Samenvatting berekening en bestelling CTL1
Sterkte van 4 dpt of hoger omrekenen met de formule S lens = S bril
(1 – ha x S bril)
Overrefractie ook omrekenen als eze hoger is dan 4 dpt
0,05 mm = 0,25 dpt
Centratie 2S -> highrider! Dit is een te losse lens die meet wordt genomen door het ooglid. Hierbij moet je de
radius dus krommer maken.
Diameter groter maken -> radius vlakker maken als de beweging goed is (sagitta wordt dieper).
Diameter kleiner maken -> radius boller maken als de beweging goed is (sagitta wordt vlakker).
Beoordeling gb/1-/1+ -> geen aanpassing nodig.
Per 0,50 dpt restcilinder 1 regel visusdaling/per 0,25 dpt sferische waarde 1 regel visusdaling.
→ Hierbij berekenen, dus niet kijken welke visusregels er beschikbaar zijn.
Sterkte in pasbril = het verschil tussen de berekende sterkte van het oog en berekende sterkte van de lens.
Sferische waarde restcilinder -> restcilinder delen door 2
Zachte contactlenzen
Restcilinder = refractie cilinder (bij een zachte lens wordt de corneacilinder weggelaten)
Radius berekenen: gemiddelde k-waarde + 1,0
Mogelijke diameters: 13/14/15
Mogelijke radii: 8,3/8,6/8,9/9,2
Traanlens = 0
Harde contactlenzen
Corneacilinder > refractiecilinder -> restcilinder positief
Corneacilinder < refractiecilinder -> restcilinder negatief
Radius berekenen: gemiddelde radius + 0,1
Radius verander je in stappen van 0,1, alle radii zijn beschikbaar in stappen van 0,05
Mogelijke diameters: 9,0/9,3/9,6 de optische zones zijn 2 mm kleiner dus 7,0/7,3/7,6
Traanlens bereken je vanaf de vlakste K-waarde
→ Positief -> radius krommer dan vlakste k-waarde
→ Negatief -> radius vlakker dan vlakste k-waarde
Als de radius gelijk is gebleven bij het aanpassen is de gecreëerde traanlens 0 . Deze is namelijk meegenomen
in de overrefractie en er is daarna niks meer aan de lens veranderd. Als deze wel is veranderd is de traanlens
het verschil tussen de oude radius en de nieuwe radius.
Sterkte van 4 dpt of hoger omrekenen met de formule S lens = S bril
(1 – ha x S bril)
Overrefractie ook omrekenen als eze hoger is dan 4 dpt
0,05 mm = 0,25 dpt
Centratie 2S -> highrider! Dit is een te losse lens die meet wordt genomen door het ooglid. Hierbij moet je de
radius dus krommer maken.
Diameter groter maken -> radius vlakker maken als de beweging goed is (sagitta wordt dieper).
Diameter kleiner maken -> radius boller maken als de beweging goed is (sagitta wordt vlakker).
Beoordeling gb/1-/1+ -> geen aanpassing nodig.
Per 0,50 dpt restcilinder 1 regel visusdaling/per 0,25 dpt sferische waarde 1 regel visusdaling.
→ Hierbij berekenen, dus niet kijken welke visusregels er beschikbaar zijn.
Sterkte in pasbril = het verschil tussen de berekende sterkte van het oog en berekende sterkte van de lens.
Sferische waarde restcilinder -> restcilinder delen door 2
Zachte contactlenzen
Restcilinder = refractie cilinder (bij een zachte lens wordt de corneacilinder weggelaten)
Radius berekenen: gemiddelde k-waarde + 1,0
Mogelijke diameters: 13/14/15
Mogelijke radii: 8,3/8,6/8,9/9,2
Traanlens = 0
Harde contactlenzen
Corneacilinder > refractiecilinder -> restcilinder positief
Corneacilinder < refractiecilinder -> restcilinder negatief
Radius berekenen: gemiddelde radius + 0,1
Radius verander je in stappen van 0,1, alle radii zijn beschikbaar in stappen van 0,05
Mogelijke diameters: 9,0/9,3/9,6 de optische zones zijn 2 mm kleiner dus 7,0/7,3/7,6
Traanlens bereken je vanaf de vlakste K-waarde
→ Positief -> radius krommer dan vlakste k-waarde
→ Negatief -> radius vlakker dan vlakste k-waarde
Als de radius gelijk is gebleven bij het aanpassen is de gecreëerde traanlens 0 . Deze is namelijk meegenomen
in de overrefractie en er is daarna niks meer aan de lens veranderd. Als deze wel is veranderd is de traanlens
het verschil tussen de oude radius en de nieuwe radius.