Gespreksvaardigheid
1 Basisgespreksvaardigheden
Communicatie tussen mensen is een proces van actie en reactie.
Communicatie is het uitwisselen van informatie, een proces waarbij een zender een
boodschap aan 1 of meer ontvanger(s) aanbiedt. Voorwaarde bij communicatie is dat de
ontvanger door middel van terugkoppeling aan de zender laat blijken of hij de boodschap
heeft ontvangen en begrepen.
Wat de zender aan de ontvanger wil overbrengen is de boodschap. Het is van groot belang dat
de uitgezonden boodschap bij de ontvanger overkomt zoals de zender het bedoelt. Soms kan
er ruis in de communicatie optreden: storingen in de communicatie die ervoor zorgen dat de
boodschap bij de ontvanger anders overkomt dan de zender bewust of onbewust bedoelt.
Ruis en miscommunicatie kunnen ontstaan doordat de waarneming of interpretatie verstoord
wordt. Onder waarnemen wordt verstaan: het met zintuigen waarnemen van bepaalde
personen, voorwerpen, onderwerpen, gebeurtenissen of situaties. Wanneer aan datgene wat
we hebben waargenomen betekenis wordt toegekend, spreken we van interpreteren.
Er zijn 2 soorten ruis te onderscheiden: externe ruis en interne ruis.
Externe ruis betreft zaken als:
Omgevingsgeluid
Afwijkende kleding van de zender
Opvallend accent van de zender
Zon die direct in de ogen van de ontvanger schijnt
Interne ruis speelt zich voornamelijk af in het hoofd van de zender of ontvanger.
Het is belangrijk om ruis zo veel mogelijk te voorkomen door van tevoren na te denken over
een rustige locatie, kleding, enz. Ook is het aan te raden je zo veel mogelijk bewust te zijn
van je eigen referentiekader en van dat van de ander.
Een andere factor die ervoor kan zorgen dat de boodschap van de zender niet zo bij de
ontvanger overkomt als de zender bedoelt, is het referentiekader van de zender en ontvanger.
Ieder mens heeft op grond van opvoeding en ervaring zijn eigen pakket ideeën, normen,
waarden en attitudes. Deze vormen samen zijn referentiekader. Tijdens het zenden en
ontvangen van een boodschap filteren de referentiekaders van zowel de zender als de
ontvanger de boodschap. Het is voor de juridisch professional van belang om zo veel
mogelijk onbevooroordeeld met anderen te communiceren. Door een open houding te
, hebben, goed te luisteren en de interpretaties te controleren bij de ander kunnen
miscommunicatie en ruis zo veel mogelijk worden voorkomen.
Normen en waarden spelen bij het referentiekader ook een rol. Waarden zijn abstracte, vrij
vage opvattingen over wat juist en wenselijk is. Normen zijn afgeleid van waarden en zijn
collectieve opvattingen over wat wel en wat niet hoort te gebeuren. Waarden zijn groter dan
normen en liggen meer vast. Normen zijn gedragsregels en een invulling van een waarde. Het
is dus altijd van belang om je eigen referentiekader te kennen en die van de gesprekspartner
in te schatten. Om een zo juist mogelijke interpretatie te krijgen, kan de juridisch professional
controle vragen stellen.
Boodschappen kunnen 4 aspecten bevatten:
Het zakelijke, referentiele aspect
Het expressieve aspect
o De (non-verbale) manier waarop de boodschap gebracht wordt. Is de zender
ontspannen? Wat straalt hij uit (expressie)?
Het rationele aspect
o De manier waarop de zender en ontvanger met elkaar communiceren. Wat is
hun relatie tot elkaar en welke invloed heeft dat op het gesprek?
Het appellerende aspect
o Het doel. Appelleren betekent oproepen: wat wil de zender met de boodschap
bereiken?
Alle 4 de aspecten kunnen elkaar beïnvloeden en tegelijkertijd van toepassing zijn in een
gesprek.
Er bestaat een duidelijk verschil tussen professionele gesprekken en informele gesprekken.
Professionele gespreksvoering:
Doelgericht
Rolverdeling kan ongelijk zijn (bijvoorbeeld sollicitant en selectiecommissie)
Gefaseerd
Gehouden aan afspraken
Onderworpen aan formele kaders zoals tijd en standaardformulieren
Informele gespreksvoering
Associatief
Ongestructureerde rolverdeling
Kan onderbroken worden
Vaak in de privésfeer
1 Basisgespreksvaardigheden
Communicatie tussen mensen is een proces van actie en reactie.
Communicatie is het uitwisselen van informatie, een proces waarbij een zender een
boodschap aan 1 of meer ontvanger(s) aanbiedt. Voorwaarde bij communicatie is dat de
ontvanger door middel van terugkoppeling aan de zender laat blijken of hij de boodschap
heeft ontvangen en begrepen.
Wat de zender aan de ontvanger wil overbrengen is de boodschap. Het is van groot belang dat
de uitgezonden boodschap bij de ontvanger overkomt zoals de zender het bedoelt. Soms kan
er ruis in de communicatie optreden: storingen in de communicatie die ervoor zorgen dat de
boodschap bij de ontvanger anders overkomt dan de zender bewust of onbewust bedoelt.
Ruis en miscommunicatie kunnen ontstaan doordat de waarneming of interpretatie verstoord
wordt. Onder waarnemen wordt verstaan: het met zintuigen waarnemen van bepaalde
personen, voorwerpen, onderwerpen, gebeurtenissen of situaties. Wanneer aan datgene wat
we hebben waargenomen betekenis wordt toegekend, spreken we van interpreteren.
Er zijn 2 soorten ruis te onderscheiden: externe ruis en interne ruis.
Externe ruis betreft zaken als:
Omgevingsgeluid
Afwijkende kleding van de zender
Opvallend accent van de zender
Zon die direct in de ogen van de ontvanger schijnt
Interne ruis speelt zich voornamelijk af in het hoofd van de zender of ontvanger.
Het is belangrijk om ruis zo veel mogelijk te voorkomen door van tevoren na te denken over
een rustige locatie, kleding, enz. Ook is het aan te raden je zo veel mogelijk bewust te zijn
van je eigen referentiekader en van dat van de ander.
Een andere factor die ervoor kan zorgen dat de boodschap van de zender niet zo bij de
ontvanger overkomt als de zender bedoelt, is het referentiekader van de zender en ontvanger.
Ieder mens heeft op grond van opvoeding en ervaring zijn eigen pakket ideeën, normen,
waarden en attitudes. Deze vormen samen zijn referentiekader. Tijdens het zenden en
ontvangen van een boodschap filteren de referentiekaders van zowel de zender als de
ontvanger de boodschap. Het is voor de juridisch professional van belang om zo veel
mogelijk onbevooroordeeld met anderen te communiceren. Door een open houding te
, hebben, goed te luisteren en de interpretaties te controleren bij de ander kunnen
miscommunicatie en ruis zo veel mogelijk worden voorkomen.
Normen en waarden spelen bij het referentiekader ook een rol. Waarden zijn abstracte, vrij
vage opvattingen over wat juist en wenselijk is. Normen zijn afgeleid van waarden en zijn
collectieve opvattingen over wat wel en wat niet hoort te gebeuren. Waarden zijn groter dan
normen en liggen meer vast. Normen zijn gedragsregels en een invulling van een waarde. Het
is dus altijd van belang om je eigen referentiekader te kennen en die van de gesprekspartner
in te schatten. Om een zo juist mogelijke interpretatie te krijgen, kan de juridisch professional
controle vragen stellen.
Boodschappen kunnen 4 aspecten bevatten:
Het zakelijke, referentiele aspect
Het expressieve aspect
o De (non-verbale) manier waarop de boodschap gebracht wordt. Is de zender
ontspannen? Wat straalt hij uit (expressie)?
Het rationele aspect
o De manier waarop de zender en ontvanger met elkaar communiceren. Wat is
hun relatie tot elkaar en welke invloed heeft dat op het gesprek?
Het appellerende aspect
o Het doel. Appelleren betekent oproepen: wat wil de zender met de boodschap
bereiken?
Alle 4 de aspecten kunnen elkaar beïnvloeden en tegelijkertijd van toepassing zijn in een
gesprek.
Er bestaat een duidelijk verschil tussen professionele gesprekken en informele gesprekken.
Professionele gespreksvoering:
Doelgericht
Rolverdeling kan ongelijk zijn (bijvoorbeeld sollicitant en selectiecommissie)
Gefaseerd
Gehouden aan afspraken
Onderworpen aan formele kaders zoals tijd en standaardformulieren
Informele gespreksvoering
Associatief
Ongestructureerde rolverdeling
Kan onderbroken worden
Vaak in de privésfeer