SAMENVATTING BODEMKUNDE
PARTIM PRAKTIJK
PRAKTIJK 1: ARCHEOCONSERVERING
CASUS 1: STAR CARR
• Mesolithische site in Groot – Brittannië
• Goede bewaring organisch materiaal → gelegen nabij meeroever
o Botmateriaal droog – natte zones: stevig + hard + goed bewaard
o Botmateriaal droge zones: breuken + broos + minder goed bewaard
o Botmateriaal natte zones: blubberig + soepel + middelmatig bewaard
BODEMARCHIEF
• Definitie:
o Sporen van menselijke activiteit bewaard in bodem (vb. bodemsporen, artefacten,…)
• Beïnvloeding
o Bodemarchief beïnvloedt door bodemprocessen
BODEMSPOREN
INTERFACIALE EENHEID
• Aflijning of fase waarin fenomeen ontstond + latere invulling
SOORTEN SPOREN
• Palen, kuilen, grachten, greppels, wallen, grafheuvels, voetsporen, karrensporen, ploeglagen,
bewerkingssporen, bewoningslagen,…
DEGRADATIEMECHANISMEN
• Erosie
• Oxidatie
• Egalisatie
• Turbatie (vb. bioturbatie)
BEHEER EN CONSERVATIE
• Preventie erosie, egalisatie en turbatie + stabilisatie redoxpotentiaal en pH
• Trofietoestand
o Lage trofietoestand = lage biologische activiteit
o Hoge trofietoestand = hoge biologische activiteit
▪ vb. akker: stoppen met bemesten → daling trofietoestand
1
, ARTEFACTEN
DEFINITIE
• Voorwerpen uit het verleden, gemaakt door de mens
o Ook ecofacten (= natuurlijke materialen bewerkt door de mens)
DEGRADATIEMECHANISMEN
• Fysisch
o vb. erosie, compactie, turbatie, krimp, vorstwerking,…
• Chemisch
o vb. oxidatie, hydrolyse, hydratatie, ionuitwisseling,…
• Biologisch
o vb. bioturbatie, meso –/macro – organismen, schimmels, bacteriën,…
STABIELE MATERIALEN
(4): degradatie door nat/droog afwisseling + biologisch actief milieu
VRIJ STABIELE MATERIALEN
2
PARTIM PRAKTIJK
PRAKTIJK 1: ARCHEOCONSERVERING
CASUS 1: STAR CARR
• Mesolithische site in Groot – Brittannië
• Goede bewaring organisch materiaal → gelegen nabij meeroever
o Botmateriaal droog – natte zones: stevig + hard + goed bewaard
o Botmateriaal droge zones: breuken + broos + minder goed bewaard
o Botmateriaal natte zones: blubberig + soepel + middelmatig bewaard
BODEMARCHIEF
• Definitie:
o Sporen van menselijke activiteit bewaard in bodem (vb. bodemsporen, artefacten,…)
• Beïnvloeding
o Bodemarchief beïnvloedt door bodemprocessen
BODEMSPOREN
INTERFACIALE EENHEID
• Aflijning of fase waarin fenomeen ontstond + latere invulling
SOORTEN SPOREN
• Palen, kuilen, grachten, greppels, wallen, grafheuvels, voetsporen, karrensporen, ploeglagen,
bewerkingssporen, bewoningslagen,…
DEGRADATIEMECHANISMEN
• Erosie
• Oxidatie
• Egalisatie
• Turbatie (vb. bioturbatie)
BEHEER EN CONSERVATIE
• Preventie erosie, egalisatie en turbatie + stabilisatie redoxpotentiaal en pH
• Trofietoestand
o Lage trofietoestand = lage biologische activiteit
o Hoge trofietoestand = hoge biologische activiteit
▪ vb. akker: stoppen met bemesten → daling trofietoestand
1
, ARTEFACTEN
DEFINITIE
• Voorwerpen uit het verleden, gemaakt door de mens
o Ook ecofacten (= natuurlijke materialen bewerkt door de mens)
DEGRADATIEMECHANISMEN
• Fysisch
o vb. erosie, compactie, turbatie, krimp, vorstwerking,…
• Chemisch
o vb. oxidatie, hydrolyse, hydratatie, ionuitwisseling,…
• Biologisch
o vb. bioturbatie, meso –/macro – organismen, schimmels, bacteriën,…
STABIELE MATERIALEN
(4): degradatie door nat/droog afwisseling + biologisch actief milieu
VRIJ STABIELE MATERIALEN
2