stad? Vroeger:
- Afgegrensde nederzetting met mensen en
markten
Middeleeuwen:
- Stad moest een kathedraal hebben
Verschil met Relatie tot elkaar:
een dorp? - Een stad maakt en een dorp levert aan
Historie:
- stadsrechten, stadsmuren, marktpleinen
Cultuur:
- Theaters, musea, bioscopen
Manier van samenleven:
- stad is minder gezag van kerk, hogere
bevolkingsdichtheid
Wirth - Grote dichtbevolkte en permanente
definitie van nederzetting van sociaal gezien
stad heterogenen individuen
Heterogeen is niet meer van toepassing
(in de stad wonen veel mensen van
verschillende culturen nu) Is meer iets
voor in een dorp
- Way of life: urbanism
Andere gemeenschap
- Geselschaft en gemeinschaft 1887
Ruimte praktisch gebruiken vs. Het
leefbaar sociaal maken
Ontstaan Site en situation
van een stad
Plaats van een stad
Site
- Een goede plek: De natuurlijke
omstandigheden moeten goed zijn voor
een stad
zoet water in de buurt,
vruchtbare grond
Situation
- De plek ten opzichte tot andere plaatsen
- Voor groei is de situatie belangrijk
Keuzes van verleden hebben invloed op
het uiterlijk van nu kruis patroon
middeleeuwen
Bekende middeleeuwse patronen
- 4 Poorten, stadsmuren, kruisvormig
stratenpatroon, kerk op een centraal plein
, - Dit zie je zelfs terug in Jeruzalem
Kenmerken - Een lange geschiedenis
van een - Rijke variëteit aan symbolen
Europese - Pleinen
stad - Overblijfselen uit de oorlog
- Lage skyline
- Levendige binnensteden
- Stabiliteit van buurten (telkens
dezelfde mensen)
- Sociale huisvesting
Eigenlijk alles wat een Amerikaanse stad niet
is.
, Fysieke Geleding = het verbonden zijn van delen
geleding vs - Urban structur
ruitmelijke o
geleding - Urban land use
o Bijv industrie gebieden plaatsen,
kantoren
o Hoe gebruik je het land?
Fysieke geleding
- Functioneel
- Historisch
Sociale geleding
- Bevolkingskenmerken – gedrag
Geledingsmodellen
Burgess 1923 concentrisch model
- Gebaseerd op von thunen en prijs van
grond (locatie en gebruik bepaald de prijs)
- Denk aan huis in Amsterdam of een huis
in Nijmegen. Dan is Nijmegen goedkoper
o Ontwikkeling is vanuit het centrum
en zones breiden zich naar buiten
uit gebaseerd op bouwperiode.
o De dichtheid van de bebouwing
neemt af vanuit het centrum
o Zo wordt ook in schoolboeken
geleerd
Belemmeringen:
- Natuurlijke belemmeringen
o denk aan water, een berg, waardoor
het wordt afgekapt tot bijv maar een
kwart van het model.
- Bestuurlijke belemmeringen
o Gemeente grenzen
Nut <-> Bereikbaarheid
(Utility vs accessebility)
Problemen met dit model:
- Gaat van een plat landschap af zonder
barieres
- Gaat er vanuit dat transport overal goed
is
- Gebasseerd op waar mensen wonen
- Gaat vanuit dat steden gebasseerd zijn op
industrie
- Gaat ervan uit dat de ondergrond overal
hetzelfde is