Week 1
Rechtssubject is een natuurlijk persoon en drager van rechten en plichten.
Volgens art 1:1 lid 1 BW zijn allen die zich in Nederland bevinden vrij en bevoegd tot het genot
van burgerlijke rechten. Dit is zo vanaf de geboorte.
Ook voor de geboorte heb je rechten, uit art 1:2 BW, voor zover zijn belang dit vordert. Denk aan
een grootmoeder die overlijd en haar kleinkinderen na laat.
Familierechtelijke betrekkingen art 1:197 BW ontstaan met de geboorte, je krijgt automatisch
een vader en moeder volgens art 1:198 lid 1 sub a jo. 1:199 sub a BW. Ouder zijn eerstegraads
bloedverwanten. 1:3 lid 1 BW bereken je de graad van bloedverwantschap door generaties op te
tellen die passeren. Dus je tante is derdegraads en haar kinderen vierdraads.
Waarom is dit van belang? Bijv. Art 4:10 BW; het leidt er toe dat je erfgenaam bent volgens de
wet. Ook mag je niet huwen bij een te nauw bloedverwantschap, art 1:41 BW.
Het afstammingsrecht kent sinds 1 april 2014 twee nieuwe gevallen waarin een
afstammingsband kan ontstaan, terwijl de ouders niet de biologische ouders zijn.
1. 2 vrouwen
2. Vrouw erkent een kind, maar is niet de biologische moeder.
Hoe ontstaan familierechtelijke betrekkingen, door 4 manieren:
1. Geboorte
T.o.v. de moeder gebeurd dit automatisch, juridisch moederschap. Als een kind in een huwelijk
wordt geboren ook automatisch juridisch vader, de juridische vader hoeft dus niet per se de
biologische vader te zijn.
Juridisch vaderschap ontstaat ook automatisch als het huwelijk van de man met de vrouw uit wie
het kind wordt geboren binnen 306 dagen voor de geboorte van het kind door de dood van de
man is ontbonden, ook als de moeder hertrouwd is art 1:199 sub b BW.
Volgens art 1:198 lid 1 sub b BW kan ook familierechtelijke betrekkingen ontstaan als een kind
geboren wordt binnen een huwelijk van 2 vrouwen. Voorwaarde is dat het verwerkt is met
kunstmatige donorbevruchting.
Voor geregistreerd partnerschap geldt hetzelfde als tijdens het huwelijk geboren wordt.
2. Erkenning
Samenwonende; moeder is automatisch juridisch moeder, maar die vader is niet automatisch
juridisch vader. Het kind moet eerst erkend worden, art 1:199 sub c BW.
Geen waarheidshandeling de vader hoeft niet per se biologisch vader te zijn om het kind te mogen
erkennen.
Ook een vrouw kan een kind erkennen, art 1:198 lid 1 sub c BW. In dit geval is er sprake van twee
ongehuwde vrouwen of huwelijk / geregistreerd partnerschap van twee vrouwen waarbij het kind
verwerkt is met zaad van een bekende donor.
3. Gerechtelijke vaststelling van het ouderschap.
Dit is handig als het kind niet erkend is. Het kan verzocht worden bij de rechtbank art 1:207 BW.
Voorwaarde voor:
op grond dat de man of vrouw de verwerker is of op grond dat de man of vrouw als levensgezel
van de moeder ingestemd heeft met een daad die de verwerking van het kind tot geval kan
hebben gehad. De wetgever beoogd hier een sekseneutrale formulering.
Gerechtelijke vaststelling werkt terug tot aan de geboorte. En kan ook zelfs worden verzocht na het
overlijden van de betre ende persoon die het wil krijgen, die kan handig zijn met erven.
Pagina 1 van 23
ff
,Beperkingen.
Niet mogelijk als het kind al 2 juridische ouders heeft, iemand zal eerst op grond van art 1:200,
1:202a, 1:205 of 1:205a BW het vader-of moederschap van 1 van de juridische ouders moeten
aantasten.
4. Adoptie
Termen:
Verwerkker: deze die zelf de daad tot verwerking heeft verricht.
Donor: de man die zijn zaad voor kunstmatige inseminatie heeft afgestaan.
biologische vader: zowel de donor als de verwerker zijn biologische vaders!
Draagmoederschap: het kind dat uit een draagmoeder wordt geboren, is juridisch gezien het kind
van de draagmoeder. Het ouderlijk gezag zal dus beëindigd moeten worden art 1:266 BW.
Een donor is niet aansprakelijk voor onderhoud in kosten van het kind, art 1:394 BW = beperkte
ouderschapsactie. Ook kan tegen de donor geen verzoek tot gerechtelijk vaststelling worden
ingediend art 1:207 BW.
De ontkenning van het vader- en moederschap en de vernietiging van de erkenning
Volgens art 1:200 BW kan het vaderschap worden ontkend, hiervoor moet een verzoek worden
ingediend bij de rechtbank binnen 1 jaar nadat hij heeft kennisgenomen van het feit dat hij
vermoedelijk niet de biologische vader is.
Dit is niet mogelijk als:
1. Ingestemd heeft met een daad tot verwekking, denk aan kunstmatige inseminatie
2. Als hij voor het huwelijk kennis had van de zwangerschap.
Dit geldt ook voor de moeder.
Omdat het sinds 1 april 2014 mogelijk is van rechtswege 2 moeder te hebben door huwelijk
bijvoorbeeld, kan ook het moederschap ontkend worden. Art 1:202a BW. Dus door de biologische
moeder, niet biologische moeder en door het kind. Voorwaarde van hier boven gelden.
Een vader die een kind erkent heeft kan de rechter verzoeken de erkenning te vernietigen. Hij is
dan zo blijkt niet de biologische vader, art 1:205 BW. De erkenner moet dan door bedrog,
bedreiging, dwaling, tijdens zijn minderjarigheid, door misbruik van omstandigheden tot erkenning
zijn bewogen. Een kind kan dit ook doen blijkt uit art 1:205 BW, dit is alleen mogelijk als het
tijdens zijn minderjarigheid is erkend. De moeder kan dit ook doen
Dus 3 personen gelden dezelfde voorwaarde voor uit art 1:205 bW: de erkenner, de moeder en
het kind.
Vernietiging van het moederschap kent dezelfde voorwaarden uit de vorige alinea, art 1:205a BW.
De geboorte aangifte
De vader moet binnen 3 dagen na de geboorte hiervan uitgifte doen, art 1:19e lid 2 jo. Lid 6 BW.
De ambtenaar van de burgerlijke stand is de enige door de wetgever aangewezen om
geboorteakten op te maken. Een geboorte akte is dwingend bewijs art 157 lid 1 Rv.
Wat mag de ambtenaar?
1. Verklaring van arts of hulpverlener verzoeken, art 1:19e lid 8 BW
2. Andere bescheiden verzoeken, voor zover dit nodig is art 1:18 lid 2 BW,
Wie is partij? Vader, art 1:18a BW.
De voornaam
De voornaam kan geweigerd worden, denk aan gekke namen, art 1:4 lid 2 BW.
Is de voornaam eenmaal gekozen, dan is deze de nitief.
Pagina 2 van 23
fi
, De geslachtsnaam
Art 1:5 BW geeft een uitgebreide regeling.
Lid 4: volgens dit lid moeten beide ouders gezamenlijk een verklaring doen waaruit blijkt welke
geslachtsnaam gekozen word. Keuze: achternaam moeder of achternaam vader.
tot 1998 was dit automatisch die van de vader.
Voor kinderen die op of na 1 jan. 2024 zijn geboren geldt dat ouders er ook voor kunnen kiezen
om hun geslachtsnamen te combineren in vrij te bepalen volgorde. Max = 2 .
Deze wet kent een overgangsregeling: hierdoor kunnen kinderen die voor 1 jan 2024 zijn geboren
tot 1 jan 2025 kiezen om een gecombineerde geslachtsnaam te nemen. Gevolg: alle kinderen
krijgen die, ze moeten geboren zijn op of na 1 jan 2016.
Wordt de verklaring voor de geboorte gedaan? Dan maakt de ambtenaar een akte van naamkeuze
op.
Ontbreekt bij de geboorte aangifte de verklaring? Dan krijgt een kind dat geboren is tijdens een
huwelijk of geregistreerd partnerschap automatisch de geslachtsnaam van de vader.
Heeft het kind in dit geval van rechtswege 2 moeders -> dan krijgt hij de naam van de
meemoeder, art 1:5 lid 13 BW.
In het geval een kind wordt geboren tijdens huwelijk of geregistreerd partnerschap waarbij 1 van
de ouders niet de ouder is, maar beide echtgenoten het gezag uitoefen als bedoeld in art 1:53sa
BW kan de naam worden gekozen, als deze ontbreekt, krijg het kind automatisch dat van de
moeder art 1:5 lid 4 en lid 5 BW.
De geslachtsnaam keuze geldt ook voor kinderen die later geboren worden, art 1:5 lid 8 BW.
BLZ 25
Wijziging geslachtsnaam
Door de koning, art 1:7 bW.
Wie kan verzoeken? Persoon zelf, wettelijk vertegenwoordiger. Is degene 12 jaar of ouder? Dan
kan alleen worden gewijzigd als de minderjarige daarmee instemt.
De woonplaats
Art 1:10 BW.
Minderjarige hebben een afgeleide woonplaats , de minderjarige wordt geacht dezelfde
woonplaats te hebben als zijn juridisch ouders.
Stel dat de ouders gescheiden zijn, dan wordt bepaald door waar het kind feitelijk verblijft.
Internationaal
Een belangrijk artikel is art 8 EVRM waaruit blijkt dat een ieder recht heeft op privéleven, zijn
familie en gezinsleven. Marckx
Minderjarigheid
De hoofdregel van art 1: 233 BW is minderjarig degene die nog niet de leeftijd van 18 jaar heeft
bereikt. De wet bevat een uitzondering voor een minderjarige vrouw zij kan zij 16 jaar is de
kinderrechter verzoeken haar meerjarig te vroeg klaring art 1:253ha BW.
Volgens de hoofdregel van art 1: 234 BW is een minderjarige handelingsbekwaam mits hij met
toestemming van zijn wettelijk vertegenwoordiger handelt. Die toestemming wordt volgens lid 3
en de meer minderjarige vooronderstelt te zijn verleend, indien het een rechtshandeling betreft die
in het maatschappelijk verkeer gebruikelijk is dat een minderjarigen van zijn leeftijd deze
zelfstandig verricht. Verricht een minderjarige een rechtshandeling die niet valt onder lid 3 dan is
volgens de hoofdregel vernietigbaar op grond van art 3:32 BW.
Pagina 3 van 23