FARMACEUTISCHE ANALYSE II
HOOFDSTUK 1: INLEIDING TOT DE CHROMATOGRAFIE
= scheidingstechniek om uit complexe mengsels een of meerdere componenten te
halen
= fysische scheidingstechniek waarbij de te gescheiden componenten worden in 2
fases verdeeld worden (mobiel en stationair)
Analytisch = als we de conc gaan bepalen
Preparatief = tijdens productie GM
Discrete verdeling = componenten in 2 niet-mengbare fasen brengen en die gaan
zich verdelen afhankelijk van hun affiniteit voor die fasen
In kolom zijn er vaste deeltjes (partikels) =
stationaire fase
Je krijgt een scheiding doorheen stationaire fase,
want bepaalde analyten zullen een hogere/lagere
affiniteit hebben voor stationaire fase
Mobiele fase is een soort van drijfkracht die voor
beweging zorgt
Chromatografische technieken zijn een subklasse
van 2-fase scheidingstechnieken
SOORTEN
CHROMATOGRAFIE
= Adsorptiechromatografie
- Stationaire fase = vast en mobiele fase = vloeistof/ gas
- Analyten worden op opp van stationaire fase geadsorbeerd
o.b.v. adsorptie en desorptie hoe sterkere adsorptie, hoe
trager analyt uit kolom komt
,= Verdelingschromatografie
- Stationaire fase = vloeibaar, maar gebonden aan vaste
drager en mobiele fase = vloeistof/ gas de te scheiden
analyten moeten oplosbaar zijn in mobiele fase!
- Verdeling o.b.v. fysicochemische eig van analyt sterke
affiniteit voor stationaire fase = langer in kolom
= Ionenuitwisselingschromatografie
- Stationaire fase = vast met
ladingen (anionen of kationen)
- Mobiele fase = vloeibaar
- Scheiding o.b.v.
elektrostatische krachten
= size exclusion chromatography
- Stationaire fase = gel of resine
met poriën
- Mobiele fase = vloeistof/ gas
- Verdeling o.b.v. grootte
= affiniteitschromatografie
- Stationaire fase = vast met een
herkenningsmolecule
- Mobiele fase = vloeibaar/ gas
- Enzym-substraat interacties OF
antigen en antilichaam
, = capillaire elektroforese
- Geen stationaire fase
- Mobiele fase = vloeistof
- O.b.v. elektrostatische krachten en elektriciteit, we
kunnen ook neutrale moleculen laten scheiden
EXTRACTIE
SOLVENTEXTRACTIE
= om analyt te scheiden van interfererende componenten in een mengsel
= extractie waterige oplossing met een niet-mengbaar organisch solvent
Organische fase zal laag vormen op of onder waterige fase afhankelijk van
dichtheid
Stel component S in 2 niet-mengbare fasen
Fase 1 heeft een volume van V1 en fase 2 een volume van V2
Component S wordt verdeeld over de 2 fasen afh vd affiniteit
voor die fasen
We krijgen 2 concentraties:
- p = fractie in fase 2
- q = fractie in fase 1
Dit is een evenwichtsreactie afhankelijk van fysicochemische eigenschappen van S
en afhankelijk vd fasen.
S ( fase 1 ) ⇌ S( fase 2) met bijhorende evenwichtsconstante = partitiecoëfficiënt K
[ S ] 2 pm /V 2 = afhankelijk van affiniteit van S voor fase 1 en 2
K= =
[ S ] 1 qm/V 1
p+q=1
, Fractie S die overblijft in fase 1 na één extractie:
V1
q=
(V 1 + KV 2)
Fractie S die overblijft van fase 1 naar n-aantal extracties:
( )
n
V1
q=
V 1 + KV 2
PH EFFECTEN IN SOLVENTEXTRACTIE
= voor analyten die in meerdere vormen voorkomen: geladen en niet geladen
Dit is dus voor zuren en basen: neutrale vorm komt voor in organische en
waterige fase terwijl geladen vorm enkel in waterige fase voorkomt kan dus
in beide fasen voorkomen
Afhankelijk van pH en pKa
= aspirine (zuur)
Carbonzuur lost op in waterige omgeving en
dan krijg je carboxylaat
pH die 2 eenheden lager is dan pKa: medicijn voor in neutrale vorm
pH die 2 eenheden groter is dan pKa: medicijn voor onder geladen vorm
= amfetamine (basisch)
pH lager dan 2 eenheden van de pKa: in geladen vorm aanwezig
pH hoger dan 2 eenheden van de pKa: in neutrale vorm aanwezig
HOOFDSTUK 1: INLEIDING TOT DE CHROMATOGRAFIE
= scheidingstechniek om uit complexe mengsels een of meerdere componenten te
halen
= fysische scheidingstechniek waarbij de te gescheiden componenten worden in 2
fases verdeeld worden (mobiel en stationair)
Analytisch = als we de conc gaan bepalen
Preparatief = tijdens productie GM
Discrete verdeling = componenten in 2 niet-mengbare fasen brengen en die gaan
zich verdelen afhankelijk van hun affiniteit voor die fasen
In kolom zijn er vaste deeltjes (partikels) =
stationaire fase
Je krijgt een scheiding doorheen stationaire fase,
want bepaalde analyten zullen een hogere/lagere
affiniteit hebben voor stationaire fase
Mobiele fase is een soort van drijfkracht die voor
beweging zorgt
Chromatografische technieken zijn een subklasse
van 2-fase scheidingstechnieken
SOORTEN
CHROMATOGRAFIE
= Adsorptiechromatografie
- Stationaire fase = vast en mobiele fase = vloeistof/ gas
- Analyten worden op opp van stationaire fase geadsorbeerd
o.b.v. adsorptie en desorptie hoe sterkere adsorptie, hoe
trager analyt uit kolom komt
,= Verdelingschromatografie
- Stationaire fase = vloeibaar, maar gebonden aan vaste
drager en mobiele fase = vloeistof/ gas de te scheiden
analyten moeten oplosbaar zijn in mobiele fase!
- Verdeling o.b.v. fysicochemische eig van analyt sterke
affiniteit voor stationaire fase = langer in kolom
= Ionenuitwisselingschromatografie
- Stationaire fase = vast met
ladingen (anionen of kationen)
- Mobiele fase = vloeibaar
- Scheiding o.b.v.
elektrostatische krachten
= size exclusion chromatography
- Stationaire fase = gel of resine
met poriën
- Mobiele fase = vloeistof/ gas
- Verdeling o.b.v. grootte
= affiniteitschromatografie
- Stationaire fase = vast met een
herkenningsmolecule
- Mobiele fase = vloeibaar/ gas
- Enzym-substraat interacties OF
antigen en antilichaam
, = capillaire elektroforese
- Geen stationaire fase
- Mobiele fase = vloeistof
- O.b.v. elektrostatische krachten en elektriciteit, we
kunnen ook neutrale moleculen laten scheiden
EXTRACTIE
SOLVENTEXTRACTIE
= om analyt te scheiden van interfererende componenten in een mengsel
= extractie waterige oplossing met een niet-mengbaar organisch solvent
Organische fase zal laag vormen op of onder waterige fase afhankelijk van
dichtheid
Stel component S in 2 niet-mengbare fasen
Fase 1 heeft een volume van V1 en fase 2 een volume van V2
Component S wordt verdeeld over de 2 fasen afh vd affiniteit
voor die fasen
We krijgen 2 concentraties:
- p = fractie in fase 2
- q = fractie in fase 1
Dit is een evenwichtsreactie afhankelijk van fysicochemische eigenschappen van S
en afhankelijk vd fasen.
S ( fase 1 ) ⇌ S( fase 2) met bijhorende evenwichtsconstante = partitiecoëfficiënt K
[ S ] 2 pm /V 2 = afhankelijk van affiniteit van S voor fase 1 en 2
K= =
[ S ] 1 qm/V 1
p+q=1
, Fractie S die overblijft in fase 1 na één extractie:
V1
q=
(V 1 + KV 2)
Fractie S die overblijft van fase 1 naar n-aantal extracties:
( )
n
V1
q=
V 1 + KV 2
PH EFFECTEN IN SOLVENTEXTRACTIE
= voor analyten die in meerdere vormen voorkomen: geladen en niet geladen
Dit is dus voor zuren en basen: neutrale vorm komt voor in organische en
waterige fase terwijl geladen vorm enkel in waterige fase voorkomt kan dus
in beide fasen voorkomen
Afhankelijk van pH en pKa
= aspirine (zuur)
Carbonzuur lost op in waterige omgeving en
dan krijg je carboxylaat
pH die 2 eenheden lager is dan pKa: medicijn voor in neutrale vorm
pH die 2 eenheden groter is dan pKa: medicijn voor onder geladen vorm
= amfetamine (basisch)
pH lager dan 2 eenheden van de pKa: in geladen vorm aanwezig
pH hoger dan 2 eenheden van de pKa: in neutrale vorm aanwezig