Een onderzoek naar het koop- en herstelgedrag van studenten
Naam:
Leergemeenschap: …
Naam LB’er…
Leerlingnummer:
Inleverdatum: 4 november 2024
Aantal woorden: 2392
1
,Inhoudsopgave
Inhoudsopgave.....................................................................................................................................2
Hoofdstuk 1: Aanleiding, probleemanalyse & doelgedrag...............................................................3
1.1 Aanleiding..........................................................................................3
1.2 Probleemanalyse................................................................................3
1.3 De huidige situatie.............................................................................3
1.4 De gewenste situatie..........................................................................4
Hoofdstuk 2: Resultaten praktijkonderzoek.....................................................................................5
2.1 CAPACITEIT.........................................................................................5
2.2 GELEGENHEID....................................................................................5
2.3 MOTIVATIE..........................................................................................6
Hoofdstuk 3: Conclusie & advies........................................................................................................8
3.1 Antwoord op hoofdvraag....................................................................8
3.2 Advies praktijksituatie........................................................................8
Hoofdstuk 4: Literatuurlijst..............................................................................................................10
Hoofdstuk 5: Bijlagen........................................................................................................................11
5.1 Interviewleidraad..............................................................................11
5.2 Transcript interview 1......................................................................12
5.3 Transcript interview 2......................................................................14
5.4 Transcript interview 3......................................................................18
5.5 Codeerschema.................................................................................22
2
, Hoofdstuk 1: Aanleiding, probleemanalyse & doelgedrag
1.1 Aanleiding
SHEIN, Boho, Zara en de Primark. De vier bekende bedrijven hebben allemaal één ding gemeen. Ze
doen allemaal aan fast fashion. Bij fast fashion worden kledingstukken in een recordtempo
geproduceerd en direct naar de winkels gebracht (Kappers, 2024). Het zorgt ervoor dat er snel kan
worden ingespeeld op trends. Bovendien brengt dit grote negatieve gevolgen met zich mee. Om deze
reden heeft Carlijn Kappers, lectoraat van de Hogeschool van Amsterdam, de opdracht gegeven om
onderzoek te doen naar hoe studenten tussen de 18 en 25 jaar gestimuleerd kunnen worden om hun
kapotte kleding te repareren in plaats van weg te gooien.
1.2 Probleemanalyse
In Nederland is er sprake van overconsumptie en overproductie, die samen een vicieuze cirkel
creëren. Aangezien er kleren goedkoop en snel op de markt kunnen komen, hebben studenten de
mogelijkheid om veel en in snelle tijd kleding te consumeren. Door de grote vraag naar de kleding
kunnen de grote merken zoals SHEIN en Zara weer meer producten aanbieden.
Het tempo van deze verandering van trends in de mode is dus problematisch. In de afgelopen vijftien
jaar is de productie van kleding verdubbeld. Dit is een gevolg van niet alleen de Fast Fashion
industrie, maar ook van het feit dat mensen meer geld te besteden hebben (Ellen MacArthur
Foundation, 2017). De Nederlandse consument koopt gemiddeld rond de 46 nieuwe kledingstukken
per jaar (Saxion, 2023). Een Nederlander heeft ook gemiddeld zo’n 173 kledingstukken in zijn of haar
kledingkast zitten, waarvan vijftig stuks niet gedragen zijn. De fast fashion-industrie draagt bij aan
milieuvervuiling door overmatig watergebruik, hoge CO2-uitstoot en schadelijke chemicaliën die
vrijkomen tijdens het produceren en het verwerken van de kledingstoffen (Mac Arthur Foundation,
2017). Deze vervuilende stoffen belanden in natuurlijke ecosystemen, waar ze schade brengen aan de
biodiversiteit en de kwaliteit van het water.
Deze vervuiling is niet het enige negatieve aspect van de fast Fashion. Veel werknemers binnen de
textielindustrie in westerse landen worden blootgesteld aan gevaarlijke stoffen. Bovendien hebben zij
geregeld lage lonen en lange werkdagen (Mac Athur Foundation, 2017). Circa 96,9% van de
studenten tussen 18 en 25 jaar oud hebben in het verleden weleens fast fashion gekocht (De Lenne,
2016). Ook blijkt dat 57,8% van deze doelgroep wel bereid is om meer te betalen voor duurzame
fashion, maar geeft 73% van de doelgroep ook aan fast fashion te kopen.
1.3 De huidige situatie
In de huidige situatie gooien veel consumenten, met name de studenten, hun kapotte kleding weg in
plaats van deze te repareren. Dit gedrag draagt bij aan de vicieuze cirkel van overconsumptie en
overproductie, waardoor de vraag naar de artikelen van fast fashion stijgt. Diddi en Yan (2021) toonde
aan dat de kledingreparatie en hergebruik in de westerse samenlevingen ongebruikelijk zijn. Ongeveer
55% van de Amerikaanse respondenten geeft aan dat ze zelden of nooit hun kleding repareren. Voor
veel studenten vormen een gebrek aan kennis over reparatiemogelijkheden, beperkte
reparatievaardigheden en een tekort aan tijd belangrijke belemmeringen. Daarnaast spelen de hoge
kosten van professionele reparatie van kleding ook een rol.
3