Filosofie hoorcollege 1 tm
hoorcollege 3
Filosofische vragen ten opzichte van ander
vragen in de pedagogiek
Feitelijke vragen
- Het antwoord kan je waarnemen met je zintuigen.
- Intentie is om een antwoord te geven dat ‘waar’ of ‘onwaar’ is.
- Antwoorden zijn descriptief (waar of onwaar)
- Voorbeelden: Hoe groot is dat kind? Welke kleur is dat?
Technische-instrumentele vragen
- Vragen naar instructie. Hoe moet ik dit probleem aanpakken?
- Het antwoord is een handelingsrecept, gebaseerd op ervaring,
intuïtie of wetenschappelijk onderzoek.
- Het antwoord werkt wel of niet.
- Voorbeelden: Hoe moeten we met agressie omgaan? Hoe vergroten
we de sociale vaardigheden van kinderen?
Filosofische vragen
- Vraagt naar vooronderstelling, achterliggende opvattingen. Waar ga
je vanuit als je dit of dat beweert?
- Vraagt naar invullingen van begrippen en/of achterliggende
opvattingen. Waar verwijs je naar als je het hebt over vrijheid?
- Het antwoord kan je niet bewijzen via waarneming, wetenschap of
handelingsvoorschriften.
- Het antwoord op de vraag, roept nieuwe vragen op.
Ethische vragen (filosofische vragen over morele oordelen)
- Morele vragen over goed of kwaad, normen en waarden en over wat
mag en wat moet.
- Antwoorden op morele vragen zijn prescriptief (voorschrijvend)
- Het antwoord op de vraag kan je niet bewijzen via waarneming,
wetenschap of handelingsvoorschrift.
- Ethiek onderzoek waar morele antwoorden zich op baseren.
- Voorbeelden: Wat betekent vrijheid? Is de mens van nature goed?
Mag je kinderen laten meebeslissen?
, Normatieve professionaliteit
Normatief beroep -> geladen met normen en waarden.
Filosofische vragen in de kern van pedagogiek
Het schipperssyndroom (de opvoeders)
- Moet je streng en autoritair zijn of luisteren naar je kind?
- Streef je bij de opvoeding naar een gelukkig individu of voed je je
kind op om als burger in de maatschappij deel te nemen?
- Voed je genderneutraal op of maak je een verschil tussen jongens en
meisjes?
Pedagogen en de overheid
- Mag de overheid ingrijpen in het privéleven van mensen?
- Wat zijn de vooronderstellingen achter het overheidsbeleid?
- Kind-ouder-overheid: Wie zijn belang primeert?
Pedagogen en het beleid van hun organisatie
- Mag ik afwijken van het beleid van de organisatie?
- Kind-ouder-organisatie: Wie zijn belang primeert?
Pedagogen en hun eigen overtuigingen
- Eigen normen en waarden, eigen ideeën over de werkelijkheid,
botsen met normen, waarden, ideeën van kinderen, jongeren
ouders, collega’s en overheid.
Filosofische vaardigheden voor kwetsbaar opvoeden:
- Sensitief maken voor andere denkpatronen
- Oordelen opschorten
- Vanzelfsprekendheden problematiseren
- Gesprekken opnieuw vormgeven
- Denkpatronen doorbreken
- Gelijkwaardigheid in de kwetsbaarheid realiseren.
Geluk als opvoedingsdoel; zichzelf actualiseren
(Aristoteles)
Mensbeeld van Aristoteles-> de mens is een rationeel wezen, de mens is
een sociaal wezen.
Aristoteles streefde naar levende natuur, zelfverwerkelijking en
volmaaktheid. Om ons hoogste doel te willen bereiken, moeten we eerst
allerlei andere doelen nastreven, bijvoorbeeld: afstuderen van je opleiding.
hoorcollege 3
Filosofische vragen ten opzichte van ander
vragen in de pedagogiek
Feitelijke vragen
- Het antwoord kan je waarnemen met je zintuigen.
- Intentie is om een antwoord te geven dat ‘waar’ of ‘onwaar’ is.
- Antwoorden zijn descriptief (waar of onwaar)
- Voorbeelden: Hoe groot is dat kind? Welke kleur is dat?
Technische-instrumentele vragen
- Vragen naar instructie. Hoe moet ik dit probleem aanpakken?
- Het antwoord is een handelingsrecept, gebaseerd op ervaring,
intuïtie of wetenschappelijk onderzoek.
- Het antwoord werkt wel of niet.
- Voorbeelden: Hoe moeten we met agressie omgaan? Hoe vergroten
we de sociale vaardigheden van kinderen?
Filosofische vragen
- Vraagt naar vooronderstelling, achterliggende opvattingen. Waar ga
je vanuit als je dit of dat beweert?
- Vraagt naar invullingen van begrippen en/of achterliggende
opvattingen. Waar verwijs je naar als je het hebt over vrijheid?
- Het antwoord kan je niet bewijzen via waarneming, wetenschap of
handelingsvoorschriften.
- Het antwoord op de vraag, roept nieuwe vragen op.
Ethische vragen (filosofische vragen over morele oordelen)
- Morele vragen over goed of kwaad, normen en waarden en over wat
mag en wat moet.
- Antwoorden op morele vragen zijn prescriptief (voorschrijvend)
- Het antwoord op de vraag kan je niet bewijzen via waarneming,
wetenschap of handelingsvoorschrift.
- Ethiek onderzoek waar morele antwoorden zich op baseren.
- Voorbeelden: Wat betekent vrijheid? Is de mens van nature goed?
Mag je kinderen laten meebeslissen?
, Normatieve professionaliteit
Normatief beroep -> geladen met normen en waarden.
Filosofische vragen in de kern van pedagogiek
Het schipperssyndroom (de opvoeders)
- Moet je streng en autoritair zijn of luisteren naar je kind?
- Streef je bij de opvoeding naar een gelukkig individu of voed je je
kind op om als burger in de maatschappij deel te nemen?
- Voed je genderneutraal op of maak je een verschil tussen jongens en
meisjes?
Pedagogen en de overheid
- Mag de overheid ingrijpen in het privéleven van mensen?
- Wat zijn de vooronderstellingen achter het overheidsbeleid?
- Kind-ouder-overheid: Wie zijn belang primeert?
Pedagogen en het beleid van hun organisatie
- Mag ik afwijken van het beleid van de organisatie?
- Kind-ouder-organisatie: Wie zijn belang primeert?
Pedagogen en hun eigen overtuigingen
- Eigen normen en waarden, eigen ideeën over de werkelijkheid,
botsen met normen, waarden, ideeën van kinderen, jongeren
ouders, collega’s en overheid.
Filosofische vaardigheden voor kwetsbaar opvoeden:
- Sensitief maken voor andere denkpatronen
- Oordelen opschorten
- Vanzelfsprekendheden problematiseren
- Gesprekken opnieuw vormgeven
- Denkpatronen doorbreken
- Gelijkwaardigheid in de kwetsbaarheid realiseren.
Geluk als opvoedingsdoel; zichzelf actualiseren
(Aristoteles)
Mensbeeld van Aristoteles-> de mens is een rationeel wezen, de mens is
een sociaal wezen.
Aristoteles streefde naar levende natuur, zelfverwerkelijking en
volmaaktheid. Om ons hoogste doel te willen bereiken, moeten we eerst
allerlei andere doelen nastreven, bijvoorbeeld: afstuderen van je opleiding.