100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4.2 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting inleiding Filosofie (PABAP040) - colleges en boeken

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
42
Geüpload op
06-06-2025
Geschreven in
2024/2025

Deze samenvatting bevat alle colleges en de stof uit de boeken die je moet hebben gelezen voor het tentamen van inleiding in de filosofie. Er staat niet specifiek aangegeven wat uit de colleges komt en wat niet. De boeken Understanding Ethics van Tännsjö en What is this thing called knowledge? van Pritchard zijn hierin verwerkt. Alles is goed en duidelijk omschreven.

Meer zien Lees minder











Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Onbekend
Geüpload op
6 juni 2025
Aantal pagina's
42
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting inleiding in de filosofie
Bevat beide boeken, aangevuld met informatie uit de colleges. Staat niet apart aangegeven.

College 1 t/m college 4 behandelt Pritchard: What is this thing called knowledge?
College 1 – Kennis Part 1: What is knowledge?

Hoofdstuk 1: enkele voorafgaande opmerkingen
Typen kennis
Epistemologie: kennisleer/kennisfilosofie.
Vragen zich af wat alle soorten kennis die wij aan onszelf toeschrijven met elkaar gemeen
hebben.

Procedurele kennis: het kunnen, de vaardigheid.
Voorbeeld 1: bij fietsen steek ik mijn hand uit en ik sla af. Ondertussen val ik niet om, ondanks dat
ik 1 hand minder aan het stuur heb. Ik kan niet uitleggen hoe het komt dat ik niet omval, maar ik
kan het wel gewoon.
Voorbeeld 2: veel mensen kunnen blind typen, waarbij hun vingers de juiste toetsen automatisch
kunnen vinden. Maar als je die mensen gaat vragen waar welke letter precies zit, weten ze dat
vaak niet. Het is een vaardigheid opgeslagen in spier- en procedurele geheugen.

Propositionele kennis: het kennen, beelden, gedachten, beweringen en vooronderstelling.
Voorbeeld 1: je weet dat je buurvrouw slechtziend is. Je weet dat, omdat ze geen autorijd, ze ziet
je niet vanaf een afstandje zwaaien en ze heeft verteld dat ze slechtziend is.
Voorbeeld 2: je weet dat een leerling moeite heeft met lezen. Je weet dit, omdat de leerling vaak
struikelt over de woorden tijdens het hardop lezen, de ouders hebben verteld dat hij dyslexie heeft
en de leerling heeft zelf aangegeven dat hij lezen lastig vindt.
Eigenlijk alleen mensen hebben propositionele kennis. Een dier heeft wel procedurele kennis,
maar een dier zou zich er niet van bewust zijn hoe hij iets doet, etc.
Propositionele kennis vereist een groter intellectueel inzicht van de kennisdrager dan
procedurele kennis.

Twee voorwaarden voor kennis: waarheid en geloof
Op zoek naar definitie van kennis. Want je weet dat Parijs de hoofdstad van Frankrijk is, maar je
moet ook geloven dat dit zo is en wat je gelooft moet waar zijn.
Eerste criterium - belief: er is sprake van een gedachte. Een overtuiging zonder bewijs.
Voorbeeld 1: je gelooft dat het morgen gaat regenen. Is een overtuiging die je hebt, maar geen
bewijs of reden om dit te denken. Het kan wel of niet kloppen.
Voorbeeld 2: je gelooft dat je favoriete voetbalteam dit weekend gaat winnen. Het is een
overtuiging die je hebt, maar het kan waar of onwaar zijn en je hebt geen bewijs dat het zal
gebeuren.

Tweede criterium – true belief: ik heb gelijk, de gedachte die ik heb moet waar zijn. Een
overtuiging die toevallig waar is.
Voorbeeld 1: je gelooft dat de zon morgen opkomt, en dat gebeurt ook. De zon komt op, maar je
hebt geen specifieke reden of bewijs om dit te geloven. Het gebeurde elke dag tot nu toe, dus je
neemt aan dat het morgen weer gebeurt.
Voorbeeld 2: je gelooft dat je vriend thuis is en dat blijkt zo te zijn. Het is een ware overtuiging,
maar je baseert het puur op gevoel of toeval. Je hebt de vriend niet gesproken of iets gezien dat dit
gevoel bevestigd.

Derde criterium – justified true belief (JTB): ik heb een reden voor wat ik geloof, ik heb geen geluk
gelijk. Mijn overtuiging is waar en gerechtvaardigd door bewijs of logische redenen.

, Voorbeeld 1: je gelooft dat de toets morgen moeilijk zal zijn en dit blijkt waar te zijn. Je denkt dit,
omdat de docent had gezegd dat het moeilijk zal zijn en je had de oefenvragen bekeken en die
vond je ook lastig. Je geloof is waar en je hebt een goede reden voor je overtuiging.
Voorbeeld 2: je gelooft dat de trein om 10:15 aankomt en dat blijkt zo te zijn. Je hebt dit namelijk
opgezocht in de dienstregeling en de trein rijdt altijd volgens schema. Het blijkt ook zo te zijn,
want de trein kwam om 10:15. Je overtuiging is waar en gerechtvaardigd.

Geluk gelijk: je gokt een antwoord en het antwoord blijkt juist te zijn. Dan heb je gelijk door toeval
en dat is niet echte kennis. Je wilt uitsluiten dat dit gebeurt.

Weten versus het alleen maar 'goed doen'
Om echt te kunnen praten over kennis moet iemand zijn succes voortkomen uit zijn
inspanningen in plaats van uit toeval.
Dus het vormen van je geloof op de manier waarop je dat doet, moet onder die omstandigheden
tot een waar geloof leiden.

Een korte opmerking over de waarheid
Waarheid kan objectief zijn: voor de meeste beweringen maakt het niet uit of je denkt dat ze
waar zijn. Ze zijn waar of niet, ongeacht je gedachten.
Voorbeeld: of de aarde rond is, heeft niets te maken met of wij denken dat het zo is, maar hangt simpelweg
af van de werkelijke vorm van de aarde.

Hoofdstuk 2: de waarde van kennis
Waarom geven om kennis?
Als kennis niet waardevol zou zijn, moeten we ons gaan afvragen of we ons begrip van de
epistemologische onderneming niet zouden moeten heroverwegen.
Dit hoofdstuk probeert deze vraag te beantwoorden.

De instrumentele waarde van waar geloof
Waarheid is waardevol in iemand zijn geloof en kennis vereist waarheid.
Ware overtuigingen zijn beter dan valse overtuigingen, omdat ware overtuigingen ons in staat
stellen onze doelen te bereiken.

Instrumentele waarde: een waarde die iets toekomt vanwege een verder waardevol doel dat het
dient.
Voorbeeld 1: de waarde van een thermometer. Het stelt ons in staat iets te ontdekken wat belangrijk is
voor ons -> de temperatuur. Een werkende thermometer is dan waardevol, maar een kapotte niet (tenzij
het voor een ander doel dient, dan kan hij kapot zijn, maar nog wel waardevol).
Voorbeeld 2: discipline. Het wordt gewaardeerd, omdat het helpt om andere doelen te bereiken. Zoals
succes in je carrière, persoonlijke groei of behalen van diploma. Het is een middel om dat succes of
persoonlijke vervulling te bereiken.

Non-instrumentele waarde: waardevol voor zichzelf, maar heeft geen ander doel.
Voorbeeld 1: vriendschap. Vriendschap zal best heel nuttig zijn, maar het vrienden zelf hebben is waar het
om gaat, dat is fijn. Niet omdat die ene vriend wel altijd je drankjes wil betalen. Dat zou een instrumentele
waarde zijn.
Voorbeeld 2: geluk. Mensen streven dit na omdat het waardevol is, niet omdat het een middel is tot een
ander doel. Je wilt gewoon gelukkig zijn, omdat dat goed en wenselijk voelt.

Het kan meer waarde hebben om een paar waarheidsgetrouwe overtuigingen te hebben die echt
relevant zijn, dan veel waarheden die eigenlijk allemaal weinig betekenis hebben.
Voorbeeld: je kunt wel elke zandkorrel van het strand gaan opmeten. Dan heb je allemaal
waarheden, maar het heeft toch vrij weinig nut dat je weet hoe groot elke zandkorrel is?

,Dus: niet alle ware overtuigingen hebben instrumentele waarde. We kunnen dus niet aantonen
dat kennis waardevol is, door te zeggen dat kennis waarheid heeft en dus instrumentele waarde
heeft.

De waarde van kennis
Als je doelen wilt bereiken in het leven, is het handig om kennis te hebben over deze doelen.
Ware overtuigingen zijn beter dan valse overtuigingen, maar ze zijn niet net zo goed als kennis.
Voorbeeld: je bent in onbekende stad en wilt weten waar dichtstbijzijnde restaurant is. Je vindt kaart en
gebruikt deze om de weg te vinden. Deze kaart is echter speciaal ontworpen om mensen te verwarren die
de weg niet kennen, maar je weet dat niet. Ondanks dit feit wijst de kaart je toch toevallig naar het
restaurant. Je hebt nu ware overtuiging over locatie van het restaurant, maar dit komt puur door geluk.

Kunt afvragen: wat maakt het uit of mijn ware overtuiging kennis is of niet? Zolang ik mijn doel
bereik, is het toch prima?
Probleem is dat een louter ware overtuiging heel onstabiel is.
Voorbeeld: onderweg naar restaurant merk je op dat de gebouwen die je tegenkomt, niet overeenkomen
met de gebouwen op je kaart. Je beseft dat kaart onbetrouwbaar is en geeft het op.

Kennis kan meer instrumentele waarde hebben dan een louter ware overtuiging, omdat kennis
ervoor kan zorgen dat je je doelen eerder bereikt.
Voorbeeld: als je weet dat je een betrouwbare kaart in handen hebt. Dan weet je echt waar het restaurant
is, omdat je overtuiging gebaseerd is op kennis. Deze kennis zou niet ondermijnd worden, zoals de louter
ware overtuiging dat wel zou zijn. Je zou je overtuiging behouden en bij restaurant aankomen waardoor je
doel wordt bereikt.

De beelden van Daedalus
Daedalus was Griekse beeldhouwer die zijn beelden zo realistisch maakte, dat men zei dat ze
zouden kunnen weglopen als ze niet aan de grond vastgemaakt waren.
Louter ware overtuigingen hiermee vergeleken, omdat ze net zoals die beelden, makkelijk kwijt
te raken zijn. Kennis is als vastgebonden beeld wat niet zomaar verdwijnt.

Ware overtuiging door kennis blijft beter in stand bij veranderingen in omstandigheden, dan
louter ware overtuigingen.
Kennis echter niet altijd volledig stabiel. Kunt ook valse maar plausibele informatie tegenkomen
die je eerdere kennis in twijfel trekt.
Voorbeeld: je hebt de betrouwbare kaart van het restaurant, maar komt iemand tegen die voor de grap zegt
dat het een neppe kaart is. Dit beïnvloedt je overtuiging en mogelijk mis je het restaurant dan alsnog.

Kennis is stabieler, omdat kennis niet zomaar fout kan zijn.
Dus: als je je doelen wilt bereiken, is het essentieel om minimaal ware overtuigingen te hebben
over het onderwerp. Ware overtuigingen meestal van instrumentele waarde.
Maar beter om kennis te hebben, omdat ware overtuigingen instabiel zijn en niet altijd bijdragen
aan succes in projecten.

Kennis en louter ware overtuigingen meestal van instrumentele waarde. Maar kennis heeft
grotere instrumentele waarde dan louter ware overtuigingen.

Is sommige kennis niet-instrumenteel waardevol?
Neem wijsheid. Wijsheid is op zijn minst instrumenteel waardevol, omdat het iemand in staat
kan stellen een productief en vervuld leven te leiden. Toch leidt het niet altijd tot een goed leven.
Dan nog kan de kennis van dit soort waardevol zijn.

, Stel je krijgt een heel ellendig leven, dan kan je niks met die wijsheid doen, want je leven blijft
ellendig. Maar het is wel gewoon goed om wijs te zijn. Het is goed omwille zichzelf, het heeft een
niet-instrumentele waarde.

Andere voorbeelden van niet-instrumentele kennis:
- Zelfkennis: begrijpen van jezelf kan intrinsiek bevredigend zijn. Zelfs als dit niet helpt om specifiek
doel te bereiken, is het waardevol omdat het bijdraagt aan gevoel van verbondenheid met wie je
bent.
- Historische kennis: begrijpen van verleden kan ons helpen te begrijpen waar we vandaan komen
en hoe onze wereld zich heeft gevormd. Kan dieper gevoel van verbondenheid met mensheid en
tijd bevorderen, zonder dat het verbonden zit aan praktische toepassingen.

Dit maakt nog verschil duidelijk tussen kennis en louter ware overtuiging: bij louter ware
overtuigingen is het heel moeilijk om in te zien hoe deze ooit een niet-instrumentele waarde
zouden kunnen hebben.

➔ Kennis is dus iets waar we om zouden moeten geven. Het is dus aan ons, filosofen, om
meer te zeggen over wat kennis is en de verschillende manieren waarop we het kunnen
verwerven. Dat zijn ook de doelen van de epistemologie.

Hoofdstuk 3: definiëren van kennis
Het probleem van de criteria
Lastig om te beginnen met het definiëren van kennis.
Lijkt vanzelfsprekend om te beginnen met kijken naar gevallen waarin men kennis heeft en te
overwegen wat deze gevallen gemeenschappelijk hebben.
➔ Probleem hierbij: als men niet al weet wat kennis is, hoe kan men dan correct gevallen
van kennis identificeren?
Dit heet het criteriumprobleem. Kunnen dit samenvatten in 2 beweringen:
- Ik kan alleen gevallen van kennis identificeren als ik al weet wat de criteria voor kennis
zijn.
- Ik kan alleen weten wat de criteria voor kennis zijn als ik al in staat ben om gevallen van
kennis te identificeren.
Gevangen in cirkelredenering van onaangename opties.

Methodisme en particularisme
Roderick Chisholm: Methodisme: filosofen hebben er historisch gezien de neiging toe gehad om
ervan uit te gaan dat ze al weten wat de criteria voor kennis zijn. Op basis hiervan onderzochten
zij vervolgens de vraag of we überhaupt enige kennis hebben.
Dus: eerst beginnen met theorie: wat de criteria zijn voor kennis en daarna onderzoeken of er
werkelijk kennis is.
- Voordeel: begint niet met het veronderstellen van de onjuistheid van scepticisme. Het
laat de vraag open of er überhaupt iets is dat voldoet aan de criteria voor kennis.
- Nadeel: het is raadselachtig hoe we grip kunnen krijgen op de criteria voor kennis zonder
een beroep te doen op specifieke gevallen van kennis.

Particularisme: in plaats van dat je aanneemt dat men de criteria voor kennis onafhankelijk van
enig specifiek geval van kennis kan identificeren, moet je ervan uitgaan dat men specifieke
gevallen van kennis correct kan identificeren en op basis daarvan bepalen wat criteria voor
kennis zijn.
Dus: logischer om te beginnen bij de praktijk: wat we herkennen als kennis en daaruit criteria
voor kennis af te leiden.
€7,49
Krijg toegang tot het volledige document:

100% tevredenheidsgarantie
Direct beschikbaar na je betaling
Lees online óf als PDF
Geen vaste maandelijkse kosten

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
mjmonster

Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
Bundel blok 2b eerste jaar pedagogische wetenschappen RUG. Colleges en boeken!
-
2 2025
€ 14,48 Meer info

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
mjmonster Rijksuniversiteit Groningen
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
10
Lid sinds
1 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
5
Laatst verkocht
6 maanden geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen