100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting basisboek bedrijfseconomie

Beoordeling
-
Verkocht
2
Pagina's
51
Geüpload op
23-10-2025
Geschreven in
2025/2026

Deze samenvatting heb ik geschreven voor het tentamen van het vak bedrijfseconomische beginselen. Het bevat hoofdstuk 1 t/m 10, exclusief H9 omdat deze niet gevraagd werd.

Voorbeeld van de inhoud

1. Bedrijfseconomie en
onderneming
Productie huishouding= ook wel bedrijf. Vervaardigen goederen en
diensten en verkopen deze aan de consument. Het gaat niet enkel om
fysieke producten, maar ook om bvb handel en dienstverlening.
Economische wetenschap (economics)= vraagstuk dat samenhangt
met het streven naar welvaart van de mens: hoe kan iemand zo goed
mogelijk zijn voorzien met zo gering mogelijke opoffering van middelen
Algemene economie (general economics)= bestudeert de relatie tussen
consument en producent, en producenten onderling. Daarbij wordt
onderscheid gemaakt tussen micro en macro economie.
Micro-economie (microeconomics)= vraagstukken als: hoe komt
prijsvorming op een bepaalde markt? Dingen die meebepalen is o.a. het
aantal aanbieders en het aantal vragers.
Macro-economie (macroeconomics)= vraagstukken mbt economische
problemen van de maatschappij in het algemeen, zoals inflatie en
werkloosheid.
Bedrijfseconomie (business economics)= het economisch handelen
binnen de productorganisatie/gewone bedrijven.
Ondernemingen (companies)= productieorganisaties die gericht zijn op
het maken van winst (profit, income).
Winst = opbrengst – kosten. Als bedrijf streef je hier natuurlijk naar; de
manier waarop deze winst wordt behaald is een secundaire kwestie.
Winst vormt dus, meestal, het doel en de activiteiten het middel. Hier
enkele kanttekeningen:
- Streven naar winst tot ‘elke prijs’ is meestal niet aan de orde. De
continuïteit (continuity) is evenals een belangrijk
uitgangspuntvoortbestaan van de onderneming. Hierbij wordt er
dus ook gekeken naar winststreven op langetermijnperspectief.
- Soms lijkt het alsof het niet gaat om een zo groot mogelijke winst
behalen, maar om een zo groot mogelijk omzet. Dat is een groot
verschil.
- Als ondernemingen op het internet hun doel beschrijven, komt
winststreven meestal niet prominent naar voren; wel zaken als
milieu, arbeidsvreugde enzo.

Een productieorganisatie heeft te maken met 2 markten: inkoopmarkt en
de verkoopmarkt.
- Maakt gebruik van producten
grondstoffen, machines, gebouwen,


,Duurzame productiemiddelen= blijven gedurende langere tijd in de
onderneming.



Grondstoffen + duurzame productiemiddelen = kapitaal (capital)
Tussen het kapitaal en de arbeid zelf kan een formeel karakter optreden,
maar ook bijvoorbeeld een informeel karakter.
Bij formeel moet je denken aan: rechten en plichten vd organisatie zijn
schriftelijk vastgezet. In de statuten en taakomschrijving worden de
bevoegdheden van aandeelhouders, directie en medewerkers
opgeschreven.

Efficiëntie (efficiency)= doelmatigheid van het proces. Bereiken van het
doel met zo weinig mogelijk middelen. Heeft dus betrekking tot kosten!
Effectiviteit (effectiveness)= doelgerichtheid van het proces. De mate
waarin het product geschikt is om te voldoen aan de eisen van de
afnemers (consumenten/klanten). Heeft dus betrekking tot omzet!
Eindproduct is namelijk zo gemaakt dat klanten er best voor willen
betalen.
Winstcijfer= zowel een maatstaf voor de effectiviteit als voor de
efficiëntie. Het is immers het saldo van de omzet (sales revenu, turnover)
en kosten
(costs).




2 soorten non-profitorganisaties: overheidssector en particuliere non-
profits.
Overheidssector (public sector)=
bestaat uit nationale, staats-/provinciale en lokale eenheden. Levert
vooral collectieve goederen en diensten: voorzieningen die voor de
bevolking over het algemeen zijn, denk aan wegen, dijken en
veiligheid. Deze voorzieningen kunnen niet tot stand komen zonder
marktmechanisme (market mechanism): vrije spel van vraag en
aanbod, waardoor prijzen tot stand komen. Hierbij komt
budgetmechanisme (budget mechanism) om de hoek kijken:

, gedwongen bijdragen (belastingen bvb). Sommige collectieve
goederen zijn er ook die losstaan van de overheidsorganisatie en
moeten op de markt hun eigen bestaan bewijzen: privatisering
denk aan OV, telefonie, postbezorging, levering van energie
Particuliere non-profitorganisaties=
rijke verscheidenheid qua soorten. Denk aan amateur
sportverenigingen, goededoelenorganisaties (dit is een voorbeeld
van fondsenwervende instellingen: geld inzamelen om een bepaald
maatschappelijk doel te bereiken.
Non-profit organisaties kunnen niet voortbestaan door zakelijke
markttransacties ze zijn economisch niet zelfstandig, maar afhankelijk
van dingen als contributies, donaties, subsidies, schenkingen, erfenissen
en dergelijke.

Een beoordeling van effectiviteit is lastiger bij non-profits, aangezien het
afhankelijk is van het winstcijfer, en ze maken natuurlijk geen winst. Dan
wordt de effectiviteit dus op andere manieren gemeten. Meting van
efficiëntie kan wel worden berekend door middel van de kostprijs.

Indeling van bedrijven in verschillende sectoren:
Primaire sector: land-en bosbouw (agriculture and forestry), visserij
(fishing) en mijnbouw (mining)
Secundaire sector: industrie (manufacturing)
Tertiaire sector: handel (trade)
Quartaire sector: dienstverlening (services)

Land-en bosbouw: rijkdommen van de natuur; dus weinig grondstof
nodig voor eindproduct. Kosten zeer gering. Mijnwinning zelfs helemaal
geen grondstoffen nodig. Wel belang bij duurzame productiemiddelen.

Industrie:
stukproductie (job production) producten creeren speciaal op maat. Er is
dus geen voorraad van aanwezig.
Massaproductie (mass production) een soort product in een grote
hoeveelheid; geen rekening gehouden met specifieke klantenwensen. Op
voorraad geproduceerd.
Tussenvorm = (half) producten (batch production)
Serie-stuk productie  klant krijgt individuele eindproduct, maar de
componenten van het product waaruit het is gemaakt is ingekocht in
grotere aantallen.
Serie-massa productie varianten of modellen van een standaardproduct
worden geproduceerd.

, 3 inputs: grondstof, duurzame productiemiddelen en menselijke
arbeidskracht.
I_> dit hangt af van de soort onderneming.

Handelsonderneming=produceren zelf niet. Bestaan enkel door een
ongelijkheid tussen procuctie en consumptie:
- Grootte
- Samenstelling
- Tijdsstip
- Plaats
Verder is er onderscheid tussen detailhandel (retail trade) en
groothandel (wholesale trade).
Detailhandel levert rechtstreeks aan consument
Groothandel koopt in bij fabriek en verkoopt weer aan andere bedrijven,
denk aan de hanos of de Sligro.

Dienstverlening: geen sprake van producten, maar van een dienst.
Kenmerkend: geen of nauwelijks grondstoffen ingekocht bij leveranciers.
Duurzame productiemiddelen vaak wel zeer belangrijk.
- Financiele dienstverlening
- Horeca
- Transport
- Ict-dienstverlening
- Facilitaire dienstverlening

Bedrijfskolom (supply chain)= de totale keten van bedrijven die
betrokken zijn bij het voortbrengen van een product of dienst. Het geheel
loopt van producent tot consument.
Gezamenlijke bedrijven in een schakel van een bedrijfskolom vormen zo
een bedrijfstak (industry): denk aan alle supermarkten.
Het komt wel soms voor dat een bedrijf zorgt voor verschillende
opvolgende schakels in zo’n bedrijfskolom integratie (vertical
integration)
Soms komt het ook voor dat een bedrijf voorkomt in verschillende
bedrijfskolommen door het verbreden van het assortiment
parallellisatie (horizontal integration)
Sommige bedrijven zijn zo groot dat ze verschillende schakels in
verschillende bedrijfskolommen kunnen vervullen, dit heten dan
conglomeraten (conglomerates). Echter, dit is niet meer heel populair,
omdat het lastig is om voor de centrale leiding een mix van
bedrijfsonderdelen te besturen: ‘back to core business’ is de trend nu
weer: bedrijven centreren zich op hun kernactiviteiten.

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Hoofdstuk 1 t/m 10 exclusief h9
Geüpload op
23 oktober 2025
Aantal pagina's
51
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting

Onderwerpen

€7,66
Krijg toegang tot het volledige document:

100% tevredenheidsgarantie
Direct beschikbaar na je betaling
Lees online óf als PDF
Geen vaste maandelijkse kosten

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
yasminnijman

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
yasminnijman Hogeschool Windesheim
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
2
Lid sinds
3 maanden
Aantal volgers
0
Documenten
14
Laatst verkocht
3 maanden geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen