DEEL I: VAARDIGHEDEN IN HET OPERATIEKWARTIER 10P EX
2. HET OPERATIEKWARTIER
2.1 ARCHITECTONISCHE EN FYSISCHE VORMEN
1. Afgezonderd van algemene verkeerswegen van het ziekenhuis
2. Korte en vlotte verbinding met de dienst spoedgevallen, intensieve zorgen en de centrale sterilisatieafdeling (CSA)
3. Toegang beveiligd
- Toegang moet beveiligd zijn voor mensen vreemd aan de dienst
- Enkel bevoegden: OK VPK, anesthesisten, chirurgen, logistiek personeel OK
- Personen die incidenteel het OK betreden moeten zich aanmelden
4. Drie verschillende zones (MO besmetting zo klein mogelijk houden)
De sluiszone of niet kritische zone - Overgang van de externe zone van het OK naar de reine zone van het OK
- Voorlopige standplaats van de pt’n, kleedkamers personeel, liften, pauze ruimte,
de ontwaakzaal
- Recovery:
• Gemakkelijk bereikbaar zijn vanuit de aseptische zone,
• Rechtstreeks uitgang bieden uit het OK, geen ingang bieden naar OK
• Aantal bedden: 1.5x het aantal operatiezalen
• Uitrusting: reakar, beademingsballon, materiaal endotracheale intubatie,
apparaat beademing met zuivere zuurstof, waarschuwingsknop
‘hartstilstand’.
• 1 VPK per 3 pt’n.
De reine zone of semi- kritische zone - In-en uitleidingskamer
- Rubruimte (aansluitend OK): wasruimte, kranen mogen niet met de hand
aangeraakt worden (automatisch/ voet of elleboog), automatische deuren en
klok voor rubtijd.
- Steriele berging: voor steriel en rein materiaal
- Via de reine zone kan je naar de aseptische zone en naar de sluiszone
De aseptische zone of kritische zone - De operatiezalen:
• Per 50-60 C- bedden: 3 operatiezalen
• Zo aseptisch mogelijk werken: zalen zo leeg mogelijk, intercom en telefonie
aanwezig (in-uitloop vermijden)
• Vloer, wand, en plafondafwerking wordt glad en naadloos gesloten
uitgevoerd. Alle hoeken en overgangen hebben een vloeiende overloop.
- Via de aseptische zone kan je enkel naar de reine zone (nooit naar sluis)
- Lijst van apparaten die standaard noodzakelijk zijn op basis van de ‘safety first’
de Belgische normen voor pt’n veiligheid bij anesthesie. Toestelllen zijn gekeurd.
2.2 KLIMATOLOGISCHE EISEN
Ventilatie - Hepa filters → minstens 15 luchtvervangingen per uur.
- Staan steeds in overdruk (5HPa):
• MO minder gemakkelijk in de zaal
• Op sterilisatie → onderdruk
Temperatuur - 18-23 °C ideaal
1
,2.3 ORGANISATORISCHE NORMEN
1. MEDISCHE STAF
- Chirurg (erkend specialist in de heelkunde)
- Anesthesist (erkend specialist in de anesthesie)
(Beide moeten steeds oproepbaar zijn)
2. VERPLEGEND EN ANDER PERSONEEL
- Hoofdvpk per 12 vpk’n, indien afwezig → andere VPK
- Per zaal waar 40u gewerkt wordt → 3 vpk’n (bijkomend 8 vpk’n voor alle activiteiten permanent te houden)
- Technisch, hulp- en onderhoudsmedewerkers (aantal en bekwaamheid afh van aard en aantal OP’s)
2.4 BIJKOMENDE SPECIFIEKE EISEN
- Safe surgery procedure:
• Checklist wordt afgegaan → per fase worden vragen en aandachtspunten overlopen : voor inductie, voor incisie en
bij verlaten van operatiezaal (om een veilige heelkunde te garanderen).
- Pre-operatieve onderzoeken:
• Beschikbaar in dossier en beoordeeld voor aanvang van ingreep. Een pre-anesthesiecontact vindt ook plaats voordat
de patiënt zich in de zaal bevindt.
- Handovers: procedure opgesteld bij transfer van afdeling naar OK van recovery naar afdeling door wie en aan wie info
meegedeeld wordt.
- Medicatie: Procedure via ziekenhuisapotheker m.b.t. gebruik, stockage en medische voorschriften in het OK.
2
,3. HET OPERATIETEAM
Anesthesist (4) - Bepaling medisch beleid bij bewaking van de vitale functies van de pt
- Eindverantwoordelijke voor het medisch handelen bij de pt, tot 24u na de op.
- Verbod op simultane anesthesieën: gelijktijdig 2 pt’n onder narcose brengen
door één anesthesist, tenzij bij vitale noodtoestand.
- Anesthesist moet continu aanwezig zijn
→ indien toch tijdelijk verlaten door hierboven: aanduiden van een bevoegde
persoon (anesthiesievpk) die de bewakingsplicht exclusief overneemt. (mag
niets anders doen)
Anesthesie vpk - Maakt eigen gedeelte van het OK klaar en draagt zorg voor de ontvangen pt.
(5) - Assisteren van de anesthesist bij de inleiding, uitvoering van de regionale
technieken en positioneren van de pt
- Tijdens de ingreep: mee bewaken van de vitale parameters, administratie en
onderhoud van anesthesie.
- Bij uitleiding: mee naar de recovery
- Enkele taken: assisteren bij plaatsen infuus, arteriele lijn, aanleggen van ECG,
O2 en RR machet, assisteren bij intubatie, positie pt, assisteren extubatie,
verbedden van pt en zuurstoffles en masker voorzien bij transfer, …
Chirurg (1) - Eindverantwoordelijke voor alles wat aan de operatieve zijde van de ingreep
plaatsvindt.
- Instructies geven aan de assisterende en de intstrumerende vpk
- Continue contact met anesthesist over geschatte bloedverlies en OP duur.
- Voorschrijven of dicteren van LABO aanvragen of OP verslag.
Assisterende vpk - Aan de steriele kant van het laken
(2) - De chirurg zoveel mogelijk ondersteunen bij het uitvoeren van de OP
- Afdekken van OP veld en presenteren incisieplaats
- Begin: bediening diathermieapparaat, hanteren van wondhaken
- Ingreep: afklemmen van bloedvaten, drooghouden van de wonde (gazen,
afzuiging, …)
- Eind: geleiden van de hechtingen, eventueel eigen deel
- Na afloop: verbinden van de won, opruimen van gebruikte materialen
- Taken: orde op instrumententafel, instrumenten bijvragen, specifiek materiaal
op het veld gooien, aandacht voor steriliteit, verbedden van pt, evt. biopsie, …
Instrument vpk - Voorbereiding met omloop vpk door alles klaar te leggen
(3) - Behoort tot het ‘chirurgisch/steriel team’:
→ Moet over een aantal technieken beheersen vb. desinfectie van handen,
aantrekken van steriel short en handschoenen, aankleden van de andere
steriele teamgenoten.
- Desifecteren van de operatie pt, aanreiken van steriel materiaal tijdens OP
- Eindverantwoordelijke voor tellen van gazen, naalden en gebruikte
instrumenten
- Taken: pt klaarmaken, positioneren, instrumenten voorzien, aspireren en
deppen, hechtingen klaarmaken, …
Omloop vpk (6) - Soms ook anesthesievpk
- Bereidt samen met de assistent en het met de instrumenterende vpk de short
aantrekken.
- Chirurgische administratie in het ZH infosysteem
- Maakt afdekpaketten, steriele materialen aangeven, instrumentennetten
openen,
- Assisteren positie pt, elektroden aanbrengen, aankleden van steriel team,
afdekken van de pt.
- Aansluiten randapparatuur, juiste belichting van op terrein, telefonische
boodschappen
- Nadien: opruimen van de OP Zaal en voorbereiden nieuwe OP
3
, 4 INRICHTING EN APPARATUUR
1. STANDAARDUITRUSTING VAN EEN OP ZAAL (LEZEN)
- Verlichting: goed werkend basisverlichting → blauw om heftig oplichten van bloed te voorkomen, dimbaar
- Centrale gasaanvoer van zuurstof, lachgas, perslucht en eventueel koolstofdioxide
- Centraal vacuumsysteem
- Anesthesietoestel met beademings- en monitoringapparatuur
- Instrumententafels
- Schermen voor bekijken van RX, dossier van de pt, …
- Standaard goed werkende klok, intercomsysteem, telefoonverbinding, …
- Meubilair: goed te onderhouden, duurzaam, roestvrij staal, …
2. SPECIFIEKE APPARATUUR
A. DIATHERMIE
- Of HF (hoogfrequentie)- chirurgie: techniek waarbij er in weefsels wordt gesneden en men tegelijk een hemostatisch
effect kan verkrijgen.
→ Snijden en coaguleren wordt mogelijk gemaakt doordat er elektrische stroom wordt omgezet in warmte.
- Meest gebruikte chirurgische procedure in het OK, wordt in vrijwel alle disciplines gebruikt.
- Wordt soms ook in arts praktijken gebruikt
- Mogelijkheden: open chirurgische, laparoscopische en flexibele endoscopische ingrepen.
Werkingsprincipe: wisselwerking van elektrische stroom met biologisch weefsel: (4EFFECTEN)
1. Werking:
▪ Stroom wordt in de pt gebracht → stroom wordt omgezet in warmte, blijvende mogelijkheid tot coagulatie of
snijden. (Of combinatie: blend)
▪ Om schade aan de weefsels te voorkomen wordt er hoogfrequente wisselstromen met minstens 100 KHZ
toegepast. (Elektro chirurgische effecten)
2. Snijden van weefsel (pure cut, snijden)
▪ Hoe hoger de stroomdichtheid, hoe hoger de T en hoe groter het thermisch effect (meer warmteontwikkeling)
▪ Aan de punt van de actieve elektrode wordt de stroomdichtheid verhoogt → vloeistof in de lichaamscellen
verhitten waardoor dampdruk ontstaat → de celmembranen barsten.
3. Mengstroom snijden (blenden) (blend cut, snijden)
▪ Groter hemostatische effect nodig, snijden in combinatie met coagulatie
▪ Vaak toegepast in gebieden met veel kleine bloedvaatjes
▪ Traag snijden: meer vrijkomst stroom, meer verdamping aanliggend weefsel, homstase door coagulatie van de
eiwitten in het weefsel.
▪ Te veel warmte die vrijkomt: risico op carbonisatie (verkoling van het weefsel)
→ Voorkomen: instellingen op het diatheramieapparaat wijzigen naar de blendinstellingen.
4. Coagulatie
▪ Langzame verhitting vh weefsel: de vloeistof verdampt binnen en buiten de cellen zonder dat de celwanden
worden vernield
→ Weefsel krimpt, coagulerende bestandsdelen worden thermisch uitgedroogd, hemostase van de bloedstroom
▪ Kan in direct contact met het weefsel → contactcoagulatie (dessiceren, coaguleren)
▪ Kan contactloos met het weefsel → met behulp van vonken, fulgurisatie → stelpen van lokale bloedingen
4
2. HET OPERATIEKWARTIER
2.1 ARCHITECTONISCHE EN FYSISCHE VORMEN
1. Afgezonderd van algemene verkeerswegen van het ziekenhuis
2. Korte en vlotte verbinding met de dienst spoedgevallen, intensieve zorgen en de centrale sterilisatieafdeling (CSA)
3. Toegang beveiligd
- Toegang moet beveiligd zijn voor mensen vreemd aan de dienst
- Enkel bevoegden: OK VPK, anesthesisten, chirurgen, logistiek personeel OK
- Personen die incidenteel het OK betreden moeten zich aanmelden
4. Drie verschillende zones (MO besmetting zo klein mogelijk houden)
De sluiszone of niet kritische zone - Overgang van de externe zone van het OK naar de reine zone van het OK
- Voorlopige standplaats van de pt’n, kleedkamers personeel, liften, pauze ruimte,
de ontwaakzaal
- Recovery:
• Gemakkelijk bereikbaar zijn vanuit de aseptische zone,
• Rechtstreeks uitgang bieden uit het OK, geen ingang bieden naar OK
• Aantal bedden: 1.5x het aantal operatiezalen
• Uitrusting: reakar, beademingsballon, materiaal endotracheale intubatie,
apparaat beademing met zuivere zuurstof, waarschuwingsknop
‘hartstilstand’.
• 1 VPK per 3 pt’n.
De reine zone of semi- kritische zone - In-en uitleidingskamer
- Rubruimte (aansluitend OK): wasruimte, kranen mogen niet met de hand
aangeraakt worden (automatisch/ voet of elleboog), automatische deuren en
klok voor rubtijd.
- Steriele berging: voor steriel en rein materiaal
- Via de reine zone kan je naar de aseptische zone en naar de sluiszone
De aseptische zone of kritische zone - De operatiezalen:
• Per 50-60 C- bedden: 3 operatiezalen
• Zo aseptisch mogelijk werken: zalen zo leeg mogelijk, intercom en telefonie
aanwezig (in-uitloop vermijden)
• Vloer, wand, en plafondafwerking wordt glad en naadloos gesloten
uitgevoerd. Alle hoeken en overgangen hebben een vloeiende overloop.
- Via de aseptische zone kan je enkel naar de reine zone (nooit naar sluis)
- Lijst van apparaten die standaard noodzakelijk zijn op basis van de ‘safety first’
de Belgische normen voor pt’n veiligheid bij anesthesie. Toestelllen zijn gekeurd.
2.2 KLIMATOLOGISCHE EISEN
Ventilatie - Hepa filters → minstens 15 luchtvervangingen per uur.
- Staan steeds in overdruk (5HPa):
• MO minder gemakkelijk in de zaal
• Op sterilisatie → onderdruk
Temperatuur - 18-23 °C ideaal
1
,2.3 ORGANISATORISCHE NORMEN
1. MEDISCHE STAF
- Chirurg (erkend specialist in de heelkunde)
- Anesthesist (erkend specialist in de anesthesie)
(Beide moeten steeds oproepbaar zijn)
2. VERPLEGEND EN ANDER PERSONEEL
- Hoofdvpk per 12 vpk’n, indien afwezig → andere VPK
- Per zaal waar 40u gewerkt wordt → 3 vpk’n (bijkomend 8 vpk’n voor alle activiteiten permanent te houden)
- Technisch, hulp- en onderhoudsmedewerkers (aantal en bekwaamheid afh van aard en aantal OP’s)
2.4 BIJKOMENDE SPECIFIEKE EISEN
- Safe surgery procedure:
• Checklist wordt afgegaan → per fase worden vragen en aandachtspunten overlopen : voor inductie, voor incisie en
bij verlaten van operatiezaal (om een veilige heelkunde te garanderen).
- Pre-operatieve onderzoeken:
• Beschikbaar in dossier en beoordeeld voor aanvang van ingreep. Een pre-anesthesiecontact vindt ook plaats voordat
de patiënt zich in de zaal bevindt.
- Handovers: procedure opgesteld bij transfer van afdeling naar OK van recovery naar afdeling door wie en aan wie info
meegedeeld wordt.
- Medicatie: Procedure via ziekenhuisapotheker m.b.t. gebruik, stockage en medische voorschriften in het OK.
2
,3. HET OPERATIETEAM
Anesthesist (4) - Bepaling medisch beleid bij bewaking van de vitale functies van de pt
- Eindverantwoordelijke voor het medisch handelen bij de pt, tot 24u na de op.
- Verbod op simultane anesthesieën: gelijktijdig 2 pt’n onder narcose brengen
door één anesthesist, tenzij bij vitale noodtoestand.
- Anesthesist moet continu aanwezig zijn
→ indien toch tijdelijk verlaten door hierboven: aanduiden van een bevoegde
persoon (anesthiesievpk) die de bewakingsplicht exclusief overneemt. (mag
niets anders doen)
Anesthesie vpk - Maakt eigen gedeelte van het OK klaar en draagt zorg voor de ontvangen pt.
(5) - Assisteren van de anesthesist bij de inleiding, uitvoering van de regionale
technieken en positioneren van de pt
- Tijdens de ingreep: mee bewaken van de vitale parameters, administratie en
onderhoud van anesthesie.
- Bij uitleiding: mee naar de recovery
- Enkele taken: assisteren bij plaatsen infuus, arteriele lijn, aanleggen van ECG,
O2 en RR machet, assisteren bij intubatie, positie pt, assisteren extubatie,
verbedden van pt en zuurstoffles en masker voorzien bij transfer, …
Chirurg (1) - Eindverantwoordelijke voor alles wat aan de operatieve zijde van de ingreep
plaatsvindt.
- Instructies geven aan de assisterende en de intstrumerende vpk
- Continue contact met anesthesist over geschatte bloedverlies en OP duur.
- Voorschrijven of dicteren van LABO aanvragen of OP verslag.
Assisterende vpk - Aan de steriele kant van het laken
(2) - De chirurg zoveel mogelijk ondersteunen bij het uitvoeren van de OP
- Afdekken van OP veld en presenteren incisieplaats
- Begin: bediening diathermieapparaat, hanteren van wondhaken
- Ingreep: afklemmen van bloedvaten, drooghouden van de wonde (gazen,
afzuiging, …)
- Eind: geleiden van de hechtingen, eventueel eigen deel
- Na afloop: verbinden van de won, opruimen van gebruikte materialen
- Taken: orde op instrumententafel, instrumenten bijvragen, specifiek materiaal
op het veld gooien, aandacht voor steriliteit, verbedden van pt, evt. biopsie, …
Instrument vpk - Voorbereiding met omloop vpk door alles klaar te leggen
(3) - Behoort tot het ‘chirurgisch/steriel team’:
→ Moet over een aantal technieken beheersen vb. desinfectie van handen,
aantrekken van steriel short en handschoenen, aankleden van de andere
steriele teamgenoten.
- Desifecteren van de operatie pt, aanreiken van steriel materiaal tijdens OP
- Eindverantwoordelijke voor tellen van gazen, naalden en gebruikte
instrumenten
- Taken: pt klaarmaken, positioneren, instrumenten voorzien, aspireren en
deppen, hechtingen klaarmaken, …
Omloop vpk (6) - Soms ook anesthesievpk
- Bereidt samen met de assistent en het met de instrumenterende vpk de short
aantrekken.
- Chirurgische administratie in het ZH infosysteem
- Maakt afdekpaketten, steriele materialen aangeven, instrumentennetten
openen,
- Assisteren positie pt, elektroden aanbrengen, aankleden van steriel team,
afdekken van de pt.
- Aansluiten randapparatuur, juiste belichting van op terrein, telefonische
boodschappen
- Nadien: opruimen van de OP Zaal en voorbereiden nieuwe OP
3
, 4 INRICHTING EN APPARATUUR
1. STANDAARDUITRUSTING VAN EEN OP ZAAL (LEZEN)
- Verlichting: goed werkend basisverlichting → blauw om heftig oplichten van bloed te voorkomen, dimbaar
- Centrale gasaanvoer van zuurstof, lachgas, perslucht en eventueel koolstofdioxide
- Centraal vacuumsysteem
- Anesthesietoestel met beademings- en monitoringapparatuur
- Instrumententafels
- Schermen voor bekijken van RX, dossier van de pt, …
- Standaard goed werkende klok, intercomsysteem, telefoonverbinding, …
- Meubilair: goed te onderhouden, duurzaam, roestvrij staal, …
2. SPECIFIEKE APPARATUUR
A. DIATHERMIE
- Of HF (hoogfrequentie)- chirurgie: techniek waarbij er in weefsels wordt gesneden en men tegelijk een hemostatisch
effect kan verkrijgen.
→ Snijden en coaguleren wordt mogelijk gemaakt doordat er elektrische stroom wordt omgezet in warmte.
- Meest gebruikte chirurgische procedure in het OK, wordt in vrijwel alle disciplines gebruikt.
- Wordt soms ook in arts praktijken gebruikt
- Mogelijkheden: open chirurgische, laparoscopische en flexibele endoscopische ingrepen.
Werkingsprincipe: wisselwerking van elektrische stroom met biologisch weefsel: (4EFFECTEN)
1. Werking:
▪ Stroom wordt in de pt gebracht → stroom wordt omgezet in warmte, blijvende mogelijkheid tot coagulatie of
snijden. (Of combinatie: blend)
▪ Om schade aan de weefsels te voorkomen wordt er hoogfrequente wisselstromen met minstens 100 KHZ
toegepast. (Elektro chirurgische effecten)
2. Snijden van weefsel (pure cut, snijden)
▪ Hoe hoger de stroomdichtheid, hoe hoger de T en hoe groter het thermisch effect (meer warmteontwikkeling)
▪ Aan de punt van de actieve elektrode wordt de stroomdichtheid verhoogt → vloeistof in de lichaamscellen
verhitten waardoor dampdruk ontstaat → de celmembranen barsten.
3. Mengstroom snijden (blenden) (blend cut, snijden)
▪ Groter hemostatische effect nodig, snijden in combinatie met coagulatie
▪ Vaak toegepast in gebieden met veel kleine bloedvaatjes
▪ Traag snijden: meer vrijkomst stroom, meer verdamping aanliggend weefsel, homstase door coagulatie van de
eiwitten in het weefsel.
▪ Te veel warmte die vrijkomt: risico op carbonisatie (verkoling van het weefsel)
→ Voorkomen: instellingen op het diatheramieapparaat wijzigen naar de blendinstellingen.
4. Coagulatie
▪ Langzame verhitting vh weefsel: de vloeistof verdampt binnen en buiten de cellen zonder dat de celwanden
worden vernield
→ Weefsel krimpt, coagulerende bestandsdelen worden thermisch uitgedroogd, hemostase van de bloedstroom
▪ Kan in direct contact met het weefsel → contactcoagulatie (dessiceren, coaguleren)
▪ Kan contactloos met het weefsel → met behulp van vonken, fulgurisatie → stelpen van lokale bloedingen
4