- Oprichting
- Vertegenwoordigingsbevoegdheid
- Aansprakelijkheid
Basis tentamen samengevat in deze twee schema’s
H16-19 samengevat in schema 19.14 blz 264
H23 schema 23.9 blz 368
,H1
Codificeren: systematisch opnemen van regels in wetten.
Eigenrichting: iemand neemt zelf het recht in eigen hand, zonder
tussenkomst van een rechter of andere bevoegde autoriteit. Het houdt in
dat een persoon of groep zelf maatregelen neemt om een conflict of
onrecht op te lossen, vaak buiten de wet om.
Soorten recht:
- Privaat: tussen burgers
- Publiek: tussen overheden, tussen overheid en burger
Rechtsbronnen:
- Wetten: geschreven recht
- Verdragen: internationale overeenkomst tussen landen
- Jurisprudentie: rechtersrecht (uitspraken van rechters in
rechtszaken. Het laat zien hoe wetten in praktijk worden toegepast
en geïnterpreteerd)
- Gewoonte: ongeschreven recht
- Materieel recht: regels die rechten en plichten regelen
- Formeel recht: regels die gaan over procedure (handhaving
materieel recht)
- Objectief recht: geheel van geschreven en ongeschreven regels
- Subjectief recht: Een specifiek recht dat een individu of
rechtspersoon kan uitoefenen op basis van het objectieve recht.
o Voorbeeld: Een eigenaar heeft het subjectieve recht om zijn
eigendom te verkopen, gebaseerd op het objectieve
eigendomsrecht.
- Dwingend recht: Regels waar partijen niet van mogen afwijken, zelfs
niet met wederzijdse instemming.
- Aanvullend recht: Regels die gelden als partijen geen afspraken
maken over een bepaald onderwerp.
- Regelend recht: Regels waarvan partijen mogen afwijken, maar die
wel een standaardregeling bieden.
, H2
Verbintenis: juridische relatie tussen twee of meer personen
Bronnen voor verbintenis:
- Wet
- Overeenkomst
- Rechterlijke uitspraak
Relatief recht: kan je alleen maar tegenover 1 persoon uitoefenen. Heeft
als tegenpool relatief plicht van de ander partij.
- Recht op loon
- Recht op betaling
- Recht op levering
Absoluut recht: kan je tegenover iedereen uitoefenen
- Eigendomsrecht (wanneer je parkeerplaats bezit hoef je niet toe te
staan dat iedereen die gebruikt)
- Octrooirecht (met een octrooi heb je alleenrecht op uitvinding,
niemand mag zonder toestemming jouw uitvinding gebruiken of
verkopen)
Het bereiken van een bepaalde leeftijd