Samenvatting bloedgassen
Na voorbereiding en actief meedoen tijdens deze cursus kun je uitslagen van bloedgas-
analyses interpreteren in samenhang met de klinische gegevens van een patiënt. Om dit
te kunnen doen:
• kun je de fysiologie van de hierbij betrokken organen/orgaanstelsels (met name longen
en nieren) uitleggen
• kun je de pathofysiologische achtergrond van de behandelde ziektebeelden uitleggen
• kun je de relatie tussen uitslagen van bloedgas-analyses en de fysiologie en
pathofysiologie beredeneren met name in diagnostiek
• kun je aantal pre-analytische fouten van bloedgas analyse identificeren
Als je zit wat voor soort metabolisme? Aerobe (genoeg zuurstof aanwezig namelijk)
Productie van zuren:
1. Oxidatie S-bevattende aminozuren
40-80 mmol H+
2. Reguliere metabole processen:
- Netto 0, in balans
- Lactaat/ketonen als tussenproduct
3. Aerobe verbranding (met zuurstof)
15000 mmol CO2
CO2 beschouwen we als een (zwak) zuur!!
- Een zuur kan een H+ afstaan
Relatie pH en H+
pH=-log [H+]
Relatie pH en H+
- pH stijgt daling H+
- pH daalt stijging H+
Regulatie van zuur-base balans
1. Verdunning: verdelen over het lichaam
, 2. Buffering:
Intracellulaire buffers
- hemoglobine
- fosfaat
Extracellulaire buffers
- eiwitten
- fosfaat
- bicarbonaat
belangrijkste buffer
systeem in bloed is
koolzuur- bicarbonaat
systeem (heel flexibel systeem)
3. Regulatie CO2 (door longen)
De longen kunnen door meer of minder CO2 af te geven de pH beïnvloeden
Als je dieper in ademt hoger uitwisseling van CO2!
4. Regulatie H+ en HCO3- (door nieren)
De nieren kunnen door resorptie of excretie van HCO3- en H+ de pH beïnvloeden
Beide longen en nieren zijn open
systemen.
Gasuitwisseling in de longen
- Uitwisseling van zuurstof en CO2 tussen
alveoli en het bloed.
- Partiele druk van zuurstof is 160 mmHg,
en koolstof is maar 0.3 mmHg. Dit zorgt
ervoor dat zuurstof diffundeert van de
alveoli naar het bloed (blauwe kant in plaatje), waar de zuurstofdruk lager is.
- Het bloed dat de longen binnenkomt (blauw) heeft een lagere zuurstof druk 40
mmHg en hogere koolstofdioxide druk 46 mmHg. Door concentratie verschil
diffundeert zuurstof naar het bloed en CO2 wordt afgegeven aan de
alveoli.--> na gasuitwisseling is de zuurstofdruk in het bloed gestegen naar
pO2=100 mmHg en CO2 is gedaald naar PCO2=40 mmHg.
- Terug naar het lichaam: geoxygeneerd bloed (rood) met hoge zuurstofdruk
stroomt naar het weefsels, waar de zuurstofdruk lager is en de CO2 druk hoger.
Zuurstof diffundeert in de weefsels terwijl CO2 vanuit weefsels het bloed in
diffundeert en klaar is om naar de longen te worden vervoerd en uitgeademd.
- Kortom, het plaatje illustreert hoe zuurstof van de alveoli naar het bloed gaat en
koolstofdioxide van het bloed naar de alveoli, afhankelijk van de drukverschillen,
wat de basis is van de gasuitwisseling in de longen.
Gasuitwisseling in de longen
Na voorbereiding en actief meedoen tijdens deze cursus kun je uitslagen van bloedgas-
analyses interpreteren in samenhang met de klinische gegevens van een patiënt. Om dit
te kunnen doen:
• kun je de fysiologie van de hierbij betrokken organen/orgaanstelsels (met name longen
en nieren) uitleggen
• kun je de pathofysiologische achtergrond van de behandelde ziektebeelden uitleggen
• kun je de relatie tussen uitslagen van bloedgas-analyses en de fysiologie en
pathofysiologie beredeneren met name in diagnostiek
• kun je aantal pre-analytische fouten van bloedgas analyse identificeren
Als je zit wat voor soort metabolisme? Aerobe (genoeg zuurstof aanwezig namelijk)
Productie van zuren:
1. Oxidatie S-bevattende aminozuren
40-80 mmol H+
2. Reguliere metabole processen:
- Netto 0, in balans
- Lactaat/ketonen als tussenproduct
3. Aerobe verbranding (met zuurstof)
15000 mmol CO2
CO2 beschouwen we als een (zwak) zuur!!
- Een zuur kan een H+ afstaan
Relatie pH en H+
pH=-log [H+]
Relatie pH en H+
- pH stijgt daling H+
- pH daalt stijging H+
Regulatie van zuur-base balans
1. Verdunning: verdelen over het lichaam
, 2. Buffering:
Intracellulaire buffers
- hemoglobine
- fosfaat
Extracellulaire buffers
- eiwitten
- fosfaat
- bicarbonaat
belangrijkste buffer
systeem in bloed is
koolzuur- bicarbonaat
systeem (heel flexibel systeem)
3. Regulatie CO2 (door longen)
De longen kunnen door meer of minder CO2 af te geven de pH beïnvloeden
Als je dieper in ademt hoger uitwisseling van CO2!
4. Regulatie H+ en HCO3- (door nieren)
De nieren kunnen door resorptie of excretie van HCO3- en H+ de pH beïnvloeden
Beide longen en nieren zijn open
systemen.
Gasuitwisseling in de longen
- Uitwisseling van zuurstof en CO2 tussen
alveoli en het bloed.
- Partiele druk van zuurstof is 160 mmHg,
en koolstof is maar 0.3 mmHg. Dit zorgt
ervoor dat zuurstof diffundeert van de
alveoli naar het bloed (blauwe kant in plaatje), waar de zuurstofdruk lager is.
- Het bloed dat de longen binnenkomt (blauw) heeft een lagere zuurstof druk 40
mmHg en hogere koolstofdioxide druk 46 mmHg. Door concentratie verschil
diffundeert zuurstof naar het bloed en CO2 wordt afgegeven aan de
alveoli.--> na gasuitwisseling is de zuurstofdruk in het bloed gestegen naar
pO2=100 mmHg en CO2 is gedaald naar PCO2=40 mmHg.
- Terug naar het lichaam: geoxygeneerd bloed (rood) met hoge zuurstofdruk
stroomt naar het weefsels, waar de zuurstofdruk lager is en de CO2 druk hoger.
Zuurstof diffundeert in de weefsels terwijl CO2 vanuit weefsels het bloed in
diffundeert en klaar is om naar de longen te worden vervoerd en uitgeademd.
- Kortom, het plaatje illustreert hoe zuurstof van de alveoli naar het bloed gaat en
koolstofdioxide van het bloed naar de alveoli, afhankelijk van de drukverschillen,
wat de basis is van de gasuitwisseling in de longen.
Gasuitwisseling in de longen