Inleiding
De aanslag is een roman van de Nederlandse schrijver Harry Mulisch,
gepubliceerd in 1982. Het boek is een diepgaande vertelling over de
impact van de Tweede Wereldoorlog op het leven van een individu,
waarbij thema’s als schuld, toeval en de onontkoombare invloed van het
verleden centraal staan. Het verhaal beslaat meerdere decennia en laat
zien hoe een enkele gebeurtenis iemands hele leven kan tekenen.
Hoofdpersonen
Anton Steenwijk: De hoofdpersoon, wiens familie tijdens de oorlog
wordt vermoord. Hij worstelt met de impact van de gebeurtenis op
zijn verdere leven.
Peter Steenwijk: Antons oudere broer, die probeert de situatie te
redden maar zelf wordt vermoord.
Vader en moeder Steenwijk: Antons ouders, die door de Duitsers
worden geëxecuteerd na de aanslag.
Fake Ploeg: De NSB’er die wordt vermoord en wiens lichaam de
aanleiding is voor de tragische gebeurtenissen.
Truus Coster: Een verzetsvrouw die betrokken was bij de aanslag
en later een symbolische rol speelt in Antons zoektocht naar de
waarheid.
Gerrit Jan Wielinga: Een verzetsstrijder die Anton later ontmoet en
meer inzicht geeft in de aanslag.
Samenvatting van het verhaal
De aanslag – 1945
Het verhaal begint in januari 1945, in Haarlem, tijdens de laatste
maanden van de Tweede Wereldoorlog. De twaalfjarige Anton Steenwijk
woont met zijn ouders en broer in een huis aan de kade. Op een avond
wordt Fake Ploeg, een fanatieke NSB’er en collaborateur, vlakbij hun huis
doodgeschoten door het verzet. Zijn lichaam wordt snel verplaatst door
buren naar de stoep voor het huis van de familie Steenwijk. De Duitsers
reageren onmiddellijk: het huis van de Steenwijks wordt in brand
gestoken en zijn ouders en broer worden meegenomen. Anton wordt apart
gezet en naar een cel gebracht.