Titel: La Superba
Schrijver: Ilja Leonard Pfeijffer
Jaar van uitgave: 2013
Naam:
Klas:
,Inhoudsopgave:
Inhoudsopgave blz.2,3
Inleiding blz.4
Waarover wordt verteld?:
A: Belangrijkste gebeurtenissen in chronologische volgorde. blz.4,5
B: Beschrijving van de hoofdpersoon. blz.6
C: Doel van de hoofdpersoon. blz.6
D: Beschrijving van de bijpersonen. blz.6,7
E: Helper en tegenstander. blz.7
F: Setting van het verhaal. blz.7
Hoe wordt verteld?:
A: De verteltijd, de vertelde tijd en de historische tijd. blz.7,8
B: Chronologisch of niet-chronologisch? blz.8
C: Functie van het niet-chronologisch vertellen. blz.8
D: Beschrijving van verhaalmotieven. blz.8
E: Beschrijving van leidmotieven. blz.9
F: Vertelinstantie. blz.9
G: Effect van vertelinstantie. blz.9
H: Motto van het verhaal. blz.10
I: Thema van het verhaal. blz.10
Over de schrijver en zijn achtergrond:
A: Informatie over de schrijver. blz.10
B: Literatuuropvatting van de schrijver. blz.10
2
, Bijlagen:
A: Samenvatting. blz.11 t/m 13
B: Recensies. blz. 14 t/m 18
3
Schrijver: Ilja Leonard Pfeijffer
Jaar van uitgave: 2013
Naam:
Klas:
,Inhoudsopgave:
Inhoudsopgave blz.2,3
Inleiding blz.4
Waarover wordt verteld?:
A: Belangrijkste gebeurtenissen in chronologische volgorde. blz.4,5
B: Beschrijving van de hoofdpersoon. blz.6
C: Doel van de hoofdpersoon. blz.6
D: Beschrijving van de bijpersonen. blz.6,7
E: Helper en tegenstander. blz.7
F: Setting van het verhaal. blz.7
Hoe wordt verteld?:
A: De verteltijd, de vertelde tijd en de historische tijd. blz.7,8
B: Chronologisch of niet-chronologisch? blz.8
C: Functie van het niet-chronologisch vertellen. blz.8
D: Beschrijving van verhaalmotieven. blz.8
E: Beschrijving van leidmotieven. blz.9
F: Vertelinstantie. blz.9
G: Effect van vertelinstantie. blz.9
H: Motto van het verhaal. blz.10
I: Thema van het verhaal. blz.10
Over de schrijver en zijn achtergrond:
A: Informatie over de schrijver. blz.10
B: Literatuuropvatting van de schrijver. blz.10
2
, Bijlagen:
A: Samenvatting. blz.11 t/m 13
B: Recensies. blz. 14 t/m 18
3