VROUWEN IN DE KUNST
Inleidend college 1 : Wendelien van Welie
8-11-2024
De eerste feministische golf begon rond 1935 in Parijs (Suffragettes) en dit ging voornamelijk om stemrecht, het werd geleid door Louise
Weiss. De tweede feministische golf (Dolla Mina’s) kwam na het verkrijgen van stemrecht, en streed om zichzelf te los te maken van de man en
vaste rollen (Jaren 60/70).
Linda Nochlin, schrijver van de 1971 tekst, zij is kunsthistoricus
o Enorm populair schrift en enorm veel verspreid
o In 1988 schrijft ze nogmaals een bekende tekst
o Denk dat in deze tijd dat dit essay niet makkelijk te verspreiden was (bibliotheken kozen eigen
inventaris)
o Zij zegt dat de vrouw haar afwezigheid vooral te danken is aan hoe de samenleving werkt en
niet de ‘kwade wil’ van de man
o Zij ontwierp een eigen tentoonstelling van 1550-1950 in 1976 plaats gevonden, vrouwen door
vrouwen gekozen (de eerste). Dit deed ze samen met Ann Sutherland, er hingen 83
kunstenaars uit 12 landen.
o De tentoonstelling valt totaal niet op qua indeling, alles is typerend voor de jaren 70, dit is
waarschijnlijk een bewuste keuze. Ook de catalogus van de tentoonstelling is heel klassiek.
o Linda haar nieuwe manier van denken : niet heeft een man of vrouw het gemaakt, maar wat
voor persoon heeft het gemaakt?
Edward Wadie Said
o Grondlegger studie van post kolonialisme (oriëntalisme)
o Bekend met Linda, waren kennissen van elkaar
o Foto’s van het Oosten zijn geposeerd en vormen dus een verkeerd beeld. Dit is oneerlijk voor
de samenleving. Het oosten was voornamelijk arm, je idealiseert dus eigenlijk de armoede door
het pittoresk en ‘anders’ te noemen. Het rare was dat het westen ook deze armoede kende,
maar hier werd het bekeken als een lachertje.
o Een punt hiervan : mensen uit het Oosten gaan zich naar deze beelden gedragen om zo de
vraag van toeristen te beantwoorden.
o Linda, schrijft aan de hand hiervan, een publicatie over het Oriënt.
De Middeleeuwen
Roman de la Rose is een verhaal in meer dan 300 manuscripten verlucht. De eerste helft, Guillaume de Lorris, schrijft over Hoofse liefde (hof
leven) vooral in de adellijke familie. De hoofse liefde bestaat ook uit allerlei liederen. Het gaat over een vrouw die van afstand word aanbeden
(past niet bij ons beeld van de middeleeuwen nu). Je moest de aandacht van een vrouw, je mocht namelijk vrouwen altijd beminnen van een
afstand, vangen door een blik in de ogen. In de middeleeuwen was het huwelijk wel voornamelijk economisch. Dan moest er op passie volle
manier de liefde worden verklaart, de vrouw moest hem dan afwijzen. De man moest dan opnieuw de liefde verklaren door middel van
diensten en weeklagen vanwege onvervulde verlangens. De positie van de vrouw was dus wel anders dan nu maar je mocht wel nee zeggen.
De man gaat vervolgens allemaal heroïsche daden plegen om haar hart te winnen. Zij moet dan uiteindelijk de liefde vervullen door hele
simpele daden zoals een krans uitreiken. Afbeeldingen hiervan komen vanwege de persoonlijke aard op hele persoonlijke objecten voor. In de
19e eeuw bloeit dit opnieuw enorm op. Hier is de rol van de vrouw ook heel typisch.
Gynocentrisme : waarbij een vrouw centraal staat.
Wat vonden vrouwen van de middeleeuwen hiervan? (het beeld van de vrouw)
Roman de la Rose is het verhaal van een jongen die de ‘roos van zijn dromen’
achternazit. Jean de Meun neemt later dit romantische verhaal over, maar er is
ondertussen een ander publiek gekomen. Hij gaat dus het verhaal aanpassen. Zo komen
er scénes over jaloerse echtgenoten. Het beeld is dus totaal verandert, we gaan van een
held die alles door staat naar een verhaal over rechtspraak en oordeel. Er kwam zelfs
een strijd om de burcht gebouwd om de roos heen, Venus verbrandt vervolgens de
burcht. Jean de Meun voegt een beetje een vulgair en plat randje eraan toe.
Er was ook kritiek op het verhaal. de eerste kritiek is van Jean Charlier de Gerson van de universiteit van Parijs. Er is twee jaar lang een debat
over het werk. Er was ook een mening van een vrouw hiertussen, Christine de Pizan, zij leefden aan het hof. In 1387 wordt ze weer weduwe en
ze moet dan haar familie alleen gaan onderhouden. Christine gaat dan teksten kopiëren om haar brood te verdienen. Zij schrijft in 1401 een
brief aan Jean de Montreuil, een aanhanger van Jean de Meun en ze vooroordeelt hoe vrouwen worden neergezet in dat verhaal, ze vindt het
kwetsend. Christine bundelt allerlei brieven van vrouwen tot een bundeltje en geeft een kopie aan de koningin van Frankrijk. Ze gaat dan
ineens bladen en gedichten schrijven, ook romans. Veel bekende vrouwen willen dan graag iets van haar hebben, omdat een vrouwelijke
auteur een noviteit is. Christine verandert dus het beeld van de middeleeuwen, ze kan lezen en schrijven en mannen schrijven haar ook terug.
Ze kan dus heel goed haar weg vinden in de samenleving. Ze schrijft ook een boek ‘stad van de vrouwen’ waarin ze een toevluchtsoord
ontwerpt voor alleen vrouwen met allorgische figuren.
, Lisa Timmerman Kunstgeschiedenis Notities
Roman de la Rose (opnieuw?)
Teksten worden in twee kolommen neergezet met uitgebreide hoofdletters. Er zitten ook miniaturen in
de tekst en onderin zien we grappige dingetjes voor de leuk niet altijd in relatie met de tekst. Zo zien we
grapjes maar ook veel jacht scénes. (verhaal piemeltjes?). het kan mogelijk zijn dat schunnige teksten
ook schunnige afbeeldingen krijgen, in alle handschriften niet alleen in de Roman de la Rose. Dit doet
ertoe omdat vrouwen ook in handschriften werkte en tekende.
Andere voorbeelden
> Een Atelier van Richard en Jeanne Montbaston produceerde in Parijs meer dan 50 handschriften. Hun
maakte ook miniaturen, ze hebben maar liefst 20 maal de Roman de la Rose overgeschreven. In 1353
gaat Richard dood en Jeanne zet het voort. Zij wordt net zoals haar man dan een Libraria en Illuminatrix.
Het handschrift is van na Richard zijn dood waardoor Jeanne dan volledig verantwoordelijk is voor de
vunzige tekeningen, maar er is er maar één met een rare marge.
> Er is ook een psalter uit 1200 dat ingewikkelde miniaturen bevat met een meid eronder. Zij is van
hogere stand door haar kleding, haar naam wordt zelfs genoemd. Zij heeft dus waarschijnlijk aan dit
handschrift werkt. Zij was mogelijk bezig toe te treden tot dit klooster waarvan het handschrift komt,
maar dit is het enige dat we van haar weten. Ende en Emetrius is nog een voorbeeld. We zien twee
mensen een handschrift schrijven met hun namen erboven (eerste twee woorden). Zij werken tezamen
aan het handschrift, een vrouw en man.
Conclusie : vrouwen werken dus ook echt wel en zijn helemaal niet zo zwak inning als voorheen
gedacht. Vrouwen kregen betaald en helpen mee aan handschriften.
Klooster Dalheim
o Hier lagen nonnen begraven van dit klooster en deze skeletten werden onderzocht
o Non B78 had een stukje lapis lazuli tegen haar tanden, dit was natuurlijk een pigment. Dat zij dit
heeft betekent dus dat zij met pigmenten heeft gewerkt. Maar hoezo vinden we alleen blauw? Ze heeft mogelijk een beeld of schilderij
met blauw pigment enorm gekust of gelikt.
We hebben een aantal schunnige teksten :
o Jean Boudel, 1165, fabels en toneelstukken : de lullendroom
o Zij droomt in dit verhaal dat ze in een markt loopt en overal genitaliën ziet. (omdat na het missen van haar man hij in slaap valt in bed)
o Dat eerdere marge miniatuurtje kan dus een deels verloren verhaal zijn
Hoe normaal was dit afbeelden van vunzigheden?
o Er bestonden pelgrimstekens die leken op marges van de handschriften, het was dus mogelijk ook een leuke versiering. Er bestonden ook
spelden met twee mannelijke geslachtsdelen op allerlei manieren.
o Jean is dus niet persé vies maar een vrouw van haar tijd die keihard werkt, ze is dus niet raar de samenleving was gewoon zo.
Vrouwen hadden dus ook belangstelling net zoals mannen in handschriften en konden dus ook prima een atelier overnemen. Het idee dat wij
hebben van middeleeuwse vrouwen is dus heel anders dat wij denken. De onderdrukking was er zeker maar vrouwen mochten van alles ze
hadden alleen simpelweg de kans niet.
, Lisa Timmerman Kunstgeschiedenis Notities
VROUWEN IN DE KUNST
College 2 : Theophanou, Hildegard von Bingen
15-11-2024
De Byzantijnse prinses
Theophanou was een Byzantijnse prinses getrouwd met Otto II. Ze werd gehuwelijkt in Rome door de paus. Je moet dit een beetje als een
tragedie zien voor haar, ze kwam in een vreemde wereld met een vreemde man. Zij had enorm veel spullen meegenomen, maar die
vrijwilligheid van haar is te debatteren. Er is van hun huwelijk een huwelijksoorkonde overgebleven, opgerold papier met gouden inkt. Waar
werd dit ding nou eigenlijk gemaakt? Het doet byzantijns aan en zou uit Constantinopel kunnen komen vanwege de purperen pigmenten. In de
Romeinse tijd was purper/porfier al bewaard voor koningen en voornamelijk aanwezig in byzantijnse rijken. De purper kleurstof komt uit een
klein slakje en was mega kostbaar. De kleur toont dus een connectie met het byzantijnse hof.
Maar deze oorkonde is helaas geen purper, het is Fulda, ookal oogt het enorm byzantijns. De symmetrie en de spiegeling in de leeuwen in die
cirkels is een byzantijns kenmerk, we zien het in Byzantijns zijde. Het lijkt alsof er een spiegel tussen de twee zijden heeft gelegen. Maar
waarom zijn deze kenmerken van zijde te vinden in een oorkonde? Aan de rand van de oorkonde zitten allemaal kleine cirkeltjes/medaillons
met gezichten. En dat is een geschilderde versie van bekende byzantijnse gouden medaillons, wat in het westen niet gemaakt werd. Dat is dus
weer een manier om het byzantijns te lijken, alsof het is gezet met gouden medaillons gepaard met het uiterlijk van byzantijns zijde. De prinses
heeft dit niet gedaan maar de bovenlaag van het Ottoonse rijk. Het was om de goede relatie met Byzantium te tonen. De
Wat ook byzantijns was, was je monogram in kunst te zetten zoals in kapitelen of zegelringen. Conclusie: het is nep Byzantijns :
o Imitatie purper
o Imitatie byzantijnse zijde
o Imitatie byzantijnse emaille
o Imitatie byzantijnse handtekening
Andere kunst
Diptieken zijn te onderscheiden doordat je kan herkennen dat Jezus gelijk aan de keizer is (byzantijns). Bij het diptiek van Otto II en
Theophanou staan Griekse letters, die taal spreken hun helemaal niet. waarom doen ze dat? Ze willen de indruk wekken dat het hier om een
byzantijns object gaat. Liet zij zelf kunst maken? We weten het van één ding :
Milaan ivoortje 983
o Jezus met engelen en klein knielend Otto I en zijn vrouw met hun zoon (Otto III)
o Er is een inscriptie met Otto is keizer, 923 is het jaar dat Otto II sterft in Rome en wordt in de Saint Pieter begraven. Otto III is nog maar
een peuter, Theophanou zou regentes worden. Otto III word gestolen en ze komt in actie om het terug te krijgen.
o Het ivoor toont dus ook dat Otto III keizer moet worden, het is dus sterk politiek.
o De keuze om dit Westers te maken toont dat stijlen en boodschap overbrengen. Ze wil tonen dat ze een rechtvaardige opvolger is van het
Westerse rijk.
Wat is haar invloed op de westerse kunst? Ze neemt allerlei spullen met zich mee naar het Ottoonse hof, maar niet persé nieuwe dingen. Haar
man werkt byzantijns en als ze zelfs wat maakt is het Westers. Zelf heeft ze dus echt niks gedaan. Zo nam zij ook een vorkje mee, iets dat in het
Westen niet bestond.
Hildegard von Bingen
Zij is groot binnen de spiritualiteit en theologie en was zelf een alleskunner (muziek, muziek schrijven, zingen, verluchter van schriften), zij
heeft namelijk talrijke visioenen gehad en opgeschreven. Dit idee zorgt ervoor dat ze onafhankelijk was van mannen. Zij was niet adellijk, haar
vader werkte in het hof van een graaf. Ze had wel toegang tot iedereen. De dochter van de graaf trekt samen op met Hildegard als een hechte
vriendin (Jutta). Alle dochters na de eerste twee gaan meestal naar een klooster. Hildegard en Jutta gaan dus samen naar een klooster. Jutta
heeft haar leren schrijven en lezen en instrumenten leren bespelen. In 1136 sterft Jutta, Hildegard is 38 en volgt haar op als Mogistra, dat
mocht vaak alleen als adel. Ze word gevraagd Abdis te worden, ze wil haar eigen kloosters, de Abt zegt nee. Als ze 52 sticht ze toch een
klooster in Rupertsberg en neemt 20 vrouwelijke monniken mee. Als ze 67 sticht ze een tweede in Eibingen. Hoe kan een vrouw dit betalen?
Dit komt door haar visioenen die ze al sinds peuter zou hebben gehad. Ze zegt dat ze alles anders ervaarde tijdens dit visioen (mogelijk
Migraine). Jutta heeft dit doorvertelt en het verhaal spreid snel. In 1141 zegt haar visioen dat ze het met opschrijven. Haar eerste boek is de
Scivias. De Paus zorgt ervoor dat haar visioenen geloofwaardigheid krijgt door haar boek te lezen en te zeggen dit klopt! Dit is de heilige geest!
In 1179 gaat ze dood, en de zusters zeggen dat via lichtbanen die kruisten haar kwam halen. Waarom wordt ze beroemd?