Biologie Hoofdstuk 5: Erfelijkheid
5.3 Stamboomonderzoek
Om helderheid over de overerving van een eigenschap te krijgen kijk je naar de
stamboom.
- Vrouw: rondje, man: vierkant, nakomelingen op leeftijd, betreffende
eigenschap ingekleurd
- Het dominante allel krijgt een hoofdletter, het recessieve allel een kleine
letter.
- Genotypen met 2 dezelfde allelen zijn homozygoot.
- Genotypen met 2 verschillende allelen zijn heterozygoot.
- Als je de overerving van één gen in kaart brengt is dat een monohybride
kruising.
- Via een kruisingsschema kun je de kans op een feno- en genotype
bepalen.
Mannen hebben maar één X-chromosomaal gen waardoor ze kwetsbaar zijn
voor aandoeningen die veroorzaakt worden door een recessief allel in het X-
chromosoom (Xd). Als vrouwen heterozygoot (XDXd) zijn, zijn ze drager van een
ziekte. Ze hebben zelf de ziekte niet, maar kunnen die wel doorgeven.
Voorbeelden van zulke ziektes zijn hemofilie, ziekte van Duchenne en
kleurenblindheid.
Bij een intermediair fenotype zijn beide allelen even sterk, er is dus een
mengvorm van beide allelen. Een voorbeeld is FH, daarbij maakt het lichaam
geen receptoren als de persoon homozygoot is. Als de persoon heterozygoot is,
maakt het lichaam de helft van het normale aantal receptoren.
De receptoren op het celmembraan van rode bloedcellen worden gevormd door
een gen waarvan er drie allelen bekend zijn: I A, IB en i.
- Bloedgroep A: IAIA en IAi
- Bloedgroep B: IBIB en IBi
- Bloedgroep AB: IAIB, koppelen beide een andere suiker, codominant
- Bloedgroep 0: ii, koppelen geen suikers aan receptoren
Letale allelen zijn voor een homozygoot individu dodelijk, het allel komt alleen
heterozygoot voor omdat een homozygoot persoon sterft als embryo.
5.3 Stamboomonderzoek
Om helderheid over de overerving van een eigenschap te krijgen kijk je naar de
stamboom.
- Vrouw: rondje, man: vierkant, nakomelingen op leeftijd, betreffende
eigenschap ingekleurd
- Het dominante allel krijgt een hoofdletter, het recessieve allel een kleine
letter.
- Genotypen met 2 dezelfde allelen zijn homozygoot.
- Genotypen met 2 verschillende allelen zijn heterozygoot.
- Als je de overerving van één gen in kaart brengt is dat een monohybride
kruising.
- Via een kruisingsschema kun je de kans op een feno- en genotype
bepalen.
Mannen hebben maar één X-chromosomaal gen waardoor ze kwetsbaar zijn
voor aandoeningen die veroorzaakt worden door een recessief allel in het X-
chromosoom (Xd). Als vrouwen heterozygoot (XDXd) zijn, zijn ze drager van een
ziekte. Ze hebben zelf de ziekte niet, maar kunnen die wel doorgeven.
Voorbeelden van zulke ziektes zijn hemofilie, ziekte van Duchenne en
kleurenblindheid.
Bij een intermediair fenotype zijn beide allelen even sterk, er is dus een
mengvorm van beide allelen. Een voorbeeld is FH, daarbij maakt het lichaam
geen receptoren als de persoon homozygoot is. Als de persoon heterozygoot is,
maakt het lichaam de helft van het normale aantal receptoren.
De receptoren op het celmembraan van rode bloedcellen worden gevormd door
een gen waarvan er drie allelen bekend zijn: I A, IB en i.
- Bloedgroep A: IAIA en IAi
- Bloedgroep B: IBIB en IBi
- Bloedgroep AB: IAIB, koppelen beide een andere suiker, codominant
- Bloedgroep 0: ii, koppelen geen suikers aan receptoren
Letale allelen zijn voor een homozygoot individu dodelijk, het allel komt alleen
heterozygoot voor omdat een homozygoot persoon sterft als embryo.