Basismethoden van onderzoek en statistiek
Week 1: Hoorcollege 1
Wetenschappelijk onderzoek
Wetenschappelijk onderzoek is:
- Theorievormend
Uitspraken uit ander onderzoek als uitgangpunt
Verder bouwend, zorgt voor een beter begrip van
- Systematisch
Het volgt vaste stappen en procedures
- Controleerbaar
Peer review
Het onderzoek kan worden herhaald door een andere onderzoeker met eenzelfde resultaat
- Empirisch
Kennis die voortgekomen is uit wetenschappelijk onderzoek (data)
Systematische waarnemingen
Gegevens verzamelen en op basis van die gegevens conclusies trekken
Conclusies trekken, dit kan op verschillende manieren
- Probabilistisch
Data is niet voor altijd geldend. Tijd, plaats etc. bepalen resultaten.
Conclusies die eerder getrokken zijn, kunnen daardoor ook weer ter discussie gesteld worden
Theorie in sociale wetenschappen:
Een theorie is een geheel van denkbeelden, hypothesen en verklaringen die in onderlinge samenhang
worden beschreven. In de wetenschap is een theorie een getoetst model ter verklaring van
waarnemingen van de werkelijkheid.
Kenmerken van een goede theorie zijn:
- Ondersteund data uit wetenschappelijk onderzoek
- Falsifieerbaar: Je moet kunnen aantonen dat de theorie niet klopt
- Spaarzaam (parsimonious): Zo simpel als mogelijk
,Onderzoeksvragen
In wetenschappelijk onderzoek zijn er verschillende soorten onderzoeksvragen:
- Fundamenteel: Deze vragen lossen een kennisprobleem op. Zij breiden kennis uit.
- Toegepast: Deze vragen lossen een praktijkprobleem op.
- Translationeel: Deze vraag zijn een brug tussen bovenstaande. Dus een vraag die theorie en praktijk
verbind. Dit is de vertaling naar de praktijk.
Onderzoekontwerp - ethiek
Omgang met je respondenten
- Beginsel van respect:
Informed consent, misleiding (deception), debriefing
- Beginsel van weldoen (beneficence):
Geen schade toebrengen, maatschappij moet er iets aan hebben
Anonimiteit en vertrouwelijkheid
- Beginsel van rechtvaardigheid
Een onderzoeker moet balans vinden tussen de respondenten en de mensen die baat hebben
bij het onderzoek. De respondenten moeten representatief zijn voor de mensen die wat aan
de uitkomsten hebben. Plus dat je alle gegevens die je hebt verzameld ook daadwerkelijk
verwerkt, anders ben je niet rechtvaardig naar sommige respondenten toe.
Omgang met je data: Als onderzoeker is het heel belangrijk dat je ethisch met je data omgaat. Dit
houdt in dat je het volgende niet mag doen:
- Data verzinnen
- Data vervalsen
- Plagiaat plegen
Soorten biases:
- Present bias: wanneer een onderzoeker alleen kijkt naar aanwezige resultaten die er zijn, en de
afwezige resultaten niet meeneemt.
- Confirmation bias: wanneer een onderzoeker alleen kijkt naar informatie die hij/zij wilt bevestigen. -
- Recall bias: uitgaan van geheugen
- Availability heuristic: wanneer een onderzoeker dingen onthoudt die “merkwaardig” zijn en
daardoor denkt dat deze vaker voorkomen dan andere dingen
- Bias blind spot: mensen zijn zich niet bewust van de biases die hen kunnen beïnvloeden.
, Week 1: Hoorcollege 2
Waarom kwalitatief onderzoek?
Het voornaamste doel van kwalitatief onderzoek is:
- Sociale fenomenen begrijpen vanuit hun natuurlijke context
- Empirische patronen ontdekken
Beiden kunnen een startpunt vormen voor theorievorming. Hierbij kan je denken aan:
- Het ontwikkelen van nieuwe theorie
- Het aanpassen of uitbreiden van bestaande theorieën
Kenmerken van kwalitatief onderzoek:
- De onderzoeker is geïnteresseerd in de natuurlijke omgeving van de respondent
- De onderzoeker heeft een contextuele benadering
- Het perspectief van de respondent staat centraal
- Via specifieke observaties probeert de onderzoeker:
De sociale werkelijkheid te omschrijven in al haar diversiteit
Naar algemeenheden te zoeken die nieuwe theorieën vormen of bestaande theorieën
aanpassen
Achtergrond van kwalitatief onderzoek:
Grounded theorie:
- Systematische en kwalitatieve aanpak van onderzoek
- Theorie ontwikkelen in plaats van theorie testen/hypothesen toetsen
- Gebruikt data om een theorie te ontwikkelen
- Onderzoekers zijn open-minded
Type wetenschappelijk onderzoek:
- Inductief onderzoek: Gebruikt data om een theorie te vormen. Gaat van concreet naar algemeen
(van binnen naar buiten). Hierbij geen hypotheses.
- Deductief onderzoek: Gebruikt een theorie om hypotheses te formuleren. Gaat van algemeen naar
concreet.
- Abductief onderzoek: Is theorievormend, maar wel met gebruik van bestaande theorie. Hierbij geen
hypotheses. De rol van theorie is vooral informeren/inspireren zodat je aan onderzoek kan beginnen.