Psychodiagnostiek = een gesystematiseerde & theoretisch onderbouwde manier om
te komen tot beschrijven, classificeren, verklaren en voorspellen van gedrag
Psychologische eigenschappen kunnen voorbijgaand/veranderlijk (bv gemoedstoestand,
=toestanden/states) zijn maar kunnen ook vrij stabiel zijn zoals bv intelligentie &
persoonlijkheid (=trekken/traits)
Het doel vh onderzoek moet helder omschreven worden, kan op 4 niveaus:
Psychologische eigenschappen kunnen we:
1. Beschrijven
2. Ordenen
3. Verklaren
4. Voorspellen hoe ze id toekomst zullen evolueren
1. Beschrijven van…
Gedrag
Sociale omgeving
Ontwikkeling over tijd
2. Ordenen van gedrag door vertaling naar…
Psychologische eigenschappen
Psychische stoornissen
Om ordening aan te brengen, kunnen classificatiesystemen gebruikt worden; categoriaal (bv.
DSM-5) vs dimensionaal (bv. KOP-model)
3. Verklaren van…
Oorzaken
Verschillen met anderen
= hypothese toetsend (bv. Hoe komt het dat Jasper zijn aandacht verliest in de klas?)
4. Voorspellen van…
- Toekomstig gedrag
1
,Het psychodiagnostisch proces
Belangrijkste stappen:
1. Vertrek vanuit de hulpvraag
- client is koning, zorgen dat client op zijn gemak is maar ook doel voor ogen stellen
- verkennen via psychodiagnostische methoden
- vertaling nodig
2. Een probleemstelling afbakenen
- client beter leren kennen
- hulpvraag concreter maken
- concretiseren dmv hypotheses
3. Psychodiagnostische methoden kiezen
- hypotheses geven richting
4. Psychodiagnostische methoden
afnemen
- steeds in functie vd hypthese & hulpvraag
- meer dan alleen info verzamelen
5. Resultaten verwerken
- verwerken van testresultaten, observaties,…
6. Een beeld vormen
- we kennen client nu beter dus beantwoording van hypothese & hulpvraag = (miss) mogelijk
- info in kader gieten (ICF-model)
7. Advies vormen
- Hoe helpen we de client verder? Welke interventies gaan we doen om de doelen te
bereiken?
- Cirkel is rond. Nieuwe vragen? terug naar stap 1
2
, 2. Benaderingswijzen vd psychodiagnostiek
1 Statistische benadering
- Vertrekt vanuit empirische evidentie
- Cijfermatig gedrag beschrijven, voorspellen,…
- Resultaat = belangrijkst
Hangt samen met nomothetische benadering
2 Klinische benadering
- Ieder persoon = uniek
- Individuele dynamiek beschrijven, verklaren,…
- Manier waarop = even belangrijk als resultaat
Hangt samen met ideografische benadering
als we beide benaderingen op een continuüm zouden plaatsen dan is er overlapping
aanwezig want ze hebben beide hetzelfde doel, nl. toekomstig gedrag voorspellen
3. Benaderingswijzen in de praktijk
1 Statistische benadering (= heel hard cijfergedreven zoals bv intelligentie & sociale vaardigheden)
- Testscores bepalen het profiel (weinig genuanceerd)
- Interpretatie vertrekt vanuit normgegevens (testresultaten vergelijken met normgroep)
- Gespreks- en observatiegegevens doen mee, maar niet centraal
- Uitslag = altijd kansuitspraak
2 Klinische benadering
Breed en genuanceerd werken, op 3 niveaus:
1. Observeren
2. Gespreksvoering
Aanpassen tekstcontext (standaardisering toepassen want alles op
dezelfde manier)
Aanpassen houding testleider
Aanpassen naar de client (op sensitieve manier omgaan met client door bv.
actief luisteren, doorvragen,…)
3. Verslaggeving (=belangrijk omdat we dat ev moeten doorgeven aan andere hulpverlener)
Kwalitatieve gegevens aan de top! (want die laten toe dat we nuances kunnen
geven aan resultaten)
Kwantitatieve gegevens eerder aanvullend
Doel: testresultaten nuanceren om zo misinterpretaties te vermijden
3