Thema 6
Deelthema 6: Puerperium
Inleiding
Inzicht verkrijgen in de processen die een rol spelen bij het puerperium bij kleine en
grote huisdieren.
Werkwijze
Onderstaande opdrachten en casus bereid u zelf voor.
Er wordt nadrukkelijk aangeraden om de aanvullende zelfstudie-opdrachten (bijlage onderaan dit
document) te gebruiken voor het verwerken van de informatie in syllabus en boeken.
Tijdens het responsie hoorcollege zal vooral aandacht zijn voor onderstaande opdrachten. De
mogelijkheid wordt geboden om hier vragen over te stellen en deze plenair te bespreken.
Zelfstudie opdrachten
Opdracht 1
In de diergeneeskundige praktijk wordt, met name na verloskundige ingrepen, een injectie gegeven
met het hormoon oxytocine.
Wat zijn de fysiologische rollen van oxytocine tijdens de partus en puerperium?
Uteruscontracties, melkschietreflex, myometriumcontracties
Oxytocine wordt regelmatig gebruikt om de kans op hevige intrauteriene nabloedingen te
beperken. Verklaar waarom oxytocine voor dit doeleind bruikbaar is.
Glad spierweefsel samentrekken, kans op nabloedingen minder (minder perfusie)
Beredeneer op grond van het type placenta bij welke diersoorten een dergelijke behandeling
meer of minder zinvol zou zijn.
Placenta vera
Casus 1
Je wordt door een merrie-eigenaar in paniek gebeld. Een half uur geleden is bij zijn jonge merrie het
eerste veulen geboren en nu lijkt de vulva een grote bloederige massa te zijn. Na goed doorvragen
blijkt dat het perineumgebied er erg rauw en bloederig uitziet en lijkt het alsof minstens een deel van
de vellen die uit de vulva hangen van de placenta afkomstig is. Er is niet veel bloedverlies, de merrie
is vlot en staat en heeft voldoende aandacht voor haar veulen. Wel perst ze af en toe nog op de
nageboorte. Het veulen staat ondertussen, is attent en doet de eerste pogingen om te drinken. Een
half uur later ben je bij deze patiënt en tref je een situatie aan die overeenkomt met het beeld zoals
je dat per telefoon gekregen had, alleen ligt de nageboorte nu net in de box.
Wat zijn de belangrijkste punten van je klinisch onderzoek?
Nageboorte op compleetheid checken, vulva checken op verwondingen. Indien ernstig dan
vaginoscopie. Slvl kijken ivm bloedverlies
Welke drie typen (graden) van vulva/perineumverwondingen zijn beschreven en wat zijn de
verschillen qua behandeling en prognose?
Graad 1: oppervlakkig
, o Prognose goed geen behandeling
Graad 2: diepere lagen betrokken
o Prognose goed
o Hechten
Graad 3:
o Anus en rectum = totale ruptuur
o R/V fistel
o Prognose goed
o In het acute stadium is hechten meestal niet zinvol door de mate van
weefselverval dat in de daarop volgende dagen nog op treedt. De
therapie dient te bestaan uit bloedstelping en wondtoilet, dagelijks
meerdere keren koud af douchen, parenteraal antibiotica en
tetanusprofylaxe. Uiteraard wordt de involutie goed in de gaten
gehouden. Een enkele keer kan het wel zinvol zijn het perineum en de
anussfincter te hechten, maar meestal laten deze hechtingen na enige
dagen ook weer los
Wat is je plan van aanpak indien je de zwaarste vorm van vulva/perineumverwonding bij een
merrie diagnosticeert? Motiveer deze keuze.
Eerste behulp bij ruptuur
- Bloeding -stoppen
- Wond schoonmaken en houden
- Tetanus profylaxis
- AB en NSAIDs tegen metritis
- Oxytocine (metritis)
- Wachten met reparatie
In hoeverre Is er in dit geval sprake geweest van een complicatie veroorzaakt door het moment
waarop de nageboorte is afgekomen bij deze merrie??
Nog klein stukje achtegebleven?
Drachtige hoorn
Niet drachtige hoorn
Casus 2
, Zowel bij landbouwhuisdieren, paarden als gezelschapsdieren is het interval tussen partus en het op
gang komen van de oestrische cyclus van klinisch belang.
Geef voor het rund, varken, paard, hond en kat weer wanneer de eerste ovulatie na de
partus verwacht mag worden en hoe bruikbaar is deze ovulatie?
Geef voor deze diersoorten aan welke factoren de lengte van het interval partus – eerste
ovulatie beïnvloeden
Rund: eerst silent heat, progesterone moet geprimed worden
Varken: eerst lactatie anoestrus
Paard: veulenhengstigheid (snel weer want lang dragend)
Hond: mono-oestrisch
Kat: lactatie-anoestrus, seizoensgebonden
Er wordt in de verschillende sectoren verschillend gedacht over de wenselijke duur van de
periode tussen partus en start van de volgende dracht. In de rashondenfokkerij is dat
minimaal 1 jaar (zie hieronder) , terwijl in de landbouwhuisdierensector vaak gestreefd
wordt naar een zo kort mogelijk interval, bijv. in de varkenhouderij. Kunt u vanuit uw kennis
van de pathofysiologie beredeneren waarom dit verschil zo groot is en hoe beide
standpunten te verdedigen zijn?
Economisch belang. Inteelt voorkomen. Tegen broodfok. Uterus moet ook nog herstellen en
dit duurt bij LH langer dan bij GD.
Uit de regels over “bedrijfsmatig huisdieren houden”
( http://www.rvo.nl/onderwerpen/agrarisch-ondernemen/dieren/huisdieren-houden-en-fokken/
bedrijfsmatig-huisdieren-houden/regels ) :
Casus 3
Bij de merrie wordt veulenhengstigheid wanneer deze later dan 12 tot 14 pp optreedt vaak met
succes gebruikt om een merrie weer drachtig te krijgen. De kans op dracht is echter lager dan tijdens
latere cycli.
Deelthema 6: Puerperium
Inleiding
Inzicht verkrijgen in de processen die een rol spelen bij het puerperium bij kleine en
grote huisdieren.
Werkwijze
Onderstaande opdrachten en casus bereid u zelf voor.
Er wordt nadrukkelijk aangeraden om de aanvullende zelfstudie-opdrachten (bijlage onderaan dit
document) te gebruiken voor het verwerken van de informatie in syllabus en boeken.
Tijdens het responsie hoorcollege zal vooral aandacht zijn voor onderstaande opdrachten. De
mogelijkheid wordt geboden om hier vragen over te stellen en deze plenair te bespreken.
Zelfstudie opdrachten
Opdracht 1
In de diergeneeskundige praktijk wordt, met name na verloskundige ingrepen, een injectie gegeven
met het hormoon oxytocine.
Wat zijn de fysiologische rollen van oxytocine tijdens de partus en puerperium?
Uteruscontracties, melkschietreflex, myometriumcontracties
Oxytocine wordt regelmatig gebruikt om de kans op hevige intrauteriene nabloedingen te
beperken. Verklaar waarom oxytocine voor dit doeleind bruikbaar is.
Glad spierweefsel samentrekken, kans op nabloedingen minder (minder perfusie)
Beredeneer op grond van het type placenta bij welke diersoorten een dergelijke behandeling
meer of minder zinvol zou zijn.
Placenta vera
Casus 1
Je wordt door een merrie-eigenaar in paniek gebeld. Een half uur geleden is bij zijn jonge merrie het
eerste veulen geboren en nu lijkt de vulva een grote bloederige massa te zijn. Na goed doorvragen
blijkt dat het perineumgebied er erg rauw en bloederig uitziet en lijkt het alsof minstens een deel van
de vellen die uit de vulva hangen van de placenta afkomstig is. Er is niet veel bloedverlies, de merrie
is vlot en staat en heeft voldoende aandacht voor haar veulen. Wel perst ze af en toe nog op de
nageboorte. Het veulen staat ondertussen, is attent en doet de eerste pogingen om te drinken. Een
half uur later ben je bij deze patiënt en tref je een situatie aan die overeenkomt met het beeld zoals
je dat per telefoon gekregen had, alleen ligt de nageboorte nu net in de box.
Wat zijn de belangrijkste punten van je klinisch onderzoek?
Nageboorte op compleetheid checken, vulva checken op verwondingen. Indien ernstig dan
vaginoscopie. Slvl kijken ivm bloedverlies
Welke drie typen (graden) van vulva/perineumverwondingen zijn beschreven en wat zijn de
verschillen qua behandeling en prognose?
Graad 1: oppervlakkig
, o Prognose goed geen behandeling
Graad 2: diepere lagen betrokken
o Prognose goed
o Hechten
Graad 3:
o Anus en rectum = totale ruptuur
o R/V fistel
o Prognose goed
o In het acute stadium is hechten meestal niet zinvol door de mate van
weefselverval dat in de daarop volgende dagen nog op treedt. De
therapie dient te bestaan uit bloedstelping en wondtoilet, dagelijks
meerdere keren koud af douchen, parenteraal antibiotica en
tetanusprofylaxe. Uiteraard wordt de involutie goed in de gaten
gehouden. Een enkele keer kan het wel zinvol zijn het perineum en de
anussfincter te hechten, maar meestal laten deze hechtingen na enige
dagen ook weer los
Wat is je plan van aanpak indien je de zwaarste vorm van vulva/perineumverwonding bij een
merrie diagnosticeert? Motiveer deze keuze.
Eerste behulp bij ruptuur
- Bloeding -stoppen
- Wond schoonmaken en houden
- Tetanus profylaxis
- AB en NSAIDs tegen metritis
- Oxytocine (metritis)
- Wachten met reparatie
In hoeverre Is er in dit geval sprake geweest van een complicatie veroorzaakt door het moment
waarop de nageboorte is afgekomen bij deze merrie??
Nog klein stukje achtegebleven?
Drachtige hoorn
Niet drachtige hoorn
Casus 2
, Zowel bij landbouwhuisdieren, paarden als gezelschapsdieren is het interval tussen partus en het op
gang komen van de oestrische cyclus van klinisch belang.
Geef voor het rund, varken, paard, hond en kat weer wanneer de eerste ovulatie na de
partus verwacht mag worden en hoe bruikbaar is deze ovulatie?
Geef voor deze diersoorten aan welke factoren de lengte van het interval partus – eerste
ovulatie beïnvloeden
Rund: eerst silent heat, progesterone moet geprimed worden
Varken: eerst lactatie anoestrus
Paard: veulenhengstigheid (snel weer want lang dragend)
Hond: mono-oestrisch
Kat: lactatie-anoestrus, seizoensgebonden
Er wordt in de verschillende sectoren verschillend gedacht over de wenselijke duur van de
periode tussen partus en start van de volgende dracht. In de rashondenfokkerij is dat
minimaal 1 jaar (zie hieronder) , terwijl in de landbouwhuisdierensector vaak gestreefd
wordt naar een zo kort mogelijk interval, bijv. in de varkenhouderij. Kunt u vanuit uw kennis
van de pathofysiologie beredeneren waarom dit verschil zo groot is en hoe beide
standpunten te verdedigen zijn?
Economisch belang. Inteelt voorkomen. Tegen broodfok. Uterus moet ook nog herstellen en
dit duurt bij LH langer dan bij GD.
Uit de regels over “bedrijfsmatig huisdieren houden”
( http://www.rvo.nl/onderwerpen/agrarisch-ondernemen/dieren/huisdieren-houden-en-fokken/
bedrijfsmatig-huisdieren-houden/regels ) :
Casus 3
Bij de merrie wordt veulenhengstigheid wanneer deze later dan 12 tot 14 pp optreedt vaak met
succes gebruikt om een merrie weer drachtig te krijgen. De kans op dracht is echter lager dan tijdens
latere cycli.