Hoorcolleges cross culturele communicatie
Samenvatting
Inhoud
Psychologie over gedrag & referentiekaders..........................................................................................1
Voorlichting en advies............................................................................................................................4
Diversiteit cultuur en gedrag................................................................................................................11
Acne en Rosacea...................................................................................................................................13
Acne......................................................................................................................................................13
Rosacea................................................................................................................................................22
Zweet en talgklieren (anatomie/fysiologie/pathologie)........................................................................23
Farmacotherapie bij acne en rosacea...................................................................................................42
Kwalitatief onderzoek acne :.................................................................................................................62
Genderproblematiek............................................................................................................................64
Werk colleges.......................................................................................................................................66
Psychologie over gedrag & referentiekaders
Leerdoelen:
De student begrijpt hoe gedrag en het eigen referentiekader tot
stand komt.
De student begrijpt hoe waarden en normen gevormd worden
door de eigen omgeving en de samenleving.
De student begrijpt dat verschillende normen en waarden, en
verschillende culturen zorgen voor een geheel eigen sociaal-
culturele context.
Interculturele communicatie = interactie met mensen van andere culturen kan
leiden tot onbegrip, misverstanden en ergernissen. Zo kom je nog weleens voor
verrassingen te staan.
,Gebrek aan zelfinzicht en gebrek aan culturele bescheidenheid
Referentiekader: gebrek aan zelfinzicht/ culturele bescheidenheid
Zowel cliënten als hulpverleners nemen hun eigen normen en waarden, cultuur
en achtergrond mee in de therapeutische interactie
Onbewust:
- Hoe maatschappelijke structuren in elkaar steken en welke positie zijzelf
daarbinnen nemen
- Hoe de eigen cultuur en referentiekaders de therapeutische interactie
met cliënten uit andere culturen kunnen beïnvloeden
- Hoe hun positie, als lid van de witte meerderheid verschilt van hun
cliënten
- Othering = andere waarden en normen worden gezien als primitief de
waardeb van de meerderheidsgroep wordt als maatstaaf genomen.
Referentiekader= we nemen de realiteit waar vanuit ons eigen referentiekamer.
Iedereen heeft een eigen referentiekader. Soms vergeet je dat de ander zijn
eigen bril draagt, dit maakt communicatie vaak lastig en tegelijkertijd erg
belangrijk.
Cultuur vormt je manier van denken, communiceren en handelen.
Laveren tussen culturen: kijk door de bril van de ander, de referentie
kader van jou en de ander kunnen naast elkaar bestaan.
Cultuur sensitief denken= de zorg professional moet inzicht hebben in
zijn eigen culturele achtergrond en levensbeschouwing
Big 5 theorie
- Extraversie
- Neurositisme (emotionele stabiliteit)
- Ordelijkheid
- Openheid
- Vriendelijkheid
Persoonlijkheid= uniek patroon van gedragingen, gedachten, en emoties
die de wijze waarop een individu reageert op allerlei situaties
karakteriseert
Eigen referentiekader:
, Cultuur gaat over perceptie . we zien wat we willen zien maar zien niet
altijd wat de ander ziet
Je selecteert de perceptie aangezien de perceptie aangezien je niet alles
kunt waarnemen: dit doe je op basis wat je belangrijk vindt/en of waar je
interesse in hebt.
Selectie perceptie hangt sterk af van je referentiekader
Iedereen handelt vanuit zijn eigen referentiekader: alle regels, normen en
waarden die (onbewust) bepalen hoe je iets beoordeelt
Deze wordt bepaald door psychologische, sociale en culturele
eigenschappen.
Factoren die gedrag beïnvloeden:
- Fysische en geografische factoren
- Fysieke factoren
- Psychische factoren
- Culturele factoren en spirituele factoren
- Sociale factoren
Attitude= een consistente en voorspelbare manier waarop iemand:
1. Voelt m.b.t een bepaald onderwerp/object
2. Denkt over een bepaald onderwerp
3. Geneigd is zich te gedragen en aanzien van dit onderwerp/object
Kenmerken attitude:
Cognitief component
- Overtuigingen, meningen, kennis of informatie
Affectief component
- Het gedeelte van een attitude dat emoties of gevoelens omvat
Gedragscomponent
- De intentie om een bepaalde manier je te handelen tot iets of iemand
- Aangeleerd (is veranderbaar)
- Consistent & duurzaam
- Object gebonden
- Gedragsvoorspeller
, Functie van groepen:
-veiligheid
- Invloed en macht
- Status en erkenning
- Zelfontplooiing
Groepsnormen= ongeschreven regels waaraan de groepsleden zich aan dienen
te houden ( taak, omgang, mode normen)
Waarden = wat je belangrijk vind
Voorlichting en advies
Resultaat / Leerdoelen
Je weet het verschil tussen een advies- en een
voorlichtingsgesprek uit te leggen.
Je hebt kennis van hoe diversiteit invloed op het geven van
advies kan hebben.
Je kent meerdere (audio)visuele middelen, die ondersteunend
zijn, bij het geven van een adviesgesprek
Resultaat / Leerdoelen :
- Je weet het verschil tussen een advies- en een voorlichtingsgesprek uit te
leggen.
- Je hebt kennis van hoe diversiteit invloed op het geven van advies kan
hebben.
- Je kent meerdere (audio)visuele middelen, die ondersteunend zijn, bij
het geven van een adviesgesprek.
Advies:
- Uitleg geven/informeren van burgers/patiënten
Voorlichting:
- vooral op gedragsverandering (gebruik makend van advies)
Samenvatting
Inhoud
Psychologie over gedrag & referentiekaders..........................................................................................1
Voorlichting en advies............................................................................................................................4
Diversiteit cultuur en gedrag................................................................................................................11
Acne en Rosacea...................................................................................................................................13
Acne......................................................................................................................................................13
Rosacea................................................................................................................................................22
Zweet en talgklieren (anatomie/fysiologie/pathologie)........................................................................23
Farmacotherapie bij acne en rosacea...................................................................................................42
Kwalitatief onderzoek acne :.................................................................................................................62
Genderproblematiek............................................................................................................................64
Werk colleges.......................................................................................................................................66
Psychologie over gedrag & referentiekaders
Leerdoelen:
De student begrijpt hoe gedrag en het eigen referentiekader tot
stand komt.
De student begrijpt hoe waarden en normen gevormd worden
door de eigen omgeving en de samenleving.
De student begrijpt dat verschillende normen en waarden, en
verschillende culturen zorgen voor een geheel eigen sociaal-
culturele context.
Interculturele communicatie = interactie met mensen van andere culturen kan
leiden tot onbegrip, misverstanden en ergernissen. Zo kom je nog weleens voor
verrassingen te staan.
,Gebrek aan zelfinzicht en gebrek aan culturele bescheidenheid
Referentiekader: gebrek aan zelfinzicht/ culturele bescheidenheid
Zowel cliënten als hulpverleners nemen hun eigen normen en waarden, cultuur
en achtergrond mee in de therapeutische interactie
Onbewust:
- Hoe maatschappelijke structuren in elkaar steken en welke positie zijzelf
daarbinnen nemen
- Hoe de eigen cultuur en referentiekaders de therapeutische interactie
met cliënten uit andere culturen kunnen beïnvloeden
- Hoe hun positie, als lid van de witte meerderheid verschilt van hun
cliënten
- Othering = andere waarden en normen worden gezien als primitief de
waardeb van de meerderheidsgroep wordt als maatstaaf genomen.
Referentiekader= we nemen de realiteit waar vanuit ons eigen referentiekamer.
Iedereen heeft een eigen referentiekader. Soms vergeet je dat de ander zijn
eigen bril draagt, dit maakt communicatie vaak lastig en tegelijkertijd erg
belangrijk.
Cultuur vormt je manier van denken, communiceren en handelen.
Laveren tussen culturen: kijk door de bril van de ander, de referentie
kader van jou en de ander kunnen naast elkaar bestaan.
Cultuur sensitief denken= de zorg professional moet inzicht hebben in
zijn eigen culturele achtergrond en levensbeschouwing
Big 5 theorie
- Extraversie
- Neurositisme (emotionele stabiliteit)
- Ordelijkheid
- Openheid
- Vriendelijkheid
Persoonlijkheid= uniek patroon van gedragingen, gedachten, en emoties
die de wijze waarop een individu reageert op allerlei situaties
karakteriseert
Eigen referentiekader:
, Cultuur gaat over perceptie . we zien wat we willen zien maar zien niet
altijd wat de ander ziet
Je selecteert de perceptie aangezien de perceptie aangezien je niet alles
kunt waarnemen: dit doe je op basis wat je belangrijk vindt/en of waar je
interesse in hebt.
Selectie perceptie hangt sterk af van je referentiekader
Iedereen handelt vanuit zijn eigen referentiekader: alle regels, normen en
waarden die (onbewust) bepalen hoe je iets beoordeelt
Deze wordt bepaald door psychologische, sociale en culturele
eigenschappen.
Factoren die gedrag beïnvloeden:
- Fysische en geografische factoren
- Fysieke factoren
- Psychische factoren
- Culturele factoren en spirituele factoren
- Sociale factoren
Attitude= een consistente en voorspelbare manier waarop iemand:
1. Voelt m.b.t een bepaald onderwerp/object
2. Denkt over een bepaald onderwerp
3. Geneigd is zich te gedragen en aanzien van dit onderwerp/object
Kenmerken attitude:
Cognitief component
- Overtuigingen, meningen, kennis of informatie
Affectief component
- Het gedeelte van een attitude dat emoties of gevoelens omvat
Gedragscomponent
- De intentie om een bepaalde manier je te handelen tot iets of iemand
- Aangeleerd (is veranderbaar)
- Consistent & duurzaam
- Object gebonden
- Gedragsvoorspeller
, Functie van groepen:
-veiligheid
- Invloed en macht
- Status en erkenning
- Zelfontplooiing
Groepsnormen= ongeschreven regels waaraan de groepsleden zich aan dienen
te houden ( taak, omgang, mode normen)
Waarden = wat je belangrijk vind
Voorlichting en advies
Resultaat / Leerdoelen
Je weet het verschil tussen een advies- en een
voorlichtingsgesprek uit te leggen.
Je hebt kennis van hoe diversiteit invloed op het geven van
advies kan hebben.
Je kent meerdere (audio)visuele middelen, die ondersteunend
zijn, bij het geven van een adviesgesprek
Resultaat / Leerdoelen :
- Je weet het verschil tussen een advies- en een voorlichtingsgesprek uit te
leggen.
- Je hebt kennis van hoe diversiteit invloed op het geven van advies kan
hebben.
- Je kent meerdere (audio)visuele middelen, die ondersteunend zijn, bij
het geven van een adviesgesprek.
Advies:
- Uitleg geven/informeren van burgers/patiënten
Voorlichting:
- vooral op gedragsverandering (gebruik makend van advies)