Nederland 1948-2008
Wederopbouw
Toen Nederland bevrijd was op 5 mei moest Nederland gelijk gaan wederopbouwen. Er was
veel schade in Nederland zoals: huizen, fabrieken en infrastructuren. Veel mensen hadden
geen huizen dus Nederland moest snel huizen gaan bouwen. Gevolgen hiervan zijn
woningnood en een stilstaande economie.
Verzuiling
Nederland was voor de oorlog een verzuilde samenleving dus Nederland was
verdeeld in 4 verschillende zuilen: Liberaal, socialistisch, katholieke of
protestant. De zuilen hadden niet echt ruzie met elkaar maar leefden ook niet
als een samenleving.
De zuilen hadden vaak een soort van bestuurders, deze bestuurders waren vaak ook
mensen met belangrijke functies/invloed in de Nederlandse regering. Na de oorlog waren
burgers dus ook nog steeds trouw aan hun eigen zuil.
Kort na de Tweede Wereldoorlog hoopte men dat er een ontzuiling ontstond. Er werden
nieuwe politieke partijen opgericht die niet echt van een zuil waren. Hierdoor kwam er een
beginnende ontzuiling maar echte ontzuiling was er niet. Nederland is en blijft toch een
verzuilde samenleving.
Nederland kiest kant van het westen
Tot de Tweede Wereldoorlog stelde Nederland zich altijd neutraal. Zoals Zwitserland
betekent dit dat als er conflicten zijn dat Nederland geen kant kiest. Na de oorlog heeft
Nederland zijn neutraliteit op. Nederland wordt lid van de NAVO (1949) , ze kiezen voor het
westen. (Europese eenwording/EGKS)
Babyboom
Kort na de oorlog ontstaat er een babyboom. Mensen krijgen ineens enorm veel kinderen, er
ontstaat een enorm geboorteoverschot.
4 aspecten.
- Nederland moet opbouwen: wederopbouw.
- Politiek verbiedt Nederland verzuild.
- Nederland kiest kant voor het westen.
- Er ontstaat een babyboom.
, Veranderingen Nederland 1948 - 1978
Samenwerking Sociaaldemocraten en christelijken. (roomsrode regering) 48 tot 58
Na de oorlog zagen confessionelen en socialisten dat samenwerking nodig was voor de
wederopbouw voor Nederland. Socialisten> Gericht op betere leef woon- en
werkomstandigheden, rechten voor arbeiders en de lage middenklasse.
Christelijke> gericht op een geordende samenleving en naastenliefde. Ze gaan
samenwerken en na een tijdje beginnen er veranderingen te komen. Ze werken samen
omdat ze allebei vinden dat iedereen verzorgt moet worden. Dit noemt men een maakbare
samenleving. Noodzaak om samen te werken wederopbouw, overheid moest helpen met
economie en armoede. Gevolg hiervan was overheid die zich gaat bemoeien met het
leven/burgers.
Verzorgingsstaat
Na de Tweede Wereldoorlog werden de verzuilde verhoudingen aanvankelijk hersteld.
Daarna begon de opbouw van de verzorgingsstaat. Hierdoor ontstaat een bredere taak voor
de overheid, namelijk naast zorgen voor veiligheid, ook garantie voor welvaart en welzijn van
de burgers.
Geleide loonpolitiek
In 1950 kwam de geleide loonpolitiek. Dit houdt in dat een loon laag wordt gehouden, en dat
bepaalde producten ook niet duurder mochten worden. Dit ontstaat doordat Nederland
opnieuw opgebouwd moet worden, Nederlandse producten zijn goedkoop dus krijgt
Nederland veel export (Nederland verkoopt veel producten). De werkgelegenheid stijgt nog
meer omdat Nederland veel producten blijft verkopen. Nederland krijgt veel geld omdat er bij
de verkoop van producten veel belasting komt. Hiermee kan de overheid Nederland nog
beter opgebouwd worden. Doordat Nederland meer geld heeft blijft en wordt de
verzorgingsstaat beter.
Toename werkgelegenheid> Stijging van export > Welvaart neemt toe
Marshallhulp
In 1947 tot 1948 kreeg Nederland van Amerika veel geld om verder op te bouwen na de
oorlog. Amerika gaf dit met een eis: Nederland moest samen met europa een worden. Dit
deed Amerika zodat ze betere handel konden halen uit europa, en zodat de sovjet unie niet
te groot werd.
Winning van aardgas
In 1959 vond boer Boon een enorme gasbel onder zijn terrein. Dit bleek enorm groot te zijn
en Nederland werd hierdoor economisch nog sterker. Hier heeft Nederland bizar veel geld
mee verdiend.
1. Rooms- rode samenwerking in de politiek
2. Geleide loonpolitiek
3. Winning van aardgas
4. Marshallhulp
5. Economisch herstel van duitsland
Wederopbouw
Toen Nederland bevrijd was op 5 mei moest Nederland gelijk gaan wederopbouwen. Er was
veel schade in Nederland zoals: huizen, fabrieken en infrastructuren. Veel mensen hadden
geen huizen dus Nederland moest snel huizen gaan bouwen. Gevolgen hiervan zijn
woningnood en een stilstaande economie.
Verzuiling
Nederland was voor de oorlog een verzuilde samenleving dus Nederland was
verdeeld in 4 verschillende zuilen: Liberaal, socialistisch, katholieke of
protestant. De zuilen hadden niet echt ruzie met elkaar maar leefden ook niet
als een samenleving.
De zuilen hadden vaak een soort van bestuurders, deze bestuurders waren vaak ook
mensen met belangrijke functies/invloed in de Nederlandse regering. Na de oorlog waren
burgers dus ook nog steeds trouw aan hun eigen zuil.
Kort na de Tweede Wereldoorlog hoopte men dat er een ontzuiling ontstond. Er werden
nieuwe politieke partijen opgericht die niet echt van een zuil waren. Hierdoor kwam er een
beginnende ontzuiling maar echte ontzuiling was er niet. Nederland is en blijft toch een
verzuilde samenleving.
Nederland kiest kant van het westen
Tot de Tweede Wereldoorlog stelde Nederland zich altijd neutraal. Zoals Zwitserland
betekent dit dat als er conflicten zijn dat Nederland geen kant kiest. Na de oorlog heeft
Nederland zijn neutraliteit op. Nederland wordt lid van de NAVO (1949) , ze kiezen voor het
westen. (Europese eenwording/EGKS)
Babyboom
Kort na de oorlog ontstaat er een babyboom. Mensen krijgen ineens enorm veel kinderen, er
ontstaat een enorm geboorteoverschot.
4 aspecten.
- Nederland moet opbouwen: wederopbouw.
- Politiek verbiedt Nederland verzuild.
- Nederland kiest kant voor het westen.
- Er ontstaat een babyboom.
, Veranderingen Nederland 1948 - 1978
Samenwerking Sociaaldemocraten en christelijken. (roomsrode regering) 48 tot 58
Na de oorlog zagen confessionelen en socialisten dat samenwerking nodig was voor de
wederopbouw voor Nederland. Socialisten> Gericht op betere leef woon- en
werkomstandigheden, rechten voor arbeiders en de lage middenklasse.
Christelijke> gericht op een geordende samenleving en naastenliefde. Ze gaan
samenwerken en na een tijdje beginnen er veranderingen te komen. Ze werken samen
omdat ze allebei vinden dat iedereen verzorgt moet worden. Dit noemt men een maakbare
samenleving. Noodzaak om samen te werken wederopbouw, overheid moest helpen met
economie en armoede. Gevolg hiervan was overheid die zich gaat bemoeien met het
leven/burgers.
Verzorgingsstaat
Na de Tweede Wereldoorlog werden de verzuilde verhoudingen aanvankelijk hersteld.
Daarna begon de opbouw van de verzorgingsstaat. Hierdoor ontstaat een bredere taak voor
de overheid, namelijk naast zorgen voor veiligheid, ook garantie voor welvaart en welzijn van
de burgers.
Geleide loonpolitiek
In 1950 kwam de geleide loonpolitiek. Dit houdt in dat een loon laag wordt gehouden, en dat
bepaalde producten ook niet duurder mochten worden. Dit ontstaat doordat Nederland
opnieuw opgebouwd moet worden, Nederlandse producten zijn goedkoop dus krijgt
Nederland veel export (Nederland verkoopt veel producten). De werkgelegenheid stijgt nog
meer omdat Nederland veel producten blijft verkopen. Nederland krijgt veel geld omdat er bij
de verkoop van producten veel belasting komt. Hiermee kan de overheid Nederland nog
beter opgebouwd worden. Doordat Nederland meer geld heeft blijft en wordt de
verzorgingsstaat beter.
Toename werkgelegenheid> Stijging van export > Welvaart neemt toe
Marshallhulp
In 1947 tot 1948 kreeg Nederland van Amerika veel geld om verder op te bouwen na de
oorlog. Amerika gaf dit met een eis: Nederland moest samen met europa een worden. Dit
deed Amerika zodat ze betere handel konden halen uit europa, en zodat de sovjet unie niet
te groot werd.
Winning van aardgas
In 1959 vond boer Boon een enorme gasbel onder zijn terrein. Dit bleek enorm groot te zijn
en Nederland werd hierdoor economisch nog sterker. Hier heeft Nederland bizar veel geld
mee verdiend.
1. Rooms- rode samenwerking in de politiek
2. Geleide loonpolitiek
3. Winning van aardgas
4. Marshallhulp
5. Economisch herstel van duitsland