Introductie opzet vak:
Model van Bronfenbrenner
In dit vak inzoomen op twee microsystemen:
- Schoolcontext
- Jeugdhulp (Health services)
Inhoud colleges:
- Toepassing gehechtheidstheorie op de relatie
met professionele opvoeders
- Rollen en kwaliteit leerkracht
- Leerkracht-leerling relatie op leerling
uitkomsten
- Leerling kenmerken op leerling- leerkracht relatie
- Kindkenmerken jeugdhulp
- Groepsleider-kind relatie op kind uitkomsten
- Relaties tussen ouders en professionele opvoeders
Voorbeeldvraag context overschrijdend:
Discussie over verschillen en overeenkomsten tussen
schoolcontext en jeugdhulp:
- Op basis van stellingen/vragen
o Jongens hebben vaak een negatievere relatie met professionele opvoeders dan
meisjes. Dit geldt voor zowel de schoolcontext als de jeugdzorg
o Risicokinderen worden sterker beïnvloed door relatie met de leerkracht. Dit geldt
ook voor de jeugdhulp
o In de residentiële setting zijn structuur en duidelijke regels belangrijker dan
emotionele ondersteuning en sensitiviteit, terwijl in de schoolcontext de affectieve
kwaliteit van de relatie belangrijker is
o Het teaching through interactions framework/de CLASS (schoolcontext) kan ook op
de jeugdhulp worden toegepast.
o Een goede relatie tussen professionele opvoeder en kind in de residentiele jeugdhulp
is belangrijker dan een geode relatie tussen professionele opvoeder en kind in de
schoolcontext
Op niet alle vragen is er een definitief antwoord te vinden! Nadenken over overeenkomsten
verschillen tussen de contexten.
1
,Hoorcollege 1 de gehechtheidstheorie
Voorbereidingsvragen
• Kunnen relaties met professionele opvoeders (leerkrachten en groepsleiders) worden gezien
als gehechtheidsrelaties?
• Welke verschillen en overeenkomsten zijn er tussen de twee contexten (schoolcontext en
jeugdzorg) in de toepassing van de gehechtheidstheorie op professionele opvoeder-kind
relaties?
De gehechtheidstheorie
Kernwoorden:
- Universeel: van toepassing op alle culturen
- Onveilige en veilige hechting
- Sensitief en responsief
Gehechtheidsstijlen:
- A: onveilig-Vermijdend gehecht
- B: veilig gehechte
- C: onveilig – ambivalent gehecht
- D: onveilig – Gedesorganiseerd gehecht
Veiligheid, warmte en geborgenheid zijn nog belangrijker dan puur lichamelijke zaken voor de
ontwikkeling van kinderen. → resus aapjes
Gehechtheidstheorie is ontwikkeld op relaties met ouders, vaak zelfs gericht op moeder. Kunnen we
dit ook toepassen op relaties met professionele opvoeders?
Wat is een gehechtheidsrelatie?
Een relatief langdurige band, waarin de partner belangrijk is als een uniek individu en niet
inwisselbaar is met anderen (Ainsworth, 1989).
Dus… een gehechtheidsrelatie is:
1. Een speciale emotionele band
o Die een duurzaam, exclusief (uniek) karakter heeft
o Die niet per definitie wederkerig is (meestal niet, kind heeft de ouder nodig, de
ouder niet het kind).
o Een belangrijke context biedt voor het (leren) reguleren van emoties (exploratie)
2. Gehechtheidsband is meer dan een affectieve band
o onderscheidend kenmerk: het zoeken van veiligheid bij de partner
Relaties met professionele opvoeders als gehechtheidsrelaties?
- Relatie met professionele opvoeders is
o Niet langdurig → wisselende groepsleiders/ juffen
2
, o Niet exclusief → vaak meerdere professionele opvoeders, meerdere groepsleiders,
juffen etc.
- Maar toch zijn er wel gelijkenissen:
o Bijvoorbeeld: vergelijkbare reacties bij stress
▪ Veilige haven: nabijheid bij stress (nabijheid helpt om om te gaan met
stressvolle situaties)
▪ Veilige basis: voor exploratie omgeving (aanwezigheid zorgt voor voldoende
veiligheid om te gaan exploreren)
Professionele opvoeders die kunnen functioneren als potentiële gehechtheidsfiguren?
- Jonge kinderen (kinderopvang, kleuters)
- Kinderen uit bepaalde risicogroepen
- Kinderen in overgangssituaties (kinderen die verhuizen en van school veranderen
bijvoorbeeld, stressvolle gebeurtenissen waarbij een leerkracht kan zorgen voor veiligheid)
- Kinderen die lijden onder (duurzame) stress in het gezin (bijvoorbeeld vechtscheiding)
- Kinderen in jeugdzorg
Voor dergelijke specifieke groepen kunnen professionals zoals bijvoorbeeld een leerkracht
functioneren als een gehechtheidsfiguur, en soms compenseren voor een slechte gehechtheid met
de ouders. Vooral bij kwetsbare groepen.
Emotionele veiligheid:
- Emotionele veiligheid is een noodzakelijke voorwaarde om te kunnen functioneren! Als je je
niet veilig voelt kun je niet optimaal functioneren. Je kunt bijvoorbeeld niet meer je volle
aandacht gebruiken voor schoolwerk. (dier wat gevangen wordt door koplampen en
bevriest)
- Alternatieven: passiviteit, agressie, drugsgebruik etc.
- Als het zelf niet lukt … hechtingsfiguur nodig! → hechtingsrelatie met anderen dan ouders is
vooral van belang voor kwetsbare kinderen!
Voor risicokinderen kan een professionele opvoeder heel goed een gehechtheidsfiguur zijn! maar de
gehechtheidstheorie biedt meer als we hem toe gaan passen als we hem toe gaan passen.
- Gelijkenissen ouder-kind gehechtheid en professionele opvoeder-kind gehechtheid/ relatie.
(gaat makkelijker een relatie aan met een professional als het veilig gehecht is met de eigen
ouders)
→ mentale representaties kind
- Compenserende rol hechting professionele opvoeder (goede band met professionele
opvoeder kan minder goede hechting met ouder compenseren)
- Belang affectieve relatie/ sensitiviteit (pedagogische rol van de professional wordt
gestimuleerd door de gehechtheidstheorie, je hecht je niet per se aan de professional, maar
de band is wel belangrijk dit idee is ontstaan op basis van de hechtingstheorie)
- Basis voor interventies
Mentale representaties
- Intern werkmodel/ geïnternaliseerd beeld van de relatie met de belangrijke persoon =
gevoelens, gedachten, verwachtingen over zichzelf, de relatiepartner en de onderlinge
relatie. (voor verschillende relaties)
- Gebaseerd op vroegere ervaringen met relaties/ interacties met belangrijke anderen
- (mede)bepalend voor toekomstig gedrag binnen de relatie.
Basale idee: zijn anderen te vertrouwen, kun je op mensen bouwen en zullen anderen er voor jou zijn?
Ben je de moeite waard → overkoepelende mentale representatie. Kan later aangepast worden.
3
, De manier waarop je kijkt naar hoe anderen met jou omgaan wordt grotendeels bepaald door
mentale representaties. Het verklaart heel veel dingen die gebeuren.
Schoolcontext:
- Veilige haven en veilig basis functie van leerkracht bovenop didactische rol (dankzij
gehechtheidstheorie meer aandacht gekomen voor affectieve relatie)
➔ Lang niet altijd ‘echte’ gehechtheidsrelatie (unieke kenmerk, het zoeken van veiligheid in
dusdanige vorm dat je echt gehechtheid aangaat is er niet altijd)
- Focus op affectieve kwaliteit van dyadische (één op één, de relatie die een leerkracht
aangaat met een specifieke leerling of andersom) leerkracht-leerling relaties
- Effecten van leerkracht-leerling relatie op schools functioneren (Heel veel theorie over het
schools functioneren is gebaseerd op de gehechtheidstheorie. Welke onderdelen zie je hierin
terug die gebaseerd zijn op de hechtingstheorie?)
- Effecten kind- en leerkrachtkenmerken op relatiekwaliteit
- Basis voor interventie (op basis van de gehechtheidstheorie de relatie tussen leerkracht en
leerling zo goed mogelijk maken)
Relaties met oudere leerlingen:
- Oudere leerlingen: beschikbaarheid van de leerkracht (veilige basis) (eind basisschool +
middelbare school)
➢ voor oudere leerlingen is vooral de beschikbaarheid van de leerkracht als veilige basis
het belangrijkste is. Leerlingen zijn al gewend aan de schoolcontext, de veilige haven is
minder relevant. Het is vooral de veilige basis die van belang is. We denken bij
beschikbaarheid aan emotionele beschikbaarheid van de leerkracht. Hoeft niet fysieke
beschikbaarheid te zijn.
- En: meer algemeen het belang van de affectieve kwaliteit van de relatie met de leerkracht
➢ Blijft van belang!
Kinderopvang:
- Maken onderscheid tussen dyadische sensitiviteit en groepssensitiviteit. In de kinderopvang
is sensitiviteit iets wat veel wordt onderzocht, meer dan binnen de onderwijscontext.
- Pedagogisch medewerker als secundaire gehechtheidsfiguur, zeker omdat het hele jonge
kwetsbare kinderen zijn.
- Compenserende rol veilige hechting aan pedagogisch medewerker
- Attachment Based child care
o Gehechtheidstheorie gebruiken als basis van training. Training voor leidsters →
expliciet
o Beleid: sleutelfiguur en kind-volwassene ratio. Iemand die het aanspreekpunt is als
het om het kind gaat. Zodat het kind zich hierop het meest kan focussen. Zo min
mogelijk kinderen per leidster.
o Samenwerken met ouders.
Primaire hechtingsfiguur: ouders
Secundaire hechtingsfiguur: vervult een rol als hechtingsfiguur, aanvullend op primaire
hechtingsfiguur
Jeugdzorg:
- Hulpverlener = tijdelijke gehechtheidsfiguur
o Psychiatrische stoornis stimuleert gehechtheidsgedrag/ zoeken van nabijheid →
bedreiging interne en externe veiligheid
o Psychiatrische instelling als veilige basis voor cognitieve en affectieve exploratie
4