andere staten
Het vierde kenmerk is echter geen zelfstandig element, maar volgt uit de
aanwezigheid van de eerste drie kenmerken. De drie kenmerken van de staat
zijn derhalve gezagstructuur, grondgebied en bevolking
Onafhankelijkheid
1. Het kan voorkomen dat de onafhankelijkheid wordt uitgeroepen, maar dan alsnog
onderdeel zijn van een staat.
2. Internationaal recht sluit en verbiedt dan onafhankelijkheidsverklaring niet uit
advies kosovo
3. Beginsel van territoriale integriteit (grenzen worden gerespecteerd) is beperkt tot
betrekkingen van staten kosovo
Erkenning van staten twee theorieën
1. Constitutieve functie
a. Erkenning is een voorwaarde van het zijn van een staat
b. Erkenning is derhalve juridisch vereist
c. Zonder erkenning door andere staten is een entiteit geen staat.
2. Decloatoire functie ƒ(meestal kijken we hiernaar)
a. Erkenning houdt een verklaring in dat een staat een entiteit accepteert als staat
omdat aan de kenmerken voor staatskarakter is voldaan
b. Erkening is niet vereist om een staat te zijn. Erkenning is alleen declatoir. De staat is
er al.
c. Gewoon alleen kijken naar de montevideo vereisten.
Zelfbeschikking van volkeren.
Handvest van de VN: respect voor het beginsel van gelijke rechten en zelfbeschikken van
volkeren
o Beginsel van zelfbeschikking is niet hetzelfde als het recht van zelfbeschikking
o Niet-zelfbestuderende gebieden art 73b handvest
o Trustee ship gebieden art 73 sub b handvest self government of indepence
Art 1 IVBPR / IVESCR
Alle volkeren
Politieke status, en economische, sociale en culturele ontwikkeling
Interne zelfbeschikking en externe zelfbeschikking
Intern: deelname aan publieke en politieke processen binnen ene
staat … recht op politieke participatie en deelname aan verkiezingen
in art 25 IVBPR. Daardoor kunnen ze zich niet beroepen dat ze
zelfstandig zijn
, Extern: keuzen voor onafhankelijkheid … voor koloniale volkeren,
volkeren onder vreemde bezetting (zie art 1 lid 4 additioneel
protocol I Geneefse conventies).
Zelfbeschikking: remediërende afscheiding (remedial secession)
o er wordt wel gesuggereerd, dat als een volk, niet kan deelnemen aan het politieke
proces (uitsluiting stemming), dan zou het interne zelfbeschikkingsrecht omgezet
naar het externe zelfbeschikking. Dus dan zou er wel sprake zijn van beschikking.
o AV VN resolutie 2625 (1970): declaration on principles of international law
concerning friendly relations and cooperation among states in accordance with the
charter of the united nations.
“noting in the foregoing paragraphs shall be construed as authorizing or
encouraging any action which would dismember or impair, totally or in part,
the territorial integrity of political unity of soeveign and independent states
conducting themselves in compliance with the principle of equal rights and
self determination of peoples as described above an thus possessed of a
government representing the whole people belonging tot the territory
without distinction as to race, creed or colour”
o Paar problemen resolutie
resoluties van Algemene vergadering, zijn niet bindend
is dit wel een rechtsregel?
of het recht is dat is de vraag.
Arrest Re Secession of Quebec
Dit arrest betreft de rechtmatigheid van de eenzijdige afscheiding van Quebec van Canada. Het
recht op zelfbeschikking heeft primair betrekking op interne zelfbeschikking: volken mogen binnen
de kaders van een bestaande staat in zekere zin zelf hun politieke, economische en culturele
ontwikkelingen nastreven en vormgeven. Recht op interne zelfbeschikking, maar dit impliceert niet
een recht op eenzijdige afscheiding en stichting van een nieuwe staat.
Eenzijdige afscheiding en stichting van een nieuwe staat is slechts geoorloofd in het geval van
bezetting of kolonisatie.
NOEMEN BIJ EEN VRAAG OVER ZELFBESCHIKKING
College 3 bronnen van internationaal recht.
Documenten:
Art. 13 Charter of the United Nations (1945), EIR 123 [149];
Art. 38, 59 Statute of the International Court of Justice (1945), EIR 133 [159];
Vienna Convention on the Law of Treaties (1969), EIR 156 [182];
Art. 26, 40-41, 48 Articles on the Responsibility of States for Internationally Wrongful Acts
(ARSIWA) (2001), EIR 169 [195].
Zaken:
PCIJ, The Case of the "S.S. Lotus", 7 September 1927, Series A, No. 10, para. [44], EIR 531
[563];
Hoorcollege 1
Documenten:
Art. 2(4), 39, 41-42, 51 Charter of the United Nations (1945), EIR 123 [149];
Art. 53, 64 Vienna Convention on the Law of Treaties (1969), EIR 156 [182];
Art. 26, 40-41, 48, 54 Articles on the Responsibility of States for Internationally Wrongful Acts
(ARSIWA) (2001), EIR 169 [195].
Zaken:
ICJ, Barcelona Traction, Light and Power Company, Limited, Judgment, ICJ Reports 1970,
paras. 33-34, beschikbaar hier: ICJ, Barcelona Traction case (1970), paras. 33-34.
Doel internationaal recht: “internationtionaal publiekrecht regelt de uitoefening van publiek gezag in
de internationale gemeenschap. Het kent bevoegdheden toe aan entiteiten die publiek gezag
uitoefenen (vooral staten en internationale organisaties) en biedt een juridisch kader waarbinnen zij
deze bevoegdheden uit te oefenen”
Doel(en) internationaal recht
- Regulering internationale betrekkingen
o Was historisch wat alleen staten aangingen.
- Inhoudelijk doel(en) internationaal recht?
o Internationale orde
o Internationale vrede
o Internationale rechtvaardigheid
o Mensenrechten
o Democratie, rechtstaat democratische staten wordt gepushed.
o Vrijhandel/ontwikkeling/bescherming milieu
o Volkenrecht ius gentum. Recht dat op alle burgers van toepassing is. Beperkte
opvatting.
Rechtsbronnen
- Gewoonterecht
- Verdragen
- Besluiten van internationale organisaties
- Algemene rechtsbeginselen
Internationaal recht: Staten zijn onderworpen als rechtssubject, maar ze maken ook het recht,
handhaven en instemmen. Staten zijn dus de rechtssubject en de maker van de wetten.
Nationaal recht: Is dat niet zo. Daar maak de regering de wetten en de rechtssubjecten zijn alle
burgers. Zij maken niet bij ons het recht.
,De aard van het internationaal recht In zijn algemeenheid gaan we uit van internationaal
rechtspositivisme. Het recht is afkomstig van een autoriteit.
Barcelona arrest : “gezien het belang van de betrokken rechten en belangen kan alle staten worden
aangenomen dat zij juridische belang hebben bij hun bescherming zijn verplichtingen erga omnes
geldend ten aanzien van iedereen” algemene formulering van internationaal recht.
College 2
Art. 1-3, 6-7 (Montevideo) Convention on Fundamental Duties and Rights of States (1933),
EIR 122 [148];
Art. 1, 2(1), 23, 27, 55-56, 73, 76 Charter of the United Nations (1945), EIR 123 [149];
GA Resolutions 1514, 1541 (1960), 2625 (The principle of equal rights and self-determination
of peoples) (1970), 61/295 (2007), EIR 139 [165], 139 [165], 146 [172], 142 [168];
Art. 1 and 25 International Covenant on Civil and Political Rights (1966), EIR 231 [257].
Art. 1(4) Additional Protocol I (1977) to the Geneva Conventions, EIR 463 [493].
Zaken:
Supreme Court Canada, Reference re Secession Quebec (1998), paras. 109-146, beschikbaar
hier: SCC, Reference re Secession Quebec, paras. 109-146;
ICJ, Accordance with International Law of the Unilateral Declaration of Independence of
Kosovo, ICJ Reports 2010, paras. 79, 80, 84, EIR 754 [785].
Primaire rechtssubjecten Staten
Andere rechtssubjecten
o Internationale organisaties intergouvernementele (ngo’s gouvermentele
opgericht bij nationaal recht)
o Individuen zowel rechten als subjecten
o Ondernemingen/multinationals ondernemingen die in meerdere landen zijn
gevestigd.
o Gewapende niet-statelijke actoren: internationaal humanitair recht.
o Volkeren
o De heilige stoel
Staten soevereiniteit
Soevereiniteit zit gekoppeld aan of je een staat bent ja of nee.
- Staten accepteren het bindend karakter van het internationale recht
Art 2 lid 1 Handvest ligt de soevereine gelijkheid van staten.
- Par in parem non habet imperium = een gelijke heeft geen gezag over een andere gelijke.
Dit is anders bij verdragen, hier kan je wel een adnere positie innemen
- Art 23 en 27 handvest veto staten
Een staat (art 1 montevideo)
1. Bevolking
, Nomadisch mag ook het maakt niet uit of ze doortrekken of een andere
nationaliteit hebben.
2. Gedefinieerd grondgebied
Land niet de zee
Grenzen hoeven niet vast te staan.
Grootte doet er niet toe
Bevolking ook niet
3. Regering (autoriteiten in zijn geheel)
Er moet een effectief en stabiel gezag/overheid zijn.
4. Capaciteiten om betrekking aan te gaan met andere staten
Het vierde kenmerk is echter geen zelfstandig element, maar volgt uit de
aanwezigheid van de eerste drie kenmerken. De drie kenmerken van de staat
zijn derhalve gezagstructuur, grondgebied en bevolking
Onafhankelijkheid
1. Het kan voorkomen dat de onafhankelijkheid wordt uitgeroepen, maar dan alsnog
onderdeel zijn van een staat.
2. Internationaal recht sluit en verbiedt dan onafhankelijkheidsverklaring niet uit
advies kosovo
3. Beginsel van territoriale integriteit (grenzen worden gerespecteerd) is beperkt tot
betrekkingen van staten kosovo
Erkenning van staten twee theorieën
1. Constitutieve functie
a. Erkenning is een voorwaarde van het zijn van een staat
b. Erkenning is derhalve juridisch vereist
c. Zonder erkenning door andere staten is een entiteit geen staat.
2. Decloatoire functie ƒ(meestal kijken we hiernaar)
a. Erkenning houdt een verklaring in dat een staat een entiteit accepteert als staat
omdat aan de kenmerken voor staatskarakter is voldaan
b. Erkening is niet vereist om een staat te zijn. Erkenning is alleen declatoir. De staat is
er al.
c. Gewoon alleen kijken naar de montevideo vereisten.
Zelfbeschikking van volkeren.
Handvest van de VN: respect voor het beginsel van gelijke rechten en zelfbeschikken van
volkeren
o Beginsel van zelfbeschikking is niet hetzelfde als het recht van zelfbeschikking
o Niet-zelfbestuderende gebieden art 73b handvest
o Trustee ship gebieden art 73 sub b handvest self government of indepence
Art 1 IVBPR / IVESCR
Alle volkeren
Politieke status, en economische, sociale en culturele ontwikkeling
Interne zelfbeschikking en externe zelfbeschikking
Intern: deelname aan publieke en politieke processen binnen ene
staat … recht op politieke participatie en deelname aan verkiezingen
in art 25 IVBPR. Daardoor kunnen ze zich niet beroepen dat ze
zelfstandig zijn
, Extern: keuzen voor onafhankelijkheid … voor koloniale volkeren,
volkeren onder vreemde bezetting (zie art 1 lid 4 additioneel
protocol I Geneefse conventies).
Zelfbeschikking: remediërende afscheiding (remedial secession)
o er wordt wel gesuggereerd, dat als een volk, niet kan deelnemen aan het politieke
proces (uitsluiting stemming), dan zou het interne zelfbeschikkingsrecht omgezet
naar het externe zelfbeschikking. Dus dan zou er wel sprake zijn van beschikking.
o AV VN resolutie 2625 (1970): declaration on principles of international law
concerning friendly relations and cooperation among states in accordance with the
charter of the united nations.
“noting in the foregoing paragraphs shall be construed as authorizing or
encouraging any action which would dismember or impair, totally or in part,
the territorial integrity of political unity of soeveign and independent states
conducting themselves in compliance with the principle of equal rights and
self determination of peoples as described above an thus possessed of a
government representing the whole people belonging tot the territory
without distinction as to race, creed or colour”
o Paar problemen resolutie
resoluties van Algemene vergadering, zijn niet bindend
is dit wel een rechtsregel?
of het recht is dat is de vraag.
Arrest Re Secession of Quebec
Dit arrest betreft de rechtmatigheid van de eenzijdige afscheiding van Quebec van Canada. Het
recht op zelfbeschikking heeft primair betrekking op interne zelfbeschikking: volken mogen binnen
de kaders van een bestaande staat in zekere zin zelf hun politieke, economische en culturele
ontwikkelingen nastreven en vormgeven. Recht op interne zelfbeschikking, maar dit impliceert niet
een recht op eenzijdige afscheiding en stichting van een nieuwe staat.
Eenzijdige afscheiding en stichting van een nieuwe staat is slechts geoorloofd in het geval van
bezetting of kolonisatie.
NOEMEN BIJ EEN VRAAG OVER ZELFBESCHIKKING
College 3 bronnen van internationaal recht.
Documenten:
Art. 13 Charter of the United Nations (1945), EIR 123 [149];
Art. 38, 59 Statute of the International Court of Justice (1945), EIR 133 [159];
Vienna Convention on the Law of Treaties (1969), EIR 156 [182];
Art. 26, 40-41, 48 Articles on the Responsibility of States for Internationally Wrongful Acts
(ARSIWA) (2001), EIR 169 [195].
Zaken:
PCIJ, The Case of the "S.S. Lotus", 7 September 1927, Series A, No. 10, para. [44], EIR 531
[563];