Samenvatting Hoorcolleges
Fusies, Reorganisaties & Insolventie (RB41)
Master Ondernemingsrecht
Blok 3, Jaar 2024/2025
Jurisprudentie niet verplicht (wel aan bod gekomen in de hoorcolleges)
Jurisprudentie wel verplicht (aan de hand van de syllabus)
,Inhoudsopgave
A: Hoorcollege 1: Inleiding, fusiemethoden, splitsing......................................................................................3
A: Hoorcollege 9: Juridische fusie, grensoverschrijdende fusie, juridische splitsing, oprichting SE door fusie..18
A: Hoorcollege 2 & 3: Aandelenfusie in besloten verhoudingen....................................................................29
A: Hoorcollege 3 & 4: Private equity............................................................................................................. 46
A: Hoorcollege 8: Overnames: remedies bij tekortkoming, onvoorziene omstandigheden.............................59
B: Hoorcollege 6 & 7: Werknemersbescherming bij reorganisatie en herstructurering. Arbeidsrechtelijke
gevolgen reorganisatie, regels (collectief) ontslag wegens bedrijfseconomische redenen, sociaal plan..........83
B: Hoorcollege 10 & 11: De rol van de werknemer in de onderneming en medezeggenschapsrechten.........110
B: Hoorcollege 12 & 13: Overgang van onderneming I en II.........................................................................127
C: Hoorcollege 14: Faillissementsrecht: inleiding, vereisten faillietverklaring, rechtsmiddelen, hoofdrolspelers.
.................................................................................................................................................................. 155
C: Hoorcollege 15: De rol van de curator bij fraudefaillissementen..............................................................170
C: Hoorcollege 16: Faillissementsrecht: fixatiebeginsel, rangorde, boedelschulden, separatisten en
Belastingdienst.......................................................................................................................................... 177
C: Hoorcollege 17: Faillissementsrecht: procedures, wederkerige overeenkomsten, verrekening.................196
C: Hoorcollege 18: WHOA (in theorie)......................................................................................................... 216
C: Hoorcollege 19: Surseance (Conference Compass en retailfaillissementen (Miss Etam) in de praktijk.......234
C: Hoorcollege 20: Faillissementsrecht: pauliana, Peeters/Gatzen-vordering...............................................237
C: Hoorcollege 21: Internationaal Insolventierecht, Insolventieverordening. Doorstart en pre-pack.............251
2
,A: Hoorcollege 1: Inleiding, fusiemethoden, splitsing.
07-01-2025. Prof. mr. M.A. Verbrugh
Motieven voor fusie
- Synergievoordelen en kostenreductie: Synergievoordelen en kostenreductie gaat
vaak gepaard met schaalvoordelen. Het overnemen ofwel fuseren van één
afdeling of meerdere afdelingen kan efficiënter zijn in schaalvoordelen en
daardoor leiden tot kostenreductie en synergievoordelen.
- Schaalvergroting: Is er bij een schaalvergroting sprake van a winner takes it all?
Een onderneming die producten voor een hele lage prijs verkoopt of een
beursgenoteerd bedrijf die hoog beursgenoteerd staat, maar verliezen draait. Dit
is mogelijk doordat alle of veel concurrenten zijn overgenomen (schaalvergroting)
en er is dan sprake van a winner takes it all.
- Geen opvolging in familieonderneming
- Wapenen tegen disruptie: Grote bedrijven die zelf geen innovatiekracht hebben
gaan vaak overnemen en fuseren om de innovatie over te nemen in plaats van
zelf de innovatie te ontwikkelen. Indien men niet meegaat met de innovatiekracht
zal men verliezen. Hiervan is vooral sprake in de financiële sector.
- SPAC (Special Purpose Acquisition Company): Een SPAC is een vennootschap
zonder bedrijfsactiviteiten die naar de beurs gaat om kapitaal op te halen om
daarmee vervolgens op relatief korte termijn een (deel van) een niet-
beursgenoteerde onderneming te kopen. Omdat een SPAC van tevoren niet weten
welke onderneming ze gaan overnemen en bij de beursgang geen
bedrijfsactiviteiten hebben, worden ze ook wel lege beurshulzen genoemd. Door
te fuseren met iets wat al bestaat zijn de regels soepeler en is het een makkelijke
wijze van beursnotering.
Opmerkingen bij motieven: i) Succes voor fusies is niet verzekerd. Veel fusies
mislukken of eindigen in een lagere waardering dan voor de fusie. Oorzaken hiervoor
kunnen cultuurverschillen zijn of de huidige stand van zaken in de economie. ii)
Politieke invloeden en politieke gevoeligheid. Politieke invloed is in de praktijk onder
andere terug te zien bij de Nederlandse beursvennootschap ASMI, waarbij de VS ons
verbiedt om technologie te leveren aan China. iii) Mogelijke goedkeuring
toezichthouders. iv) Mogelijke mededingingsbezwaren. Onder iii) en iv) hebben enige
samenloop in de praktijk. Bij grote fusies van grote spelers op de markt kunnen de
voorwaarden en vragen strenger zijn. Ondanks dat specialisten van de
vennootschappen dit van tevoren hebben geïnventariseerd, kan de fusie nog steeds
tegengehouden worden door een toezichthouder vanwege machtsmisbruik of
monopolie.
Motieven voor splitsing
- Aanbrengen focus: Het aanbrengen van focus kan ook via druk van buiten komen,
omdat men wil dat je een onderdeel of afdeling apart zet.
- Afstoten niet-kernonderdelen
- Beursgang onderdeel onderneming: Een deel van de onderneming gaat naar de
beursgang en een ander deel wordt van de beursgang gehouden of verkocht.
- Ruziesplitsing: De ruziesplitsing is een van de alternatieven om van een
minderheidsaandeelhouder af te komen.
3
, Motieven voor reorganisatie
- Achterblijvende en/of slechte resultaten: Door middel van de reorganisatie kunnen
problemen preventief worden opgelost of voorkomen worden.
Het fusiebegrip
Het begrip fusie heeft geen eenduidige definitie. Het fusiebegrip kan meer als een
economisch dan juridisch begrip worden gezien: het is een samenvoeging van
onafhankelijke ondernemingen tot een economisch geheel. De definitie uit de
Fusiecode is een ruimere definitie en de juridische fusie in de zin van Boek 2 BW is
anderzijds een enger begrip.
Artikel 2:309 BW (het begrip juridische fusie): Fusie is de rechtshandeling van twee
of meer rechtspersonen waarbij een van deze het vermogen van de andere onder
algemene titel verkrijgt of waarbij een nieuwe rechtspersoon die bij deze
rechtshandeling door hen samen wordt opgericht, hun vermogen onder algemene
titel verkrijgt.
Art. 1 sub e SER Fusiegedragsregels 2015 (het begrip fusie): Fusie: verkrijging of
overdracht van de zeggenschap, direct of indirect, over een onderneming of een
onderdeel daarvan, alsmede de vorming van een samenstel van ondernemingen.
In het economisch spraakgebruik wordt voorts onderscheid gemaakt tussen de
horizontale fusie en verticale fusie. Een horizontale fusie is het samengaan van
twee ondernemingen die voor een groot deel dezelfde inkoop- en afzetmarkt hebben
(bijvoorbeeld twee jeneverfabrikanten). Een verticale fusie is een onderneming die
samengaat met een onderneming die producten verwerkt die door de andere
vervaardigd worden (een aluminiumfabriek en fabriek van aluminium ladders). Het
hoofdmotief van een verticale fusie is vaak de verzekering van de toevoer of afname
van grondstoffen.
Open en besloten verhoudingen
Bij een fusie kan er gesproken worden van zowel een fusie in open verhoudingen als
een fusie in besloten verhoudingen. Hierbij verandert de dynamiek van de fusie. In
open verhoudingen kan er een overname plaatsvinden door middel van openbare
biedingen (men weet bij een beursvennootschap niet wie de aandeelhouders zijn).
Deze openbare biedingen kunnen vriendelijk en vijandig zijn. Door middel van de
overname kunnen alle aandelen overgenomen worden. In besloten verhoudingen
kan er een aandelenfusie plaatsvinden (zie hoorcollege 2 & 3).
Fusiemethoden: bedrijfsfusie
De bedrijfsfusie ziet op de onderneming zelf en is niet in de wet opgenomen. Het is
een overdracht van activa en passiva (activa-passiva-transactie) en dus een
overdracht per vermogensbestanddeel. Bij de bedrijfsfusie neemt de overnemende
vennootschap (vennootschap A) van de ander diens bedrijf over (vennootschap B).
De tegenprestatie kan bestaan uit betaling van contanten, uitgifte van aandelen, een
combinatie van deze twee of met behulp van een andere betalingsvariant.
4
Fusies, Reorganisaties & Insolventie (RB41)
Master Ondernemingsrecht
Blok 3, Jaar 2024/2025
Jurisprudentie niet verplicht (wel aan bod gekomen in de hoorcolleges)
Jurisprudentie wel verplicht (aan de hand van de syllabus)
,Inhoudsopgave
A: Hoorcollege 1: Inleiding, fusiemethoden, splitsing......................................................................................3
A: Hoorcollege 9: Juridische fusie, grensoverschrijdende fusie, juridische splitsing, oprichting SE door fusie..18
A: Hoorcollege 2 & 3: Aandelenfusie in besloten verhoudingen....................................................................29
A: Hoorcollege 3 & 4: Private equity............................................................................................................. 46
A: Hoorcollege 8: Overnames: remedies bij tekortkoming, onvoorziene omstandigheden.............................59
B: Hoorcollege 6 & 7: Werknemersbescherming bij reorganisatie en herstructurering. Arbeidsrechtelijke
gevolgen reorganisatie, regels (collectief) ontslag wegens bedrijfseconomische redenen, sociaal plan..........83
B: Hoorcollege 10 & 11: De rol van de werknemer in de onderneming en medezeggenschapsrechten.........110
B: Hoorcollege 12 & 13: Overgang van onderneming I en II.........................................................................127
C: Hoorcollege 14: Faillissementsrecht: inleiding, vereisten faillietverklaring, rechtsmiddelen, hoofdrolspelers.
.................................................................................................................................................................. 155
C: Hoorcollege 15: De rol van de curator bij fraudefaillissementen..............................................................170
C: Hoorcollege 16: Faillissementsrecht: fixatiebeginsel, rangorde, boedelschulden, separatisten en
Belastingdienst.......................................................................................................................................... 177
C: Hoorcollege 17: Faillissementsrecht: procedures, wederkerige overeenkomsten, verrekening.................196
C: Hoorcollege 18: WHOA (in theorie)......................................................................................................... 216
C: Hoorcollege 19: Surseance (Conference Compass en retailfaillissementen (Miss Etam) in de praktijk.......234
C: Hoorcollege 20: Faillissementsrecht: pauliana, Peeters/Gatzen-vordering...............................................237
C: Hoorcollege 21: Internationaal Insolventierecht, Insolventieverordening. Doorstart en pre-pack.............251
2
,A: Hoorcollege 1: Inleiding, fusiemethoden, splitsing.
07-01-2025. Prof. mr. M.A. Verbrugh
Motieven voor fusie
- Synergievoordelen en kostenreductie: Synergievoordelen en kostenreductie gaat
vaak gepaard met schaalvoordelen. Het overnemen ofwel fuseren van één
afdeling of meerdere afdelingen kan efficiënter zijn in schaalvoordelen en
daardoor leiden tot kostenreductie en synergievoordelen.
- Schaalvergroting: Is er bij een schaalvergroting sprake van a winner takes it all?
Een onderneming die producten voor een hele lage prijs verkoopt of een
beursgenoteerd bedrijf die hoog beursgenoteerd staat, maar verliezen draait. Dit
is mogelijk doordat alle of veel concurrenten zijn overgenomen (schaalvergroting)
en er is dan sprake van a winner takes it all.
- Geen opvolging in familieonderneming
- Wapenen tegen disruptie: Grote bedrijven die zelf geen innovatiekracht hebben
gaan vaak overnemen en fuseren om de innovatie over te nemen in plaats van
zelf de innovatie te ontwikkelen. Indien men niet meegaat met de innovatiekracht
zal men verliezen. Hiervan is vooral sprake in de financiële sector.
- SPAC (Special Purpose Acquisition Company): Een SPAC is een vennootschap
zonder bedrijfsactiviteiten die naar de beurs gaat om kapitaal op te halen om
daarmee vervolgens op relatief korte termijn een (deel van) een niet-
beursgenoteerde onderneming te kopen. Omdat een SPAC van tevoren niet weten
welke onderneming ze gaan overnemen en bij de beursgang geen
bedrijfsactiviteiten hebben, worden ze ook wel lege beurshulzen genoemd. Door
te fuseren met iets wat al bestaat zijn de regels soepeler en is het een makkelijke
wijze van beursnotering.
Opmerkingen bij motieven: i) Succes voor fusies is niet verzekerd. Veel fusies
mislukken of eindigen in een lagere waardering dan voor de fusie. Oorzaken hiervoor
kunnen cultuurverschillen zijn of de huidige stand van zaken in de economie. ii)
Politieke invloeden en politieke gevoeligheid. Politieke invloed is in de praktijk onder
andere terug te zien bij de Nederlandse beursvennootschap ASMI, waarbij de VS ons
verbiedt om technologie te leveren aan China. iii) Mogelijke goedkeuring
toezichthouders. iv) Mogelijke mededingingsbezwaren. Onder iii) en iv) hebben enige
samenloop in de praktijk. Bij grote fusies van grote spelers op de markt kunnen de
voorwaarden en vragen strenger zijn. Ondanks dat specialisten van de
vennootschappen dit van tevoren hebben geïnventariseerd, kan de fusie nog steeds
tegengehouden worden door een toezichthouder vanwege machtsmisbruik of
monopolie.
Motieven voor splitsing
- Aanbrengen focus: Het aanbrengen van focus kan ook via druk van buiten komen,
omdat men wil dat je een onderdeel of afdeling apart zet.
- Afstoten niet-kernonderdelen
- Beursgang onderdeel onderneming: Een deel van de onderneming gaat naar de
beursgang en een ander deel wordt van de beursgang gehouden of verkocht.
- Ruziesplitsing: De ruziesplitsing is een van de alternatieven om van een
minderheidsaandeelhouder af te komen.
3
, Motieven voor reorganisatie
- Achterblijvende en/of slechte resultaten: Door middel van de reorganisatie kunnen
problemen preventief worden opgelost of voorkomen worden.
Het fusiebegrip
Het begrip fusie heeft geen eenduidige definitie. Het fusiebegrip kan meer als een
economisch dan juridisch begrip worden gezien: het is een samenvoeging van
onafhankelijke ondernemingen tot een economisch geheel. De definitie uit de
Fusiecode is een ruimere definitie en de juridische fusie in de zin van Boek 2 BW is
anderzijds een enger begrip.
Artikel 2:309 BW (het begrip juridische fusie): Fusie is de rechtshandeling van twee
of meer rechtspersonen waarbij een van deze het vermogen van de andere onder
algemene titel verkrijgt of waarbij een nieuwe rechtspersoon die bij deze
rechtshandeling door hen samen wordt opgericht, hun vermogen onder algemene
titel verkrijgt.
Art. 1 sub e SER Fusiegedragsregels 2015 (het begrip fusie): Fusie: verkrijging of
overdracht van de zeggenschap, direct of indirect, over een onderneming of een
onderdeel daarvan, alsmede de vorming van een samenstel van ondernemingen.
In het economisch spraakgebruik wordt voorts onderscheid gemaakt tussen de
horizontale fusie en verticale fusie. Een horizontale fusie is het samengaan van
twee ondernemingen die voor een groot deel dezelfde inkoop- en afzetmarkt hebben
(bijvoorbeeld twee jeneverfabrikanten). Een verticale fusie is een onderneming die
samengaat met een onderneming die producten verwerkt die door de andere
vervaardigd worden (een aluminiumfabriek en fabriek van aluminium ladders). Het
hoofdmotief van een verticale fusie is vaak de verzekering van de toevoer of afname
van grondstoffen.
Open en besloten verhoudingen
Bij een fusie kan er gesproken worden van zowel een fusie in open verhoudingen als
een fusie in besloten verhoudingen. Hierbij verandert de dynamiek van de fusie. In
open verhoudingen kan er een overname plaatsvinden door middel van openbare
biedingen (men weet bij een beursvennootschap niet wie de aandeelhouders zijn).
Deze openbare biedingen kunnen vriendelijk en vijandig zijn. Door middel van de
overname kunnen alle aandelen overgenomen worden. In besloten verhoudingen
kan er een aandelenfusie plaatsvinden (zie hoorcollege 2 & 3).
Fusiemethoden: bedrijfsfusie
De bedrijfsfusie ziet op de onderneming zelf en is niet in de wet opgenomen. Het is
een overdracht van activa en passiva (activa-passiva-transactie) en dus een
overdracht per vermogensbestanddeel. Bij de bedrijfsfusie neemt de overnemende
vennootschap (vennootschap A) van de ander diens bedrijf over (vennootschap B).
De tegenprestatie kan bestaan uit betaling van contanten, uitgifte van aandelen, een
combinatie van deze twee of met behulp van een andere betalingsvariant.
4