Beroepsidentiteit en werkveld
Hoofdstuk 1: beroepsprofiel en deontologie
1. Inleiding
Professionele deskundigheid opvoeder-begeleider
- Toepassen/ uitvoeren inzichten en vaardigheden
- Centraal groei- en functionering bevorderende relaties
- Kern heeft dialogaal karakter
- Kwaliteit in de relaties die we aangaan
- VERANTWOORDELIJKHEID
2. Beroepsprofiel
Verantwoordelijkheid op 4 domeinen
- T.O.V cliënt orthopedagogische functie
- T.O.V zichzelf zelfhanteringsfunctie
- T.O.V medewerkers samenwerkingsfunctie
- T.O.V het beleid beleidsfunctie
Staan niet los van elkaar, samenwerking noodzakelijk voor optimale
zorg
2.1. De orthopedagogische functie
Centraal = zorgvraag
- Antwoord dient gegeven te worden
Professionaliteit analyseren vragen en methodisch aanpassen eigen
handelwijze
Methodisch agogisch handelen
o Doelgericht
o Bewust
o Systematisch
o Procesmatig
2.2. Zelfhanteringsfunctie
Geen eigen instrumentarium
Belangrijkste medium eigen persoonlijkheid
- Verantwoordelijkheid voor evenwichtige houding TOV zichzelf
- Zelfkennis en zelfinzicht nodig
o Emotioneel gebeuren
2.3. Samenwerkingsfunctie
Verantwoordelijkheid opvoeder in een team
- Groepsgebeuren van professionals
- Meerdere inbrengen nodig optimale hulpverlening
- Inbreng is complementair
2.4. Beleidsfunctie
Geïntegreerd in een organisatie
- Beroepsethisch kader verantwoorden waarom en hoe het zo
uitgevoerd is
, 2.5. Kenmerken basishouding
Vaardigheden die dienen in voldoende mate aanwezig te zijn
2.5.1. Betrokkenheid
- T.O.V de cliënt, collega’s en de organisatie
- Een band aangaan met anderen
o Interesse tonen
o Professionele relatie aangaan!
Betrokkenheid en afstand
Congruentie en echtheid
Congruentie openstaan voor je eigen gevoelens
Onvoorwaardelijke aanvaarding respect voor persoon zoals die is, niets
in ruil terug verwachten
- Nooit iemand als persoon afwijzen
2.5.2. Empathie
- Kunnen inleven in een ander hun perspectief, leefwereld
o Kijken door de bril van een ander
- Mensen denken, voelen en beleven dingen allemaal anders
= theorie of mind/ mentaliseren
- Belangrijk voor sociale vaardigheden
Vertrekken vanuit mogelijkheden/ beperkingen
- Laten aangeven wat hij kan/wil
o Anders proberen aanvoelen, afleiden uit gedrag
2.5.3. Assertiviteit
Durven opkomen voor jezelf
- Eigen noden en behoeften aanvoelen
- Positief en aanvaardbaar overbrengen
o Verbondenheid en betrokkenheid niet in gevaar brengen
- Evenwicht respect voor jezelf en de ander
2.5.4. Verantwoordelijkheid
Twee soorten: zorgverantwoordelijkheid en
aansprakelijkheidsverantwoordelijkheid
Zorgverantwoordelijkheid best mogelijke zorg bieden
Aansprakelijkheidsverantwoordelijkheid je handelen verantwoorden
- Aangeven waarom je die beslissing genomen hebt of zo gehandeld
hebt
2.5.5. Betrouwbaarheid
,Beloftes en afspraken nakomen
- Transparant zijn
- Uiten wat er vanbinnen bij jou gebeurd
Schept duidelijkheid en veiligheid
2.5.6. Flexibiliteit
Jouw functioneren binnen een team
- Omgaan met veranderingen
- Pedagogisch handelen
- Durven loslaten en andere manieren proberen
Nadenken over jou handelen
Aanpassen aan situatie en persoon
2.6. Concrete tips
Voorbeeldfunctie wat je doet heeft meer impact dan wat je zegt, ze
kijken op naar je
Je “passant” zijn belangrijk persoon heeft meer invloed, je bent tijdelijke
hulpbron maak jezelf niet
Onmisbaar
Meerzijdige partijdigheid je werkt in een soort driehoek jij samen met:
- Natuurlijk netwerk
- Je team
- Andere hulpverlenende instanties
- De maatschappij
Cliënt focus je op hem, het draait om de cliënt
Neem werkt niet mee naar huis burn-out
Zorg goed voor jezelf
3. Deontologie
Hulpverlening gebeurd op grond van een keuze
- Bevat normen en waarden
Deontologische code/ plichtenleer = systematisch geheel van waarden,
normen, regels en plichten met
betrekking op het uitoefenen van het beroep
- Gedragsregels
- Doel: bevorderen optimaal moreel gedrag
o Richtlijnen voor goed handelen
- Eed van Hippocrates geneeskunde
o Voor opvoeders bestaat er nog geen algemene code
- Code
o Herinnering waarden van het beroep en de consequenties
o Richtingswijzer uitvoeren van het beroep
o Wat er verwacht word
o Aantonen hoe waardevol het beroep is
o Bevat hoog ideologisch karakter
, - Beroepsvormingsproces gekenmerkt door institutionalisering en
legitimering
3.1. Centrale waarden van het beroep
3.1.1. Vrijheid en zelfbeschikking
Respect hiervoor!
Zelfbeschikking jezelf de wet kunnen stellen, eigen koers uitzetten
recht eigen leven bepalen
Vrijheid onder vorm zelfbeschikkingsrecht grondwaarde in hulpverlening
- Mate is bepalend voor eigen verantwoordelijkheid
Basisprincipe
- Respect beslissingen van de cliënt
- Deskundigheid ter beschikking stellen
- Pre-ethische functie elimineren wat in de weg staat voor de cliënt
o Cliënt moet eigen geweten kunnen volgen
o Onrechtstreeks pro’s en contra’s aantonen
o Houding belangrijk vooral bij morele dillema’s
Obstakels:
- Door eigen bril kijken
- Niet bereid zijn verantwoordelijkheid te nemen
- Onder druk door derden (ouders, collega’s…)
- Niet volledig instaat tot zelfbeschikking
3.1.2. Respect
Actieve betrokkenheid om zelfbeschikking te bevorderen
- Actief gericht op verantwoordelijkheid en zelfbeschikking
Respect voor verborgen kern
- Autonomie neemt toe
- innerlijk gevoel neemt toe
bewust dat we leven vanuit een andere waardenkern
respect
- erkennen zoals die persoon is
- levenshouding van oprechte belangstelling en zorgvuldige aandacht
- verplaatsen in situatie van een ander
o hoe zou je zelf erin benadert willen worden
- aanvaarden zoals de persoon is
- essentieel element van geode interventie
voor
- zelfbeschikkingsrecht
- overige rechten
- intimiteit
- betrokkenheid tonen
- niet herleiden tot een ding
3.1.3. emancipatie
sociale ongelijkheid
- ondersteunen
Hoofdstuk 1: beroepsprofiel en deontologie
1. Inleiding
Professionele deskundigheid opvoeder-begeleider
- Toepassen/ uitvoeren inzichten en vaardigheden
- Centraal groei- en functionering bevorderende relaties
- Kern heeft dialogaal karakter
- Kwaliteit in de relaties die we aangaan
- VERANTWOORDELIJKHEID
2. Beroepsprofiel
Verantwoordelijkheid op 4 domeinen
- T.O.V cliënt orthopedagogische functie
- T.O.V zichzelf zelfhanteringsfunctie
- T.O.V medewerkers samenwerkingsfunctie
- T.O.V het beleid beleidsfunctie
Staan niet los van elkaar, samenwerking noodzakelijk voor optimale
zorg
2.1. De orthopedagogische functie
Centraal = zorgvraag
- Antwoord dient gegeven te worden
Professionaliteit analyseren vragen en methodisch aanpassen eigen
handelwijze
Methodisch agogisch handelen
o Doelgericht
o Bewust
o Systematisch
o Procesmatig
2.2. Zelfhanteringsfunctie
Geen eigen instrumentarium
Belangrijkste medium eigen persoonlijkheid
- Verantwoordelijkheid voor evenwichtige houding TOV zichzelf
- Zelfkennis en zelfinzicht nodig
o Emotioneel gebeuren
2.3. Samenwerkingsfunctie
Verantwoordelijkheid opvoeder in een team
- Groepsgebeuren van professionals
- Meerdere inbrengen nodig optimale hulpverlening
- Inbreng is complementair
2.4. Beleidsfunctie
Geïntegreerd in een organisatie
- Beroepsethisch kader verantwoorden waarom en hoe het zo
uitgevoerd is
, 2.5. Kenmerken basishouding
Vaardigheden die dienen in voldoende mate aanwezig te zijn
2.5.1. Betrokkenheid
- T.O.V de cliënt, collega’s en de organisatie
- Een band aangaan met anderen
o Interesse tonen
o Professionele relatie aangaan!
Betrokkenheid en afstand
Congruentie en echtheid
Congruentie openstaan voor je eigen gevoelens
Onvoorwaardelijke aanvaarding respect voor persoon zoals die is, niets
in ruil terug verwachten
- Nooit iemand als persoon afwijzen
2.5.2. Empathie
- Kunnen inleven in een ander hun perspectief, leefwereld
o Kijken door de bril van een ander
- Mensen denken, voelen en beleven dingen allemaal anders
= theorie of mind/ mentaliseren
- Belangrijk voor sociale vaardigheden
Vertrekken vanuit mogelijkheden/ beperkingen
- Laten aangeven wat hij kan/wil
o Anders proberen aanvoelen, afleiden uit gedrag
2.5.3. Assertiviteit
Durven opkomen voor jezelf
- Eigen noden en behoeften aanvoelen
- Positief en aanvaardbaar overbrengen
o Verbondenheid en betrokkenheid niet in gevaar brengen
- Evenwicht respect voor jezelf en de ander
2.5.4. Verantwoordelijkheid
Twee soorten: zorgverantwoordelijkheid en
aansprakelijkheidsverantwoordelijkheid
Zorgverantwoordelijkheid best mogelijke zorg bieden
Aansprakelijkheidsverantwoordelijkheid je handelen verantwoorden
- Aangeven waarom je die beslissing genomen hebt of zo gehandeld
hebt
2.5.5. Betrouwbaarheid
,Beloftes en afspraken nakomen
- Transparant zijn
- Uiten wat er vanbinnen bij jou gebeurd
Schept duidelijkheid en veiligheid
2.5.6. Flexibiliteit
Jouw functioneren binnen een team
- Omgaan met veranderingen
- Pedagogisch handelen
- Durven loslaten en andere manieren proberen
Nadenken over jou handelen
Aanpassen aan situatie en persoon
2.6. Concrete tips
Voorbeeldfunctie wat je doet heeft meer impact dan wat je zegt, ze
kijken op naar je
Je “passant” zijn belangrijk persoon heeft meer invloed, je bent tijdelijke
hulpbron maak jezelf niet
Onmisbaar
Meerzijdige partijdigheid je werkt in een soort driehoek jij samen met:
- Natuurlijk netwerk
- Je team
- Andere hulpverlenende instanties
- De maatschappij
Cliënt focus je op hem, het draait om de cliënt
Neem werkt niet mee naar huis burn-out
Zorg goed voor jezelf
3. Deontologie
Hulpverlening gebeurd op grond van een keuze
- Bevat normen en waarden
Deontologische code/ plichtenleer = systematisch geheel van waarden,
normen, regels en plichten met
betrekking op het uitoefenen van het beroep
- Gedragsregels
- Doel: bevorderen optimaal moreel gedrag
o Richtlijnen voor goed handelen
- Eed van Hippocrates geneeskunde
o Voor opvoeders bestaat er nog geen algemene code
- Code
o Herinnering waarden van het beroep en de consequenties
o Richtingswijzer uitvoeren van het beroep
o Wat er verwacht word
o Aantonen hoe waardevol het beroep is
o Bevat hoog ideologisch karakter
, - Beroepsvormingsproces gekenmerkt door institutionalisering en
legitimering
3.1. Centrale waarden van het beroep
3.1.1. Vrijheid en zelfbeschikking
Respect hiervoor!
Zelfbeschikking jezelf de wet kunnen stellen, eigen koers uitzetten
recht eigen leven bepalen
Vrijheid onder vorm zelfbeschikkingsrecht grondwaarde in hulpverlening
- Mate is bepalend voor eigen verantwoordelijkheid
Basisprincipe
- Respect beslissingen van de cliënt
- Deskundigheid ter beschikking stellen
- Pre-ethische functie elimineren wat in de weg staat voor de cliënt
o Cliënt moet eigen geweten kunnen volgen
o Onrechtstreeks pro’s en contra’s aantonen
o Houding belangrijk vooral bij morele dillema’s
Obstakels:
- Door eigen bril kijken
- Niet bereid zijn verantwoordelijkheid te nemen
- Onder druk door derden (ouders, collega’s…)
- Niet volledig instaat tot zelfbeschikking
3.1.2. Respect
Actieve betrokkenheid om zelfbeschikking te bevorderen
- Actief gericht op verantwoordelijkheid en zelfbeschikking
Respect voor verborgen kern
- Autonomie neemt toe
- innerlijk gevoel neemt toe
bewust dat we leven vanuit een andere waardenkern
respect
- erkennen zoals die persoon is
- levenshouding van oprechte belangstelling en zorgvuldige aandacht
- verplaatsen in situatie van een ander
o hoe zou je zelf erin benadert willen worden
- aanvaarden zoals de persoon is
- essentieel element van geode interventie
voor
- zelfbeschikkingsrecht
- overige rechten
- intimiteit
- betrokkenheid tonen
- niet herleiden tot een ding
3.1.3. emancipatie
sociale ongelijkheid
- ondersteunen