VRAAG 1
welk van onderstaande is geen toevallig gegenereerde data (incidentally generated data)?
A) data van Jumbo klantenpas
B) data van de belastingdienst
C) data van tweets van Twitter
D) data van het energiebedrijf
VRAAG 2
beoordeel de volgende uitspraak:
in de vergelijking van een face-to-face enquête met een enquête via de telefoon, is het
voordeel van een face-to-face enquête dat er ook auditief materiaal gebruikt kan worden
A) juist
B) onjuist
VRAAG 3
een onderzoeker maakt een aanpassingsfout. welke van onderstaande beschrijft op de
juiste wijze een aanpassingsfout?
A) de onderzoeker kent verschillende groepen in de populatie foutieve wegingsfactoren
toe
B) niet alle mensen in de doelpopulatie staan op de lijst die gebruikt wordt om een
steekproef uit te trekken
C) de waarde van het gemiddelde dat de onderzoeker uitrekent uit de antwoorden van
de participanten is niet gelijk aan het gemiddelde in de populatie
D) bij het maken van overzichtstabellen met beschrijvende statistieken wordt een groep
respondenten over het hoofd gezien waardoor de beschrijvende statistieken niet
kloppen
VRAAG 4
De volgende vraag staat in een vragenlijst over levensomstandigheden. Aan de
respondenten wordt bij alle vragen in deze vragenlijst gevraagd op een 5-punts Likertschaal
aan te geven in welke mate ze het met de stellingen eens zijn.
Stelling 5: “De overheid zou meer geld moeten uitgeven aan onderwijs en huisvesting.”
Wat is bij deze vraag de grootste bron die vertekening in de antwoorden zal
veroorzaken?
A) het is een leidende vraag
B) een dubbele ontkenning
C) moeilijke zinsconstructie
D) het is een dubbelloopse (double barreled) vraag
E) gebruik van onbekende termen
VRAAG 5
Acquiescence is het idee dat:
A) sommige respondenten zich beter voordoen dan de werkelijkheid
B) moeilijk geformuleerde vragen niet gemakkelijk te beantwoorden zijn
C) respondenten de neiging hebben bij veel antwoordcategorieën een van de laatste te
kiezen
D) meer mensen de neiging hebben om het ergens mee eens te zijn dan oneens
,VRAAG 6
In welke fase van het response proces zullen vooral problemen ontstaan wanneer een item
van een vragenlijst over een gevoelig onderwerp gaat?
A) de fase van retrieval
B) de fase van judgement
C) de fase van response
D) de fase van comprehension
VRAAG 7
het CBS stuurt ieder jaar een vragenlijst rond om meer te weten te komen over de
arbeidsomstandigheden van werknemers in de industriesector. hiervoor gebruikten ze
voorheen de VOW (vragenlijst over werkbaarheid), maar tegenwoordig hebben ze hun eigen
vragenlijst ontwikkelt: de CIAO (CBS inventaris arbeidsomstandigheden).
Wat moet het CBS doen om de convergente validiteit van de CIAO te beoordelen?
Het CBS moet de correlatie berekenen tussen de …*1*... en de …*2*... .
A) *1* CIAO scores; *2* scores van een andere variabele waarvan we weten dat er
geen relatie is met de arbeidsomstandigheden
B) *1* CIAO scores; *2* VOW scores
C) *1* CIAO scores; *2* scores van een andere variabele waarvan we weten dat er een
relatie is met arbeidsomstandigheden
D) *1* CIAO scores vorig jaar; *2* scores dit jaar
VRAAG 8
welk item komt als eerste in aanmerking voor verwijdering volgens het item-rest correlatie-
criterium?
A) zelfeffectiviteit 1
B) zelfeffectiviteit 2
C) zelfeffectiviteit 3
D) zelfeffectiviteit 5
E) zelfeffectiviteit 8
VRAAG 9
Beoordeel of de volgende stelling juist is of niet.
Wanneer een onderzoeker een regressiemodel wilt gebruiken om het aantal
rechtbankprocedures te voorspellen a.d.h.v. het aantal verschillende politieactiviteiten,
noemen we “het aantal rechtbankprocedures” de afhankelijke variabele.
Deze stelling is
A) juist
, B) onjuist
VRAAG 10
De regressievergelijking om de gemiddelde lengte van een huwelijk ten tijde van een
echtscheiding (y) te voorspellen is: ŷ = -98 + 0.056x, waar x = het jaartal waarin we leven.
Wat is de voorspelde gemiddelde lengte van een huwelijk ten tijde van een echtscheiding in
het jaar 2020?
*open vraag*
VRAAG 11
Bepaal of de volgende stelling juist is:
Voor iedere punt dat een student hoger scoort op de tussentoets, voorspellen we dat de
score op de eindtoets met 0.652 omhoog gaat.
Deze stelling is
A) juist
B) onjuist
VRAAG 12
Wanneer een onderzoeker een regressiemodel wilt gebruiken om het aantal
echtscheidingen per maand te voorspellen a.d.h.v. het aantal huwelijken per maand, staat er
in de resultaten: F(1, 44) = 6.11, p = .017
Bepaal of de volgende stelling juist is of niet:
Dit betekent dat de spreiding in het aantal echtscheidingen per maand significant van
de spreiding in het aantal huwelijken per maand verschilt.
Deze stelling is:
A) juist
B) onjuist
VRAAG 13
Wanneer een onderzoeker een regressiemodel wilt gebruiken om milieuvervuiling te
voorspellen a.d.h.v. gasverbruik, elektriciteitsverbruik en transport statistieken, worden de
(on)gestandaardiseerde regressiecoëfficiënten als volgt gerapporteerd:
Welke variabele heeft de meeste impact op de voorspellingen van milieuvervuiling?
A) transport
B) gasverbruik
C) elektriciteitsverbruik
, KWALITATIEF
VRAAG 1
Lees onderstaande tekst en geef aan op welk onderstreept zinsdeel de term constant
comparison het meest van toepassing is.
A) 1
B) 2
C) 3
D) 4
VRAAG 2:
Lara voert een mixed methods onderzoek uit naar de ervaringen van Nederlanders wat
betreft het reizen met het openbaar vervoer. Ze zet eerst grootschalig vragenlijsten met
gesloten vragen uit onder zoveel mogelijk reizigers. Een van de resultaten uit de vragenlijst
is dat de reizigers het minst tevreden zijn over het reizen tijdens de ochtendspits. Vervolgens
houdt Lara interviews met verschillende reizigers om te achterhalen waarom ze niet
tevreden zijn over reizen tijdens de ochtendspits.
A) Convergent parallel design
B) Explanatory sequential design
C) Exploratory sequential design
D) embedded design
VRAAG 3:
Bij het empirisch-analytisch paradigma is holisme een belangrijk onderdeel van het uitvoeren
van het onderzoek.
A) Juist
B) Niet juist
VRAAG 4:
Reza is geïnteresseerd in de vraag hoe voedingskeuzes bij studenten in Nederland tot stand
komen en weet dat mixed methods onderzoek meer waardevolle informatie op kan leveren
dan kwantitatief of kwalitatief onderzoek alleen.
Bekijk onderstaande uitspraken. In welk geval maakt Reza gebruik van mixed methods met
als doel triangulatie?
A) Reza houdt kwalitatieve interviews met studenten om inzicht te krijgen in de
motieven van studenten bij het maken van voedingskeuzes. Met een experiment
onderzoekt zij of ze voedingskeuzes van studenten kan beïnvloeden.