SD 05-001
Leerdoelen:
1. Een beschrijving te geven van de bouw van een cel
2. Te beschrijven hoe de mitose en meiose verlopen
3. Te beschrijven welke soorten DNA schade kunnen ontstaan
4. Te beschrijven wat het gevolg van deze DNA schade is
5. Onderscheid te kunnen maken tussen kansgebonden en niet kansgebonden effecten
6. Aan te geven welke effecten vroeg en welke effecten laat na blootstelling optreden
7. Een relatie te leggen tussen de diverse stralingssoorten en het effect ervan op
cellen/weefsels
8. De relatie tussen de stralingsdosis en het effect op weefsels uit te leggen
9. Beschrijven welke schade kan ontstaan door straling en hoe dit tot tumorvorming en
genetische effecten kan leiden
10.De verschillende stadia van de ontwikkeling van geslachtscellen bij de vrouw en man
kunnen beschrijven en kunnen aangeven welk stadium het gevoeligst is voor de
inductie van genetische stralingsschade
11.In staat de dosislimieten juist toe te passen en hierbij rekening kunnen houden met
de specifieke gevoeligheden van organen
Een beschrijving te geven van de bouw van een cel
Te beschrijven hoe de mitose en meiose verlopen
C = controle point/checkpoint
Op dat moment controleert de cel of alles nog klopt (of er
geen fouten aanwezig zijn. Hierbij heb je de beslissing om
te herstellen of vernietigen (mitose dood). Belangrijk voor
de schade die eventueel kan ontstaan door straling
Bij de mitose ontstaan er altijd twee dochtercellen (twee identieke cellen) → diploïde cellen,
bij ieder chromosoom twee aanwezig. Geslachtscellen!
Bij de meiose ontstaan er twee halve cellen → haploïde cellen
Een beschrijving te geven van de bouw van een cel
Te beschrijven hoe de mitose en meiose verlopen
De relatie tussen de stralingsdosis en het effect op
weefsels uit te leggen
Celdeling
● Veel delen oftewel veel proliferatie → ‘grote
P-fractie’ oftewel hoge turnover. Snelle aanmaak
van cellen
→ huid,darmweefsel: hoge turnover; reageren al bij een lage dosis
→ zenuwcellen: lage turnover; reageren pas bij hoge dosis
● Diploïd
→ Cellen zijn diploïd wanneer ze van elk chromosoom twee exemplaren hebben
→ normale conditie voor somatische cellen (lichaamscellen)
● Haploïd
→ Cellen zijn haploïd als ze van elk chromosoom slechts één exemplaar hebben
→ gameten, die door meiose ontstaan uit diploïde cellen (diploïde cellen gesplitst tot
haploïde cellen dan krijg je gameten)
1
,Te beschrijven welke soorten DNA schade kunnen ontstaan
Te beschrijven wat het gevolg van deze DNA schade is
DNA
4 type schade in het DNA:
1. Puntmutaties (base
modifications)
2. Enkelstrengsbreuken
3. Dubbelstrengsbreuken
4. Crosslinking
Een relatie te leggen tussen de diverse stralingssoorten en het effect
ervan op cellen/weefsels
De schade die aan het DNA kan ontstaan ten gevolge van
ioniserende straling kan op twee manieren gebeuren: direct effect of
indirect effect.
Direct effect: vrije elektron gaat gelijk een interactie aan met het
DNA waardoor er schade ontstaat in het DNA.
Indirect effect: vrije elektron dat reageert met de zuurstof in de cellen
(met het water) en gaat daardoor verschillende bindingen aan,
hierdoor komt giftige stof (radicaal) en dit gaat een reactie aan met
het DNA waardoor er schade ontstaat in het DNA.
Invloed LET (stralingssoort)
Linear energy transfer =
● De gemiddelde energie die wordt afgegeven per weglengte.
● Eenheid: kev/um
Lage LET:
→ gamma, x ray en elektronen
Hoge LET:
→ Alfa, zwarte deeltjes en neutronen met een lage
energie
(LET leidt tot veel dubbelstrengsbreuken)
2
, Te beschrijven wat het gevolg van deze DNA schade is
Reparatie mechanismen
● BER: base excision repair, een base gaan we vervangen
(bij puntmutaties)
● NER: nucleotide excisie repair → hele streng DNA wordt
vervangen
● HR: homologus recombination → de sequentie wordt
vervangen naar een voorbeeld van eenzelfde sequentie
elders in de celkern. Dit is van belang bij sequenties die
belangrijke genetische informatie bevatten
● NHEJ: non homologus end joining → losse einden worden
verbonden, gebeurt bij onbelangrijke sequenties. Erg
foutgevoelig
3
Leerdoelen:
1. Een beschrijving te geven van de bouw van een cel
2. Te beschrijven hoe de mitose en meiose verlopen
3. Te beschrijven welke soorten DNA schade kunnen ontstaan
4. Te beschrijven wat het gevolg van deze DNA schade is
5. Onderscheid te kunnen maken tussen kansgebonden en niet kansgebonden effecten
6. Aan te geven welke effecten vroeg en welke effecten laat na blootstelling optreden
7. Een relatie te leggen tussen de diverse stralingssoorten en het effect ervan op
cellen/weefsels
8. De relatie tussen de stralingsdosis en het effect op weefsels uit te leggen
9. Beschrijven welke schade kan ontstaan door straling en hoe dit tot tumorvorming en
genetische effecten kan leiden
10.De verschillende stadia van de ontwikkeling van geslachtscellen bij de vrouw en man
kunnen beschrijven en kunnen aangeven welk stadium het gevoeligst is voor de
inductie van genetische stralingsschade
11.In staat de dosislimieten juist toe te passen en hierbij rekening kunnen houden met
de specifieke gevoeligheden van organen
Een beschrijving te geven van de bouw van een cel
Te beschrijven hoe de mitose en meiose verlopen
C = controle point/checkpoint
Op dat moment controleert de cel of alles nog klopt (of er
geen fouten aanwezig zijn. Hierbij heb je de beslissing om
te herstellen of vernietigen (mitose dood). Belangrijk voor
de schade die eventueel kan ontstaan door straling
Bij de mitose ontstaan er altijd twee dochtercellen (twee identieke cellen) → diploïde cellen,
bij ieder chromosoom twee aanwezig. Geslachtscellen!
Bij de meiose ontstaan er twee halve cellen → haploïde cellen
Een beschrijving te geven van de bouw van een cel
Te beschrijven hoe de mitose en meiose verlopen
De relatie tussen de stralingsdosis en het effect op
weefsels uit te leggen
Celdeling
● Veel delen oftewel veel proliferatie → ‘grote
P-fractie’ oftewel hoge turnover. Snelle aanmaak
van cellen
→ huid,darmweefsel: hoge turnover; reageren al bij een lage dosis
→ zenuwcellen: lage turnover; reageren pas bij hoge dosis
● Diploïd
→ Cellen zijn diploïd wanneer ze van elk chromosoom twee exemplaren hebben
→ normale conditie voor somatische cellen (lichaamscellen)
● Haploïd
→ Cellen zijn haploïd als ze van elk chromosoom slechts één exemplaar hebben
→ gameten, die door meiose ontstaan uit diploïde cellen (diploïde cellen gesplitst tot
haploïde cellen dan krijg je gameten)
1
,Te beschrijven welke soorten DNA schade kunnen ontstaan
Te beschrijven wat het gevolg van deze DNA schade is
DNA
4 type schade in het DNA:
1. Puntmutaties (base
modifications)
2. Enkelstrengsbreuken
3. Dubbelstrengsbreuken
4. Crosslinking
Een relatie te leggen tussen de diverse stralingssoorten en het effect
ervan op cellen/weefsels
De schade die aan het DNA kan ontstaan ten gevolge van
ioniserende straling kan op twee manieren gebeuren: direct effect of
indirect effect.
Direct effect: vrije elektron gaat gelijk een interactie aan met het
DNA waardoor er schade ontstaat in het DNA.
Indirect effect: vrije elektron dat reageert met de zuurstof in de cellen
(met het water) en gaat daardoor verschillende bindingen aan,
hierdoor komt giftige stof (radicaal) en dit gaat een reactie aan met
het DNA waardoor er schade ontstaat in het DNA.
Invloed LET (stralingssoort)
Linear energy transfer =
● De gemiddelde energie die wordt afgegeven per weglengte.
● Eenheid: kev/um
Lage LET:
→ gamma, x ray en elektronen
Hoge LET:
→ Alfa, zwarte deeltjes en neutronen met een lage
energie
(LET leidt tot veel dubbelstrengsbreuken)
2
, Te beschrijven wat het gevolg van deze DNA schade is
Reparatie mechanismen
● BER: base excision repair, een base gaan we vervangen
(bij puntmutaties)
● NER: nucleotide excisie repair → hele streng DNA wordt
vervangen
● HR: homologus recombination → de sequentie wordt
vervangen naar een voorbeeld van eenzelfde sequentie
elders in de celkern. Dit is van belang bij sequenties die
belangrijke genetische informatie bevatten
● NHEJ: non homologus end joining → losse einden worden
verbonden, gebeurt bij onbelangrijke sequenties. Erg
foutgevoelig
3