Hoorcollege 6 : Vrij verkeer van werknemers en Burgerschap van de
Unie
______________________________________________________________________________________
Literatuur : Kern van het Europees recht
- H. 8
Wetgeving :
- Richtlijn 2004/38/EG (Burgerschapsrichtlijn)
Jurisprudentie :
- Lawrie-Blum
- Bosman
______________________________________________________________________________________
De begunstigden van het vrije verkeer van personen en diensten
______________________________________________________________________________________
Burger van de Unie
Het vrije verkeer personen en diensten geldt slechts voor natuurlijke personen die
burgers van de Unie zijn en voor de vennootschappen uit art. 54 VWEU.
Wie is een Unieburger?
Elk onderdaan van een lidstaat van de EU is tevens een Unieburger (art. 9 VEU jo. 20
lid 1 VWEU).
‘Dubbel burgerschap’ : het burgerschap van de Unie komt naast het nationale
burgerschap.
Twee categorieën Unieburgers :
A. Economisch actieve burgers of marktburgers : onderdanen die van een lidstaat
naar een andere lidstaat gaan om daar een economische activiteit uit te oefenen.
B. Economisch niet-actieve burgers of niet-marktburgers : onderdanen die van een
lidstaat naar een andere lidstaat gaan om daar géén economische activiteiten te
ontplooien.
EU-vennootschappen
Twee voorwaarden voor vennootschappen : art. 54 VWEU
A. De vennootschap moet in overeenstemming met de wetgeving van een lidstaat zijn
opgericht.
B. De vennootschap moet óf haar statutaire zetel, óf haar hoofdbestuur óf haar
hoofdvestiging binnen de EU hebben.
Ontwikkeling van het EU-burgerschap
Het oorspronkelijke EEG-verdrag kende geen rechten van vrij verkeer toe aan niet-
marktburgers.
Dergelijke rechten werden door het nationale recht van de lidstaat van ontvangst
bepaald.
Er waren hiervoor twee redenen :
(3) Het oorspronkelijke EEG-verdrag had alleen betrekking op economische integratie.
Niet economische aangelegenheden werden niet door dit verdrag geregeld.
(4) Er werd gevreesd voor sociaal toerisme. Lidstaten die goede ontwikkelde systemen
van sociale voorzieningen en medische zorg hadden, vreesden dat personen uit
lidstaten die dat niet hadden, naar hun grondgebied zouden afreizen.
, De Raad heeft een drietal richtlijnen vastgesteld die ook vrijverkeersrechten aan drie
categorieën economisch niet-actieve burgers (niet-marktburgers) toekende.
- Gepensioneerden
- Studenten
- Personen met voldoende financiële middelen
Met de inwerkingtreding van het Verdrag van Maastricht (VEU) werden de rechten van
alle Unieburgers in het EG-Verdrag vermeld in een nieuw onderdeel : Burgerschap van
de Unie.
Tegenwoordig : art. 18 ™ 25 VWEU, deze bepalingen kennen rechten toe aan alle
burgers van de Unie.
Rechten van de burger van de EU (VWEU)
- Art. 21 lid 1 : Het algemene reis-en verblijfsrecht op het grondgebied van de
lidstaten (migratierechten).
- Art. 18, 45, 49, 56 : Het recht op gelijke behandeling of op markttoegang.
- Art. 22 lid 1 : Actief en passief kiesrecht bij gemeenteraadsverkiezingen in de
lidstaat waar de Unieburger verblijft.
- Art. 23 : Diplomatieke en consulaire bescherming door de autoriteiten van andere
lidstaten in derde landen.
- Ar. 24 : Verzoekschrift Europees Parlement - Europese Ombudsman - Instellingen
van de EU schrijven.
- Art. 15 : Recht op toegang tot documenten van de EU-instellingen.
Economisch actieve burgers (marktburgers)
Naast bovenvermelde rechten kan een marktburger rechten aan één van drie
verschillende groepen bepalingen uit het VWEU ontlenen.
1. Vrije verkeer van werknemers (art. 45 ™ 48 VWEU)
2. Vrijheid van vestiging (hoorcollege 7)
3. Vrije verkeer van diensten (hoorcollege 7)
1. Vrije verkeer van werknemers
Vrij verkeer van werknemers: toetsingsschema
Stap I : Toepasselijkheid (begrip werknemer).
Stap II : De rechten bij het vrije verkeer van werknemers en de verboden gericht aan
de lidstaten.
Stap III : De uitzonderingen op het verbod om het vrije verkeer van werknemers te
beperken.
Er moet sprake zijn van een grensoverschrijdend element zijn !
Een interne situatie valt niet onder het vrije verkeer.
I.
Toepasselijkheid vrij verkeer van werknemers.
- Natuurlijke persoon
Unie
______________________________________________________________________________________
Literatuur : Kern van het Europees recht
- H. 8
Wetgeving :
- Richtlijn 2004/38/EG (Burgerschapsrichtlijn)
Jurisprudentie :
- Lawrie-Blum
- Bosman
______________________________________________________________________________________
De begunstigden van het vrije verkeer van personen en diensten
______________________________________________________________________________________
Burger van de Unie
Het vrije verkeer personen en diensten geldt slechts voor natuurlijke personen die
burgers van de Unie zijn en voor de vennootschappen uit art. 54 VWEU.
Wie is een Unieburger?
Elk onderdaan van een lidstaat van de EU is tevens een Unieburger (art. 9 VEU jo. 20
lid 1 VWEU).
‘Dubbel burgerschap’ : het burgerschap van de Unie komt naast het nationale
burgerschap.
Twee categorieën Unieburgers :
A. Economisch actieve burgers of marktburgers : onderdanen die van een lidstaat
naar een andere lidstaat gaan om daar een economische activiteit uit te oefenen.
B. Economisch niet-actieve burgers of niet-marktburgers : onderdanen die van een
lidstaat naar een andere lidstaat gaan om daar géén economische activiteiten te
ontplooien.
EU-vennootschappen
Twee voorwaarden voor vennootschappen : art. 54 VWEU
A. De vennootschap moet in overeenstemming met de wetgeving van een lidstaat zijn
opgericht.
B. De vennootschap moet óf haar statutaire zetel, óf haar hoofdbestuur óf haar
hoofdvestiging binnen de EU hebben.
Ontwikkeling van het EU-burgerschap
Het oorspronkelijke EEG-verdrag kende geen rechten van vrij verkeer toe aan niet-
marktburgers.
Dergelijke rechten werden door het nationale recht van de lidstaat van ontvangst
bepaald.
Er waren hiervoor twee redenen :
(3) Het oorspronkelijke EEG-verdrag had alleen betrekking op economische integratie.
Niet economische aangelegenheden werden niet door dit verdrag geregeld.
(4) Er werd gevreesd voor sociaal toerisme. Lidstaten die goede ontwikkelde systemen
van sociale voorzieningen en medische zorg hadden, vreesden dat personen uit
lidstaten die dat niet hadden, naar hun grondgebied zouden afreizen.
, De Raad heeft een drietal richtlijnen vastgesteld die ook vrijverkeersrechten aan drie
categorieën economisch niet-actieve burgers (niet-marktburgers) toekende.
- Gepensioneerden
- Studenten
- Personen met voldoende financiële middelen
Met de inwerkingtreding van het Verdrag van Maastricht (VEU) werden de rechten van
alle Unieburgers in het EG-Verdrag vermeld in een nieuw onderdeel : Burgerschap van
de Unie.
Tegenwoordig : art. 18 ™ 25 VWEU, deze bepalingen kennen rechten toe aan alle
burgers van de Unie.
Rechten van de burger van de EU (VWEU)
- Art. 21 lid 1 : Het algemene reis-en verblijfsrecht op het grondgebied van de
lidstaten (migratierechten).
- Art. 18, 45, 49, 56 : Het recht op gelijke behandeling of op markttoegang.
- Art. 22 lid 1 : Actief en passief kiesrecht bij gemeenteraadsverkiezingen in de
lidstaat waar de Unieburger verblijft.
- Art. 23 : Diplomatieke en consulaire bescherming door de autoriteiten van andere
lidstaten in derde landen.
- Ar. 24 : Verzoekschrift Europees Parlement - Europese Ombudsman - Instellingen
van de EU schrijven.
- Art. 15 : Recht op toegang tot documenten van de EU-instellingen.
Economisch actieve burgers (marktburgers)
Naast bovenvermelde rechten kan een marktburger rechten aan één van drie
verschillende groepen bepalingen uit het VWEU ontlenen.
1. Vrije verkeer van werknemers (art. 45 ™ 48 VWEU)
2. Vrijheid van vestiging (hoorcollege 7)
3. Vrije verkeer van diensten (hoorcollege 7)
1. Vrije verkeer van werknemers
Vrij verkeer van werknemers: toetsingsschema
Stap I : Toepasselijkheid (begrip werknemer).
Stap II : De rechten bij het vrije verkeer van werknemers en de verboden gericht aan
de lidstaten.
Stap III : De uitzonderingen op het verbod om het vrije verkeer van werknemers te
beperken.
Er moet sprake zijn van een grensoverschrijdend element zijn !
Een interne situatie valt niet onder het vrije verkeer.
I.
Toepasselijkheid vrij verkeer van werknemers.
- Natuurlijke persoon