1.2
Inhoud
Sociologie...............................................................................................................................................2
Bijeenkomst 1.....................................................................................................................................2
Bijeenkomst 2.....................................................................................................................................2
Bijeenkomst 3.....................................................................................................................................3
Bijeenkomst 4.....................................................................................................................................4
Bijeenkomst 5.....................................................................................................................................5
Bijeenkomst 6.....................................................................................................................................5
Methodiek..............................................................................................................................................5
Bijeenkomst 1.....................................................................................................................................5
Bijeenkomst 2.....................................................................................................................................6
Bijeenkomst 3.....................................................................................................................................7
Bijeenkomst 4.....................................................................................................................................8
Psychologie.............................................................................................................................................9
Bijeenkomst 1.....................................................................................................................................9
Bijeenkomst 2...................................................................................................................................10
Bijeenkomst 3...................................................................................................................................11
Bijeenkomst 4...................................................................................................................................13
Bijeenkomst 5...................................................................................................................................14
Bijeenkomst 6...................................................................................................................................15
, Sociologie
Bijeenkomst 1
Begrippen
Socialisatie: proces waarbij iemand de waarden, normen en andere cultuurkenmerken van zijn groep krijgt
aangeleerd en klaar wordt gemaakt voor de samenleving (opvoeding) Stopt niet bij volwassenwording.
Primaire socialisatie: proces binnen het gezin, opvoedsituatiesen, deel leren nemen aan levensgebied.
Secundaire socialisatie: proces op school, werk, vrienden, buiten de vetrouwde wereld. Deelname aan nieuwe
levensgebieden. Gaat samen met mobiliteit en statusverandering.
Tertiaire socialisatie: proces via massamedia.
Samengestelde socialisatie: voor socialisatie zijn verschillende actoren verantwoordelijk (coach, vriend, juf).
Roltheorie: iedere samenleving is anders. In iedere samenleving wordt iets anders verwacht van mensen.
Rolverwachtingen: gedragsregels waaraan iemand zich door socialisatie heeft leren houden.
Wederzijdse rolverwachting: iemand weet wat er van hem verwacht wordt in bepaalde situaties.
Mentale bagage: moeilijkheden die we hebben ervaren. Stelt iemand in staat tot zelfstandig handelen.
Position set: reeks podia/levensgebieden waarop iemand actief is.
Role set: de verschillende rolverwachtingen waar iemand in een situatie/levensgebied mee te maken heeft.
Toeschrijving van verwachtingen: kenmerken kunnen verwachtingen oproepen bij een ander.
Kruispuntvergelijking/meervoudige kruispunten: de verschillende rollen die elkaar kunnen beïnvloeden.
Levensgebieden: onder te verdelen in wonen, werken en ontspannen.
Sociale differentiatie: het onderscheid binnen een sociaal systeem (biologische, fysiologische en cultureel).
Ecosysteem: een samenhangend geheel van personen, dingen, gewoonten en spelregels.
Kern socialisatie en opvoeding: besef dat niemand als kant-en-klaar individu geboren is.
Denkbeeldige positiewisseling: draagt bij aan de vorming van mentale bagage.
Subject: zelfstandig handelend individu, een persoon.
Object: een ding.
Drielagenindeling sociale geografie
1. Flora en fauna: de bodem en de waterhuishouding.
2. Verbindingen voor personen, goederen en berichten.
3. Woonhuizen, weilanden, akkers, kantoren, sportvelden en andere ontspanningsruimten.
Input-outputmodel:
Input: alles wat iemand leert van personen en dingen. Output: de persoon gebruikt de input, in de loopt van
zijn leven, om eigen bijdrage te leveren aan het sociale leven.
Bourdieu Habitus
‘Habitus’ gebruikt Bourdieu als verwijzing naar de ideeën, gevoelens en neigingen die iemand verworven heeft.
Dit maakt het mogelijk dat iemand de informatie verwerkt die van buitenaf komt en de handelingen kiest om in
de buitenwereld te interveniëren. Habitusvorming gaat samen met uitproberen en veranderen.
Bijeenkomst 2
Begrippen:
Pedagogische civil society (PCS): gezamelijke activiteiten van burgers rondom het grootbrengen van kinderen.
Microsysteem: de gezamenlijke input/netwerk van personen, voorwerpen, gewoonten, plaatsen en tijdritmen.
Psycholoog Urie Bronfenbrenner omschreef het als een netwerk van personen, voorwerpen en gewoonten.
Veranderlijkheid van microsystemen: voorbeeld is de komst van een nieuwe leraar.
Significant other: voorbeeldfiguur.
Microsystemen van een kind: thuis, school, groep vrienden, zangkoor, sportgroep.
Sociaalecologische benadering: bij deze benadering hoort de gedachte dat sociale differentiatie leidt tot
activiteiten in meer dan één levensgebied.