WSET 3 Voorbereiding op open vragen
Voorbeeldzinnen die je kan gebruiken bij open vragen:
Klimaat en ligging =
• “Het koele klimaat vertraagt de rijping, waardoor zuren behouden blijven en de aroma’s
verfijnder zijn.”
• “Warme temperaturen zorgen voor een hoge suikerrijpheid, wat leidt tot een hoger
alcoholpercentage en rijpere fruittonen.”
• “De verkoelende invloed van de oceaan voorkomt overrijping en behoudt de balans in de
wijn.”
• “De hoge ligging resulteert in koelere nachten, wat zorgt voor frisse zuren en langzamere
rijping.”
Bodem en terroir =
• “De goed drainerende bodem voorkomt waterstagnatie en stimuleert diepe wortelgroei, wat
de druivenconcentratie bevordert.”
• “Kalkrijke bodems dragen bij aan de mineraliteit en frisse stijl van de wijn.”
• “De arme, stenige bodems beperken de opbrengst, wat de concentratie in de druif ten
goede komt.”
Druif en wijnstijl =
• “Cabernet Sauvignon heeft een dikke schil, wat zorgt voor diepe kleur, hoge tannines en een
stevige structuur.”
• “Sauvignon Blanc geeft frisse wijnen met hoge zuren en uitgesproken aroma’s van citrus,
gras en kruisbessen.”
• “Pinot Noir is gevoelig voor terroir en geeft in koelere klimaten elegante wijnen met aroma’s
van rood fruit en aarde.”
Wijnmaaktechniek en rijping =
• “Fermentatie in RVS helpt om primaire fruitaroma’s te behouden en oxidatie te voorkomen.”
• “Rijping op nieuwe eiken vaten voegt smaken toe zoals vanille, toast en ceder, en verzacht
de tannines.”
• “Lagering op de lie verhoogt het mondgevoel en geeft tonen van brooddeeg of brioche.”
• “Bij mousserende wijn zorgt de tweede gisting op fles voor complexiteit en aroma’s van toast
en gist.”
Algemene stijlomschrijvingen =
• “De wijn is vol van body, met rijp zwart fruit, stevige tannines en goed geïntegreerd
eikenhout.”
• “Een frisse, droge wijn met hoge zuren, licht alcohol en aroma’s van groene appel en
citroen.”
• “Door het warme klimaat en de houtrijping is de wijn krachtig, met rijp fruit, specerijen en een
ronde afdronk.”
, Vraag en antwoorden openvragen =
Vraag 1.
Leg uit waarom een Riesling uit Mosel vaak een lager alcoholgehalte en hogere zuren
heeft dan een Riesling uit Clare Valley. (4 punten)
Mosel heeft een koel klimaat, waardoor de Riesling langzamer en minder volledig rijpt.
Hierdoor ontwikkelen de druiven minder suikers, wat leidt tot een lager alcoholgehalte in
de wijn.
De koele omstandigheden zorgen ook voor een hoger zuurgehalte, typisch voor Mosel
Riesling. Clare Valley heeft een warmer klimaat, waardoor Riesling voller rijpt, meer
suiker opbouwt en dus meer alcohol bevat, en iets lagere zuren heeft dan Mosel.
Vraag 2.
Beschrijf drie factoren die bijdragen aan de hoge kwaliteit van rode wijnen uit de
noordelijke Rhône. (6 punten)
Steile hellingen zorgen voor optimale zonexpositie en goede drainage, wat belangrijk is
in het koele klimaat van de Noordelijke Rhône. Dit helpt Syrah volledig rijpen, wat
bijdraagt aan concentratie en aromatische complexiteit.
De bodem bevat veel graniet, dat warmte vasthoudt en wortelgroei beperkt, wat lage
opbrengsten en geconcentreerde smaken oplevert.
Het gebruik van uitsluitend Syrah, een veeleisend maar karaktervol druivenras, draagt bij
aan de productie van intens aromatische wijnen met goede structuur en
rijpingspotentieel.
Vraag 3.
Een wijn is gelabeld als ‘Chablis Premier Cru’. Leg uit welke kenmerken je kunt
verwachten op basis van klimaat, bodem en vinificatie. (8 punten)
Chablis Premier Cru wordt gemaakt van Chardonnay, het enige toegestane druivenras in
de regio.
Het klimaat is koel continentaal, met risico op vorst en een relatief korte rijpingsperiode.
Hierdoor zijn de wijnen licht tot medium van body, met hoge zuren en frisse aroma’s
zoals groene appel en citroen.
De Kimmeridgian kalksteenbodems, die rijk zijn aan fossielen, dragen bij aan de typische
mineraliteit en spanning in de wijn.
Premier Cru-wijngaarden zijn vaak beter gelegen qua zonexpositie (bijvoorbeeld op zuid-
/zuidoosthellingen), wat zorgt voor betere rijping en meer concentratie dan gewone
Chablis.
Voorbeeldzinnen die je kan gebruiken bij open vragen:
Klimaat en ligging =
• “Het koele klimaat vertraagt de rijping, waardoor zuren behouden blijven en de aroma’s
verfijnder zijn.”
• “Warme temperaturen zorgen voor een hoge suikerrijpheid, wat leidt tot een hoger
alcoholpercentage en rijpere fruittonen.”
• “De verkoelende invloed van de oceaan voorkomt overrijping en behoudt de balans in de
wijn.”
• “De hoge ligging resulteert in koelere nachten, wat zorgt voor frisse zuren en langzamere
rijping.”
Bodem en terroir =
• “De goed drainerende bodem voorkomt waterstagnatie en stimuleert diepe wortelgroei, wat
de druivenconcentratie bevordert.”
• “Kalkrijke bodems dragen bij aan de mineraliteit en frisse stijl van de wijn.”
• “De arme, stenige bodems beperken de opbrengst, wat de concentratie in de druif ten
goede komt.”
Druif en wijnstijl =
• “Cabernet Sauvignon heeft een dikke schil, wat zorgt voor diepe kleur, hoge tannines en een
stevige structuur.”
• “Sauvignon Blanc geeft frisse wijnen met hoge zuren en uitgesproken aroma’s van citrus,
gras en kruisbessen.”
• “Pinot Noir is gevoelig voor terroir en geeft in koelere klimaten elegante wijnen met aroma’s
van rood fruit en aarde.”
Wijnmaaktechniek en rijping =
• “Fermentatie in RVS helpt om primaire fruitaroma’s te behouden en oxidatie te voorkomen.”
• “Rijping op nieuwe eiken vaten voegt smaken toe zoals vanille, toast en ceder, en verzacht
de tannines.”
• “Lagering op de lie verhoogt het mondgevoel en geeft tonen van brooddeeg of brioche.”
• “Bij mousserende wijn zorgt de tweede gisting op fles voor complexiteit en aroma’s van toast
en gist.”
Algemene stijlomschrijvingen =
• “De wijn is vol van body, met rijp zwart fruit, stevige tannines en goed geïntegreerd
eikenhout.”
• “Een frisse, droge wijn met hoge zuren, licht alcohol en aroma’s van groene appel en
citroen.”
• “Door het warme klimaat en de houtrijping is de wijn krachtig, met rijp fruit, specerijen en een
ronde afdronk.”
, Vraag en antwoorden openvragen =
Vraag 1.
Leg uit waarom een Riesling uit Mosel vaak een lager alcoholgehalte en hogere zuren
heeft dan een Riesling uit Clare Valley. (4 punten)
Mosel heeft een koel klimaat, waardoor de Riesling langzamer en minder volledig rijpt.
Hierdoor ontwikkelen de druiven minder suikers, wat leidt tot een lager alcoholgehalte in
de wijn.
De koele omstandigheden zorgen ook voor een hoger zuurgehalte, typisch voor Mosel
Riesling. Clare Valley heeft een warmer klimaat, waardoor Riesling voller rijpt, meer
suiker opbouwt en dus meer alcohol bevat, en iets lagere zuren heeft dan Mosel.
Vraag 2.
Beschrijf drie factoren die bijdragen aan de hoge kwaliteit van rode wijnen uit de
noordelijke Rhône. (6 punten)
Steile hellingen zorgen voor optimale zonexpositie en goede drainage, wat belangrijk is
in het koele klimaat van de Noordelijke Rhône. Dit helpt Syrah volledig rijpen, wat
bijdraagt aan concentratie en aromatische complexiteit.
De bodem bevat veel graniet, dat warmte vasthoudt en wortelgroei beperkt, wat lage
opbrengsten en geconcentreerde smaken oplevert.
Het gebruik van uitsluitend Syrah, een veeleisend maar karaktervol druivenras, draagt bij
aan de productie van intens aromatische wijnen met goede structuur en
rijpingspotentieel.
Vraag 3.
Een wijn is gelabeld als ‘Chablis Premier Cru’. Leg uit welke kenmerken je kunt
verwachten op basis van klimaat, bodem en vinificatie. (8 punten)
Chablis Premier Cru wordt gemaakt van Chardonnay, het enige toegestane druivenras in
de regio.
Het klimaat is koel continentaal, met risico op vorst en een relatief korte rijpingsperiode.
Hierdoor zijn de wijnen licht tot medium van body, met hoge zuren en frisse aroma’s
zoals groene appel en citroen.
De Kimmeridgian kalksteenbodems, die rijk zijn aan fossielen, dragen bij aan de typische
mineraliteit en spanning in de wijn.
Premier Cru-wijngaarden zijn vaak beter gelegen qua zonexpositie (bijvoorbeeld op zuid-
/zuidoosthellingen), wat zorgt voor betere rijping en meer concentratie dan gewone
Chablis.