Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Fiscale Aspecten (minor FVR)

Beoordeling
5,0
(1)
Verkocht
4
Pagina's
20
Geüpload op
26-05-2020
Geschreven in
2019/2020

De volgende stof staat in de samenvatting: Week 1: Hoofdstuk 11.1 t/m 11.5 uit reader (Belastingrecht voor B&M) Week 2: Hoofdstuk 11.6.1 t/m 11.6.3 en 11.7.4 t/m 11.7.9 uit reader (Belastingrecht voor B&M) en Par. 5.6 en 5.7 uit reader (Wegwijs) Week 3: hetzelfde als week 2 Week 4: 11.4 en 11.8 t/m 11.10 uit reader (Belastingrecht voor B&M) Week 5: 11.7.1 t/m 11.7.3, 11.8 en 11.10 uit reader (Belastingrecht voor B&M) Week 6: 11.7.3 uit reader (Belastingrecht voor B&M) Er zijn een aantal weken waarbij een paragraaf uit een eerdere week opnieuw wordt voorgeschreven. Deze zijn dan niet bij de tweede week waarbij de paragraaf is voorgeschreven nog een keer weer samengevat.

Meer zien Lees minder

Voorbeeld van de inhoud

Fiscale aspecten
Week 1
Erfbelasting wordt geheven over alles wat iemand ‘krachtens erfrecht’ verkrijgt van iemand die op
het moment van overlijden in Nederland woonde. In het kader van de erfbelasting is de erfgenaam of
de zogeheten ‘legataris’ de belastingplichtige (art. 1 SW).

Schenkbelasting wordt geheven over alles wat door schenking wordt verkregen van iemand die op
het tijdstip van de schenking in Nederland woonde. Onder een schenker verstaan we ‘elke
bevoordeling uit vrijgevigheid’. Degene die de schenking ontvangt – de ‘begiftigde’ – is
belastingplichtig (art. 1 SW).

Zowel voor de schenkbelasting als voor de erfbelasting is vereist dat de schenker/erflater in
Nederland woont. De vraag waar iemand woont, hangt af van de omstandigheden. Globaal gaat het
er hierbij o waar ‘het centrum van iemands levensbelangen’ ligt (art. 4 AWR). De woonplaats van de
erfgenaam of degene die een schenking krijgt, doet er niet toe.
Als de erflater of schenker naar een ander land emigreert, is het in principe mogelijk om aan de
Nederlandse heffing van schenk- of erfbelasting te ontkomen. Wel moet een belastingplichtige met
de Nederlandse nationaliteit bij een ‘fiscaal geïnspireerde emigratie’ rekening houden met een
‘wachttijd’ van 10 jaar. Een Nederlander die binnen 10 jaar ná zijn emigratie een schenking doet,
wordt namelijk geacht nog steeds in Nederland te wonen (art. 3 lid 1 SW). Deze woonplaatsfictie
geldt ook bij vererving.

De wet kent ook nog een 1-jaarsfictie. Op grond van deze fictie is een schenking altijd onderworpen
aan Nederlandse schenkbelasting als een schenker binnen 1 jaar ná emigratie uit Nederland een
schenking doet, óók als de schenker niet de Nederlandse nationaliteit heeft (art. 3 lid 2 SW).

Om dubbele heffing als gevolg van de woonplaatsfictie te vermijden, heeft Nederland met een aantal
landen erfbelastingverdragen gesloten. Is er geen verdrag van toepassing, dan verleent Nederland in
sommige gevallen een belastingvermindering op grond van het Besluit voorkomen dubbele belasting
2001.

De tarieven voor de schenk- en erfbelasting zijn gelijk. De SW kent drie tariefgroepen, met elk twee
tariefschijven (art. 24 lid 1 SW).
 In tariefgroep I (10%-20%) vallen de partners en de kinderen.
 In tariefgroep IA vallen de kleinkinderen; voor hen geldt een opslag van 80% t.o.v.
tariefgroep I, waardoor de tarieven voor hen uitkomen op 18% en 36%.
 In tariefgroep II (30%-40%) vallen de overige verkrijgers.

In art. 5a AWR is een overkoepelend partnerbegrip opgenomen dat voor alle belastingwetten geldt.
In de SW wordt hier in art. 1a SW gedeeltelijk van afgeweken. Voor schenk- en erfbelasting worden
de volgende personen als partner aangemerkt:
- Gehuwden, mits zij niet zijn gescheiden van tafel en bed (art. 5a lid 3 AWR);
- Personen die een geregistreerd partnerschap zijn aangegaan;
- Ongehuwd samenwonenden (met of zonder samenlevingscontract), mits zij voldoen aan een
aantal aanvullende eisen.

,Om voor schenk- en erfbelasting als partner te kunnen worden aangemerkt, moeten ongehuwd
samenwonenden bij overlijden gedurende 6 maanden (bij schenken 2 jaar) aan de volgende
voorwaarden voldoen (art. 1a lid 1 SW):
- Zij zijn beiden meerderjarig;
- Zij hebben een notarieel samenlevingscontract gesloten waarin een wederzijdse
zorgverplichting is vastgelegd;
- Zij hebben een duurzame gemeenschappelijke huishouding gevoerd en stonden gedurende
deze periode op hetzelfde woonadres ingeschreven in de basisregistratie personen;
- Zij zijn geen bloedverwanten in de rechte lijn van elkaar;
- Zij voldoen niet met een ander aan de bovengenoemde voorwaarden voor partnerschap.

De voorwaarde van een notarieel samenlevingscontract geldt niet als de ongehuwd samenwonenden
op het moment van overlijden of de schenking gedurende 5 kalenderjaren onafgebroken een
gemeenschappelijke huishouding hebben gevoerd (‘5-jaarseis’) en in de basisregistratie personen op
hetzelfde woonadres staan ingeschreven (art. 1a lid 3 SW).

Bij een huwelijk en geregistreerd partnerschap ontstaat civielrechtelijk aanverwantschap (art. 1:3
BW). Voor de SW wordt aanverwantschap gelijkgesteld met bloedverwantschap (art. 19 lid 1 letter b
SW). Dit betekent dat men voor de tariefgroepindeling en vrijstellingen hetzelfde wordt behandeld
als een echtgenoot/geregistreerde partner. Een soortgelijke gelijkstelling geldt voor personen die als
elkaars partner worden aangemerkt.

Stiefkinderen van gehuwden worden fiscaal als eigen kinderen aangemerkt (art. 19 SW). Deze
gelijkstelling geldt ook voor stiefkinderen van ongehuwd samenwonenden, mits deze voor schenk- en
erfbelasting als partner kunnen worden aangemerkt. Een soortgelijke regeling geldt voor
pleegkinderen (art. 19 lid 2 SW). Let wel: de vererving gebeurt in deze gevallen niet automatisch op
grond van de wet. Dit gebeurt uitsluitend als de vermelde kinderen in het testament als erfgenaam of
legataris zijn aangewezen.

Vrijstellingen erfbelasting (art. 32 SW)
Echtgenoten en €661.328 (minimaal €170.846 na Art. 32 lid 1, 4e, sub a SW
partners pensioenimputatie) Art. 32 lid 2 SW

(Klein)kinderen €20.946 Art. 32 lid 1, 4e, sub c en d SW

Zieke en gehandicapte €62.830 Art. 32 lid 1, 4e sub b SW
kinderen

Verkrijging ouders van €49.603 Art. 32 lid 1, 4e sub e SW
een kind

Overige gevallen €2.208 Art. 32 lid 1 4e sub f SW

Pensioen en lijfrenten Geheel vrijgesteld Art. 32 lid 1 5e SW
(e.d.)
ANBI/SBBI Geheel vrijgesteld Art. 32 lid 1 3e en 8e SW
Steunstichting SBBI Geheel vrijgesteld Art. 32 lid 1 9e SW
Verkrijging door een Geheel vrijgesteld Art. 32 lid 1 10e SW
werknemer
Lopende termijnen Geheel vrijgesteld Art. 32 lid 1 11e SW

, De aanspraken ingevolge een pensioenregeling en lijfrenten (inclusief de zogenoemde netto lijfrente)
zijn volledig vrijgesteld van erfbelasting, mits de premies aftrekbaar waren voor de
inkomstenbelasting (art. 32 lid 1 5e jo. lid 4 SW). Als de premies niet aftrekbaar waren, is de
aanspraak bij overlijden wel belast.

Als bij het overlijden van een echtgenoot/samenlevende partner een recht op een
nabestaandenpensioen of lijfrente en dergelijke wordt verkregen, is deze aanspraak niet belast voor
de erfbelasting (art. 32 lid 1 sub 5e SW). De andere kant van de medaille is dat hiermee wel rekening
wordt gehouden bij de toepassing van de partnervrijstelling.
Deze uitkeringen worden namelijk gekort op de partnervrijstelling van €650.913 (art. 32 lid 1, 4e sub
a SW). Deze korting – de zogenoemde pensioenimputatie – bedraagt 50% van de waarde van de
pensioen- of lijfrenteaanspraak. Bij de berekening van de aanspraak mag rekening worden gehouden
met een latente belastingclaim van 30% op de toekomstige uitkeringen. Na toepassing van de
kortingsregel bedraagt de partnervrijstelling minimaal €170.846 (art. 32 lid 2 SW).

ANBI = algemeen nut beogende instelling. Een algemene omschrijving van het begrip ANBI is
opgenomen in art. 5b AWR. Vereist is dat de instelling nagenoeg uitsluitend (=90% of meer) het
algemeen nut beoogt en dat de instelling als zodanig is aangemerkt door de inspecteur. In de wet is
limitatief opgesomd welke doelen als algemeen nuttig kunnen worden aangemerkt. Daarnaast
kunnen ook instellingen die financiële ondersteuning geven aan vermelde doelen in aanmerking
komen voor de ANBI-status. Vereist is verder dat de instelling is gevestigd in het koninkrijk, een EU-
staat of een bij ministeriële regeling aangewezen staat. Het begrip koninkrijk is gedefinieerd in art. 2
lid 3 letter d 1e AWR. Instellingen die in een ander land zijn gevestigd, kunnen ook de ANBI-status
krijgen als zij door de minister als zodanig worden aangemerkt en zolang zij voldoen aan door hem te
stellen voorwaarden (art. 5b lid 1 letter b AWR).

SBBI = sociaal belang behartigende instelling. Een SBBI is een instelling (meestal een vereniging) die
een sociaal belang behartigd (art. 5c AWR). De instelling mag niet aan winstbelasting zijn
onderworpen (dan wel daarvan zijn vrijgesteld). Verder mag aan het legaat of de erfstelling niet een
opdracht zijn verbonden die aan de verkrijging het karakter ontneemt van te zijn geschied in het
sociaal belang (art. 32 lid 1 sub 8e SW). Een SBBI hoeft niet vooraf als zodanig te worden aangewezen
door de Belastingdienst. Een verkrijging door een steunstichting SBBI is eveneens vrijgesteld van
erfbelasting (art. 32 lid 1 sub 9e SW). Een steunstichting is speciaal opgericht om geld in te zamelen
voor het aangewezen doel van de SBBI (art. 5d AWR).

Vrijstellingen schenkbelasting (art. 33 SW)
Verkrijging kind van ouders
- Jaarlijkse vrijstelling €5.515
- Eenmalige verhoging (kind tussen 18 en 40 jaar);
bestedingsvrij €26.457
- Verhoging bij studie/opleiding (kind tussen 18 en 40 Art. 33 5e SW
jaar) €55.114
- Eenmalige verhoging bij verwerving eigen woning en
hiermee gelijkgestelde doeleinden (kind tussen 18 en 40
jaar) €103.643

Overgangsrecht bij verkrijging ‘eigenwoningschenking’ door kind
(indien eenmalige verhoogde vrijstelling vóór 2010 is benut) €22.072 Art. 82a lid 1 SW

Verkrijging overige gevallen €2.208 Art. 33 7e SW

Documentinformatie

Geüpload op
26 mei 2020
Aantal pagina's
20
Geschreven in
2019/2020
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€4,99
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Beoordelingen van geverifieerde kopers

Alle reviews worden weergegeven
5 jaar geleden

5,0

1 beoordelingen

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0
Betrouwbare reviews op Stuvia

Alle beoordelingen zijn geschreven door echte Stuvia-gebruikers na geverifieerde aankopen.

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
michelleboon_ Hanzehogeschool Groningen
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
140
Lid sinds
7 jaar
Aantal volgers
113
Documenten
31
Laatst verkocht
1 jaar geleden

4,1

12 beoordelingen

5
6
4
3
3
2
2
0
1
1

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen