HC 8: Internationaal privaatrecht; rechtspersonenrecht
Er is geen Europese ipr-regeling, er is dus nationaal recht (in titel 10.8 en de Wet op de
formeel buitenlandse vennootschappen). Maar er is wel een Europese dimensie.
Toepasselijk recht – twee stromingen
• Leer van de werkelijke zetel > een vennootschap of rechtspersoon wordt opgericht door
het recht van het land waar deze vennootschap of rechtspersoon zijn werkelijke zetel heeft.
Wat werkelijke zetel is, wordt verschillend uitgelegd, maar meestal is dit de leer van het
hoofdkantoor/centrum van de bestuursactiviteiten.
• Luxemburg, Frankrijk, Italië, Oostenrijk en Spanje
• Bezwaren > het is niet altijd makkelijk om vast te stellen waar de werkelijke zetel
zich bevindt (bijv. bij een online onderneming). Ook is deze leer protectionistisch.
• Incorporatiestelsel / leer van de statutaire zetel > een rechtspersoon wordt beheerst door
het land volgens welk het is opgericht. De zetel moet vermeld worden in de statuten =
statutaire zetel.
• Nederland, Engeland, Ierland, Denemarken, Noorwegen, Zweden, deelstaten VS en,
sinds kort, België
• Rechtskeuze > de oprichters zijn dus vrij om te kiezen waar hun vennootschap
wordt opgericht en welk rechtsstelsel dus geldig zal zijn.
• Misbruik? Je kunt als oprichter kiezen voor het recht van een land wat heel liberaal
is, en vervolgens toch actief zijn in een land waar de vereisten veel strenger zijn. In veel
landen zie je dat er een dam wordt opgeworpen tegen dit misbruik. Bijvoorbeeld door
middel van de openbare orde-exceptie. Ook kun je zeggen dat als een vennootschap al haar
activiteiten in een ander land uitvoert, het recht van dit land zal gelden. Zie ook WFBV.
Titel 10.8 BW
• Art. 10:117 BW: ‘corporatie (vaak gaat het over kapitaalvennootschappen, maar het begrip
is ruimer dan dat, alle buitenlandse equivalenten vallen hier ook onder)’ en ‘functionaris’ >
hier vind je de definities
• Art. 10:118 BW: incorporatiestelsel > is in dit artikel neergelegd. Met zetel wordt gedoeld
op de statutaire zetel. Naar het centrum van optreden naar buiten kijk je als je uit de
oprichtingsakte niet echt kan afleiden waar de zetel is gelegen.
• Art. 10:119 BW: onderwerpen (niet limitatief) die door het incorporatiestelsel worden
beheerst:
• Oprichting (bijv. eisen aan de oprichtingshandeling)
• Rechtspersoonlijkheid
• Inwendig bestel (bijv. mogelijkheden om statuten te wijzigen)
, • Vertegenwoordigingsbevoegdheid organen en ‘functionarissen’ (zie ook art.
10:117)
• Aansprakelijkheid (zowel intern (sub d) als extern (sub e))
• Beëindiging > ontbinding, vereffening, beëindiging door omzetting of fusie
Art. 10:124 verwijst ons naar de wet op de formeel buitenlandse vennootschappen.
Het ging om een vordering van de Nederlandse vennootschap Holterman Ferho Exploitatie
jegens Spies von Bullesheim. Voordat deze vordering werd ingesteld was Spies ook een
bestuurder van de vennootschap. Hij bezat een minderheid van de aandelen (15%). Spies
wordt aansprakelijk gesteld. Hoe zit het nu als iemand een dubbele rechtsverhouding ten
opzichte van de vennootschap heeft. Want als bestuurder heeft Spies zowel een
vennootschappelijke band (bestuurder) als een arbeidsrechtelijke band (werknemer). De
vennootschappelijke band wordt beheerst door de incorporatieleer, dus Nederlands recht.
De arbeidsrechtelijk band wordt beheerst door art. 8 Rome I. Het incorporatierecht (het
Nederlandse recht) is van toepassing op de aansprakelijkheid van bestuurder in de
hoedanigheid van bestuurder.
Er is geen Europese ipr-regeling, er is dus nationaal recht (in titel 10.8 en de Wet op de
formeel buitenlandse vennootschappen). Maar er is wel een Europese dimensie.
Toepasselijk recht – twee stromingen
• Leer van de werkelijke zetel > een vennootschap of rechtspersoon wordt opgericht door
het recht van het land waar deze vennootschap of rechtspersoon zijn werkelijke zetel heeft.
Wat werkelijke zetel is, wordt verschillend uitgelegd, maar meestal is dit de leer van het
hoofdkantoor/centrum van de bestuursactiviteiten.
• Luxemburg, Frankrijk, Italië, Oostenrijk en Spanje
• Bezwaren > het is niet altijd makkelijk om vast te stellen waar de werkelijke zetel
zich bevindt (bijv. bij een online onderneming). Ook is deze leer protectionistisch.
• Incorporatiestelsel / leer van de statutaire zetel > een rechtspersoon wordt beheerst door
het land volgens welk het is opgericht. De zetel moet vermeld worden in de statuten =
statutaire zetel.
• Nederland, Engeland, Ierland, Denemarken, Noorwegen, Zweden, deelstaten VS en,
sinds kort, België
• Rechtskeuze > de oprichters zijn dus vrij om te kiezen waar hun vennootschap
wordt opgericht en welk rechtsstelsel dus geldig zal zijn.
• Misbruik? Je kunt als oprichter kiezen voor het recht van een land wat heel liberaal
is, en vervolgens toch actief zijn in een land waar de vereisten veel strenger zijn. In veel
landen zie je dat er een dam wordt opgeworpen tegen dit misbruik. Bijvoorbeeld door
middel van de openbare orde-exceptie. Ook kun je zeggen dat als een vennootschap al haar
activiteiten in een ander land uitvoert, het recht van dit land zal gelden. Zie ook WFBV.
Titel 10.8 BW
• Art. 10:117 BW: ‘corporatie (vaak gaat het over kapitaalvennootschappen, maar het begrip
is ruimer dan dat, alle buitenlandse equivalenten vallen hier ook onder)’ en ‘functionaris’ >
hier vind je de definities
• Art. 10:118 BW: incorporatiestelsel > is in dit artikel neergelegd. Met zetel wordt gedoeld
op de statutaire zetel. Naar het centrum van optreden naar buiten kijk je als je uit de
oprichtingsakte niet echt kan afleiden waar de zetel is gelegen.
• Art. 10:119 BW: onderwerpen (niet limitatief) die door het incorporatiestelsel worden
beheerst:
• Oprichting (bijv. eisen aan de oprichtingshandeling)
• Rechtspersoonlijkheid
• Inwendig bestel (bijv. mogelijkheden om statuten te wijzigen)
, • Vertegenwoordigingsbevoegdheid organen en ‘functionarissen’ (zie ook art.
10:117)
• Aansprakelijkheid (zowel intern (sub d) als extern (sub e))
• Beëindiging > ontbinding, vereffening, beëindiging door omzetting of fusie
Art. 10:124 verwijst ons naar de wet op de formeel buitenlandse vennootschappen.
Het ging om een vordering van de Nederlandse vennootschap Holterman Ferho Exploitatie
jegens Spies von Bullesheim. Voordat deze vordering werd ingesteld was Spies ook een
bestuurder van de vennootschap. Hij bezat een minderheid van de aandelen (15%). Spies
wordt aansprakelijk gesteld. Hoe zit het nu als iemand een dubbele rechtsverhouding ten
opzichte van de vennootschap heeft. Want als bestuurder heeft Spies zowel een
vennootschappelijke band (bestuurder) als een arbeidsrechtelijke band (werknemer). De
vennootschappelijke band wordt beheerst door de incorporatieleer, dus Nederlands recht.
De arbeidsrechtelijk band wordt beheerst door art. 8 Rome I. Het incorporatierecht (het
Nederlandse recht) is van toepassing op de aansprakelijkheid van bestuurder in de
hoedanigheid van bestuurder.