Begrippenlijst Tachtig jaar Oorlog D1
Inleiding
Veranderende visie In de jaren ’90 veranderde de visie op het conflict. 17 e-eeuwse herinneringen hebben
hun weg gevonden in onze samenleving. Toch waren veel herinneringen uit de 17 e
eeuw ook selectief.
Hoe heeft ons beeld - Canonvorming.
zich ontwikkeld? - Religie en natie.
- Vergruizing.
- Lokale, nationale, internationale en koloniale dimensies koppelen.
Frans Hogenberg Duidelijk gedefinieerd moment in topografische authentieke setting. Met veel visuele
details en moreel duiding in onderschrift. Soort van via ooggetuigen zien hoe het is
gebeurd. Veel dingen zien we echter niet in de prenten. Dus Hogenberg selecteert
gebeurtenissen en framet ze. Al in de 17e eeuw zelf.
Consequenties - Geschiedbeeld is selectie van gebeurtenissen.
- Worden Noord-Nederlands oerverhaal.
- Opstand canon ligt in de 17e eeuw eigenlijk al vast.
- Nu nog steeds lastig om buiten deze canon te denken.
1800-1950 Historische rol van Oranje wordt nog belangrijker. Er ontstaan meer nationale en
confessionele interpretaties met veel nieuw bronnenonderzoek. Er worden nog wel
steeds dezelfde vragen gesteld.
1920-1940 Er komen nieuwe geluiden:
1. Pieter Geyl: ‘’Noord-Zuid verschillen zijn niet oorzaak, maar de uitkomst’’.
2. H.A. Enno van Gelder: ‘’Opstand is een burgeroorlog’’.
1960 Nationale en verzuilde interpretaties op hun retour. Er komt meer belangstelling voor
sociaal-economische interpretaties. Te veel militaire nadruk in de voorgaande jaren.
Buitenlandse 1. Republikeinse traditie en politieke theorie Opstand.
belangstelling 2. Calvinisme als revolutionaire beweging.
3. Opstand als ‘’bourgeois revolution’’. Burgerij versus adel.
4. Opstand als ‘’godsdienstoorlog’’. Uitkomst pluriforme republiek.
Nieuwe ideeën 1. Juliaan Woltjer: ‘’middengroepen bepalen de uitkomst van de Opstand. Veel
gelovigen kiezen geen partij. Het is een mix van afwegingen.’’
2. Geoffrey Parker: ‘’waarom lukt het Filips II niet om deze opstand neer te
slaan? Filips II heeft nog andere zorgen en prioriteert de Nederlanden niet.
Daardoor geldgebrek, muiterijen en inconsistent beleid.’’
2025: hedendaagse - Opstand en lokale keuzes: contingentie.
ideeën - Oorlog als internationaal conflict: hoge politiek.
- Opstand als burgeroorlog en vormer van identiteit.
- Oorlog als aanjager en excuus koloniale expansie.
Oppositie, 1561-1566
1555 Filips II word Heer van de Nederlanden. Hij erft een traditie van oorlogen met Frankrijk
plus veel schulden. Edelen vechten mee tegen de Fransen.
Beleidsdoelen Filips II 1. Samengestelde monarchie: centralisatie is geen doel op zich.
2. Lokale rechten en privileges behouden binnen het rijk.
3. In noodsituatie wel onderlinge steun.
4. Italië en Turken te vriend houden.
Situatie Nederlanden Nederlandse gebieden zijn wel samengevoegd, maar Filips II is geen koning van de
Nederlanden (wel graaf of hertog). Bezig van de gebieden is definitief, maar er valt
veel aan te passen (zoals het behoud van privileges). Financieel gezien moeten de
Nederlanden voor zichzelf zorgen, maar als er nood is moeten zij meebetalen aan
oorlogen en conflicten.
Een conflict over de Filips II benoemt adel in Raad van State. Filips II wil nieuwe vorm van belastingheffing.
beden De bede is de tijdelijke belasting op basis van een reden waar alle gewesten over
geraadpleegd moeten worden in de Staten-Generaal. Filips II wil een vaste belasting
waardoor hij niet meer langs de Staten-Generaal hoeft. De Staten-Generaal keuren dit
af.
1559 - Vrede van Cateau-Cambrésis beëindigd oorlog met Frankrijk.
- Henri II sterft en Catharina de Medici neemt de controle over Frankrijk over.
Zijn zonen zijn nog minderjarig. Dit zorgt voor een zwakker Frankrijk.
Dienende rol adel De adel adviseert landvoogdes Margaretha van Parma. Zij zijn nuttig in oorlog en
lokaal bestuur. Wordt dus geadviseerd door Oranje, Horn en Egmond.
, Het protestantisme in 1. 1555 Vrede van Augsburg: cuius regio, eius religio.
opmars 2. 1558 Engeland protestants (koningin kiest).
3. 1560 Schotland reformerend (edelen kiezen).
4. 1562 Frankrijk snelle groei calvinisme, tolerantie-edict en oorlog.
1550 bloedplakkaten Een consolidering en verstrenging die inhield van alle vroegere verordeningen over de
bestrijding van ketterij in de Spaanse Nederlanden. Na verzet werd de verordening
vervangen door het plakkaat van 25 september 1550, dat lichte toegevingen deed,
maar niettemin evenzeer met de benaming 'bloedplakkaat' werd bedacht. Ook onder
koning Filips II van Spanje bleef de repressiepolitiek van de inquisitie in de
Nederlanden belichaamd door de bloedplakkaten de norm.
Filips’ - Concilie van Trente bezegelt scheuring kerk.
godsdienstpolitiek - Staat in traditie van strijd tegen ketters en ongelovigen.
- Militair: reconquista.
- Juridisch: inquisitie.
Wat vindt de kerk? Er zijn wel hervormingen nodig, maar zonder de invloed van leken. Leken worden ook
zeker niet geïnformeerd over de inquisitie. Bisdommenplan veroorzaakt interne ruzies:
er is verzet van de adel en er is nog geen regeling hoe bisdommen worden betaald.
Vooral geen mobilisatie tegen het calvinisme: dit brengt mensen op ideeën. Men moet
het snel eens zijn over Concilie van Trente.
Een liga tegen 1561 bisdommenplan: Granvelle is aartsbisschop van Mechelen en is ook abt van
Granvelle Brabantse abdij en heeft daarom een zetel in de Brabantse Raad van State. Zo krijgt
hij politieke invloed in Brabant, waar veel geld ligt en geen stadhouder is. In 1563
ontstaat er een liga tegen Granvelle vanuit de hoge adel. In 1564 wordt Granvelle
teruggeroepen. Filips II vindt echter dat Granvelle niks fout doet.
3 buitenlandse 1. Angst voor Italiaans bestuursmodel: leidt tot verzet Spaanse troepen 1560.
schrikbeelden 1560- Bezwaar tegen troepen in omgeving.
1566 2. Angst voor Spaanse inquisitie: leidt tot adelprotest en brede steun. Het
Spaanse model is alleen een gerucht, de Nederlandse plakkaten zijn veel
strenger.
3. Angst voor Franse toestanden: leidt tot lankmoedigheid t.o.v. calvinisme in de
steden. door het tolerantie-edict ontstond er een burgeroorlog tussen
protestantse en katholieke groepen.
Compromis der Edelen 400 lagere edelen ondertekenen gezamenlijk een tekst. De tekst is vooral verspreid
onder familieleden. Wordt ondertekend door zowel protestanten als katholieken. Op 5
april 1566 wordt het Smeekschrift der Edelen aangeboden aan Margaretha van Parma.
Het vraagt de opschorting van kettervervolgingen. Margaretha stopt het tijdelijk tot de
koning tot een uitspraak komt.
Cruciaal voor succes? - Mening wordt breed gedeeld, ook door stadsbestuur en een deel van de kerk.
- Groot netwerk in de Nederlanden van radicale gereformeerden.
- (stille) steun van de hoge adel.
- Katholieke minderheid verzet zich niet.
Beeldenstorm Volgens protestanten is het afgoderij, dus worden de kerken gezuiverd. Deze
godslastering wordt niet bestraft door God. Er heerst katholieke verbijstering: waarom
grijpt God niet in? Beeldenstorm verschilt heel erg per regio, maar er ontstaat een
paniekreactie (Margaretha heeft geen troepen en vraagt hoge adel om op te gaan
treden). Na de beeldenstorm gaat Filips II geen concessies meer aan. Hij besluit
hertog Alva te sturen.
Alva versus Oranje
Oranjes prioriteiten - Reputatie als hoog edelman.
- Religieuze verzoening wenselijk en mogelijk.
- Adel en standen moeten in Nederland meebesturen.
Ondertussen in Madrid 1. Duiven – Ebolistas wat hier gebeurd is komt omdat Filips II te weinig naar
de hoge edelen luistert. De adel is de oplossing.
2. Haviken – Albistas de hoge adel is het probleem, zij zijn de aanjagers van
de opstand.
Filips II kiest voor Albistas en stuurt Alva naar de Nederlanden om het klusje te klaren.
De rol van Oranje - Weigert leiding te zijn van calvinistisch verzet.
- Weigert eed aan koning te zweren (opnieuw bevestiging eed van trouw).
- Vertrekt naar Dillenburg.
Alva’s missie Margaretha van Parma had ondertussen alles weer onder controle en dacht wel met
Alva samen te willen werken. Dit gebeurde uiteindelijk niet. Het doel van Alva was straf
uitdelen aan iedereen die betrokken was bij de onrusten van de Beeldenstorm. Het
was de bedoeling een korte expeditie te zijn, maar de koning stelt zijn reis uit en komt
Inleiding
Veranderende visie In de jaren ’90 veranderde de visie op het conflict. 17 e-eeuwse herinneringen hebben
hun weg gevonden in onze samenleving. Toch waren veel herinneringen uit de 17 e
eeuw ook selectief.
Hoe heeft ons beeld - Canonvorming.
zich ontwikkeld? - Religie en natie.
- Vergruizing.
- Lokale, nationale, internationale en koloniale dimensies koppelen.
Frans Hogenberg Duidelijk gedefinieerd moment in topografische authentieke setting. Met veel visuele
details en moreel duiding in onderschrift. Soort van via ooggetuigen zien hoe het is
gebeurd. Veel dingen zien we echter niet in de prenten. Dus Hogenberg selecteert
gebeurtenissen en framet ze. Al in de 17e eeuw zelf.
Consequenties - Geschiedbeeld is selectie van gebeurtenissen.
- Worden Noord-Nederlands oerverhaal.
- Opstand canon ligt in de 17e eeuw eigenlijk al vast.
- Nu nog steeds lastig om buiten deze canon te denken.
1800-1950 Historische rol van Oranje wordt nog belangrijker. Er ontstaan meer nationale en
confessionele interpretaties met veel nieuw bronnenonderzoek. Er worden nog wel
steeds dezelfde vragen gesteld.
1920-1940 Er komen nieuwe geluiden:
1. Pieter Geyl: ‘’Noord-Zuid verschillen zijn niet oorzaak, maar de uitkomst’’.
2. H.A. Enno van Gelder: ‘’Opstand is een burgeroorlog’’.
1960 Nationale en verzuilde interpretaties op hun retour. Er komt meer belangstelling voor
sociaal-economische interpretaties. Te veel militaire nadruk in de voorgaande jaren.
Buitenlandse 1. Republikeinse traditie en politieke theorie Opstand.
belangstelling 2. Calvinisme als revolutionaire beweging.
3. Opstand als ‘’bourgeois revolution’’. Burgerij versus adel.
4. Opstand als ‘’godsdienstoorlog’’. Uitkomst pluriforme republiek.
Nieuwe ideeën 1. Juliaan Woltjer: ‘’middengroepen bepalen de uitkomst van de Opstand. Veel
gelovigen kiezen geen partij. Het is een mix van afwegingen.’’
2. Geoffrey Parker: ‘’waarom lukt het Filips II niet om deze opstand neer te
slaan? Filips II heeft nog andere zorgen en prioriteert de Nederlanden niet.
Daardoor geldgebrek, muiterijen en inconsistent beleid.’’
2025: hedendaagse - Opstand en lokale keuzes: contingentie.
ideeën - Oorlog als internationaal conflict: hoge politiek.
- Opstand als burgeroorlog en vormer van identiteit.
- Oorlog als aanjager en excuus koloniale expansie.
Oppositie, 1561-1566
1555 Filips II word Heer van de Nederlanden. Hij erft een traditie van oorlogen met Frankrijk
plus veel schulden. Edelen vechten mee tegen de Fransen.
Beleidsdoelen Filips II 1. Samengestelde monarchie: centralisatie is geen doel op zich.
2. Lokale rechten en privileges behouden binnen het rijk.
3. In noodsituatie wel onderlinge steun.
4. Italië en Turken te vriend houden.
Situatie Nederlanden Nederlandse gebieden zijn wel samengevoegd, maar Filips II is geen koning van de
Nederlanden (wel graaf of hertog). Bezig van de gebieden is definitief, maar er valt
veel aan te passen (zoals het behoud van privileges). Financieel gezien moeten de
Nederlanden voor zichzelf zorgen, maar als er nood is moeten zij meebetalen aan
oorlogen en conflicten.
Een conflict over de Filips II benoemt adel in Raad van State. Filips II wil nieuwe vorm van belastingheffing.
beden De bede is de tijdelijke belasting op basis van een reden waar alle gewesten over
geraadpleegd moeten worden in de Staten-Generaal. Filips II wil een vaste belasting
waardoor hij niet meer langs de Staten-Generaal hoeft. De Staten-Generaal keuren dit
af.
1559 - Vrede van Cateau-Cambrésis beëindigd oorlog met Frankrijk.
- Henri II sterft en Catharina de Medici neemt de controle over Frankrijk over.
Zijn zonen zijn nog minderjarig. Dit zorgt voor een zwakker Frankrijk.
Dienende rol adel De adel adviseert landvoogdes Margaretha van Parma. Zij zijn nuttig in oorlog en
lokaal bestuur. Wordt dus geadviseerd door Oranje, Horn en Egmond.
, Het protestantisme in 1. 1555 Vrede van Augsburg: cuius regio, eius religio.
opmars 2. 1558 Engeland protestants (koningin kiest).
3. 1560 Schotland reformerend (edelen kiezen).
4. 1562 Frankrijk snelle groei calvinisme, tolerantie-edict en oorlog.
1550 bloedplakkaten Een consolidering en verstrenging die inhield van alle vroegere verordeningen over de
bestrijding van ketterij in de Spaanse Nederlanden. Na verzet werd de verordening
vervangen door het plakkaat van 25 september 1550, dat lichte toegevingen deed,
maar niettemin evenzeer met de benaming 'bloedplakkaat' werd bedacht. Ook onder
koning Filips II van Spanje bleef de repressiepolitiek van de inquisitie in de
Nederlanden belichaamd door de bloedplakkaten de norm.
Filips’ - Concilie van Trente bezegelt scheuring kerk.
godsdienstpolitiek - Staat in traditie van strijd tegen ketters en ongelovigen.
- Militair: reconquista.
- Juridisch: inquisitie.
Wat vindt de kerk? Er zijn wel hervormingen nodig, maar zonder de invloed van leken. Leken worden ook
zeker niet geïnformeerd over de inquisitie. Bisdommenplan veroorzaakt interne ruzies:
er is verzet van de adel en er is nog geen regeling hoe bisdommen worden betaald.
Vooral geen mobilisatie tegen het calvinisme: dit brengt mensen op ideeën. Men moet
het snel eens zijn over Concilie van Trente.
Een liga tegen 1561 bisdommenplan: Granvelle is aartsbisschop van Mechelen en is ook abt van
Granvelle Brabantse abdij en heeft daarom een zetel in de Brabantse Raad van State. Zo krijgt
hij politieke invloed in Brabant, waar veel geld ligt en geen stadhouder is. In 1563
ontstaat er een liga tegen Granvelle vanuit de hoge adel. In 1564 wordt Granvelle
teruggeroepen. Filips II vindt echter dat Granvelle niks fout doet.
3 buitenlandse 1. Angst voor Italiaans bestuursmodel: leidt tot verzet Spaanse troepen 1560.
schrikbeelden 1560- Bezwaar tegen troepen in omgeving.
1566 2. Angst voor Spaanse inquisitie: leidt tot adelprotest en brede steun. Het
Spaanse model is alleen een gerucht, de Nederlandse plakkaten zijn veel
strenger.
3. Angst voor Franse toestanden: leidt tot lankmoedigheid t.o.v. calvinisme in de
steden. door het tolerantie-edict ontstond er een burgeroorlog tussen
protestantse en katholieke groepen.
Compromis der Edelen 400 lagere edelen ondertekenen gezamenlijk een tekst. De tekst is vooral verspreid
onder familieleden. Wordt ondertekend door zowel protestanten als katholieken. Op 5
april 1566 wordt het Smeekschrift der Edelen aangeboden aan Margaretha van Parma.
Het vraagt de opschorting van kettervervolgingen. Margaretha stopt het tijdelijk tot de
koning tot een uitspraak komt.
Cruciaal voor succes? - Mening wordt breed gedeeld, ook door stadsbestuur en een deel van de kerk.
- Groot netwerk in de Nederlanden van radicale gereformeerden.
- (stille) steun van de hoge adel.
- Katholieke minderheid verzet zich niet.
Beeldenstorm Volgens protestanten is het afgoderij, dus worden de kerken gezuiverd. Deze
godslastering wordt niet bestraft door God. Er heerst katholieke verbijstering: waarom
grijpt God niet in? Beeldenstorm verschilt heel erg per regio, maar er ontstaat een
paniekreactie (Margaretha heeft geen troepen en vraagt hoge adel om op te gaan
treden). Na de beeldenstorm gaat Filips II geen concessies meer aan. Hij besluit
hertog Alva te sturen.
Alva versus Oranje
Oranjes prioriteiten - Reputatie als hoog edelman.
- Religieuze verzoening wenselijk en mogelijk.
- Adel en standen moeten in Nederland meebesturen.
Ondertussen in Madrid 1. Duiven – Ebolistas wat hier gebeurd is komt omdat Filips II te weinig naar
de hoge edelen luistert. De adel is de oplossing.
2. Haviken – Albistas de hoge adel is het probleem, zij zijn de aanjagers van
de opstand.
Filips II kiest voor Albistas en stuurt Alva naar de Nederlanden om het klusje te klaren.
De rol van Oranje - Weigert leiding te zijn van calvinistisch verzet.
- Weigert eed aan koning te zweren (opnieuw bevestiging eed van trouw).
- Vertrekt naar Dillenburg.
Alva’s missie Margaretha van Parma had ondertussen alles weer onder controle en dacht wel met
Alva samen te willen werken. Dit gebeurde uiteindelijk niet. Het doel van Alva was straf
uitdelen aan iedereen die betrokken was bij de onrusten van de Beeldenstorm. Het
was de bedoeling een korte expeditie te zijn, maar de koning stelt zijn reis uit en komt